ARNHEM, den 7 Augustus. jJe Times bevat een lang artikel over de zending van den heer Elout naar Londen, als zaakgelastigde van Z. M_ den Koning der Nederlanden , tot het uit deu weg ruimen der verschillen, met betrekkingtot de Oost-Indien. Terwijl hij belijd nis doet van gevoelens van achting jegens de Hollanders, mitsgaders van _ijt.e wenschen tot behoud der vriendschapsbetrekkingen tusschen Groot Brdanje eu de Nederlanden, laat hi) genoegzaam blijken, hoe weinig.opregt deze belijdenis is. Immers, zonder den aard des geschils a, ,10pgzaani te kennen, «Heen op het vermoeden van onbillijke maatregelen legen de Engelschen vau den kant der regering van Java, e.ii vermoeden, waarvan hij de gegrondheid nog bovendien eenigzins iv twijfel trekt , geeft Lij zich over aan redeneringen, die inderdaad weinig vereerend voor hem zijn. Te groot acht hij de edelmoedigheid, welke ons de Oost- Indien , zonder evenredige vergoeding, heeft doen teruggeven. .. ij mogen nu vooral uiet ontevreden ziju over de vestiging der Engelschen op Sincapoor, waarvan het oogmerk is, om dc straat van _ 1 dacca te beheerschen, en over den weg \o.n Britsch Indien naar het Smet sche rijk het opzigt te houden. . het Britsche stelsel van omverwerping dezes geweldenaars. Nu kunnen wij wel edelmoedigheid, maar juist geeue bovenmatige, daarin ontdekken, dat, toen de qeweldenuur gevallen was, en wij weder op de lijst der volken verschenen, ons de Oost Indische bezittingen zonder ontgellenis teruggegeven werden , daar wij tlie immers niet hadden verloren, ten gevolge van eenen oorlog , die tusschen ons, als een vrij en •>'... t b-ui Lelijk volk , en Groot i BriU..njo was ontstaan , maar dezelve integendeel als vooi sthrt ven in bandeh det Engelschen waren gevallen. Om dit ïp-t te gevoelen, behoeft de Engclschman zich slechts, zoo mogelijk, in onzen toestand te verplaatsen. Zoo hij dit niet kan, dan ht slisse hij, de hoedanigen de verbondene mogendheden tegen Buana • 'parte zich Zoud n betoond hebben te zijn , zoo zij, na de , om zijne bee.sch- en veroveringszucht zoo gehaten, te hebben teu ondergebi-'gt, tik land, dat hun, bij den strijd tegen hein , was in handen gevallen, zich hadden blijven toeëigenen, iv plaats van ieder volk I Let zijne terng te geven ? Eu zoo hij niet erkent, dat deze mogend» heden zich alsdan gelijk zouden gesteld hebben mcl dengenen , dien zij vervolgden, dam twijfelen wij aan zijn gezond verstand. — De toepas,ing op de zaak in geschil valt vervolgens niet moeijelijk. Wat nu betreft de hindernissen, welke de regering van Java den engelschen in den weg zou werpen, zij het ons geqorloofd, aan de wezenlijkheid daarvan te twijfelen. De Times zelve weet hieromtrent nts stelligs te zeggen ,en hij heeft tegen zich eene verklaring der -dgrl.che belanghebbenden in deil Oost-IndiscUen handel, in het ver•''-.ene jaar openlijk gedaan. En nd no' een woord ten aanzien der overmagt van Groot» Briitanje, die de 'limes ons voorwerpt. Wij erkennen die overmagt; maar wij Winneren hem levens, dat zijue taal snorkend is en veel ovt reenkoni-t "feit met die, welke dc geweldenaar, Buonaparte, eenmaal voerde, öfze waande zicli onoverwinnelijk, en evenwel hij werd, et-r hij het vpnnotddc, geslagen. Deze waande zich boven alles veiheven, en *Venwel hij werd vei nt derd. Hij had, in zijnen waan, de heiligste ÏCgteu vertrapt , en bij ontving loon naar werken. ,kki", dut de gedachten van de 'Jimes'm dezen niet zijn de gedachten fier Britsche regering, anders zouden wij reden hebben om over onze Jport»Indien zeer bekommerd te zijn, eu ons reeds bij voorraad op "' fz.lvei- verlies moeten voorbereiden. --- ZUTPHEN, den 4. Augustus. Gister middag, te twaalf ure, hadden wij het genoegen Z. K. 11., '_jn Prms van Oranje , vergezeld vau, zijne adjudanten , binnen tleze vau Deventer te zien aankomen. Hoogstdezelve begaf zich naar .adonis, verleende aldaar audiëntie aau de onderscheidene civiele fn militaire autoriteiten, kcrkenraden der onderscheidene godsdienstige en- bijzondere personen , en maakte vervolgens gebruik P"1- een wel ingerigt déjeuné dinaloir, aan Hoogstdenzelven, van *Udswege, aangeboden , waarbij verscheidene ambtenaren en hoofd» Nh-ierea, onder welke ook de Heer Gouvernem-, en de kouimande**nue Generaal dezer Provincie , adsisteeideu. — Ka de groote of p -Ydbiu-gskerk te hebben bezigtigd, is Z. K. 11. omstreeks vier uren l,aar Arnhem vertrokken, begeleid door het vreugdegejuich der verbelde menigte, voor welke, zoo als voor Vie niuc ingezetenen, °*e dag t;,n ware feestdag was.