MENGELWERK. Een mislukte Aprilgrap. Vrij gevolgd door Junior. I. De heeren Meijer, Muller, Jansen, Schulze en nog eenige dragers van dergelijke niet alledaagsche namen zaten gezellig onder een potje bier bijeen, aan hun vaste tafeltje in De Witte Zwaan. Ze keuvelden al den ganschen avond over liet lot, dat ze samen in de loterij speelden. Als daar eens een flinke f prijs op viel, jongens ! Sakkerloot, wat zouden zij dan fuiven ! Daar sloeg het twaalf uur! De heer Jansen stond op en maakte aanstalten om te vertrekken. .— Wat ga je toch iederen avond precies op tijd weg, Jansen, zoo klonk het hem tegemoet. Je bent niet getrouwd en hebt dus toch geen bedsermoen te wachten. Doe als wij en wacht tot de kastelein je er uit zet! — Volg liever mijn goed voorbeeld na, zeide Jansen schertsend en vertrok. — Zijn goed voorbeeld navolgen, meesmuilden de overigen. Wat verbeeldt zoo'n jonge snaak zich wel ? Vast besloten, Jansen's onbeschaamden raad niet op te volger., bestelden allen nog een potje bier. — Jongens, zeide de heer Meijer plotseling, nadat hij zijn glas ad fundum had geledigd, ik heb een idee. 't Is morgen 1 April en nu moeten we dien zed.emeester eens beetnemen. Laten we eens overleggen hoe. — Uitstekend ! Heerlijk ! Pn ze begonnen te overleggen, totdat de kastelein sluiten ging. Toen waren ze 'nog niet tot overeenstemming gekomen, zoodat Meijer er een eind aan maakte met de veelbelovende woorden : — Ik weet wel wat; zorg maar dat je morgenavond allemaal present bent. — Afgesproken. II. Den volgenden middag kwam Meijer met een verheugd gezicht Jansen's winkel binnenstormen en riep uit: — Heb-je 't gehoord, Jansen, de groote bom is op ons lot gevallen. — Is 't waarachtig ? — Ja, kom van avond maar vroeg in De Zwaan hoor 1 Ik moet nu nog naar de anderen. Jansen liet tegen licht en donker zijn winkel aan zijn bediende over en liep eerst, voorzichtig als hij was, naar den collecteur. — Mijnheer, is op mija nummer de hoofdprijs gevallen ? — Ik zal eens zien... Neen, de hoofdprijs niet... maar... laat eens kijken... toch wel een aardig sommetje... Gefeliciteerd. — Dank-je. Ik kom later het geld wel halen. Jansen gaat nu verheugd naar Be Zwaan , maar niet zonder zich af te vragen, waarom Meijer had gezegd, dat de groote bom op het lot gevallen was. "Een vergissing ? Een grap ? Enfin, hij zou 't wel zien. HL Jansens bediende ging ter«tond na het vertrek van zijn patroon een luchtje staan scheppen aan de deur. Hij had óók een goede bui. Van het buitenkansje van zijn baas zou voor hem toch wel wat afvallen. Daar kwam juffrouw Meijer aan. 't Goede mensch scheen er nog niets van te weten, want ze wandelde op haar gemak. Dat doe-je toch niet, hè, als je de groote bom hebt. — Ik zal haar even blij maken, dacht de bediende. De winkel alleen latend, stoof hij op de eerzame dame af. — Heeft u 'tgehoord, juffrouw! 't Clubje van mijn patroon heeft de groote prijs gewonnen in de loterij. — Zoo, zoo, daar is mijn man dus ook bij ? Dat's heerlijk. Dank je voor je attentie. Uitermate verheugd snelde de juffrouw Meijer naar juffrouw Muller ; ze was trouwens toch al van plan even naar haar toe te gaan. — Heb-je 't gehoord, lieve vriendin, onze mannen hebben den grooten prijs getrokken ! — Zoo, antwoordde juffrouw Muller, heeft hij toch eindelijk eens wat gewonnen. Nu, dan kan hij mij ditmaal toch wel den bonten mantel geven, dien ik al zoo lang had willen hebben. Ik ga er dadelijk op uit. — Ik ga met je mee. Als jij dan den mantel hebt, help mij dan eens met het uitzoeken van een peluche ameublement. Dat had ik al zoo lang graag willen hebben. — Goed, maar laten wij dan Scnulze's vrouw afhalen. Die goede ziel heeft toch zoo weinig. Beide dames togen op weg, maakten