STAND-COMPETITIE-WEDSTRIJDEN per 14 Juli 1935. A-klasse: Gesp. Gew. Gelijk Veri. Doelpunten Punten Gem. voor tegen R.C.C. 5 3 2 O 10 4 8 1.60 BISMARCK 7 5 1 1 13 7 11 1.57 JONG HOLLAND 6 4 1 1 14 6 9 1.50 VOLHARDING 6 4 O 2 8 3 8 1.33 TRAPPERS 5 3 O 2 9 5 6 1.20 HERCULES 7 3 1 3 9 10 7 I.— M.S.V. 8 3 1 4 14 12 7 0.88 AJAX 5 0 3 2 0 6 3 0.60 TRANSVAAL 6 114 3 8 3 0.50 H.V.V. 5 0 2 3 4 11 2 0.40 ASIENTO 6 0 2 4 3 15 2 0.33 B-klasse: SCHERPENHEUVEL 4 4 0 0 14 2 8 2.— VOLHARDING II 6 5 0 1 10 2 10 1.67 R.C.C. II 6 3 1 2 14 10 7 1.17 JONG-HOLLAND II 7 3 2 2 15 5 8 1.14 HERCULES II 7 4 0 3 8 10 8 1.14 TRAPPERS II 6 2 2 2 9 8 6 I.— BISMARCK II 3 1113 3 3 I.— ASIENTO II 3 1 0 2 2 4 2 0.67 AJAX II 6 2 0 4 5 13 4 0.67 M.S.V. II 3102272 0.67 ATLETICO 5 10 4 2 5 2 0.4 C TRANSVAAL II 6 1 0 5 6 21 2 0.33 --- WEDSTRIJD-PROGRAMMA. Zondag, 11 Augustus. MUNDO NOBO: SCHERPENHEUVEL: A-klasse Trappers-Jong-Holland. B-klasse: Scherpenheuvel-Hercules 11. Aanvang: 4.30 precies Aanvang: 4.30 precies Scheidsr.: Elfrink. Scheidsr.: Doezie. De bus naar Scherpenheuvel vertrekt om B-klasse. Bismarck II Atletico. 3 45 uur n m> van het Wiihelminaplein. Aanvang: 3.15 precies Scheidsr'.: Dijk. DE HOOP: A-klasse: Ajax-R.C.C. Aanvang: 4.30 precies Scheidsr.: Kranenburg. B-klasse: Transvaal H-M.S.V. 11. Aanvang: 3.15 precies Scheidsr.: Van Heeswijk. --- IN- EN AFSCHRIJVING Werkende Leden van 29 Juli t/m 5 Augustus 1935. INGESCHREVEN: „Transvaal" L. Lieuw-Sioe, Suffisant, per 3 Aug. 1935. „Transvaal" J. Rotsburg, Wagnerstraat 10 per 3 Aug. 1935. „M.S.V." J. H. Hoendervoogt, A.b.Hr.Ms.Joh.Maurits v. Nass. per 5 Aug. 1935. „M.S.V." A. Koops, A.b. Hr. Ms. Joh. Maurits v. Nassau. per 5 Aug. 1935. „M.S.V." A. v. d. Oever A.b. Hr. Ms. Joh. Maurits v. Nassau per 5 Aug. 1935. „M.S.V." D. Keizer, A.b. Hr. Ms. Joh. Maurits v. Nassau per 5 Aug. 1935. „M.S.V." J. A. Mulder, A.b. Hr. Ms. Johan Maurits v. Nassau per 5 Aug. 1935. „M.S.V." J. A.Bosman, A.b. Hr. Ms. Johan Maurits v. Nassau per 5 Aug. 1935. „M.S.V." A. J. v. d. Berg, A.b. Hr. Ms. Johan Maurits v. Nassau per 5 Aug. 1935. „M.S.V."E. v. Kesteren, A.b. Hr. Ms. Johan Maurits v. Nassau per 5 Aug. 1935. „M.S.V." H. J. den Os, A.b. Hr. Ms. Johan Maurits van Nassau per 5 Aug. 1935. „H.V.V." D. Beetjes, Hotel Curagao per 5 Aug. 1935. „H.V.V." R. N. Croes, Hotel Lincoln per 5 Aug. 1935. De verenigingen worden er aan herinnerd dat de elftalopgaven en wedstrijd- en ruilformulieren moeten worden ingeleverd bij den 2en Secretaris Ninaberstraat 21. --- ELFTALOPGAVEN VOOR DE MAAND AUGUSTUS. Ajax I. E. Jansen, J. Nonato, V. August, F. Marino, M. Scorrea, A. Fanijten, E. Lira, M. Celestijn, A. Z. Veeris, E. Laken, P. Crispo. Ajax 11. J. A. Cena, V. Atalida, C. Rosario, D. Penha, V. Morales, J. Mamber, E. de León, M. Laken, A. D. C. Gómez, J. Cijntje, R. Medema. Asiento I. H.C.J. Nieuwenhoff, D. Monfils, G.J. Brouwer, J.P. Spruit, H.Z. Rigaud, I.P. de Vooys, J. Smids, F.J. Mans, P.C. Kroon, J. de Boer en J.L. Esbeukman. Asiento 11. D. de Jong, P. Fraterman, B. Lagendijk, P. Faber, J. Kapaan, L.H.D- Nebbeling, J. Hendriks, H. Hessels, S. Jeuken, M. Slockers en T.J. Leeflang. Atletico ongewijzigd. Bismarck I. J. Arion, L. Jandroep, J. Pieters, H.A. Maduro, J. Davelaar, J. Cesilia, E. Quirindongo, S. Scharbay, E. Ruiz, J. Cristian, P. Hernández. Bismarck 11. E. Winklaar, H. Bakhuis, F. Pieters, F. Rovil, H. Vorst, A. Vorst, A. Thodé, A. Toppenberg, V. Pellicer, E. Moesker, S. Alleyne. Hercules