STATEN-GENERAAL. Tweede Kamer. Vergadering van Donderdag 19 Sept. De tijdelijke voorzitter, de heer Van der Schrieck, geeft het woord aan den heer Rutgers van Rozenburg, die rapport uitbrengt over de ontvangst door H. M. van de commissie tot aanbieding van de nominatie voor het voorzitterschap. Ingekomen het koninklijk besluit, houdende benoeming van mr. J. G. Gleichmau tot voorzitter der Kamer, gedurende het tegenwoordig zittingjaar. De tijdelijke voorzitter, de heer Van der Schrieck, zegt: Hooggeachte heer Gleichman! Van ganscher harte feliciteer ik u met uwe herbenoeming tot voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal. Reeds meermalen had ik het voorrecht n uit te noodigen deze groote onderscheiding wel te willen beschouwen als een alleszins afdoend bewijs van het groot vertrouwen dat II. M. onze zeer geëerbiedigde Koningin-Weduwe-Regentes in uw beleid Btelt, en tevens do wijze waarop gij door uwe mede-afgevaardigden op de voordracht zyt geplaatst als eene waardeering van de onpartijdige, verstandige, taktvolle wijze, waarop onze beraadslagingen door u beBtuurd worden. „Door het aanvaarden van deze moeielijke, inspannende, ja laat ik liever zeggen afmattende betrekking erlangt gij opnieuw aanspraak op do erkentenis van geheel Nederland. „Dit alles zij in den ruimsten zin herhaald en ik ben dan ook gelukkig, u te mogen uitnoodigen deze plaats wel te willen innemen." (Toejuiching). De heer Gleichman aanvaardt het voorzitterschap met de volgende toespraak: „Mijne Ileeren! Hoogst erkentelijk voor het bewijs van vertrouwen, op uwe vereerende voor-dracht mij wederom door H. M. de Koningin-Weduwe-Regentes geschonken, ben ik tevens diep doordrongen van de verplichtingen die het mij oplegt. „In uwe -welwillendheid en in uwen steun, tot dusverre mij zoo ruimschoots geschonken , beveel ik mij dringend aan. „Wij staan aan het begin, van eene zitting, waarin veel van ons zal worden gevergd. Nevens de regeling van het kiesrecht zijn of worden ons gewichtige ontwerpen voorgelegd. Laat ons aan het onderzoek en de behandeling onze beste krachten wijden. „Afgescheiden van den wetgevenden arbeid wordt in de laatste jaren bij toeneming geruime tijd gevorderd voor de debatten Over conclusiën, motiën van orde, interpellatiën. Ook daarin erkennen wij een deel van de ons aangewezen taak. Zal die goheele taak echter tot haar recht komen, dan schijnt het raadzaam dat wij ons toeleggen op het betrachten van die kortheid, het in-acht-nemen van die zelfbeperking die nu juist vijftien jaren geleden van deze plaats door een cmzer voorgangers werden aanbevolen. „Onzen hooggeschatten tijdelijken voorzitter, dien wij met zooveel genoegen de betrekking weder zagen waarnemen, hartelijk dankend voor de tot mij gerichte woorden, verklaar ik het voorzitterschap te aanvaarden (Toejuiching). Ingekomen zijn verschillende stukken van welker strekking mededeeling wordt gedaan. Op voorstel des voorzitters wordt besloten van verschillende aanhangig gebleven aaressen de behandeling te nervatten. Het ontwerp-adres van antwoord op de Troonrede wordt ter tafel gebacht en dadelijk naar de afdeelingen verzonden. Inmiddels wordt de vergadering verdaagd tot half vier. Bij hervatting der vergadering wordt het definitief adres van antwoord ter tafel gebracht. Het wordt ter behandeling aan de orde gesteld tegen aanstaanden Dinsdag 11 uren. Daarna zullen de jjfdeelingen bijeenkomen tot onderzoek van de Indische Begrooting, van de wetsontwerpen betreffende den militairen pensioenraad, wijziging van de successie-belasting, herziening