OVERNEMING UIT DEZE RUBRIEK ZONDER TOESTEMMING VERBODEN --- DE FEEST TAFEL *v öatert als wij nu weer meemaken, beöer er 'de een meer en de ander wat mineer' leder zich zooveel mogelijk om 't huis &an ?ezellig aanzien te geven. Een gezellig *ich f6ll benoeft n°S Seen versiering met Bewa brengen. Ook zonder dat kan men feest- Worden en aanvoelen, dat het het iS De omseving is alles, al spreekt het Vaa zelf> dat groen en bloemen tot Üjk Ulter^^lce kunnen bijdragen. Gewoon- Vye al men dan ook alles doen om de 2iin pmiddelen, welke er tegenwoordig g' niet ongebruikt te laten, g^t zou ecnter jj^yaag Zjjni wanneer alle heid herinnermg aan vroegere gezelligken bi^v' *" den ouderlijken en huiselij. kring ondervonden, enkel en alleen de °DSmuk zou moeten teruggaan. Wij biet an veeleer aan de sfeer, welke tets onder woorden en zeker niet onder den materieels in het algemeen kan wor- k° gerangschikt. Hoe komt dat? Dat Wh' omdat de band, welke ons aan huis g *?d, een geheel andere is Het is ne a ~!achte aan onderlinge genegenheid, jj/1 saamhoorigheid van en in het gezin, ons andere en vaak betere gevoelens geven weet, en waarbij wij er dan op . l 2ijn om dat vroegere in het heden toe Onr?aSSen Wat w^ zelf als goed hebben oaervonden en nog in ons voelen nawerto^ jaren en jaren lang, willen wy aan roeren overdragen. Die anderen zullen cestal zijn de leden van ons eigen g»?zin, ® jongere generatie, de kinderen, die nmaal grooter zullen zijn en dan weet 0m op hun beurt aan de tijden van '"«eer zullen terugdenken. . Eerst op later leeftijd beseffen wij van °eveei waarde de thuis ondervonden ~ü§d is. En wanneer wij weten, dat aan |~? üeugd door een oi andere reden ie^s of r^scnien veel ontbroken beeft, dan zulfen wij des te meer in ons gevoelen den 7*nsch om voor anderen ac onzen dus, °^ leemte aan te vullen. Waarom zouden wij daar met de feestdagen, welke periodiek terugkomen, niet Xtra werk van maken? Als het goed is, Jp1 moet van iets extra's met voorbejfe-chten rade eigenlijk geen spraak wepö Het moet als van zelf gaan, ai 3 wij * Werk van willen maken om het inderdaad t'eest te doen zijn. Dit is niet aan *Ile huishoudingen gegeven. Er zijn geinen, waar anderen gaarne komen, omj*t het er zoo echt gezellig Is. Dat zullen JJ1 den regel die gezinnen zijn, waar m- Jferüaad een gezinsband is; waar de ttß•teren zich weten bezig te houden, 3n «aar de kinderen een onverbreekbaar gepSei van dat gezto uitmaken. Dat zullen 10 den regel ook niet zijn de heel kleine Bezüinen, al zal niet mogen worden be*eerd, dat daar geen gezelligheid zou binnen heerschen. Maar het is er anders en dat weten het beste zij, die hun gezm Kaarne grooter zouden wenschen. Voor üe Gezelligheid van het groote gezin worden pen buitengewone hulpmiddelen ter opluistering vereischt. Het zou altijd ook hfet kunnen, en het zou er treurig mee gesteld zijn, wanneer het kunstmatige hier eerste voorwaarde zou moeten wezen. Een feesttafel kan feesttafel zijn, ook zonder dat men een speciale feesttafel heeft aangerecht. De ouders, die weten, dat zij hun kinderen één in gevoelen en in eensgezindheid groot trachten te brengen naar best vermogen, en de gezinsvreugde thuis tot het beste wat er is, huiselijke gezelligheid, weten op te voeren, hebben ook geen kunstmatigheid noodig. Het zou er niet bij passen, en zij weten hoe leeg de beginselen zijn van hen, die meenen, dat het groote