I. J. Pinedo, H. Weber, E. Atalida, L. Laurens, L.B. Laurens, R. Danchi, P. Jansen, P. Faneyten, A. Evertsz, A. Franka, E. Rondijk. Hercules 11. A. Merkies, J. Haseth, S. Sillié," C. Vornis, A. Prins, E. Minguel, E. Scheidelaar, I. Nieuw, E. Romano, G. Ignacio, G. Curiel. H.V.V. Ongewijzigd. Jong Holland I. J.R. Simona, H. Royer, M. v.d. Gen, W. Leers, A. Sentiago, E. Correa, J. La Cruz, R. Maduro, J. Ramírez, H. Leers, R. Michael. Jong Holland 11. J. Lampe, O. Troeman, A. Kraneveldt, P. Bernabela, J. García, O. Zalm, F. Tweeboom, F. Brion, H. La Cruz, P.A. Da Costa Gómez, P. Roos. M.S.V. I. B.M. van der Meulen, A. Beeldstroo, E.M. Ooft, W. Walraven, CL. van Bergen, M. van Niel, J.J. Bronder, J.P. van Dalen, J.G. Hoffmans, J. Valies, E. Handels. M.S.V. 11. W.A. Roerhorst, J. van Etteger, J.A. van der Ham, J. Hollander, K. Boer, H. Blom, W.J. Osenga, M. Mutsaars, A. Keet, A.H. Henschen, G. Kup. R.C.C. Ongewijzigd. Scherpenheuvel I. Th. Newton, P. Martha, R. Suarez, B. Isenia, F. Mathilde, S. Catalina, J. Coffie, J.P. Coffie, Ch. Becker, D. Concepción, E. Lucas. Transvaal S. Eliazer, J. Brons H. Muiden, A. Bosnië, H. Dalnoot, W. Mau- Asam, A. Naaldijk, L.E. Willems, M. Nahar, H. Nevel, J. Dijkstra. Transvaal 11. A. van Lit, H. van Trikt, J. Blaaker, D. Jones, E. Isselt, J. Eiloof, H. Engelbrecht, H. Kohinor, E. Jurrjens, J. Lobbrecht, C. Jones. Trappers I. A.A.C. Rafaela, E.R.A. Jansen, A.J. Maduro, W.F. Abad, J.C. Jacob, R.B. Wilsoe, E.Coffiel, M. de Castro, C. Bosch, E. Evertsz, O.R. Dayelaar. Trappers 11. Ch. Salcedo, E. Zimmerman, A. Goedgedrag, V.C. Manuel, A.M. Chirino, B.F, Leonora, G. Pieter, A. Pietersz, A.C. Escobar, R.E. Corasol, LH. Dania. Volharding I. E. Thielman, A. Minguel, A. Clement, M. Henriquez, Pr Leano, D. v. Ecks, M. Laurens, A. de Castro, A. Meerens, L. Pieters, E. Senior. Volharding 11. A. Victoria, J. Celasio, E. Minguel, L. Raven, J. v. Aanholt, A Sillie, E. Pieters, M. de Lima, W. Pietersz, F. Laurens, J. Schorea. --- SPORT IN NEDERLAND. Waterpolo: Duitsland—Nederland 3—2 (Naar de Cur. Volkskr.) --- „Oost en West en Nederland Krachtig door het rijksverband". hoog te houden. Het Afd. Bestuur zal er naar streven, met de steun der leden, ook voor de toekomst in diezelfde richting werkzaam te blijven; het hoopt door dit Overzicht er velen toe te brengen, zich alsnog bij een van ondergetekenden als lid der Afdeling op te geven. Het Afdelingsbestuur: Dr. H. Polvliet, Voorzitter, J. W. J. v. d. Linde Schotborgh, Onder-Voorzitter, M. F. Vriends, Ie Secretaris, H. Harms, 2e Secretaris, J. N. H. Butot, Penningmeester, H. J. A. Schroeder, Bestuurslid, P. R. Küp, Bestuurslid, Ch. J. Samson, Bestuurslid, J. G. Statius Muller, Bestuurslid. --- Twee Snipvliegers vertellen. Herinneringen aan de West van Van Balkom en Van der Molen. We knippen uit de Residentiebode „We zijn er nog altijd vol van", zei de heer van Balkom, en Siem van der Molen knikte nadrukkelijk. „Van de hartelijkheid in die zes maanden op Curagao ondervonden. We hebben een reusachtig fijn half jaar gehad. Eerst die enorme ontvangst door de hele bevolking en daarna de blijvende vriendschap van allen, met wie we in aanraking kwamen. We hebben zo echt het gevoel, veel vrienden daar ginds te hebben achtergelaten." „'t Is eigenlijk een merkwaardig geval met de West", liet Dh. van der Molen er op volgen. „In Nederland weet iedereen wat van de Oost, van de West: ho maar! Ze hadden ons van alles verteld voor we gingen. Bijvoorbeeld, dat er op Curagao nooit regen viel en je zestig cent moest betalen voor een olieblik water. En dat er op Curagao