van de belasting op de gebouwde eigendommen; van het wetsvoorstel-Gerritsen betreffendo den eed en van enkele andere ontwerpen. Vervolgens houdt de Min. van financiën (de heer Sprenger van Eyk) de gebruikelijke millioenen-redevoering ter aanbieding der Staatsbegrooting voor 1896. Dit die rede bleek, dat in hoofdzaak de financiëele toestand is als volgt: Op het jaar 1892, dat een voordeelig saldo had , is een jaar van 8 millioen tekort gevolgd; echter millioen minder dan verwacht was. Onder die 8 millioen waren echter in 1893 begrepen 2 millioen voor de aflossing der schuld uit de Amsterd. Kanaalmaatschappij. 1894 is weder voordeelig geweest. Het heeft bijna 1'/, millioen batig overschot gegeven, in plaats van het geraamd tekort van bijua 8 millioen. De uitgaven bleven namelijk 5 millioen onder de raming, de inkomsten waren 4.7 millioen hooger dan verwacht was. Van dit laatste bedrag kwam het meeste uit buitengewone baten, nl. 2 millioen uit het opgeheven fonds voor den aanleg van Staatsspoorwegen en f835,000 wegens de bekende teruggaaf volgens de arbitrale uitspraak over de spoorweglijn Zevenaar—Kleef. De 1'/« millioen overschot zal echter nagenoeg geheel worden verslonden door de bekende uitgaven van het dep. van oorlog, die boven de begrooting zijn gedaan en nog verevend moeten worden. Vermelding verdient vooral nog dat in 1894 reeds do opbrengst der bedrijfsbelasting is meegevallen. En wel omdat daarbij do heffing van de winsten der naamlooze vennootschappen zooveel meer dan uit het patent heeft bedragen, dat trots de lagere ontvangst uit anderen hoofde, nog f160,000 boven de raming over 8 maanden is verkregen. In de vijf afgeloopen dienstjaren 1890— 1894, te zamen genomen, hebben de uitgaven ten slotte ruim 5'/, millioen meer bedragen dan de ontvangsten. In die vijf jaren zijn echter voor de groote werken — spoorwegen en waterwegen — bijna 26 millioen uitgegeven. Meer dan 20 millioen is dus daardoor uit de aanwezige inkomsten gedekt. ligt loopende jaar zal vermoedelijk een tekort van 8 millioen opleveren, in plaats van de geraamde 10 millioen. Het kan echter nog wat meevallen, o. a. wegens de gunstige gevolgen, welke de strengere heffing der invoerrechten reeds terstond heeft gehad. Ook uit de andere middelen schijnt de minister van financiën meer dan het geraamde bedrag te verwachten, maar hij licht dit niet in bijzonderheden toe. Voor 1896 worden de inkomsten, o. a. als gevolg der belastingwijzigingen, 2'/ t millioen hooger, de uitgaven '/« millioen lager geraamd dan voor 1895, zoodat het tekort bij de eindcijfers 7'/, millioen bedraagt. Voor de nieuwe geweren, de spoorwagen, den Rottei-damschen waterweg en de verlegging van den Maasmond is ouder de uitgaven 5'/, millioen begrepen. Voor de andere Staatsbehoeften wordt dus 2 millioen meer aangevraagd dan de geraamde middelen daarvoor beschikbaar laten. Gewoonlijk vallen echter op de uitgaven 3 millioen vrij (in 1894 zelfs 5 millioen), zoodat in de begrooting eigenlijk nog 1 millioen is begrepen voor allerlei behoeften die nog voorziening zullen eischen, o. a. voor de regeling der gemeente-financiën. Tot dekking der tekorten van de laatste jaren is behalve de overschotten van 1892 en 1S94 nog 12 millioen uit de leening van 1892 aanwezig. Er moeten dan nog 15 millioen wordeu aangezuiverd, waavvoor te zijner tijd geleend zal behooren te worden. --- Buitenland. BELGIE. Uit Parijs wordt dd. 19 Sept. geseind: De Koning der Belgen is gister-avond hier aangekomen." Hij blijft acht dagen. Hij heeft een bezoek gehad van een officier