gezin niets dan zorgen en louter zorgen in zich bevat. De materieel aangelegden die smalen, dat kinderen zorgen geven boven macht, weten niet wat het zeggen wil kinderen om zich heen te hebben. Zij herinneren ons aan de gehuwden, die alleen bleven, (maar vergeten er bij te voegen dat die zoo gaarne anders zouden hebben gewènscht) en die met feestdagen alleen en dan ook alleen, of met enkel vrienden en bekenden, bij elkander zitten. Bij hen kan het voorkomen, dat zij bijv. met feestdagen als die van Kerstmis, Nieuwjaar en Driekoningen voor een kerstboom niets voelen. „Wij zitten er maar met zijn tweeën naar te kijken", zeggen zij, en daar ligt vaak iets zieligs in opgesloten. Zij missen iets. Dat is de feesttafel, welke niet door kunstmatigheid tot een feesttafel kan worden gemaakt. Dat is feest van een andere orde, welke buitenshuis ook niet kan worden aangetroffen. Laten wij daarom feesttafels aanrechten, maar feesttafels in figuurlijke beteekenis. Wat is het niet een genoegen, wat is het niet een feest, wanneer wi) op lateren leeftijd, als wij het ouderlijke huis hebben verlaten om een eigen gezin te stichten, of als wij het ouderhjke huis zijn ontvlogen, omdat ons werk zulks met zich bracht, in de ouderlijke woning voor korter of langer tijd weerkeeren. Misschien slechts voor een enkelen dag. De tafel is dan een feest, ook al is zy ongedekt. De tafel by onze oude moeder is aldus steeds een feesttafel, ook al Is zy ongedekt. Hierin ligt alles opgesloten, voor wie er de ware beteekenis van aan zich zelf weet te smaken. De tijd, thuis doorgebracht, is vaak oe mooiste tyd van ons leven. Ook al zullen wy later een even goed tehuis hebben gesticht, — het ouderiyke huis, dat ons tot vrede is geweest, zal toch altyd weer anders aan ons Zich voordoen. En dat is gelukkig. Het is ons ten voorbeeld, en het houdt ook in, dat wy voor ons zelf en voor ons eigen doen. steeds beter kunnen bereiken. Maar laten wy vooral zorgen, dat onze kinderen ongemerkt in zich opnemen, wat voor ons zelf van zoo groote waarde is. Het gezin is er mee gebaat, en het geeft zon aan het leven, dat te veel moeiiyke uren kan opleveren dan dat wy de kracht en de warmte van gelukkige jaren zouden mogen verwaarloozen. CORRY ÜITENDOORN. --- KLOKROK VOOR DAMES Benoodigd: 2.80 ,M. stof van 100—U0 CM. breedte. 7 groote knoopen, 6 drukknoop jes. Men teekent eerst alle patronen op de aangegeven maten; dan legt men ze op de stof en knipt ze met een naad uit. in de meeste gevallen is de stof niet zoo breed, dat de klokrok aan eên stuk geknipt kan worden. Daarom wordt er een klein geertje aangezet, wat zoo goed ais tiiec te zien komt. Wanneer ge alles heut geknipt, wordt eerst in het bovenstue aan den voorkant het figuurnaadje Ingestikt, dat ge 12 c.M. lang en één c.M. breed neemt. Hierna kunt ge zy-, schouder-, mouw- en roknaden dichtstikken, Waarna ge de rafels óf omnaait, óf met een boorlintje afwerkt. Hierna kunt ge den rok aan het lijfje naaien. Voor de mouw knipt ge de manchetjes als op de teekening, van dubbele stof, waarna ge het puntige en rechte kantje dicht kunt stikken. By de mouw geeft ge op de helft en 2 c.M. meer naar onderen toe een knipje; deze 2 c.M. worden naar binnen geslagen en afgezoomd, waarna ge vanai den naad op de boyenmouw 6 c.M. glad laat. en de rest tarimpelt. Dan kunt ge hei manchetje opstikken en overzoomen. Het ountige gedeelte van de