maar één boom is en aan die boom zit één blad en de éne geit van den gouverneur doet de hele dag zijn best om het ene blad van de boom op te eten. En nu de werkelijkheid. Het góót, toen we op Curagao aankwamen. Het liep er vol geiten en er waren veel bomen en veel blaadjes. Toen we in 't hotel waren, dachten we: nou moeten we gauw een blik water gaan kopen. Maar er was net zo goed een kraan als thuis in Amsterdam en je mocht onder de douche gaan staan, zolang je wilde." „En er zit water genoeg in de grond", zei de heer Van Balkom. „Overal worden putten geboord en het eiland is vol Amerikaanse windmolens om het op te pompen. Maar nog kort geleden was zon put een rijkdom". „Daar kan ik van mee praten", viel dh. Van der Molen in. „Toen ik nog voer, hadden we op een keer 'n Curagaoenaar in dienst, de man had een werkelijk goed baantje en 't ging best. Maar op een dag gaf hij er de brui van. Ik schei er mee uit, zei hij, ik heb een put geërfd op Curagao. Ik binnen!" „Maar om het gesprek niet te laten verwateren," ging van Balkom verder, „weet je wat mij dadelijk zo opviel ? Hoe oud-Hollands Willemstad er uit ziet. Allemaal huizen met 17de eeuwse Hollandse Renaissancegevels, alleen niet ván baksteen, maar bepleisterd en gekleurd. ledere eigenaar kiest een tint naar zijn smaak. Er zijn rode, gele, groene, chocoladebruine en paarse huizen. Alle groot en ruim, zonder vensters en luiken." „De winkels zijn er ook de moeite waard," viel zijn collega de Snipmarconist hem bij. „Winkelen in de Heerenstraat is werkelijk gezellig. Mooi verzorgde etalages, en je kunt er van alles krijgen. Dus moet je oppassen dat je, wanneer je uitgaat om een scheerkwast te kopen, niet terugkomt met een auto. In zaken is de Curagaoenaar strikt zakelijk, maar in privé is hij vrijgevig en, ik zou haast zeggen, vorstelijk gastvrij." „De bevolking is in sommige opzichten merkwaardig", liet de tweede bestuurder van de Snip er op volgen. „Een deel is er niet blijvend gevestigd, ik bedoel de ambtenaren en officieren en het personeel van de Curagaose Petroleum Industrie Maatschappij, een onderneming van de Koninklijke Shell, die er een geweldige raffinaderij heeft, de grootste ter wereld. Doch daarnaast zijn er Nederlandse families, die al eeuwen lang op het eiland wonen, als de familie Schotborgh, Gorsira, Statius Muller, Maal, Zeppenfeldt, van Epe, Beaujon, Perret Gentil, de afstammelingen van Jhr. Jan Rammelman Elsevier, die in de oude tijd gouverneur geweest is, en anderen. Daarnaast zijn tener talijke Spaanse en Portugese Israëlitische families en verder kleurlingen van zeer gemengd ras. Alle Curagaoenaars zijn huiselijk van aard. Er zijn maar drie bi°sc°Pcn> waarvan er één tegelijk stadsschouwburg is". „Daar heb ik nog een keer viool gespeeld," viel van der Molen in. „En er zijn een paar clubs, de oudste is de club De Gezelligheid. Verder de Sociëteit Curagao, de Asiento van de Shell-mensen en Piscaderabaai, 't vacantie-oord aan zee van de Caribean Petroleum Company uit Maracaibo." „Bij de Piscaderabaai kun je heerlijk zwemmen", ging de heer Van der Molen verder. „Tussen twee haakjes, vlak bij het vliegveld is een der bezienswaardigheden van Curagao, de grot van Hato". „Nou we toch op het vliegveld zijn aangeland", zei de Snipbestuurder, „moeten we even over het luchtverkeer praten. De mensen waarderen het buitengewoon, dat de K.L.M, gekomen is en het vliegtuig voorziet er waarlijk in een behoefte. De reizigers vormen altijd een zeer gemengd gezelschap, alle bevolkingsgroepen vliegen. Onze