— --- DIEREN, den 4 Augustus. Gister namiddag, omstreeks vijf uren , passeerde alhier Z. K. H_ de Prins van Oranje. Z. K. IL hield zich eenige oogenblikken voorhet Lo.'einent de kroon op, alwaar Hoogsldeztlve door den Heer Schout van Rlieden met een korte aanspraak werd Verwelkomd Vervolgen» stapte Z. K. 11. bij den lier Retemqer al', wandelde tloor de tuinen t gew zen Vorstelijke huis van Dieren, en vertrok, na eenigo, verversing gebruikt te hebben, naar Arnhem. Dat gedeelte van Dieren , hetwelk aau de bindstraat ligt, was op de bevallig* sle .wijze met artificiële boomt n, guirlandes , bloemen en vlaggen versierd. Terwijl overigens, ook tloor de geestdrift der ingezetenen , zoo bij het inhalen als auderzints, hunne oude en onveranderlijke gehechtheid aan het huis van Oranje, op de sprekendste wijze, werd aan den dag gelegd. --- VELP, den 4. Augustus. Heden morgen, omstreeks elf uren , passeerde hier Z. K. 11. dei Prins van Oranje, verzeld vau den Heer Gouverneur dezer Provincie,. cii de adjudant 'M van Z. K. 11. De Prins begaf zich naar den huize Biljoen. Weinig tijds na de aankomst aldaar, deed Z. K. 11., verzeld va.i deu Heer Baron van Spaen van BUjo.-n , en andere hooge per». souaadjen , eene wandeling in den fraaijen omtrek van het huis waarna het Z. K. il. behaagde , vau een dejeunt r, dat de beer van. Spaen hal doen gereed" maken , gebruik te maken. Gedurende het dejeuner, werden van tijd tot tijd eenige kanonschoten gelost , en eert aangenaam muzijk gemaakt door het korps muzikanten der Arnhemsche. schutterij, dat hier tegenwoordig was. Om half twee uren, begaf zich het hooge gezelschap in rijtuigen naar het zoo met regt geroemd» Beekhuizen, een-; loer door ds heerlijke dreven aldaar doende. Bij do bekende groote cascade gekomen, werd men op nieuw yerrast door het muzijk van de Arnhemsche schutterij, dat rondom die plaats had post «evat. Teu hall drie ure , verliet men deze streken, en begaf zich naar het naburige Rozendaal Aldaar maakte de Prins gebruik van het diner, dat tle vrouwe van deze Heerlijkheid bad doen aanrigten, met welke het Z. K. IL behaagde, na het eindigen vau den maaltijd, en. v-netd door het hooge gezelschap, dat daarbij tegenwoordig was geweest, dc uitmuntende waterwerken alhier in ogenschouw te nemen* Z-io wel oud.r liet houden van het middagmaal , als gedurende dei wandelingen, werd een voortreffelijk muzijk aangeheven, door het korps muzijkanteu van het Nijmeegsche garnisoen , dat naar herwaart* was overgekon.o; 'terwijl zich mede van tijd tot tijd het kanon liet hooren. Omstreeks half zes uren, verliet Z. K. 11. deze plaats, en nam de terugreis naar Soeslthjk aan , onder den afscheidsgroet vaneen» ontelbare menigte, welke Z. K. H den geheele^ dag was gevolgd. --- BERLIN, den 29. Julij. Merkwaardig is het ongeval, dat den heer Eulert, eenen koopman; dezer dageu door bijen veroorzaakt werd. Ziju verhaal daarvan komt hoofdzakelijk hierop neder: « Ik reisde met mijne vrouw, in een eigen rijtuig, van Wittenberg naar U.-.liju. Nabij Kroppstad bemerkte ik , dat een der paarden zich met den kop heilig tegen het andere schuurde, en zeide tot mijne vrouw, dat het waarschijnlijk door eene paardévlieg gestoken was. Terwijl wi| nog hierover spraken, viel als een stortregen , onder een schrikverwekkend gebrom, eene onafzienbare zwerm bijen uit de lucht neder; zoodat ons rijtuig, onze paaiden, de koetsier, mijne vrouw en ik. daarvan als geheel overzaaid waren. De , om zoo te sjireken, woedende bijen kropen de paarden in neus, mond, oogen e o ooren, zoodat alles in een oogenblik van dezelve volgepropt zat. Dc paarden bleven als versteend staan, en eindigden met op den grond neder te vallen- Zoodra de zwerm op ons aanviel, sprong mijue vrouw van het rijtuig, 'wierp haren omslagsdoek over het hoofd, en liep , als door een instinkt aangedreven, naar de, door den regen bevogtigde, greb vau den steenweg, -alwaar zij zich met het aangezigt op den grond nederlegde. Ik, 0111 den koelsier eu tle paarden te redden , sprong aan de andere zijde vaa het rijtuig, liep, met de rei-muts voor het gezigt, achterhoofd en handen aan tle vervolgende bijen prijs gevende, den weg op, om hulp te roepen. Na langen tijd, ontmoete ik eerst eenig- lieden, die mij eerst door den tabaksrook hunner pijpen van mijne vijanden verlosten, ent vervolgens, na eenig stroo verzameld te hebben, zich met mij naar mijn rijtuig spoedden. Wij verdreven , door den rook van smeulend stroovuur , de bijen, en vonden deu koetsier geheel wezenloos op den grond liggen, nog overdekt met bijen, die wij met de hand en eene kam moesten wegdoen. Door het geroep om hulp waren hem de bijen ia den moud gekropen , en hadden hem 10l beneden in de keel verwond. Door de hulp van de genees- en heelkundigen der nabij gelegene plaats, werd bij echter tot het leven teruggeroepen, en woidt thans, even als ik, die mede deerlijk gewond ben, door mijne vrouw, aan welke door de op, gVgeven uitvlugt, geen leed geschied is, verzorgd. — Mijne beidt» paarden zijn , de een va den anderen , jjestorveu. ---