juffrouw Schulze spoedig deelgenoot van de vroolijke tijding en gingen toen met haar drieën naar de winkels. Mantel en ameublement waren spoedig uitgekozen ; juffrouw Muller, die voor haar vriendinnen niet onder wilde doen, liet haar keuze vallen op een piano. Onderweg kwamen zij nog de echtgenoote tegen van een der andere stamgasten. Deze was niet minder in haar schik met het onverwachte fortuintje en legde beslag op een diamanten parure. Opdat de egoïstische mannen geen spaak in het wiel zouden steken, moest alles nog dienzelfden avond worden thuisbezorgd. IV. Toen Jansen in De Zwaan kwam, vond hij het! gansche gezelschap er reeds bijeen. — Jongens, zoo riep hij al bij 't binnentreden uit, dat is me een buitenkansje, hé ? Dat moeten we ordentelijk vieren ! ■— Natuurlijk, zeide Meijer, die den overigen een oogje knipte. Wij hebben besloten, ieder een rondje champagne te geven. Jij moet, als de jongste, beginnen. — Gaarne ! Kellner, champagne ! — Lang leve Jansen! riepen de andere stamgasten, die allen schik hadden inden welgelukten list van Meijer. En de vreugde werd hoe langer hoe grooter, want Jansen had nog al aardig wat besteld. Er werd geklonken en gedronken op het lot, op den collecteur, op den prijs, op Jansen, op Meijer, op den waard, op den kellner, op.... Maar voor dezen toost was er niets meer in de flesschen. — Meijer, nu is het uw beurt, zeide Jansen. Maar Meijer had daar geen zin in. En om nu de grap al te laten eindigen was toch ook jammer. Hij verzon daarom, weder knipoogend tot de anderen, ras wat anders. — Jansen, ik heb je eigenlijk beetgehad, jongen. We hebben de bom niet, maar een klein prijsje. — Ja, ja, zeide Jansen, maar — Laat Meijer uitspreken! riepen allen, die bang waren voor het verstoren van de grap. — Ja, laat me uitspreken, ging Meijer voort. Een klein prijsje, te klein om man voor man zooveel champagne te geven. Ik ben toch al bang, dat jij meer moet betalen, dan je aandeel groot is. — Ik geloof, zeide Jansen, dat.... — Laat hem toch uitspreken! klonk het weder in koor. — Ja, Jansen, daar ben ik al bang voor, sprak Meijer, terwijl hij zijn hand broederlijk op Jansen's schouder legde. Maar weet je wat, ik meen het toch goed met je. Geef jij nog een rondje, dan zie ik van mijn aandeel in de winst af. — Ik ook, riepen Muller en Schultze. Jansen rook nu lont en vroeg: — Heb ik je woord, Meijer, en van u ook, heeren? — Ja, ja, riepen nu allen, die er kolossaal schik van hadden, dat die zedenmeester er zoo invloog. — Goed, sprak Jansen bedaard. Kellner, champagne Toen de flesschen ontkurkt waren, zeide Muller, zijn glas opheffend: — Jansentje, Jansentje, wat ben je er in geloopen! 't Is 1 April, man ! — Ha, ha, 1 April! lachten de anderen, op Jansens gezondheid drinkend. — Dat weet ik wel, antwoordde Jansen, die lustig klonk. Maar ik weet ook, dat we een aardig prijsje hebben. En meteen toonde hij de trekkingslijst, die allen vergeten hadden te raadplegen.... Tableau. V. Terwijl alle heeren des avonds gek opkeken bij 't zien der aangekochte voorwerpen en dagen lang uit hun humeur waren, streek Jansen heel gemoedelijk den prijs op. --- Vervolg Binnenland. — Atjeh. Te Batavia seint men onder dagteekening van 2 April. Alle forten zijn door den vijand omsingeld, maar goed voorzien van ammunitie en levensmiddelen. Toekoe Djohan heeft Oleh-leh ingesloten met 2000 man uit Pedir in loopgraven. Vier oorlogsschepen houden bij 01eb->teh de wacht. Verscbe troepen worden tot ontzet verwacht. Bij het departement van koloniën werd ontvangen het navolgende van Donderdag gedagteekende telegram van den Gouverneur-Generaal van Nederl. Indië: Generaal Deijkerhoff seint, dat niemand in Atjeh kan gissen de reden van het gedrag van