vaste klanten zijn natuurlijk zakenlui en gouvernementsambtenaren. En heel wat vrouwen van Aruba gaan per vliegtuig winkelen op Curagao. Ze gaan er zonder bagage heen en komen zwaar beladen terug. We vervoeren ook veel weekenders, Curagaoenaars, die op Aruba werken. Aruba heeft ons zeker even hartelijk ontvangen als Curagao, waar het overigens alleen op lijkt door de grote raffinaderijen van de Lago Oil Company en de Arend Petroleum Maatschappij. De bevolking voelt zich geheel apart van Curagao en is ten dele ook anders, want hier vinden we nog vrij veel Indianen." Even was er een stilte. „Hebben we nu alles verteld van Curagao?" vroeg de heer van der Molen zich af. „We hebben de schipbrug vergeten! De brug over de St. Annabaai, die de twee delen van Willemstad, Punda en Otrabanda (dat betekent: overkant) met elkaar verbindt. ledereen, die niet op blote voeten liep, moest vroeger betalen om er over te gaan, dus alle kleurlingen trokken hun schoenen uit om naar de andere kant te wandelen. Auto's betaalden zelfs een kwartje en er is een héél druk autoverkeer. De Curagaoenaars zullen Gouverneur van Slobbe altijd dankbaar blijven, dat hij ter ere van het 300-jarig jubileum van het Nederlandse gezag de betaling voor de brug afgeschaft heeft. En wij zullen hem nooit vergeten, omdat hij ons bij aankomst de Oranje Nassau Orde op de borst spelde, grote belangstelling voor het West-Indische K.L.M.-bedrijf had en het van harte steunde. „En we hebben die geweldige fosfaatmijnen vergeten", viel de heer van Balkom bij. „En de Snipgeestdrift van de jeugd. Toen er een Amerikaans escader watervliegtuig kwam, riepen ze: „kijk eens! Vierentwintig Snippen op zee..." „En het flesje bier van den gouverneur! U weet wel, dat potje Heinekens, dat we met de Snip meebrachten, heeft veel goeds gesticht. Tweemaal is het verkocht voor een liefdadig doel, de eerste keer bracht het op ƒ 300.—, de tweede keer nog meer geloof ik." --- Indrukken van Suriname. „En nou stappen we over op Suriname," zei dh. van der Molen. „We zijn er maar kort gebleven na onze landing met de Snip, maar 't was er geweldig prettig. We landden bij stortregen en U moet weten, de Surinamers geloven, dat ze dood gaan, wanneer ze in de regen lopen, vanwege de plotselinge afkoeling. Niettemin: heel Paramaribo liep uit! Een eigenaardige verrassing is het, wanneer een Surinamer tegen je spreekt. Hij praat veel nauwkeuriger Nederlands dan wij met alle n-nen en spreekt je aan in zuivere boekentaal. Ook de kleurlingen spreken zuiver Nederlands, voelen sterk Nederlands ook. Suriname noemt zich met trots: de twaalfde provincie van Nederland en met het Oranjehuis zijn ze kinderlijk vertrouwd. Er staat een standbeeld van de koningin, „Missie Wilhelmien," noemen ze haar". „We logeerden bij dh. Reitsma, directeur van de Surinaamse Bank", zette dh. van Balkom het verhaal voort. „Huis en bedienden stelde hij gerheel tot onze beschikking. Nu zijn wij langs de Indiëroute gewend iederen inlander in Engels of Maleis aan te spreken. Van der Molen begon er dan ook in het Engels tegen en ik was net van plan mijn Maleis te luchten, toen de zwarte bediende vroeg: „Wenst mijnheer de koffie om half zes of om zes uur te gebruiken?" --- Venezolaanse gastvrijheid. „Onze bezoeken aan Venezuela behoren wel tot de kleurrijkste herinneringen", vertelde dh. van der Molen. „De eerste kennismaking bij de landing van de Snip in La Guaira was kort maar krachtig. Welkom geheten door den stellingscommandant en den prefect van de stad, door