van het militair huis van den president der republiek. De graaf van Vlaanderen en prins Albert, die sedert Zaterdag te Konstantinopel zich bevinden, zijn door den sultan ontvangen. In de steenkolen , waarmede de smeltovens van de firma Wattelaar-Francq te Jumes bij Charleroi gestookt worden, is een dynamietpatroon gevonden, die daarin misschien verdwaald is geraakt uit de mijnen. Was de patroon in de vuren gekomen, een honderdtal werklieden had gevaar geloopen van om te komen. FRANKRIJK. Uit Mirecourt wordt dd. 19 Sept. geseind: Aan het dejeuner na de revue, die schitterend ten einde liep, sprak president Fauro zijn voldoening over de manoeuvres uit, welke den wil der natie aantoonen om met haar ideaal van broederschap de eischen van den dringendsten aller plichten te vereeuigen. Frankrijk, vreedzaam en zeker van zijn kracht, stelt met vertrouwen zijn lot in de handen zijner zonen. Onder de Noueelles d la Main in de Figaro : Een reporter vraagt een Boldaat, wat voor indruk hij heeft gekregen van de groote manoeuvres. „Praciitig", is het antwoord, „net een echte oorlog." „Ja, maar kunt u me niet wat bijzonderheden vertellen ?" „Nu, zooals ik u zeg, het was precies een echte oorlog. We zijn doodmoe geweest, we hebben zonnesteken gekregen en honger geleden; niemand wist den weg meer, de aanvoerders hebben bokken geschoten, net als in een echten oorlog." Te Draguignan zijn twee misdadigers geguillotineerd. Deibier was er met zijn moordtuig voor uit Parijs gekomen. Een ontzaglijke menigte had zich rondom hot schavot opgehoopt; reeda van den vorigen avond wachtte men op de terechtstelling,die 'smorgens vroeg zou aanvangen. Het volk liep den lijkwagen na en klom over de muren van het kerkhof. De beide veroordeelden poseeren tot op het laatste oogenblik; één richtte nog enkele woorden tot de pers om zich in de belangstelling der verslaggevers aan te bevelen. Maar wat het ergste was, de gemeenteraad en de prefectuur hadden een menigte kaarten afgegeven voor gereserveerde plaatsen aan menschen, die met de terechtstelling niets te maken hadden. De Dcbats bevat een sympathiek hoofdartikel over deze stuitende voorvallen. Meent de Kamer — vraagt het blad — met haar hardnekkige weigering om de openbaarheid der voltrekking van de doodstraf af te schaffen, inderdaad een democratisch werk te verrichten? Zijn er weerzinwekkende tooneelen als te Draguignan noodig om haar van het tegendeel te overtuigen ? Het beroep van Edmond Magnier bij het Hof van cassatie te Parijs tegen het arrest, dat hem bad verwezen naar het Hof van assises wegens medeplichtigheid aan het omkoopen van ambtenaren, is verworpen. Maandag-middag deponeerde de heer Eugène Joby De Morv, uit Versailles , aandeelen bij het Crédit Foncier te Parijs tot een bedrag van vier duizend acht honderd pd. st. De kassier verzocht hem vier verschillende lijsten en pakjes te maken, elk tot een bedrag van twaalf honderd pond. De heer De Mory ging aan een lessenaar zitten en voldeed aan liet verzoek ; toen, weer terugkeerende naar den lessenaar van den kassier, bleek een pakje te zijn verdwenen. Ofschoon onmiddellijk alarm werd gemaakt, kon men den dief niet vatten. De politie deed onderzoek en kwam tot de wetenschap, dat op het bewuste oogenblik drie, als Engelsclien er uitziende personen, hadden gestaan tusschen den heer De Mory en den lessenaar van den kassier. Bovendien werd in de vestibule kort na den diefstal een enveloppe gevonden, met het adres: „Monsieur Clifford Mitchel, Villa du Pare, Levallois Perret." Onmiddellijk bewaakte de recherche