Toekoe Djohan, die zeif in een brief opgeeft onheusche bejegening van eenige zijner lieden door twee ambtenaren. Voor zooverre nagegaan, is dit zeer gezocht. Toekoe Djohan moest optreden tegen Lamkrak op 29 Maart en onze troepen den dertigsten. Hij deed dit niet en schreef een brief. Militaire gemeenschap verbroken met Lamkoenjit, Biloel, Anak Galoeng, Senelop, Kroeng Gloempang en Tjot Kang; doch brieven van de commandanten ontvangen. Weinig beschoten ; hulp onnoodig; ruim vivres en ammunitie. Gemeenschap zoude te openen zijn, waren troepen niet noodig voor observatie. Toekoe Djohan pleegde nog geen vijandelijkheden, versterkte alleen Pakan Badak en Lampisang. Hier bevinden zich woningen van Toekoe Djohan. Ik vermeen, dat Toekoe Djohan niet tegen het centrum van het verzet wilde optreden, omdat hij daardoor met de hoofden van het verzet zou breken. Het N. v. d. D. publiceert het volgende telegram : Een aanval op Tjot Goë (Zuid buiten de linie) is afgeslagen. Onzerzijds geen verliezen. De meerderheid der hoofden is naar Oemar overgeloopen. Toestand ongewijzigd. — De Gouverneur-Generaal van Ned.-Indië heeft, naar men verneemt, per telegram uitzending gevraagd van 30 luitenants der infanterie en van 12 officieren der bereden artillerie. — De Arnh. Ct. meldt in goeden ernst: Naar men zegt, bestond bij generaal Deijkerhoff het voornemen, Toekoe Oemar eerlang naar de Hoogere Krijgschool te zenden. (!!!) — De werkstaking te Maastricht. De werkstaking der gasslijpers is vrij ernstig, het getal der werklieden, welke Dinsdag bij de firma Regout & Co. het werk hebben gestaakt, bedraagt totaal 142, nl. 128 mannen en 14 vrouwen. Dinsdag ochtend moest een niet voldoende afgewerkte gedeelte van het werk, zooals reeds Zaterdag avond door de firma was bekend gemaakt, opnieuw onderhanden worden genomen. Daar de firma weigerde om, zooals de werklieden verlangden, het loon hiervoor met 20 pCt. te verhoogen, werd Dinsdag ochtend tot staking besloten en begaf zich een deputatie der werklieden te half negen uren naar den patroon, om het verlangen der werklieden mede te deelen. Het geheel en al niet toegeven van den patroon vindt zijn grond in het al te stout optreden van de arbeiders, onder welke, zooals we reeds hebben te kennen gegeven, sedert geruimen tijd een zekere gisting is te bespeuren, die, natuurlijk, van socialistische zijde steeds wordt aangewakkerd en in de hand gewerkt. Dat de patroon van het toegeven aan den eisch der arbeiders niets wil weten, blijkt opnieuw, daar eenigen zich tot hervatting der werkzaamheden hebben aangemeld en door den patroon werden afgewezen. Koel en met weinig enthousiasme neemt de bevolking van deze tweede werkstaking nota, zoodat, als het op ondersteuning aan komt, het publiek niet zoo vlug als voorheen in den zak zal tasten. Men is thans niet overtuigd dat het recht ook maar in zekeren zin aan de zijde der werklieden is. De nieuwe werkstaking bij de firma Petrus Regout & Co. levert weder een bewijs *an den verkeerden geest, waarmede veel werkvolk bezield is. Dat de verdiende loonen hiertoe echter geen aanleiding geven, hiervan werd ik overtuigd doordat mij door de firma, op mijn aanvraag, welwillend de verdiende loonen der glasslijpers werden medegedeeld, met verlof ze te mogen publiceeren. Verdiende loonen der glasslijpers gedurende de laatste drie maanden : Leerjongens van 14—16 jaar gemiddeld per dag f O.55Y2; knechts van 17—20 jaar f 0.90; idem van 21—25 jaar f 1.23 ; idem van 25 jaar en ouder f 1.60; meesters half kristal 1 2.14; idem kristal f 2.50 ; idem rijk kristal f 2.78. Bovenstaande cijfers, men mag het niet ontkennen, zijn meer dan bevredigend en bewijzen dat het glasslijpers-ambacht een behoorlijk bestaan