onzen gezant dh. d'Artillact Brill, de Nederlandse consuls van Caracas en La Guaira, de Nederlandse kolonie, de officieren van het S.S. Simón Bolívar, die ons een matroos je als mascotte meegaven. Daarna door naar Curagao." Dh. van Balkom vervolgde: „De tweede keer, toen we een beleefdheidsbezoek met de Snip brachten, hadden we meer tijd. We hadden dh. Horacio Leyba, consul-generaal van Venezuela te Curagao aan boord. De reis ging eerst naar Maracaibo. Een grasmat als fluweel, en toen onze brave Snip stil stond en we uitstapten, zette het muziekcorps van de Staat Zulia het Wilhelmus in, dat door alle leden van de Nederlandse kolonie meegezongen werd. Een treffend ogenblik, dat Wilhelmus zo ver van het vaderland en een treffend staaltje der hoffelijkheid van onze gastheren. Generaal Pérez Soto, president van Zulia met zijn secretarisgeneraal dr. Leonardi Villasmil, de prefect van Maracaibo dh. Nestor Mayo en andere autoriteiten begroetten ons, de Nederlandse consul-generaal dh. Da Costa Gomez heete ons met een hartelijke toespraak in het Nederlands welkom. We hebben een rondvlucht gemaakt met de dochter van den staatspresident en vele genoodigden aan boord; daarna naar de Club van de Caribean Petroleum Company en volgende dag via Cumarebo naar Maracay". „In Venezuela is het altijd ideaal vliegweer", vertelde dh. van der Molen. „Op weg naar Cumarebo seinde ik om het weerbericht. „It is a pleasure to communicate with you", was het vriendelijk antwoord. „What do you mean with weather report?" De radiodienst in Venezuela was anders volmaakt in orde, elke inlichting, die we vroegen, kregen we onmiddellijk. Die deed voor Europa niets onder". In Maracay had de eigenlijke officiële ontvangst plaats. De president der Verenigde Staten van Venezuela, generaal Gómez, was ziek en zond als zijn vertegenwoordigers Don Juan Paris Hijo en de Commandant van de Militaire Luchtvaartschool, om ons te ontvangen; de directeur van de Aeropostale Venezolana en van de Radio-dienst waren ook aanwezig. Als gasten der regering logeerden we in het weelderige hotel Jardin waar we voor het eerst de opwindende mooie Venezolaanse dansen zagen. Volgende morgen, na eerst een rondvlucht met genoodigden te hebben gemaakt, werd de reis voortgezet van Maracay naar Maquetia, het vliegveld van La Guaira. Als route werd de zo vruchtbare vallei van Aaragua gekozen, waardoor de weg van Maracay naar Caracas leidt. Het was een schitterende dag en naarmate wij stegen werd het panorama steeds grootser. Halverwege Maracay en Caracas, vliegende op 3500 Meter, hadden wij een onvergetelijk uitzicht: achter ons het 400 Meter boyen de zeespiegel gelegen meer van Valencia met zijn vele eilandjes, aan de linkerhand over het hoge kustgebergte het prachtige blauw van de Caraibische Zee, aan de rechterhand in het verschiet de beroemde Ilano's of wel prairies, waar millioenen stuks vee grazen, terwijl voor ons in de verte Caracas al meer en meer zichtbaar werd. Boyen de hoofstad des lands werd een rondje gedraaid, waarna over het kustgebergte naar Maquetia koers gezet werd, waar we enige minuten later landden. Zowel op de gasten, als op ons, die waarlijk reeds zoveel gezien hebben, heeft de tocht van Maracay naar Maiquetia een onvergetelijke indruk gemaakt. Na aankomst te Maiquetia onmiddellijk per auto naar Caracas langs een schitterende autoweg, geheel met ballustraden afgezet, door het hooggebergte, een meesterwerk van wegenaanleg. In Caracas lunch bij onze gezant die ons toesprak en de Orde van den Bevrijder uitreikte met een door den president getekende oorkbnde. 