BINNENLAND. Jhr. H. A. van Karnebeek zestig jaar. De Commissaris der Koningin in de provincie Zuid-Holland, jhr. mr. dr. H. A. van Karnebeek vierde gister zijn zestigsten verJaardag. Handhaving van de ordei. een optocht te TteL Op desbetreffende vragen van het soc.-dem. Eerste Kamerlid Hermans heeft Minister van Schalk o.m. geantwoord, dat de maatregelen, door den commissaris van politie te Tiel op 15 Juni j.1. met betrekking tot een openluchtmeeting der S.D.AP. en een daaraan verbonden optocht genomen, berustten op een bijzondere bevoegdheid, hem in het belang van de orde door den burgemeester van die gemeente verleend bij het besluit, waarbij vergunning werd gegeven om den optocht te houden. Deze bevoegdheid, waarvan door den commissaris, rekening houdende met de plaatselijke omstandigheden en verhoudingen, is gebruik gemaakt, stond los van het uniformverbod. ( De bevelen, door den commissaris op het Seetingsterrein gegeven, berustten wel op unirmverbod. De bijzondere bevoegdheid bovenbedoeld jold niet voor het meetingsterrein. Echter Werd naar het oordeel van den commissaris het genoemde verbod overtreden. In dezen vorm, dat onder het verbod vallende vaandels en vlaggen zichtbaar vanaf den openbaren yvcg over het meetingsterrein werden gedragen. De gegeven bevelen nu hadden de strekking verdere overtredingen te voorkomen. Op grond van de ontvangen inlichtingen moet worden aangenomen, dat een gedeelte van de bovenbedoelde vaandels en vlaggen ptellig viel onder het uniformverbod ; ten aandien van andere schijnt twijfel mogelijk. i De commissaris had dus in zijn maatregelen wellicht Iets minder ver kunnen gaan ; waarmede echter geen aanmerking bedoeld wordt op zijn algemeen beleid. Het betrof in Tiel uitsluitend maatregelen genomen in het belang van de handhaving van de orde op de openbare straat; de materie yan de verboden vereenigingen wordt er niet door geraakt. Verbindende kracht van ondernemersovereenkomsten. Het bestuur van het Nederlandsch Verbond van Valrvereenigingen heeft zich met een adres gewend tot de Tweede Kamer naar aanleiding van het wetsontwerp op de verbindend* kracht van ondernemers-overeenkomsten. Het N. V .V. betuigt hierin instemming met het beginsel, dat aan dit wetsontwerp ten grondslag ligt, n.1. dat de beoordeeling van den inhoud van afspraken tusschen ondernemers niet meer uitsluitend aan het particulier initiatief mag worden overgelaten, heeft onze instemming. Doch dit wil niet zeggen, dat adressant ook de wijze, waarop dit beginsel in het ontwerp is uitgewerkt, toejuicht. In de eerste plaats meent adressant, dat de belangen van de verbruikers in dit wetsontwerp niet voldoende gewaarborgd zijn. Het verbindend verklaren van ondernemers-overeenkomsten kan beteekenen, dat afspraken t.a.v. prijzen algemeen geldend worden verklaard, welke zware lasten op de verbruikers leggen. Wel schrijft het wetsontwerp voor, dat de minister van oeconomische zaken geen besluiten van dezen aard zal mogen nemen, dan nadat de Oeconomische Raad is gehoord, doch de samenstelling van den Oeconomischen Raad is niet van dien aard, dat het verbruikersbelang daarbij alszoodanig is vertegenwoordigd en beschermd. In de tweede plaats is in het wetsontwerp naar de meening van adressant geen rekening gehouden met de belangen der arbeiders. Uit de toelichting tot art. 7 van het ontwerp blijkt, dat het in het voornemen van de regeering ligt, voor de behandeling van de