__W.__fc Dagblad, strijdorgaan van de J* S. B. en laten het hier, compleet met tel en naam van dichteres, volgen. --- De Genestet 'ie!/ soc* dem* propaganda-orgaan Vrijt **, Arbeid, Brood heeft bij De Génestet 0 P^selijke leekedichtjes gevonden en Uen1 lliemand onwetendheid zal voorwen- W Wle «r mee bedoeld wordt, zet het blad *« maar bij: £R MUSSERT: 'S'volgt bij alles wat hij doet, j^De stem van zijn geweten; "?r 't is er een van ruim fatsoer., " - min of meer versleten. °£R EEN N. ,S. 8.-ER: V'die in alle dingen y Slechts zonde vindt en f.chuld; afl duistere gedachten, s wis uw ziel vervuld. --- Op de Eendracht .j^haivg De Q-negfcet js 00_ La Fontaine (r, t \akoe bij de verkiezingsdichters. De '•* Opmarsch geeft onder een toelichtende teekening van een gebaarden vader en zijn drie hoogst-verwonderde zonen het volgende schöone gedicht: Een wijze vader riep zijn zonen om zijn (stoel En zeide hun! „Beproeft .alvorens ik (ga spreken, die \saamigebonden pijlen stuk te breken. Ik leg U 'daarna uit wat ik bedoel." De oudste deed zijn best, maar na een (oogenblik Moest hij den bundel verder geven; Hij sprak: „Dat's werk voor sterkeren (dam ik". De tweede zet zich schrap, de derde: ('t was om 't even Hun moeite u>as vergeefs, na lange of (korte wijl, Van gansch den btwndel barstte -niet (één enkele pijl. Gij zwakkelingen, sprak de vader, . staakt Uw [pogen, En 'k zal U toonen, wat mijn krachten (nog vermogen Men (meende, dat hij schertst; men ¦ (lachte, maar voor niet Hij maakt den bundel los en breekt (dan riet voor riet Zoo kunt ge, sprak hij, Eendrachts (werking ondervinden. Weest kinderen, vereend, laat liefde U (samenbinden. (Naar La Fontaine). Zooals wij zeiden: La Fontaine schijnt gewild te zijn in verkiezingsdagen. Ook het N. S. 8.-orgaan Volk en Vaderland neemt de fabel in den arm om politieke wijsheid serie van vier plaatjes, waarvan de te verkondigen. Politieke wijsheid in beeld: eerste een slang te zien geeft met de physionomie van den soc.-démocratischen leider Albarda; óp no. 2 kronkelt de slang zich om een vijl, het handvat getooid met den wolfsangel; op den derden heeft de slang Albarda zich de tanden stukgebeten op de vijl (de tandebrokken liggen in het rond) en op de vierde hangen zes slangen over een waschlijn te drogen. Thans het gedicht, uit „De Fabelen van La Fontaine", Vijfde Boek, fabel XVI: Een slang, die naast een stoeren wer(ker woonde — Een nare buur voor een fatsoenlijk (mensch! -— Sloop stil, als haar de honger mede(troonde, Den winkel in, maar vond er 'niets (naar wensch. Daar ziet ze 'plots een stalen vijl. „Dat i 's Ll.'tien!" Ze bijt er in \en knaagt, uil al haar (¦macht. De vijl, bedaard, laat haar begaan, en (lacht: „Onnooz'le hals! Wat gaat ge toch be(gintnen . Ge ontmoet in 'mij een sterker' dan gij (zijt; Eer gij van mij een schilfertje af zult (rukken, Bijt gij '\uw gansch gebit aan stukken; Ik ducht geen haai, geen leugen en (geen nijd!" Dat woord geld-t u, lachwekkende scri(benten! Gij zijt tot niets bekwaam, dus — alles (aangerand! Maar vrucht'loos hoopt ge met uw (pen, uw knabbeltand De werken van 't genie uw schand(werk in te 'prenten; Zij zijn metaal voor u, en staal, en (diamant. --- Nina Bobo Modern Indisch Wiegeliedje) B. Teubner—Schiele *°»*. Ziew kleine, ga nu toch slapen. Niet soo onrustig waarom loch zoo bang? waar blijft dat heerlijke geeuwen en (gapen? ~e zoete kinderen slapen allang. t,00, nina bobo, tidoendeine, ¥3 rustig slapen, tidoerido-m. S.oor je imaar nie. aam dat noodweer (daarbuiten. &eukt ook de "wind dat het huis ervan (kraakt: Klettert de regen ook tegen de ruiten, 4Ues veilig. Je schutsengel waakt. Kefrein, -). ramp en onraad helpende Utren. pieker niet zoo; je maakt je zoo moe. '«e, lie_e schat, Ug niet zoo te turen; Muit er je kijkertjes rustigjes toe. ttefrem. y buikje heb je toch vol gegeten. e deken is warm; wees rustig m'n knaap s ook je leger zwak en versleten, J* vdkt er niet door nog. Kindeke slaap. °Ues -niet de wachter hoog van den toren "Alles is veilig?" Toe,'kom maar, (Klaas .Vaak. Ifdië verloren, rampspoed geboren. £« rustig slapen. Lek let op U saeck. °*> >nina, bobo, tidoerideine, a rustig slapen, tidoeridom. Ho f 6 defensie-symboliek van 'dit lied be'd„\a geen