's Avonds grote receptie in de Nederlandse legatie met leden van het Venezolaans ministerie en buitenlandse diplomaten en met de bekoorlijke vrouwen uit de society van de hoofdstad, die met ons vreemdelingen vloeiend Frans, Engels en Duits spraken." „Venezuela is in vele opzichten een gelukkig land", mijmerde dh. van der Molen. „Een bloemenland is het als geen ander. Vier meter hoog groeien er de geraniums en met de rozen, die wij meebrachten, hebben wij heel Curagao blij gemaakt. Ook in een ander opzicht neemt Venezuela een énige plaats in onder de naties. Benemérito generaal Juan Vicente Gómez, die reeds vele jaren het bewind voert onder het motto „vrede en arbeid", heeft het land tot zo grote bloei gebracht, dat de Staat noch binnenlandse noch buitenlandse schulden heeft en de schatkist overvloedig gevuld is". „We zijn nog een keer teruggeweest in Venezuela", zei de heer van Balkom. „De 27ste Mei maakten we een verkenningsvlucht naar Coro in de staat Falcon. Weer werden we met de grootste onderscheiding behandeld en ontvangen door den president van de staat generaal Leon Jurado en andere autoriteiten. We brachten... een bok mee terug, cadeau voor iemand op Curagao. Daarna waren ónze Venezolaanse reizen ten einde, maar onze collega's in de West hopen na de Iste Augustus geregeld naar dit mooie land te vliegen. De luchtvaart zal nieuwe banden knopen tussen ons vaderland en Venezuela, dat zowel een verre vriend voor Nederland in Europa als een goede buur voor Nederland in Amerika is". --- ~ ¿*^_ SPORT-RUBRIEK fIHgH Officiële Mededelingen .^^^P^ "De Curagaose Voetbalbond." --- WEDSTRIJD-UITSLAGEN. Zondag, 4 Augustus. A-klasse: Bismarck—Transvaal I—o1—0 M.S.V.—H.V.V. Niet doorgegaan. B-klasse: Jong-Holland II—Volharding II o—l0—1 Ajax ll—Trappers II o—2 Asiento ll—Hercules II o—2 --- Kon. Vereniging „Oost en West." Afdeling Curaçao. Naar aanleiding van het feit, dat bovengenoemde Afdeling voor enkele dagen haar vijfjarig bestaan mocht herdenken, verzocht het Bestuur ons het onderstaande door middel van ons blad ter algemene kennis te brengen, aan welk verzoek wij hierbij gaarne voldoen. Terwijl voordien slechts een 25-tal personen, zonder enig onderling verband, en verspreid over de verschillende eilanden van het Gebiedsdeel, lid waren van de Vereniging „Oost en West", werd op initiatief van den toenmaligen Vertegenwoordiger der Vereniging Dr. H. Polvliet besloten te trachten het ledent¿fr uit te breiden en tevens een zelfstandige afdeling „Curagao" tot stand brengen. Hierdoor zouden de alhier woonachtige leden der Vereniging over eigen middelen te beschikken hebben, zelfstandig kunnen werken tot versterking van de band tussen Moederland en Curagao, overeenkomstig het devies der Vereniging en den leden van tijd tot tijd iets kunnen aanbieden als vergoeding hunner contributie. Op 18 Juli 1930 kon met 175 leden tot oprichting der afdeling Curagao worden overgegaan welke enige tijd later door goedkeuring der Statuten rechtspersoonlijkheid verkreeg, waarbij het Ere-Voorzitterschap door Zijne Excellentie den Gouverneur welwillend werd aanvaard. De eerste werkzaamheden van het Bestuur der jeugdige afdeling bestond in de samenstelling van een geschriftje, waarin op beknopte en duidelijke wijze werd uiteengezet wat personen, die zich metterwoon in Curagao wilden vestigen, behoorden te weten ten aanzien van levensstandaard, aanschaffing van artikelen, alhier niet of slechts tegen hogere prijs dan in