oplevert voor den fatsoenlijken werkman. Ook dient vooral erop gelet te worden, dat de oorzaak der werkstaking voortspruit uit de omstandigheid, dat de patroon verplicht werd de supplementaire bewerking te vorderen, omdat de afwerking der glazen in den laatsten tijd veel te wenschen overliet. Welke de geest is der glasslijpers-vereeniging De Vergelding, laat zich uit den naam gemakkelijk gissen. Aangezien het bestuur van bovengenoemde Vereeniging bestaat uit: Louis Jongen, Lambert Pabré, Alphonse Winants, Jean Lahaye, Lambertus Pennings, Michel Tonnaer en Laurent Hardy, mannen, die steeds erop uit zijn hun kameraden op te ruien en daardoor tegen de belangen der werklieden en die van den patroon inwerken, verneem ik nog dat de firma besloten is hen te ontslaan en niet meer aan te nemen. Evenals bij de werkstaking der glasblazers gelooven wij, dat veel fatsoenlijke arbeiders weder de dupe zijn van eenige socialistische opruiers. T. — Dinsdag avond keerde de heer J. H., arts te Nederweert, na te Weert eenige zieken bezocht te hebben, per rijwiel terug naar Nederweert. Waarschijnlijk door de duisternis misleid is hij, na over de brug over de Zuid-Willemsvaart te Biest-Weert te zijn gereden, in een waterpoel terecht gekomen en verdronken. Zijn lijk werd Woensdag ochtend gevonden. De heer H. was nog niet lang in Nederweert gevestigd, is slechts 28 jaren oud en laat eene jeugdige vrouw met een kind achter. — Tijdens den jongsten storm is, zooals wij reeds melden, een tjalk gezonken ter hoogte van Willemstad, op ongeveer een half uur afstand van den oever. Het schip ligt bij laag water in ongeveer 5 vaam diepte. Van den wal zou gezien zijn dat de noodvlag geheschen werd, een man van voor naar het achterschip liep en daarop het schip voorover is gezonken. Dat menschenlevens bij deze ramp omgekomen zijn, acht men zeker, ofschoon het nog niet is gelukt te ontdekken, wiens vaartuig het is of van waar het gekomen is; zelfs verkeert men nog in't onzekere omtrent den aard der lading. Het zeil, dat te Willemstad geborgen is, bevat geen aanwijzing. Het schip wordt geschat op een inhoud van ongeveer 50 last. Niet onmogelijk wordt het geacht, dat een heel huisgezin in de golven is omgekomen. — Thans zijn (bij Terschelling) ook gevonden de lijken van de Volendammer visschers Pieter Mol en Jan Bont. Vier lijken, allen van familiën Schilder, werden nog niet aangebracht. — Woensdag ochtend te 11 uren, is de hoofdconducteur Schleumer, wonende te Venloo, aan 't station Grefrath uit het portier van zijn wagen gevallen en door den volgenden wagen gegrepen en verpletterd. — Ook te Utrecht heeft zich een geval van slaapziekte voorgedaan bij een vrouw die in het Diakonessenhuis aldaar verpleegd werd. Gedurende vijf weken is zij slapende geweest; zij overleed, zonder de oogen geopend te hebben. — Zooals gemeld werd, zijn de veenarbeiders in de Friesche gemeente Opsterland niet tevreden over het trekloon, dat op de jongst gehouden algemeene vergadering van Friesche verveners werd vastgesteld. Die loonen, 70 cent in de bak en 90 cent in de bok, zijn gelijk aan die van 1895, toen ook op de algemeene vergadering vastgesteld, maar door de werkstaking, en om de turf op tijd droog te krijgen, waren de verveners genoodzaakt toe te geven, zoodat voor het trekken in den bak 75 en in de bok 95 cent werd uitbetaald, zijnde 5 ets. meer per veenroede of 16 M 3 dan het vastgestelde loon. De arbeiders ontkennen niet dat de loonen in 1895 werden vastgesteld op 70 ets. in de bak en 90 ets. in de bok, maar de verveners hebben hun toch 75 en 95 ets. uitbetaald. De arbeiders in aanmerking nemende dat het vooruitzicht voor de turf-industrie dit jaar niet minder gunstig is dan in 1895, verlangen