onderwerpen, welke met deze wet verband houden, een vaste commissie uit den Oeconomischen Raad in te stellen, waarin naast leden uit dezen Raad ook eenige leden buiten den Raad zitting zullen hebben, van geval tot geval uit den betrokken kring van bedrijfsgenooten te kiezen. Het is niet duidelijk, of onder bedrijfsgenooten ook worden verstaan de arbeiders. Het ligt echter voor de hand, dat de belangen van de arbeiders als producenten in hooge mate betrokken kunnen zijn bij eventueele ondernemers-overeenkomsten. Naar de meening van adressant zal het dan ook noodig zijn, dat het op eenlgerlel wijze mogelijk wordt gemaakt dat de arbeiders gekend worden in beslissingen ten aanzien van zulke ondernemers-overeenkomsten. Het zou naar de meening van adressant voor de hand liggen, dat b.v. de bedrijfsraden, waar deze bestaan, worden gehoord, alvorens een algemeene maatregel krachtens dit wetsontwerp wordt uitgevaardigd. In de bedrijven waar nog geen bedrijfsraad bestaat, zouden aan de te benoemen commissie uit den Oeconomischen Raad vertegenwoordigers van de arbeiders moeten worden toegevoegd. Adressanten meenen, dat de wijze, waarop in het ontwerp een sanctie gesteld is op het niet-naleven van bindend of onverbindend verklaarde bedingen of besluiten, niet voldoende is om de juiste naleving van de ministerieele voorschriften te waarborgen. Het wil hem voorkomen, dat het alleszins aanbeveling verdient, op overtreding van deze wet een strafrechtelijke sanctie te verbinden. Waarom naar de stratosfeer ? Ieder die gelezen heeft dat ir. Cosijns met zijn ballon een hoogte heeft bereikt van 16.000 meter, vraagt zich af : waarom ondernemen ze toch eigenlijk die tochten ? In de Libellen-serie (uitgave Bosch & Keuning te Baarn) verschijnt thans een deeltje geschreven door den heer O. W. P. Mohr, onder de titel „Waarom naar de Stratosfeer 1" Het boekje wordt met foto's geïllustreerd. Crisis-Restitutiebeschikking 1934 VHI. Zetmeel. De minister van oeconomische zaken heeft bepaald, dat ten behoeve van de bij de landbouw-crisiswet, crisissteunbeschikking en crisis-monopoliebeschlkking 1933 als groep van producenten van crisisproducten erkende ver- « bouwers van granen, te rekenen van 1 Januari 1934 af, uit het landbouw-crisisfonds voor elke hoeveelheid zetmeel of daaruit bereide producten, ten aanzien waarvan ten genoegen van de Stichting Nederlandsche Meelcentrale, is aangetoond, dat is uitgevoerd of is of wordt gebezigd als grondstof of als middel bij de verwerking van grondstoffen in de textiel-, papier-, karton-, cartonnage-, behangselpapier-, leder-, lederwaren-, kleefstoffen-, verf-, parfumerieën- of zeepfabrieken, leerlooierijen, ijzergieterijen, of fabrieken van eierkolen of briketten, wordt vergoed een bedrag, gelijk aan dat, hetwelk krachtens het bepaalde in het crisiszetmeelbesluit 1933 en in het crisis-akkerbouwbesluit 1934 ten aanzien van die hoeveelheden zetmeel of daaruit bereide producten is betaald. Aangewezen wordt als crisis-organisatie, bedoeld in artikel 3 der crisis-steunbeschikking 1933, de Stichting Nederlandsche Meelcentrale. --- Ons betalingsverkeer met Duitschland Het officieel orgaan van den Alg. Ned. Zuivelbond schrijft : De beslissingen, welke de afgeloopen week met betrekking tot het betalingsverkeer met Duitschland zijn genomen, hebben deze aangelegenheid in een geheel nieuw stadium gebracht en kunnen van vérstrekkende beteekenis zijn. De feiten zijn in het kort als