Nederland verkrijgbaar, vereisten voor toelating, onderwijs, belasting, enz. teneinde tegemoet te komen aan het bestaande euvel, dat omtrent het bovenstaande in Nederland slechts onvoldoende of zelfs onjuiste inlichtingen konden worden verkregen. Dit boekje, dat door en op kosten van het Hoofdbestuur werd uitgegeven,, en waarvan reeds een herdruk verscheen, kwam reeds vrij spoedig gereed, en heeft stellig goede diensten bewezen. In het oprichtingsjaar — 1930 — mocht het Bestuur eerst den Hr. C. van Baaien, waarnemend Directeur der Melaatseninrichting „Bethesda" in Suriname bereid vinden een lezing over dat Gebiedsdeel te houden, terwijl kort daarop de Heren Dellaert en de Vries, onderscheidelijk Havenmeester der Luchthaven „Schiphol" te Amsterdam, en Chef der Buitenlandse Afdeling der Kon. Luchtvaart Maatschappij tijdens hun verblijf op Curagao voor de leden en genodigden spreken over „de Internationale Luchtvaart" en „de K.L.M, en hare luchtverbindingsnet met Ned. Oost Indië", een en ander toegelicht door lichtbeelden en een film. Beide lezingen, welke zeer werden geapprecieerd werden nog opgeluisterd door de medewerking van het Muziekgezelschap „1.D.0." dat o.a. een door zijn Directeur gecomponeerde „Oost en West" mars ten gehore bracht. Indien wij nog vermelden, dat reeds spoedig na de oprichting der Afdeling het Bestuurslid de Heer H. J. A. Schroeder de functie van gedelegeerd lid der zogenaamde „Studie commissie" der Vereniging op zich nam, een instelling door het Hoofdbestuur in het leven geroepen, ten doel hebbend, raadgevend en toezicht houdend op te treden bij onderwijs en opvoeding van in het Moederland een onderwijsinrichting bezoekende kinderen van Oost- of West-Indische ouders, van welke instelling ook in dit gebiedsdeel door verschillende personen sindsdien een dankbaar en nuttig gebruik hebben gemaakt, dan zijn daarmee de voornaamste faits et gestes der afdeling in het oprichtingsjaar geschetst. In het jaar 1931 verleende het Afdelings Bestuur zijn medewerking tot de aanvulling van het opschrift op het Gedenkteken der bij de Urbina-overval gesneuvelde onder-officieren, aanvankelijk alleen in de Spaanse taal gesteld, met een gelijkluidende inscriptie in het Nederlands. In datzelfde jaar hield de Heer Mr. M. van Dijk, Procureur-Generaal bij het Hof van Justitie een zeer leerzame en toegejuichte causerie getiteld „Eenige vluchtige indrukken over Nederlandsch Indië" terwijl het afdelingsbestuur een poging deed om het bekende Sabahandwerk meer bekend te maken in Nederland, teneinde daarvoor zo mogelijk aldaar een afzetgebied te openen. Deze poging had evenwel weinig succes, o.a. ten gevolge van de hoge prijzen, waarvoor de artikelen verkrijgbaar werden gesteld. Aangezien Mr. van Dijk zich bij het houden zijner bovengemelde causerie door gemis aan beschikbare tijd zeer had moeten beperken, verklaarde spreker zich bereid in April 1932 een meer gedetailleerde lezing te houden, welke met grote belangstelling gevolgd werd en zeer de aandacht trok. In ditzelfde jaar hield de Voorzitter der Afdeling, met verlof in Nederland, verschillende besprekingen met het Hoofdbestuur der Vereniging, en nam hij deel aan de voorbereidende besprekingen van het Comité, dat zich in Nederland had gevormd tot viering van het feit, dat in 1934 Curagao en Nederland drie eeuwen verbonden zouden zijn. Een in het jaar 1933 door het Afd. Bestuur ingestelde „Perscommissie teneinde in het orgaan der Vereniging meer artikelen en berichten "uit Curagao opgenomen te krijgen, dan