het huis nauwkeurig; tegen den avond kwamen er twee mannen uit, waarvan de eeu Clifford was; de politie volgde hen, hopende dat nog een medeplichtige zicli bij hen zou voegen, dofih in de menigte verdween de een, zoodat alleen Clifford iu hechteniB werd genomen. De Revue de Paria, die Maandag is verschenen , bevat een gedeelte van een nieuw boek van graaf Beuedetti, getiteld: Mijn zending naar Ems. De ex-ambassadeur vau Frankrijk is van meeuiug dat noch Napoleon uocli koning Wilhelm in 1870 den oorlog wenschten. Daarvan dragen de schuld Bismarek en Moltke ter eene, de hertog van Grammont en keizerin Eugénie ter andere zijde. Grammont wist, zegt Benedetti, dat koning Wilhelm er persoonlijk en uitdrukkelijk in zou toestemmen, dat de prins van Iloiienzollern zijn camlidatuur voor den Spaanscheu troon zou terugtrekken ; niettemin verzweeg hij dit voor de Kamer en liet boveudien door den Pruisischeu gezant van den koning waarborgen voor de toekomst eischen, hetgeen tengevolge had, dat de onderhandelingen werden afgebroken. Dat hem, Benedetti, door koning Wilhelm de deur gewezen zou zijn, verklaart hij voor een sprookje. Van beleedigingen is te Ems geen sprake geweest, wat prins Bismarck daaromtrent ook moge verklaard hebben. SPANJE. Naar uit Havana bericht wordt, is een Spaansche kruiser, na aanvaring met een koopvaardijschip, aan den ingang van de haven te middernacht vergaan. Vier officieren en dertig man van de bemanning verdronken. Blijkens een Lloyds telegram is de naam van het oorlogsschip Sanchcz Barcaiztegin en van het Spaansche koopvaardijschip Mortcra ; dit laatste is met schade te Havana binnengeloopeu. Onder de officieren, die bij de ramp zijn verdronken, was ook een Spaausch admiraal. ITALIË. Woensdag trokken de sclierpschuttersvereenigingen, die naar Rome zijn gekomen voor den nationalen schietwedstrijd, ten getale van 4000 man met muziek en banieren door de stad en legden in het Pantheon een krans op het graf van Victor Emauuel. In den namiddag liad bij de Tor di Quinto een uur buiten de stad, de plechtige opening van den nationalen schietwedstrijd plaats door den koning. Zijne Majesteit was vergezeld door de koningin en den prins van Napels. Daarna begon het défilé van de scherpBchuttersvereenigingen en deputatiën uit het leger en de marine. Er was een ontzaglijke menigte op do been; de politiedienst was zoo slecht geregeld dat de koning, toen hij zich naar de schietplaats begaf om met een paar echoten op de schijf den wedstrijd te openen, in het gedrang geraakte. Heden heeft op den Janiculus de inwijding van het standbeeld van Garibaldi plaats. Italiaansche bladen hebben onlangs gemeld , dat Engeland Zeila, een zeehaven in Soma-eilaud, op de grens van Erithrea, aan Italië zal afstaan. De vraag, wat Engeland in ruil krijgen zou, vindt haar beantwoording in de tijding, dat Italië gaarne ICassala weer kwijt wil zijn, waarvan de blijvende bezetting te zwaar wordt voorde Italiaansche schatkist. DUITSCHLAND. Zoo men een bericht van de New-York Herald gelooveu mag, heeft keizer Wilhelm een zijner vele begaafdheden — welker uitingen echter in deskundige kringen niet altijd evenveel bijval vonden — dezer dagen dienstbaar gemaakt aau het nauwer toehalen der nogal losse banden met Rusland. De Keizer zou namelijk aau Czaar Nikolaas eene allegorische teekening ten geschenke gezonden hebben, in beeld brengend de gemeenschappelijke tusschenkomst van Duitschlaud en Rusland in het verre oosten; het ontwerp dezer voorstelling, van 's Keizer's eigen hand afkomstig, werd door den schilder