manchet koi "nop Bij het inzetten der mouw t"- ¦"ouwnaad 3 c.M. meer naar Vuiuu, aau Jen zijnaad van de Jurk. Onder de bies midden voor is een splltje verborgen, dat ge 10 c.M. lang inknipt, waarna ge aan beide kanten een 4 c.M breed stukje aanstikt, en naar den verkeerden kant toe slaat, zóó, dat de stukjes juist voor sluiting één c.M. over eikaar slaan. Hierna kunt ge de bies opstikken met uitzondering van 5 c.M. op de taille, waar later de ceintuur door wordt gehaald, terwijl ge links ook de lengte van het splitje, dus 10 c.M., open laat. Hierna kunt ge het kraagje, dat' cc 42 c.M. lang en 18 c.M. breed hebt geknipt, aanstikken en overzoomen, tot precies midden voor. Het overige gedeelte van de bies wordt naar binnen geslagen en opgekruist. De ceintuur knipt ge 92 c.M. lang en 10 c.M. breed, waarna ge deze dubbel stikt en omhaalt. De sluiting wordt later onder de bies aan den voorkant verborgen. Eerst nu wordt de onderkant afgewerkt. Deze is nu zooveel mogeïyk uitgezakt. Ge past de. jurk dan even. waarna ge haar in de rondte gelijk maakt. Ge slaat dan de inslag naar den verkeerden kant, waarna ge deze opkruist of met een schuin biesje afwerkt. Ook wordt de onderkant wel afgetrest. Na de jurk opgeperst te hebben, worden op de bies 5 knoopen. op de beide manchetten één knoop aangezet, waarna ge aan het splitje en de ceintuur nog twee drukknoopjes aanzet. diny. --- KINDERJURKEN Ook voor wie heel onhandig ta het costuumnaaien is, is het maken van een kinderjurkje toch maar een kleinigheid Vooral met een goed patroon zyn we in een ommezientje klaar, want de kinderen doen nog niet mee aan al die gecompliceerde modevoorschriften van strak aangesloten taille en rokken met allerlei verrassende plooien en godets. Vooral de heele kleintjes zien er het aardigst uit ta een jurkje uit één stuk. Zoon model als fig. 6132 aangeeft is rond geknipt, zoodat het wat klokkend uitvalt. 'n Paar kleine plooitjes op de schouders brengen de noodige ruimte over het borstje, 'n wit kraagje en smal biesje langs de driehoekige uitsny dingen van de sluiting geven aan n jurkje van zwart fluweel wat fleurigheid. Fig. 6210 is een jurk voor al wat grootere meisjes en lukt op de bolerootjes, die ook door de dames veel gedragen worden. Dit bolerojakje sluit van voren en van achteren schuin over elkaar. Ook de rok vertoont dezelfde versiering, die nog wordt geaccentueerd, doordat de stof voor deze bewerking schuin genomen is. 'n Fijne beige-bruine tweed is hiervoor 't aangewezen materiaal. Fig. 6204 vertoont ook een combinatie var. recht en schuin verwerkte stof, wat vooral bij 'n ruitje 'n aardig effect geeft Dit jurkje wordt verder opgevroolijkt door een kraagje van wit piqué en een ceintuur -:an lakleder. POLA. --- KERSTMISGEBRUIKEN IN MIDDEN-EUROPA In sommige streken van Duitschland eet men op Kerstavond karpers, waarvan men de schubben in zijn geldbeurs steekt, opdat men zyn geld niet verlieze. in het Ertsgebergte worden op Kerstavond zooveel mogelijk appelen gegeten, ten emdi in liet komende jaar een zoo goed mogehjke gezondheid te genieten. In Oostenrijk heerscht een eigenaardig gebruik. In veel huizen aldaar laat men dei: geheelen Kerstnacht voor de ramen licht branden, opdat het Kerstkindeken bij zijn bezoek den weg zou kunnen vinden, zonder struikelen. In Tirol is het een geliefd gebruik om zich met Kerstmis de toekomst te voorspellen. Men zit dan