Saar Boerlage moet de PSP nieuw elan geven Op haar uitstraling als onverwoestbaar activiste is de 55-jarige Saar Boerlage zaterdag gekozen tot nieuwe voorzitter van de PSP. De PSP-jongeren, die haar kandidaat hebben gesteld, verwachten van haar dat ze de PSP net zo berucht maakt als Nolympics. Met haar verkiezing werd de zittende voorzitter Marko Mazeland gepasseerd die het „gewoon" had gedaan. Door ANNEKE TEUNISSEN In de jaren zestig zat Boerlage voor de PSP in de Amsterdamse gemeenteraad en in de Provinciale Staten van Noord-Holland. Ze stapte destijds op, omdat er ruzie was tussen pacifisten en socialisten in de PSP. Een half jaar geleden meldde ze zich weer aan als lid. Ze doceert sociale geografie en vrouwenstudies aan de Universiteit van Amsterdam en gaat binnenkort met „deeltijd-VUT". Het feit dat ze nog maar zo kort lid is van de PSP en dat eigenlijk niemand weet hoe ze in een aantal brandende politieke kwesties staat, was voor een grote minderheid reden om niet op haar te stemmen. Een meerderheid bleek in haar de verpersoonlijking te zien van een aantal eigenschappen waar de PSP dringend behoefte aan heeft: inspiratie, een frisse wind, standvastigheid, aanstekelijk enthousiasme, onverwoestbaar activisme en het élan uit de beginjaren van de PSP. Om toch iets van haar politieke opstelling duidelijk te maken, presenteerde Boerlage zich als een „echte anti-militarist", iemand die ervan overtuigd is dat geweld in bijna alle gevallen slecht is. En over het heikele punt van de linkse samenwerking: „Ik word geen voorzitter om de partij binnen een paar jaar op te heffen. We moeten zelfstandig en zelfbewust de volgende jaren in. Dat sluit samenwerking met andere partijen en met actiecomitees overigens in het geheel niet uit." Desgevraagd lichtte de kersverse voorzitter dit nog wat nader toe. „Die discussie over samenwerking moeten we nu niet voeren, dat werkt verlammend. Ik laat open of er over een jaar niet zon congresuitspraak zou moeten komen, maar voolopig is er genoeg over gedebatteerd. Ik zie geen nieuwe nuances in de discussie." Een inhoudelijk debat met andere linkse partijen wil Saar Boerlage best aangaan. Het socialisme-debat dat de PSP gestart is, zou goed samen met de CPN gevoerd kunnen worden, „hoewel ik wat betreft het basisinkomen dichter bij de PPR sta". „Een pacifist heeft nagedacht over het gebruik van geweld". Boerlage is in ieder geval tegen elk geweld dat tegen personen gericht is, maar niet altijd tegen geweld tegen materiële zaken. Als voorbeeld noemt ze de vernietiging van het bevolkingsregister in de Tweede Wereldoorlog. Het gebruik van geweld door kraakgroepen keurt ze over het algemeen af, maar Boerlage vindt het belangrijk om zelf met die mensen te gaan praten dan in het openbaar een bestraffende vinger op te heffen". Saar Boerlage Het PSP- , congres sloot a' met het zinger van de Interna' tionale --- Heijn Kamerleden van PvdA, CDA en WD zijn verontwaardigd over de rol die politie en pers afgelopen vrijdag hebben gespeeld bij de deels mislukte overdracht van losgeld aan de ontvoerders van Gerrit Jan Heijn. Het WD- Kamerlid Dijkstal kondigde zondag aan dat hij het hele optreden van de politie in de ontvoeringszaak in de Kamer aan de orde zal stellen, zodra die zaak ten einde is. Daarbij zal de vraag centraal staan hoe het mogelijk is geweest dat de pers vrijdag al voortijdig op de hoogte was van de losgeldtransactie. --- Sfeerbederf Het PSP-congres in Dordrecht was grotendeels een huishoudelijk congres. Hoogtepunt was de verkiezing van de nieuwe voorzitter. De nietherkozen Marko Mazeland was teleurgesteld, maar zal zich voor de PSP blijven inzetten, onder andere voor de ondersteuning van de Utrechtse statenfractie. Vicevoorzitter Henk Branderhorst had zijn lot verbonden aan dat van Mazeland en keert dus evenmin terug in het PSP-bestuur. De PSP-vrouwen zagen hun poging om een „quoteringsregeling" in te voeren mislukken. Zij stelden voor om tenminste veertig procent van de eigen bestuursorganen uit vrouwen te laten bestaan, een weerspiegeling van het percentage vrouwen onder de leden. Bij de behandeling van het verslag van de Tweede Kamerfractie kreeg Andrée van Es naast waardering kritiek vanwege haar oproep onlangs in De Waarheid om met CPN en PPR één lijst te vormen bij de volgende verkiezingen. Ze werd