Knackfuss verder uitgewerkt. Maandag-avond is de Keizer uit Danzig te Berlijn teruggekeerd, maar reeds hedenavond gaat Z. M. weer jagen te Rominten. De eigendommen te Berlijn van Baron Von Hainmerstein zullen den 23 September gerechtelijk verkocht worden. Zijn schulden moeten 800,000 Mk. bedragen. Bismark heeft uit de Kaap een zeldzaam geschenk ontvangen, nl. een kist met flesschen wijn van 1797. Deze wijn is gewonnen in de omtreken van Bosjesmansfontein, op het landgoed vau den heer Ilugo, een afstammeling der Hugenoten. De gepensionneerde eerste-luit. Krafft te München had een opzienwekkende brochure geschreven : „Glauzendes Elend" getiteld. Wat het onderwerp van dit geschrift uitmaakt, is gemakkelijk te raden voor ieder die wel eens iets van de maatschappelijke en finaucieele toestanden in het Duitsche officierscorps gehoord heeft. Krafft heeft echter zijn waagBtuk moeten bekoopen met een vonnis van den Raad van eer, waarbij hij tot verlies van zijn officierstitel werd veroordeeld. Hij zal binnenkort een nieuw vlugschrift doen verschijnen: „Das Kazernen-elend, waarin over den toestand van onderofficieren en soldaten wordt gehandeld. Een Duitsche firma te Worms heeft besloten 500 rijwielen aan te koopen ten behoeve van hare werklieden, die op verren afstand van de fabriek wonen. DENEMARKEN. Prinses Waldemar van Denemarken heeft het leven geschonken aan eene dochter. RUSLAND. De reden, dat aan lord Sheffield en twee Engelsche generaals het verblijf in Sebastópol is ontzegd, is dat die haven voortaan, als oorlogshaven, gesloten is voor toeristen en menschen, die daar in de buurt geen zaken te doen hebben. SERVIE. Nadat Alexander een tijdlang een menigte berichten over zijn aanstaand huwelijk met bestaande en niet bestaande prinsessen ongestraft heeft laten rondloopeu, laat hij thans eindelijk door de Politische Correspondenz verklaren, dat al die berichten ongegrond zyn. Dit moet men hem en papa Milan ter eere nageven, dat zij uitstekend de kunst verstaan, van zich te doen spreken ENGELAND. De beroemde tooneelspeelster mrs Langtry, die voor haar vertrek naar het vasteland hare juweelen, op -een waarde van 40,000 pond sterling geschat, bij de Union Bank te Londen in bewaring had gegeven, liet na haar terugkomst gisteren die sieraden halen. Zij vernam echter dat deze reeds den 24sten Augustus waren afgegeven aan een onbekend persoon, in het bezit van een valsclie machtiging. Het Engelsche zeilschip Virgen de los Angeles heeft te Gibraltar gerapporteerd, dat het op acht mijlen afstand van het eiland Athucemas bij windstilte is overvallen door zeeroovers, die de geheele lading benevens een som van 600 dollar, hebben gekaapt. Kapitein John Ilorne, te Saltrey, hoorde Maandagnacht beweging in zijn slaapkamer. Hij stond op en bevond zich tegenover een man, die daar zeker niet met goede bedoelingen was. De kapitein greep den kerel vast, een worsteling ontstoud en vechtend vielen beiden een trap af maar de kapitein liet niet los — en de nachtelijke bezoeker is in handen van de politie. Kapitein Dulton heeft beproefd van Hastings naar Eastborne, een afstand van 18 mijlen, te zwemmen. Hij had een zeer sterken stroom tegen en na een verblijf van vijf-eu-een-half uur in het water, was hij zoo verlamd ten gevolge van de koude, dat de boot die achter hem aankwam, hem op moest nemen. De kapitein had toen 11 mijlen zwemmende afgelegd. --- Vervolg Binnenland. 