volgt De jongste besprekingen, welke sinds het begin dezer maand met Duitschland over het transfervraagstuk onzer exportvorderingen hebben plaats gevonden en welke ongeveer een week daarna werden besloten, hebben tal van moeilijkheden doen rijzen, waardoor het onmogelijk bleek, op korten termijn, tot een definitieve oplossing te komen. Van Duitschen kant is nu de Nederlandsch-Duitsche deviezenovereenkomst van 1932 met ingang van 1 September a.s. opgezegd, in verband waarmee een regeling is getroffen ter afwikkeling van de op grond dezer overeenkomst geopende bijzondere rekening — „Sonderkonto" — van de Nederlandsche Bank bi) de Duitsche Rijksbank, waarbij tevens is bepaald dat op deze rekening van 15 tot 31 Augustus a.s. nog voor een bedrag van 15 millioen R.M. kan worden gestort. De onderhandelingen over een nieuwe regeling zullen zoo spoedig mogelijk worden hervat en — bijaldien een nieuwe regeling op 1 September a.s. nog niet in werking kan treden — zullen de beide regeeringen zich bijtijds over een andere overgangsregeling verstaan. In verband met het verloop dezer besprekingen en mede met het oog op het feit dat het niet gerealiseerde saldo der Nederlandsche Bank op haar Sonderkonto bij de Duitsche Rijksbank nog in de laatste dagen in bedenkelijke mate was opgeloopen, heeft onze regeering zich genoopt gezien, maatregelen te treffen, teneinde de Nederlandsche belangen bij het betalingsverkeer mat Duitschland te waarborgen. Z(j heeft daartoe, met ingang van 15 Augustus j.1., ten opzichte van Duitschland de z.g. Clearingwet in werking gesteld. Daardoor wordt elke vordering, voortspruitend uit invoeren van Duitsche goederen, die vanaf 15 Augustus plaats vinJ.-' we de schenkers voor de prijzen. --- DINGEN VAN DEN DAG. De S t r ij d e r, het orgaan van de C. D. U. is nijdig. Nijdig op Minister de Wilde, die met zijn Kieswet-voorstel de roem voor de kleine partijtjes van de melk schept. Nijdig vooral ook op de S.D.A.P., die met het voorstel-de Wilde zoo in haar nopjes is. De S t r ij d e r kan zich de houding der S. D. A. P. moeilijk ander3 verklaren dan uit concurrentie-vrees en roept over zooveel liefdeloosheid tenslotte in arren moede uit: Wat er ook gebeure, de kiezers, die niet meer bij de C. D. U. terecht zouden kunnen, zouden werkelijk niet bij de S. D. A. P. komen. Het Volk wil op dit punt voorloopig maar niet ingaan, doch merkt terloops op, dat „ook bij de aanhangers van de C. D. U. eenmaal het inzicht zal moeten doorbreken dat de verdeeldheid van de aanhangers van de sociale democratie de kracht der reactie is". Voor de S. D. A. P. is het binnenhalen van den oogst op den door Van Houten bewerkte akker der C. D. U. dus slechts een kwestie van tijd. Het revolutionaire zaad in de harten der C. D. U. menschen ontkiemd, rijpt vanzelf wel. Dit mocht Van Houten tot nadenken stemmen. CANTICLAER. --- UIT DE HOOFDSTAD Politieberichten Leeuwarden. Door de politie werd alhier een man aangehouden, die no£, 8 dagen hechtenisstraf moest ondergaan. — Door de politie hier ter stede werd een 58-jarigen man aangehouden, verdacht van het plegen van niet nader te noemen handelingen met jongens beneden den zestienjarigen leeftijd. Hij is ter beschikking van de Justitie gesteld. —■ Maandagnamiddag werd een 10-jarig jongetje, dat op het Zuiderplein fietsie, aldaar aangereden door een vrachtauto, waardoor het jongetje kwam te vallen. Het kreeg enkel kleine wondjes aan een van zijn knieën