tot nog toe het geval was, beantwoordde niet aan de daaraan gekoesterde verwachtingen. In hetzelfde jaar deed het Bestuur een film vervaardigen, teneinde „Curagao" niet alleen in woord, doch ook in beeld meer bekendheid te verschaffen in de overige gebiedsdelen; deze film werd eerst enkele malen op Curagao vertoond en daarna in verband met de Herdenkingsfeesten „1634—1934" aan het Hoofdbestuur ter vertoning eerst op de te houden „Curagao tentoonstelling" te 's-Gravenhage, en daarna in de verschillende afdelingen der Vereniging in Nederland (en daarbuiten) toegezonden zulks tegen een tegemoetkoming in de kosten der vervaardiging. Het jaar 1934 stond in het teken der reeds meer genoemde Herdenking; aan de werkzaamheden van het Comité, hetwelk zich op Curagao op gemeenschappelijk initiatief van de Hoofdbesturen van het „Alg. Ned. Verbond" en de „Kon. Vereniging „Oost en West" had gevormd, en zich met de voorbereiding en regeling der feestelijke Herdenking had belast, nam het Afd. Bestuur, wier Voorzitter het Ondervoorzitterschap van genoemd Comité op zich had genomen, een werkzaam aandeel. De lezing, welke de Heer van der Sleen tijdens zijn voorgenomen verblijf in Curagao tijdens de Herdenkingsfeesten voor de Afdeling zou houden, kon wegens het niet doorgaan der door hem georganiseerde excursie naar dit gebiedsdeel, geen voortgang hebben. De bekende en zo bewonderde kerstvlucht der „Snip" gaf het Afd. Bestuur aanleiding tot het organiseren ener huidebetuiging; was deze aanvankelijk bedoeld als uitgaande van en be perkt tot de Afdeling van „Oost en West," al spoedig bleek dit denkbeeld ook bij andere corporaties en verenigingen ingang te hebben gevonden, en werd een Algemeen Huldigingscomité gevormd, waarin ook het Afdelingsbestuur van „Oost en West" zitting nam. Op de Huldigingsavond bood het Bestuur bij monde van zijn Voorzitter uit naam der Afdeling aan de bemanning der „Snip" met een woord van hulde een stoffelijke blijk van waardering aan in de vorm van een gouden gedenkpenning met oorkonde. Had deze huldiging door droeve omstandigheden eerst in Januari 1935 plaats, kort daarop vond het Afd. Bestuur de Heren Rustige, Hoofd der Negropontschool, en Bouwman, Vertegenwoordiger der K.L.M. op Curagao, bereid een gecombineerde lezing te houden, waarbij eerstgenoemde „De Voorgeschiedenis der Nederlandse Luchtvaart in West-Indië" en laatstgenoemde „De Toekomst der K.L.M, in deze streken" behandelde, een en ander aangevuld met lichtbeelden en een geluidsfilm, grotendeels aan de Luchtvaart gewijd; ook deze avond had een welverdiend succes. Het vijfjarig bestaan der Afdeling werd ten slotte herdacht door een ledenavond, tevens toegankelijk voor andere belangstellenden, waarop o.a. werd vertoond een film getiteld „Cultuur en Oerwereld op „Sumatra", terwijl het gezelschap „Sta. Cecilia" hare muzikale medewerking verleende. Uit hét bovenstaande moge blijken, dat de Afdeling Curagao voor zover hare middelen zulks veroorloven, gedurende haar eerste lustrum op verschillende wjjze overeenkomstig het in hare Statuten neergelegde programma harer werkzaamheden er naar heeft gestreefd het doel der Vereniging „Oost en West", versterking van de band tussen Nederland en zijn gebiedsdelen in Oost- en West-Indië in het algemeen, en tussen Moederland en Curagao in het bijzonder, na te streven, en het devies der Vereniging : --- Het Bestuur. Naar men ons van officiële zijde meedeelt, hebben de heren Bartels Daal en Oduber hun ontslag genomen als bestuurslid van de C.V.B. ---