op 't Kerstfeest in een kring op den vloer en werpt een zijner schoenen over den schouder. Is de punt by 't neerkomen naar den persoon toegekeerd, dan zal 't geluk hem of haar dat jaar bezoeken. In Zwaben, Beieren en Oostenrijk wordt brood gebakken, Husselbrot geheeten, dat slechts uit bizonder voedzame stoffen gemaakt wordt. Zoodra in Zwaben het brood uit den oven gekomen is, legt men het op stroo om af te koelen en van dat stroo worden koorden gevlochten, welke men om de stammen der vruchtboomen bindt, opdat zij vruchtbaar zouden zijn. --- WAT ZULLEN WIE KOKEN? 'n Haas voor Kerstmis — Plumpudding Ik krijg van onze jongens "n haas voor Kerstmis en nou ben ik m'n recepten aan 't nasnuffelen. Bij mevrouw zaliger deden we het zoo: De haas werd 'n nacht ta 't water gezet met 'n beetje azijn, om t vleesch mooi blank te krijgen. Den volgenden ochtend vroeg werd hij dan ingewreven met zout, peper, noot en 'n beetje rommelkruld. Dan werd er 'n kop vol boter bruin gebraden en als die goed bruin was, lieten we den haas daarin samentrekken om geen sappen te laten verloren gaan. Als 't vleesch van alle kanten goed bruin was, deden we het bloed erby en dan dekten we de pan goed dicht; eerst het deksel van de pan erop en dan nog 'n beetje grooter deksel der over heen. Zoo lieten we den haas dan op 'r zacht vuurtje twee uur smoren. Daarna ging dr een heele flesch rooden wyn overheen en weer werd 't zaakje goed dicht gedekt en lieten we het nog 'n uur lang stoven. De haas kwam dan op een grooten schotel, met al de jus er over heen en we garneerden hem met takjes peterselie en uitgetande citroenschijfjes. We hebben het ook eens zonder wijn gedaan, met in plaats daarvan, 'n scheutje water en wat room; dat vonden mevrouw en ik nog lekkerder, maar meneer niet. Nou dat recept met zoon heele flesch wyn is trouwens ook niks gedaan voor 'n huishouden met kinderen. Ik denk, dat ik maar hazenpeper zal maken. Me dunkt zoo, dat ze dat allemaal wel het beste zal smaken. Ik heb daar 'n heel eenvoudig recept voor. Hazenpeper. De ta stukken gesneden haas wordt een nacht ta azijn met water gezet en den daaropvolgenden morgen ingewreven met peper en zout. Dan braad ik plakjes spek goed uit, laat 'n flinken fyngesneden ui ta het vet bruin worder en dan braad ik de stukken haas vlug aan alle kanten bruin. Ik doe der intusschen wat nootmuscaat by en 'n klein beetje rommelkruid en als alles goed gebraden is, doe ik het bloed erby in de pan. Dan laat ik alles 'n paar uren zachtjes stoven met nog 'n stuk boter derby. Langzamerhand doe ik der het azynwater by, waar de haas ta gestaan heeft, en ik laat alles goed toegedest staan smoren, tot de haas heelemaal gaar is. Dan neem ik de stukken vleesch uit de pan, meng 'n paar lepels bloem aan met water, zoodat er vooral geen klontjes in blijven en roer die door de kokende jus. lot slot laat ik den haas dan hier nog weer 'n minuut of tien ta stoven en ik dien hem flink heet op. Lykt de jus me wat weinig, dan doe ik der nog 'n scheut;"; melk bij. Hazenpastei. Nou. ik zal ze niet maten, want by ons zal der heusch taks overbleven van den haas, maar 't is een fyn recept, dat mevrouw altijd gebruikte om de resten op te maken en misschien zyn der onder u wel, die der wat aan hebben. Dus schrijf ik hieronder het recept even voor u over. Ongeveer 3 ons resten vari gebraden haas worden ta stukjes gesneden en met 'n half