's-Hertogenbosch, 20 September. Gedurende de afgeloopen kermis werd op last van den eersten luitenant districtscommandant der kon. marécliaussée alhier, Jhr. Vau Spengler, door den brigade-commandant procés-verbaal opgemaakt tegen den directeur van het Theater Nationaal, wegens 't doen verrichten van overmatigen arbeid — zware gymnastische toeren — door kinderen. Oo? werd op last van genoemden officier een paard, dat kreupel was, uit het hippodróme verwijderd. Het ware te wenschen, dat zulk toezicht op dergelijke inrichtingen steeds plaats vond. By vonnis van den krijgsraad , gister»» alhier uitgesproken , zijn veroordeeld: 1. G. F. S., soldaat-milicien bij de le komp. 5e bat, 6e reg. inf., tot 4 maanden militaire gevangenisstraf, wegens derde desertie in tijd vau vrede, door na veroordeeling wegens tweede desertie in tijd van vrede, het korps zonder verlof te verlaten en vervolgens laugei- dan twee dagen afwezig te blijven , zonder de reden van afwezigheid ten genoegen des rechters te kunnen bewijzen; 2. P. J. v. D., stukrijder bij de le treinkompagnie 3e reg. veld-art., tot 6 maanden militaire detentie, wegens eerste desertie in tijd van vrede, door zijn korps zonder verlof te verlaten en voorts zonder verlof langer dan twee dagen afwezig te blijven, zonder de reden van afwezigheid ten genoegen des rechters te kunnen bewijzen, niet gevolgd door vrijwillige aangifte of terugkomst binnen vier weken; 3. P. V., stukrijder milicien-plaatsvervanger bij de 5e batterij 3e reg. veld-art., tot 6 maanden militaire gevangenisstraf, wegens misdrijf tegen den dienst en de subordinatie, in tijd van vrede en niet voor den vijand gepleegd, door een meerdere in rang opzettelijk te slaan. In de Beurzenstraat hebben gister-middag en gister-avond omstreeks 2 en omstreeks 7 uur in hetzelfde huis schoorsteenbrandjes plaats gehad, die echter terstond gebluscht waren. Die schoorsteen mag wel eens worden nagezien. Door de keurmeesters van visch zijn heden afgekeurd een zalm en een mand riviervisch. Stoomschepen: Prins van Oranje, v. Batavia n. Amst. vertr. 18 Sept. v. Marseille. Promo, v. Java n. Rott., vertr. 19 Sept v. Port-Said. Drenthe (extra boot) vertr. 19 Sept. n. Ned.-Indië. Prins Willem IV arriv. 19 Sept v. Suriname te Amsterdam. Laxvoe, v. Java, arriv. 19 Sept. te Rott. Spaarndam, v. de N. A. S. M. v. Rolt. n New-York, pass. 19 Sept. Prawlepoint. --- LANDBOUW. De uitslag van den 16 en 17 September 11. te Eindhoven gehouden wedstrijd in hoefbeslag, door de Noordbrabantsche Maatschappij van Landbouw uitgeschreven voor de bereids vroeger harerzijds gediplomeerde hoefsmeden is als volgt: Vau de 45, die zielf ter mededinging hadden aangegeven, waren 38 opgekomen. De jury bestond uit de heeren: J. B. H. Moubis, paardenarts le klasse aan do rij- en hoefsmidscliool te Amersfoort, 3f. G. De Bruin, leeraar aan de rijksveèartsenijschool te Utrecht, en J. De Vries, rijksen provinciaal veearts te Zaltbommel. Toegekend zijn: le prijs, f20, A. J. Loose te Klundert, 2e pr., f 18, A. A. Van Thiel te Berlicum, 3e pr., f 15, F. Sprengers te Helmond, 4e pr., f 12, C. Roovers te Beek (gemeente Prinsenhage), 5e pr., f 9, J. A. Oprins te Gilze. Verder zijn prijzen van f 5 toegekend aan: Jac. Dekkers en H. C. Van Ierssel te Etten; Joh. Sprengers te Helmond ; J. A. Schellekens te Zevenbergen; C. A. J. Vermeulen te Ginnekcn; J. J. Keukens te Eiudhoven en C. Merkelbach te Oisterwijk. Het ligt in de bedoeling van het Maatschappij-bestuur een dei-gelijken wedstrijd om de 2 of 3 jaren te herhalen. Door het Dagelijksch Bestuur der Noordbrabantsche Maatschappij van Landbouw is het volgende adres verzonden: Aan Hare Majesteit de Koningin- WeduweRegentes van het Koninkrijk. „De