nu ook niet meer dan het loon, dat hun in 1 895 is uitbetaald. De kleine veenbazen hebben zich bereid verklaard om ook in 1896 aan de arbeiders 75 en 95 ets. trekloon uit te betalen, onder de uitdrukkelijke voorwaarde, dat de groote veenbazen dit ook zullen doen, want doen deze dit niet, dan kunnen zij de turt in den aanstaanden herfst voor lager nrijs verkoopen dan de kleine bazen. Blijven de groote bazen volharden bij het vastgestelde loon, dan zullen de arbeiders ook voor dit loon bij de kleine veenbazen moeten werken, hetgeen natuurlijk voor hen een teleurstelling is en hieruit kan wel eens eene werkstaking voortvloeien, die (de ondervinding heeft het meermalen bewezen) wel eens kan uitloopen tot schade zoowel van den werkgever als van den werkman. Het is echter niet onwaarschijnlijk, dat t-,r arbeiders zijn, die zich genegen zullen betoonen om bij de groote bazen voor het vastgestelde loon aan 't werk te gaan, omdat de kleine bazen op verre na niet genoeg klij laten trekken, om aan allen werk te verschaffen. Onderscheidene Friesche veenarbeiders zijn reeds naar de Drentsche venen vertrokken, omdat ze daar, volgens hun oordeel, meer kunnen verdienen dan in de Friesche venen. (U. D.) — Uit Grafhorst wordt aan de Z. C. gemeld : Tijdens den storm van Vrijdag 1.1. heeft de 74-jarige veerman Gerrit van den Belt een daad verriebt, die waard is niet vergeten te worden. Hij bevond zich met pont en schuit aan de zijde van het Kampereiland en had een schuilplaats gezocht op de boerderij van Holtland, toen door den geweldigen wind pont en schuit los raakten en naar het midden der rivier dreven. Met twee bossen riet onder de armen stapt de oude veerman, die bijna 55 jaar dienst heeft, moedig in de op een zee gelijkende rivier, en weet gedeeltelijk zwemmende, gedeeltelijk langs den veerkabel zijn vaartuigen te bereiken; met veel moeite gelukt het hem verder de pont weer aan de zijde van het Kampereiland vast te leggen en hij steekt daarna met zijn roeiboot de woedende rivier over naar de Grafhorsterhaven, waarop hij kalm naar huis gaat. — Door de firma P. Regout & Co. te Maastricht zijn 7 werklieden ontslagen, die verdacht worden tot staking te hebben aangespoord. — Te Venloo zijn valsche rijksdaalders in omloop. Zij voeren de beeltenis van Willem III, met het jaartal 1872 en zijn te kennen aan hun vettig gevoel en looden kleur. Iets lichter dac de echte, zijn zijn overigens goed afgewerkt. — De ontslagen gevangene E. M., die Woensdag, op het parket van de Haagsche rechtbank den subst.off. van justitie, mr. Pleyte, een klap gaf, is naar het krankzinnigengesticht te Rotterdam overgebracht tot een onderzoek naar zijne geestvermogens. — Te Sneek werden Dinsdag reeds aangevoerd circa 2500 kievitseieren. De prijzen liepen van 25 tot 20 ct. — Door den brigade-commandant der maréchaussee te Valkenburg is aangehouden en gevankelijk naar Maastricht overgebracht F. L. H., postbode, wonende te Hulsberg, verdacht van verduistering en valschheid in geschrift. Hij wordt nl. beschuldigd van gelden, hem door personen ter hand gesteld, ten einde die per postwissel of anderszins aan aangeduide personen te verzenden, ten eigen bate aangewend, cijfers op bewijzen van storting aan het postkantoor veranderd en grootere bedragen ingevuld te hebben. --- Provinciaal Nieuws. EINDHOVEN, den 3 April 1896. — Bij kon. besluit zijn benoemd tot kantonrechter plaatsvervanger in het kanton Boxmeer, S. Hulst, ontvanger der registratie en domeinen te Boxmeer; in het kanton Oirschot, W. A. Kleyn van de Poll, ontvanger der registratie en domeinen te Oirschot. — De Stct. bevat de statuten der Coöperatieve vereenigingen : Coöperatieve Roomboterfabriek /'Aarle-Rixtel," te A.arle-Rixtel: Coöperatieve zuivelfabriek //De Eendracht," te Soerendonk. — Bij Koninklijk besluit van 20 Maart 1896 zijn goedgekeurd de statuten en huishoudelijk reglement van den R. K. Volksbond voor Eindhoven en omliggende gemeenten, opgericht te Eindhoven, onder de hooge bescherming van Z. D. H. Mgr. W. van de Ven, Bisschop van 's Bosch, den 12 Januari 1896. — Wij vestigen de aandacht op de tooneeluitvoering der K.K. Harmonie //Apollo's-Lust" op a. s. Maandag, 2e Paaschdag, bij welke gelegenheid naar wij vernemen zullen worden opgevoerd: //Die verwensehte eerepostjes" en //Wie is 't ?" Herhaaldelijk is gebleken dat in onze stad tooneeluitvoeringen zeer in den smaak vallen, met redenen mag men daarom Maandag een druk bezoek verwachten. — De étalage voor de winkelramen jl. Donderdagavond, lokten zeer velen tot eene wandeling door de straten onzer stad uit. Vooral de Demerbewoners hadden hun beste beentje voorgezet. Hunne étalages hadden dan ook zeer veel bekijks. Traden we in bijzonderheden, door ieders uitpak te bespreken, we zouden wellicht, door verzuim, aan enkelen kunnen te kort doen, daarom zij in 't algemeen gezegd, dat onzen winkeliers alle lof toekomt, opnieuw werd bewezen, dat men voor geenerlei waren en artikelen naar den vreemde behoeft om zijn gerief te zoeken. — In de morgen te houden Raadsvergadering zijn de navolgende punten aan de orde : Mededeeling van ingekomen stukken en van het proces-verbaal van kasopneming. Uitloting van 2 kanaalobligatiën. Beslissing over de armenrekening en den hoofdelijken omslag. Bediening der stadswaag. At- en overschrijving van begrootingsposten. Bevloeiïngen aan het Eindhovensche kanaal. — Door de Rijkspolitie werd Woendag een deserteur aangehouden, zekeren S. uit Eindhoven, die voor eene andere gemeente als plaatsvervanger was opgetreden. Na voor den Burgemeester te zijn gebracht werd hij Donderdag morgen naar zijn garnizoen te Breda getransporteerd, waar de krijgsraad hem ter verantwoording roepen zal. — Volgens de trekkingslijst van de Vereeniging //Het witte kruis" zijn uitgeloot de series: 900, 1032, 1178, 1380, 4029 en 6681. Serie 900, No. 45, premie f 25.000.— // 1380, // 29, // - 2.000.— // 1032, // 22, // - 250.— // 1178, // 1, // - 250.— De overige kleinere premies zijn op de trekkingslijst bij den uitgever P. E. van Piere—Bijsterveld ter inzage. Alle andere nummers van bovengenoemde seriën lootten uit met f 14. — premie. — Te Woensel werden bij W. v. d. V. vier glasruiten stukgeworpen en bij A. v. H. 3. De laatste werden ingeworpen door zekeren M. W., die ook van het vernielen der andere ruiten verdacht wordt, waardoor hij zijn handeT nog al verwond had. — Stratums Muziekcorps maakt Maandagmiddag bij gunstig weder eene muzikale wandeling door onze stad. De tweede Paaschdag, die naar oud gebruik hier tal van wandelaars naar Stratum lokt, zal hierdoor nog meer worden opgeluisterd en ons eene gewenschte afleiding bieden. — De uitslag der aanbesteding van het bouwen eener bierbrouwerij voor den Heer W. C. Snieders te Dommelen, is als volgt: J. v. Rooij, Woensel, f 8800 ; M. G. v. d. Hurk, Gestel, f 8695 ; Jos. v. Kuijk, Leende, f 8429; F. v. Doorn, Valkenswaard, f 8395 ; W. v. d. Eertweg, Strijp, f 8390; A. L. v. Gestel, Geldrop, t 8200 ; P. J. v. Beek, Strijp, f 8083 ; Th. C. v. Vroonhoven, Strijp, f8073; L. Dielis Geldrop, f7690. — De postwagendienst Valkenswaard—Bergeijk is voor f 280.