naderen uitleg. Trouwens, aan ' feemijkheid laat d€ dichtkunst, die op het ? "loed van den kiezer moet werken, over al_emeen weinig te wenschen. --- Naast de dichtkunst nog een ander wapen uit den verkiezingsstrijd: een verkleinde reproductie van een 120 bij 80 cm groote affiche van de N. S. 8., waarmee politieke tegenstanders de grap uithaalden dat zij een stuk zwart papier over de Z van ZONDEK plakten. Het daardoor ontstane effect kan de lezer zelf beoordeelen. --- Praat en Daad In de liberale, vrijzinnig-democratische en christelijk-historische verkiezingskctuur hebben wij geen dichtkunst aangetroffen. Zooveel te meer in het anti-revolutionnaire propagandablad Nederland Waakzaam, waaraan o. m. Leo Lens meewerkt. Uit zijn vele gedichten die in Nederland Waakzaam voorkomen, nemen wij er een dat tot inleiding heeft een woord van minister Slingenberg, door minister Colijn in zijn verkiezingsredevoeringen ook meermalen als argument aangevoerd: „In de vier jaren van de regeering zijn er 220.000 arbeiders bijgekomen. Daar de stand der werkloosheid thans gelijk is aan die van 1933, kan men dus zeggen, dat men de 220.000 arbeiders heeft „opgevangen". De toestand is de laatste jaren niet onaanzienlijk verbeterd. De werkloosheid is met drie procent verminderd." Met deze woorden als inleiding, dicht Leo Lens: De „oude, afgeleefde grijsaard" Met zijn ,/iftandsche kabinet" Wordt in diverse frissche bladen Wat in het zonnetje gezet! Vaak zóó, dat onze naaste vrienden Maar zwijgen als een blaffer bast Dat hier een nieuw systeem, «sen beter, Een buitenlandsch moet toegepast. Wie met de cijfers en de feiten De daadkracht der Regeering meet Bemerkt alras dat de betweter Wel hoont, maar dat hij beter weet. Men zegt: op 't pluk der werkloosheid Loopt de Regeering achteraan; Er wordt voor onze arme sloom-ers Geen zier, of bijna niets gedaan! De cijfers leeren ons iets anders; U weet: onze bevolking \wast Per jaar met veertigduizend werlters; Dat is de moeite waard alvast. Voorts worden vijftienduizend menschen Er uit gerationaliseerd. Dus: samen vijf \en vijftig duizend Per jaar, versta dat niet verkeerd. Die tweehonderd ten twintig duizend. Zijn door dit „trage kabinet" In ivier jaar tijds, ondanks de crisis, In Holland aan \het werk gezet. Nog ettelijke duizendtallen Zijn bovendien te werk gesteld, — De duizenden der 'werkverschaffing Die worden hier niét meegeteld. — Ik vraag U: heeft ons volk geen reden Een beetje dankbaarder te zijn? Geen looze praat kan wederleggen De da a d van 't Kabinet-C olijn. Tot zoover onze citaten uit de dichterlijke kolommen der verkiezingslectuur. Het is, de lezer zal het willen toegeven, lichte lectuur, makkelijk en vlot leesbaar en als zoodanig in den verkiezingsstrijd een scherp wapen. Verschillende feitelijke bizonder.heden, van belang voor het volgen van de straks komende verkiezingsuitslagen, geven wij een andermaal. --- Radio en Politiek Op de zang-avonden, welke de Avro in het moederland geeft, wordt door de aanwezigen onder Jacob Hamels leiding met geestdrift een lied gezongen: „Wij willen blijven wat wij zijn!" De Avondpost heeft vaak met genoegen naar dit lied geluisterd en zegt er van: „Met den klank van die woorden in het hart gaan wij op 26 Mei naar de stembus". Ofschoon er geen politiek in de radio is, kunnen wij op gezag van den heer D. Hans het Avro-lied van Jacob Hamel met een gerust geweten op deze verkiezingspagina publiceeren. Het luidt als volgt, als gepubliceerd in De Radio-Bode: Wij willen blijven wat wij zijn: Een onafhankelijk volk! Wij zeggen \met de Koningin, — (Zij is ons aller tolk) — Met even vastberaden stem, Op klaren toon, met volle klem: „Wij willen blijven wie wij zijn Op eigen Nederlandsch terrein!" Wij willen blijven >wat wij zijn: In vrijheid, zonder dwang, Eendrachtig door verdraagzaamheid, Zooals reeds eeuwen lang; Vorstin en Volk gaan met elkaar En dulden geen geweldenaar: „Wij willen blijven wie 'wij zijn Op eigen Nederlandsch terrein!" Wij willen blijven wat wij zijn: Wij blijven Nederland! Dan houden Volk en Vorstenhuis En Oost en West steeds stand! En juichend klinkt van overzee Uit heel 't gebied de zang dan mee: „Wij \willen blijven wie wij zijn Op eigen Nederlandsch terrein!" ---