leden der Noordbrabantsche Maatschappij vau Landbouw, in eene algemeene congres-vergadering 10 dezer te Eindhoven vereenigd, hebben met algemeene stemmen ons opgedragen, om tot Uwe Majesteit hot eerbiedig verzoek te richten, om de behandeling der zaken waarbij de belangen van Land- en Tuinbouw, Veeteelt en Boschcultuur zijn betrokken, te willen opdragen aan een Uwer Majesteits Ministers en om aan diens departement een afdeeling te verbinden, aan het hoofd waarvan een deskundig directeur-generaal konde worden geplaatst. „Dit bestuur heeft zich ten volle met het genomen besluit kunnen vereenigen. „De behandeling toch der onderwerpen, waarbij landbouw-belangen zijn betrokken, door verschillende departementen van algemeen bestuur, kan noch uit een administratief noch uit een economisch oogpunt, doelmatig worden geacht. „Zonder iets te kort te doen aan den goeden wil Uwer Majesteits regeering, om den belangrijksten tak der vaderlandsche nijverheid van staatswege te steunen, valt het toch niet te ontkennen, dat ons land, vergleken met de andere beschaafde landen van Europa, op het gebied van landbouw, tuinbouw en veeteelt in menig opzicht achterlijk is en instellingen mist, die algemeen erkend worden, krachtigen steun te kunnen verleenen, om de ongunstige tijden het hoofd te kunnen bieden. „Niet alleen wordt door versnippering va'n de krachten, die van den staat kunnen uitgaan, de gewenschte orde en regel gemist, maar tevens die nuttige aanraking met de vertegenwoordiging der landbouwbelangen , illusoir gemaakt, welke de Regeering zelve by de instelling van het Nederlandsch landbouw-comité noodzakelijk heeft geacht. „Op zich zelf beschouwd zou de wensen niet kunnen worden misprezen, dat voor den belangrijksten tak der volksnij verheid, in navolging van alle andere beschaafde Staten, een afzonderlijk Ministerie van Landbouw werd ingesteld, doch erkennende, dat daartegen Btaatkundige bezwaren zouden tuniien bestaan, zouden wij reeds zeer toejuichen, indien in navolging van hetgeen met andere deelen van het Staatsbestuur, o. a. met het post- en telegraaf beheer is geschied, eene bizondere afdeeling werd ingesteld aan een der Departementen en aan deze de behandeling werd toevertrouwd van het gansche land- en tuinbouwonderwijs, in verband met de proefstations, den veeartsenijkundigen dienst, de bevordering der paardenfokkerij, ook in het belang deiremonte, die van den veestapel, de uitvoering van wetten tegen bedrog en tot afwering van dreigende plantenziekten, de bevordering van het landbouw- en grondkredietwezen, alsmede het Domeinbelieer, dit laatste met het doel, om door dat beheer een voorbeeld te kunnen geven tot navolging van hetgeen door wetenschappelijke toepassing van een verbeterd pacht- en cultuurstelsel aan den bodem kan worden ontwoekerd. „liet moge Uwer Majesteit, wier groote belangstelling in den vaderlandschen landbouw bekend is, behagen, het vorenstaande in ernstige overweging te willen nemen." 't Welk doende enz. Het Dagelijksch bestuur der Noordbrabantiche Maatschappij van Landbouw, Jhr. J. De la Col 'RT, voorzitter. L. Max, secretaris-penningmccster. 'e-llertogenbosch, 16 Sept. 1895. **Uit Heusden wordt ons dd. 12 Sept. geschreven: Do afdeeling Heusden van de Noordbrab&ntsclie maatschappij van Landbouw, zal op Zaterdag 12 Oetober een wedstrijd doen houden van hengst- en merrie veulens, geboren in 't jaar 1895, afstammende van stamboekpaarden, afkomstig uit een der gemeenten, tot die afdeeling belioorende. Twee prijzen zijn uitgeloofd, een van f 45 en een van f 30. ---