ons ta stukjes gesneden spek, peper, zout en nootmuscaat in bruin van jus gestoofd tot alles goed zacht is. Dan komt er een dikke snee oud brood by, zonder Uorst en dit alles wordt door den vleeschmolen gehaald. Door deze massa mengt men dan nog een rauw ei, wat fyn gehakte peterselie en 'n scheutje madeira, doet er, zoo noodig, nog wat peper en zout bij en dan gaat alles in een pasteipot, die met perkamentpapier gevoerd wordt. Men zet het deksel op den pot en plakt dat langs de randen goed vast met een deegje van bloem en water. De pastei moet ongeveer een uur ta 'n matig warmen oven staan. Als ze afgekoeld is, stort men ze om op een schotel en snydt ze, met een scherp mes, in dunne plakken. Plumpudding ga ik ook maken. Niet zoo verschrikkelyk zwaar as die echte Engelsche, waar meneer altyd pyn van kreeg ta zn maag, maar toch 'n echte lekkere pudding. Ik neem der "n half pond oud brood, zonder korst voor, dat ik goed fyn kruimel. Verder y„ ons bloem, IJ4 ons rozynen, IA ons krenten, K> ons sukade, 1 theelepeltje kaneel, 'n theelepeltje gemalen kruidnagelen, 'n beetje nootmuscaat, de afgeraspte schil van 'n citroen, 'n paar stukjes fyn gesneden gember, 1 ons suiker, 1 % ons fijn gesneden kalf sniervet, 2 goudreinetten fyn gesneden, 5 eieren en 'n beetje melk. Ik doe eerst de bloem en de broodkruimels ta 'n kom en langzamerhand al t andere der by, de eieren, een voor een. Als het een goed stevig beslag *s, doe ik het in me puddingvorm met deksel, die ik eerst goed insmeer met boter, en dan laat ik den pudding au bain Marie twee uur lang koken.. Het water rondom den vorm moet goed aan de kook blyven en zoo noodig, doe ik der nou en dan 'n scheutje by. Wie geen puddingvorm met deksel heeft, kan een pudding ook in 'n met meel bestrooiden doek knoopen. Nou, de anderen weten er nog niets van, maar onze Tys zal 'n beetje rhum meebrengen om, op 't laatste oogenblik. over den pudding te gooien en dan komt hy vlammend op tafel. En onze Mien zal voor de tafelversiering zorgen, zoodat we 'n echt fyn Kerstmaal sullen hebben! En nu voor u allemaal 'n Zalig Kerstfeest van ADRIANA KNUIST—POLLEPEL. --- KERSTVERSIERINGEN Laat t op het Kerstfeest in uw huis overal gezellig licht en warm zijn. Met weinig kosten kunt ge er zelf zooveel toe bijdragen. Allereerst de kerstkribbe, die krijgt in uw woon- of ontvangkamer 't mooiste plaatsje. En dan zet ge in een der kamerhoeken een leuk, klein kerstboompje met véél kaarsjes. Alleen kaarslicht geeft zoon sfeer van gezelligheid. Veel aardiger dan electrische kerstboomverlichting. En dan veel hulst, groene hulst. Zet er hier en daar in uwe kamers hooge boeketten van, ze maken de vertrekken zoo rustig van toon. Aan de lichtkroon ook wat groene takken en onderaan een kerstklok. Nu maakt ge verder een aardige schoorsteenmantelversiering. Van yzerdraad maakt ge ringen, omwoelt die met groen vloeipapier en daaromheen worden takjes hulst met roode besjes en rood lint geslingerd. Op verschillende afstanden bevestigt 2e die kransjes aan uw schoor - steenkleed aan kortere of langere roode linten. Dezelfde versiering boven de suitedeuren geeft een vroolijk effect, vooral als dan in 't midden nog een bo6 mistletoe aau een breed rood lint worcit opgehangen. Van de losse roode besjes kan men slingers rygen, die overal m de kamer dienst kunnen doen, b.v. ook van bet middenstuk van uw Kerstdisch naaide tafeleinden. Dat