en aan zijn linker elleboog. Het rijwiel werd licht beschadigd. Door de poltiie wordt een onderzoek ingesteld. — Door een ingezetene werd aangifte gedaan van de vermoedelijke verduistering van zijn rijwiel, dat hij voor eenigen tijd verhuurd had en tot op heden nog niet terugbekomen heeft. Door de politie wordt een onderzoek ingesteld. — Wederom werd gisteren door drie ingezetenen aangifte gedaan van de diefstal van hun rijwielbelastingmerken. --- KERK EN SCHOOL. GEREF. KERKEN. Beroepen : Te Monster, J. W. de Jager te Diever (Dr.) en als hulppred. C. J. Jonkers, cand. te Schiedam. NED. HERV. KERK. Bedankt : Voor Barneveld W. J. v. Lokhorst te Hilversum. Radiokerkdienst uit Ulrum. De N. Pr. Gr. meldt uit Ulrum : Met de herdenking van de Afscheiding zal op Zondag 14 Oct. 'snam. 5% uur uit de Geref, Kerk alhier een radiodienst worden uitgezonden waarin Ds. Elgersma hoopt voor te gaan. Afscheid, bevestiging en intrede. Het afscheid van Ds. H. Kakes, Geref. pred» te Makkum zal plaats hebben op D.V. Zondag 9 Sept. a.s. in de bevestiging bij de Ger. te Be. dum op Zondag 16 Sept. Als bevestiger hoopt op te treden ds. A. T. De intrede is bepaald op Maandag 17 Sept. Gereformeerd—Chr. Gereformeerd. In „De Wekker" geeft Prof. J. J. van der Schuit, hoogleeraar aan de Theol. School der Chr. Geref. kerk en prae-adviseur der a.s. Generale Synode dier kerk, als zijn meening te kennen op welke wijze een mogelijke vereen!ging zou moeten tot stand komen. Hij schrijft in een onderschrift op een ingezonden stuk van Ds. R. E. Sluiter uit 's-Gravendeel, waarin deze op den ernst van deze zaak wijst i „Het blijkt al duidelijker in welk een warme belangstelling deze Synode deelt. De fout van 1892 was een eenheid van kerkelijke vergaderingen, zonder een eenheid van kerken. Dien weg gaan wij tot geen prijs op. Niet de Synode, maar de plaatselijke kerken met haar respectieve kerkeraden, hebben over een „mogelijke vereeniging" ter classicale vergadering te spreken. 1892 heeft ons wat geleerd en eer gewaarschuwd man geldt voor twee." Bijbelsche onkunde. In de Rotterd. Kerkbode wijst Dr. Callenbach op een merkwaardig gesprek in het boek van Viruly „Wij vlogen naar Indië". Deze vloog eens met drie Amsterdammers naar Indië. Enthousiast waren zij voor al het prentbriefkaartenmooi van cóte d'Azur, Sint Pieter, Aeropolis, Sphinx, Nijl, Piramiden, maar voor 't fijnere mooi van Palestina hadden ze nauwelijks een blik over. Naar de heilige plaatsen, die Viruly hen aanwees, keken zij met evenveel ironie, alsof hij ze de kool aanwees, die hen gestoofd was met het verhaal, dat ze daaruit geboren waren. „Dat daar is Jericho !" „Wat waar?" „Dè.t daar ! Jericho ! !" „O". Hij keek er naar als naar Hoogezand, Sappemeer of Zuidbroek. Nog eenmaal probeerde ik het over het motorengeraas heen „Die rivier déi&r: de Jordaan ! !" „Welk dier?" „Die rivier ! Dat is de Jor ! daan ! ! !" Hij nam een plichtmatig kiekje, maar de ge» hoopte ontroering was verre. moepc het öan rt?aar zelf weten. Eu als by tóch Amjterdainmer «vaa En ik wees hem een In y trl ju» daan uitmondend ravijn. p.i&r ! de Rozengracht 1" „■Vat?" ,,De Ro ! zen ! gracht!" Ho keek cr naar en nam weer een kiekje; hij geloofde het nota bene. Er was nóg een ravrjn. Dtór ! De tweede! Lelie !! Dwars! str.l&t!" Toen waren wg helaas gebrouilleerd. Chr. Onderwijs. Benoemd tot tijdelijk onderwijzeres aan de Chr. Nat. School te Gerkesklooster, mej. Botje van Scheemda. ---