— aangenomen, door den heer Vosters te Bladel. — Zekeren Vogels die te Eindhoven een varken had afgeleverd landde bij de terugreis in de Steenselsche Ster aan, en bond zijn paard aan den in den grond vaststaanden bak. Het dier werd ongeduldig toen na eenigen tijd zijn meester nog niet kwam en ging er van door, den bak met zich mede nemende. Vogels, dit ziende, liep het beest achterna de lijsten grijpende waaraan nog geen gebit vérbonden was. Hierdoor werd het paard nog schichtiger, het sloeg achteruit, wierp den voerman, vermoedelijk met een trap van een der acbterpooten achterover, en deze werd dood opgenomen. — Men schrijft uit Reusel: Door de burgemeesters der grensgemeenten Reusel, Hoogemierde c. a. en Bladel c. a. is een adres ingezonden aan Z. E. den Minister van Buitenlandsche Zaken, houdende verzoek om te willen medewerken tot opruiming der zoo gevreesde dynamietfabriek, gelegen onder Arendonck, op slechts 500 meter verwijderd van de Nederlandsche grens Wegens de laatstelijk daar voorgekomen ontploffingen, 12 Februari, 23 Februari en 5 Maart, is die fabriek op last der Belgische regeering voor onbepaalden tijd gesloten. Omliggende Belgische gemeenten en verschillende kamerafgevaardigden doen thans ijverige pogingen om de gevaarlijke fahriek voor goed te doen opruimen. Het is van de heeren burgemeesters onzer grensgemeenten goed gezien, dat zij hunne pogingen vereenigen met die hunner Belgische confraters. Bij voortbestaan der fabriek is vroeg of laat een ramp te wachten, die vele onzer grensdorpen en gehuchten zal verwoesten en een onnoemlijke schade berokkenen zal. Hopen wij dat hun pogingen met een goeden uitslag bekroond mogen worden. — Bij de Dinsdag gehouden verkiezing voor een lid van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, ter vervanging van wijlen luitenant-generaal Van der Schrieck, zijn uitgebracht 933 stemmen ; blanco en van onwaarde 55. Volstrekte meerderheid 440 stemmen. Gekozen de heer mr. J. A. Loeft' met 787 stemmen. De heer Jhr. mr. A. F. O. van Sasse van Ysselt te 's Bosch bekwam 24, de heer J. van der Eerden Pzn. te Boxtel 9 stemmen. — In een Woensdagavond gehouden vergadering van schildersgezellen te Tilburg werd besloten een loonsrerhooging van twee cent per uur te vragen Deze aanvrage geschiedt voornamelijk omdat de gezellen gemiddeld 's jaars slechts acht maanden werken en den overigen tijd van verdienste zijn verstoken. — Door de politie te Breda zijn twee Duitsche jongelieden aangehouden, die met een vrij belangrijk bedrag aan goudgeld het ouderlijk huis waren ontvlucht. De Knapen waren respectievelijk 17 en 19 jaar oud. — Het harmonicarijtuig aan den sneltrein Vlissingen—Keulen is een rammelkast waarbij vergeleken de postkoetsen van voor tien jaren dorado's waren van gemak. Dit mode-rijtuig slingert en stoot zoo verschrikkelijk dat zich bij reizigers meer dan eens dezelfde verschijnselen voordoen als bij zeezieken. Met zulk een toestand te handhaven kan de Exploitatie-Maatschappij zich toch onmogelijk voordeel doen. Van verschillende passagiers vernamen wij, dat zij slechts door den nood gedrongen van deze verbinding gebruik maken en aan iedere andere route de voorkeur geven. — Men kent de Döbereiner lamp : zij bestaat uit een inrichting om waterstofgas te ontwikkelen, dat bij het openen van het kraantje tegan een stukje platinaspons stroomt en dan vanzelf ontbrandt, tengevolge van de eigenschap van het platinaspons om zuurstof in zich te verdichten. Iets dergelijks is nu ook voor lichtgas bedacht door een jeugdigen Griek te Parijs, den heer Canellopoulos. Het door hem uitgevonden middel, om gas te ontsteken zonder het in aanraking te brengen met een vlam, bestaat uit een zeer klein stukje geprepareerde kool met een dun metalen draadje van vijf centimeter lengte. Dit wordt op zijde van den gasbrander aangebracht; als men de kraan opent, wordt eerst het stukje kool door 't uitstroomende gas gloeiend, vervolgens wordt het metaaldraadje witgloeiend en steekt het gas aan -. dit alles in twee seconden. ---