gloeiende rood op het witte laken, 't staat zoo warm. Verder voor uw tafelversiering? Dan neemt ge aardappelen of appelen, snijdt deze half door en boort er een gat in. In dat gat een rood kaarsje. De platte kant van den appel wordt op eer. vierkant stukje vloei geplaatst, dan het vloei omhoog slaan en er een smal -ood lintje om binden. De vloeipunten worden wat uitgehaald en het kaarsje staat in een keurig standaardje, dat het afdruipen van kaarsvet op het tafellaken voorkom,» Bij ieder couvert wordt zoon kaarsje geplaatst. Over de tafel heen eenige asparagusgroen en hier en daar eenige rood-' Duc van Tol-tulpjes. Voor servetten geeft ge papieren servetjes, die zoon kleurig aanzien geven met hun er op gedrukt^ hulsttakjes en kerstboompjes. M. H. --- LEVENSWIJSHEID Verzuim geen plicht, en neem geen anderen op u, dan wanneer gy aan den ouden voldaan hebt;' handelt gij anders, en neemt gij gestadig een nieuwen taak op u, zonder dat de vorige vervuld is, dan begeeft gy u op een weg vol doornen Een lage geest is trotsch, verwaten in t geluk. Gedwee als 't lot hem tegenslaat; Een eed'le geest is stout, verheft zich by den druk, Is kalm, als *t hem .voorspoedig gaat Er is een drievoudig genoegen opgesloten in 't weldoen. Het is Gode aangenaam, wanneer zyn schepselen op Hsrr geiyken; het is aangenaam voor ons wanneer wij ware weldadigheid betooneriwant wy hebben dan het gevoel onzen plicht te doen; het is aangenaam voor het voorwerp onzer weldadigheid, di daardoor verlichting in zijn druk ont* vangt. --- HET BEHANDELEN VAN KLEEDINGSTUKKEN EENIGE RAADGEVINGEN Een gebreid jumperpakje, dat te slap geworden is kunnen we weer goed krijgen; we kunnen het styven in kokendwater stijfsel (gewone styfsel aangemaakt met kokend water, die men koud laat worden.) Neem ta geen geval koud-water styfsel die men dadehjk gebruiken kan, want die tast de weefsels aan. Door de warm-water-stijfsel, niet te dik aangemaakt, doen we een theelepeltje goede vischiym. Dit is uitstekend voor het styven van wollen goed in 't algemeen. Met zyde handelt men anders; een beetje lijmwater alleen is al voldoende hiervoor. Na het styven rolt men de zyde eenigen tyd in een doek alvorens te stryken. Wollen goed moet eerst geheel droog zyn, indien we de naden nog willen stryken. Het wasschen van baby's Meertjes — Wanneer baby's wollen goederen hard en geel geworden zyn, kunnen ze op de volgende manier verbeterd worden. Passen we deze manier vanaf het begin toe dan zullen de kleertjes wit en zacht biyven totdat ze versleten zyn. Drie vijanden van het wollen goed zijn: ten eerste heet water, dit Is slecht omdat het de wol doet krimpen. Ten tweede, hard water, wat slecht is omdat het niet alleen veel zeep neemt, maar ook belet, dat de zeep oplost en moeiïyk uit het goed te spoelen is en biyft de zeep er ta, dan wordt het stijf, hard en kleverig. Ten derde te veel hitte by het drogen. Als wol te vlug droogt, dan wordt ze geel. Buiten drogen is het beste; als het wollen goed voor een heet vuur hangt uit te stoomen, zal het zeker .krimpen. Heet water en vlug drogen zyn gemakkeiyk te vermyden, maar hard water is wat anders en hier is een waarschuwing welke u goed moet onthouden: gebruik geen soda, daar de wol er geel van wordt. Het beste middel om het water zacht te maken is het volgende: y, ons boraxpoeder op 2 liter water; verwarm het water tot het lauw is, doe de borax ta een kom en los die met een beetje kokend water op; roer dit door het waschwater en gebruik dit zacht gemaakte water by het weeken. wasschen en spoelen. Het spoelen van het wollen goed moet gedurende 10 minuten volgehouden worden. Oiyfolie zeep, is het beste middel om wollen goed te wasschen en zelfs geloof ik dat het in poeder-vorm te verkrijgen is. Kunt u die niet krygen, dan neemt u een goede vlokkenzeep. Schudt voldoende ta het zacht gemaakte water om een heeriyk sopje te krygen en denk er om dat het slechts lauw blyft. Eerst knypen we het wollen goed ta het weekwater uit en u zult verwonderd staan, dat er reeds zooveel vuil uitkomt Dan doen we het goed in het sop. Gooi het weekwater uit den bak. of emmer om er spoelwater voor in de plaats te maken. De wollen goederen worden zacht geknepen; trekken, wrijven en wringen doet de draden breken en doet den vorm der kleedtagstukken verloren gaan. Knijp het water er zoo goed mogelijk uit, leg dan het kleedingstuk ta een badhanddoek en rol en knyp het er stevig ta, om nog meer vocht te verwijderen. Lieg nu een drogen handdoek op het gras, leg het kleedtagstuk of meerdere kleedtagstukken er op en breng ze ta den gewenschten vorm, en zoo zal 't in den goeden vorm opdrogen. Heeft u geen tuin, dan droogt men het goed plat op een tafeltje voor het open raam. Is het gedeeltelyk droog, keer het kleedtagstuk dan om en leg het op een droog gedeelte van den banddoek. Kleine zijden of mousseline jurkjes, worden op dezelfde manier gewasschen, alleen vervalt by zyden kleedtagstukkeu het weeken. Een waarschuwing echter: droog de zyden kleedingstukken niet. zij zullen er dan gekreukt uitzien indien ze gestreken zyn. Na het spoelen neemt men ze uit het water, knypt ze uit en relt ze stevig in een handdoek. Als het goed eer tijdje zoo tagedroogd is kunnen we ne: nog vochtig stryken; de blouse of japo:. zal er, zoo behandeld, prachtig uitzien. Gesteven dingen, welke we nat stryken kleven aan den bout vast en laten vaa! bruine plekken na. Baby ziet er allerliefst uit ta een wit bontjasje, maar o wee, het is zoo gauv vuil. Een goede manier om een bontjas . schoon te maken is het gebruik van gewone witkalk. Maak het poeder fijn en laat het aan de lucht bloot gesteld om een weinig vochtig te worden, niet nat. Leg het bont, na het goed uitgeschuierc1 te hebben, plat op een tafel en wryf de witkalk met de vlakke hand stevig m het bont. Laat het een paar uur liggen en schudt het buiten stevig uit, daarn; schuieren. Bekleede meubelen, gekleurde gordijnen en karpetten zijn nog al uitgebreid om ir 't kort te behandelen. Voor dingen, welke niet gewasschei kunnen worden, is dubbel koolzuurzouuitstekend, probeer het eens ta een vui karpet te wrijven of ta een met fluwee: bekleede sofa. Voor gekleurde dingen, welke gewasschen kunnen worden gebruike men zout en azyn om de kleur op te helderen en verschieten te voorkomen. Om een uitgezakte pantalon weemodel te brengen, leggen we de op de strykplank, zooals de vouw heeft gezeten, we vochtigen de knieën in. Hou e den broek van onder en boven vast er trek hem ta model; leg er een schoon doekje over heen en pers met een heetec bout. Vuile zyden heerendassen kunnen in een sopje gewasschen worden indien ze er tegen kunnen en anders ta benzire Torn ze los en verwijder eerst het opvulsel. Vaak is het niet noodig het opvulsei er weer in te doen \NEMOON. ---