verzocht dergelijke „sfeerbedervende" opmerkingen voortaan achterwege te laten. Van Es verklaarde de discussie te willen aangaan over samenwerking in de toekomst, maar verontschuldigde zich als ze dat niet zo tactisch gebracht had. Het congres besloot overigens de samenwerking met PPR en CPN in het Europese parlement voort te zetten. In twee plaatselijke samenwerkingsverbanden neemt de PSP deel aan bestuurscolleges waarin ook CDA (Delft) of VVD (Leiden) zitting hebben. De PSP is daar eigenlijk tegen, maar op experimentele basis gaf het congres toestemming deze collegedeelname voort te zetten. --- 'Stichting Wertheim' gaat Indonesiëonderzoek stimuleren In Amsterdam is zaterdag als blijk van waardering voor het werk en de strijd van de onlangs 80 jaar geworden prof. dr. Wim Wertheim tijdens een huldigingsbijeenkomst de „Stichting Wertheim" gevormd. Het doel van de stichting is alle vormen van geestelijke activiteit van Indonesiërs te bevorderen en te begunstigen, die een inzicht geven in de stormachtige ontwikkelingen van het emancipatiestreven in de twintigste eeuw in Indonesië. Door JOOP MORRIËN Vele tientallen Indonesiërs en Nederlanders woonden de huldigingsbijeenkomst bij, waar het woord werd gevoerd door de studente Maja Pattipilohy, de professoren O.D. van den Muijzenberg en J.C. Breman en, uiteraard, door professor Wertheim zelf. Sitor Situmorang las zijn gedicht over de hardvochtige uitbuiting van Indonesische vrouwen op een Japanse triplexfabriek in het huidige Indonesië. Tijdens de bijeenkomst werd een schilderij van Hendra Gunawan aangeboden, een van de belangrijkste Indonesische schilders, die in 1983 na een politieke gevangenschap van 14 jaar onder Suharto is overleden. Het schilderij „gerilja" symboliseert de guerrillastrijd van het Indonesische volk tegen kolonialisme en onderdrukking. Het was in het privé-bezit van drs. J.B. Avé, exconservator van het Rijksmuseum van Volkenkunde, die het ter beschikking stelde om, eventueel door verkoop, een beginkapitaal voor de Stichting te verzamelen. (Er is ook een postgironummer voor bijdragen - 5768483 ten name van drs. E. Endering; Amsterdam.) Maja Pattipilohy zei, dat voor veel studenten het werk van Prof. Wertheim nog een voortdurende bron van inspiratie vormt. Dr. Van den Muijzenberg vertelde over zijn eigen veldonderzoek op het platteland van de Filippijnen en kondigde aan, dat het Centrum voor Aziatische Studies (CASA) een bloemlezing zal uitgeven van een aantal artikelen van Wertheim, omdat zijn werk nog altijd een uitstraling heeft. Dr. Breman herinnerde met uitvoerige citaten aan de mensonterende koeliebehandeling, waarmede de koloniale plantageopbouw op Sumatra's oostkust (Dcli) rond de eeuwwisseling plaats vond. De cultuurmaatschappijen schetsten het leven van de koelies in hun jubileumboeken in strijd met de werkelijkheid. --- Voor een vrij Indonesië Dr. Wertheim, die zijn toehoorders in het Indonesisch en Nederlands toesprak, loofde het schilderij van Hendra omdat het een mannelijke en een vrouwelijke guerrillastrijder toont en inspiratie uitstraalt. In Indonesië bestaat nog altijd geen werkelijke vrijheid en hij drong aan op eenheid — „eenheid is nodig" — om dat te bereiken. Hij sprak de hoop uit, dat de nieuw gevormde Stichting kan bijdragen tot het aansnijden van problemen, die nog nauwelijks zijn onderzocht. Hij noemde in dat verband de strijd en eenheid van Indonesische zeelieden en arbeiders in Australische havens in 1945--46 tegen Nederlandse troepenzendingen en de ervaringen van de politieke gevangenen op het eiland Buru en de verdediging van de mensenrechten. „Het huidige regime in Indonesië is gebaseerd op massamoorden en vervalsing van de geschiedenis van de linkse bewegingen. Het is nodig de basis van dit regime te begrijpen en daarom is een van de taken de werkelijke geschiedenis van de Gerwani (vrouwenorganisatie), Lekra (kunstenaarsorganisatie), SOBSI (vakcentrale) en de PKI in het algemeen te beschrijven", aldus Wertheim. „Dat kan de strijdgeest voeden." Tot slot zei hij zich te voelen als de profeet Mozes, die het nieuwe land zag en ervan droomde al wist hij het niet meer te zullen betreden. „Strijd is nodig om een werkelijk vrij Indonesië te bereiken." Het komitee van aanbeveling voor de Wertheimstichting bestaat uit: dr. C. Baks, dr. F. von Benda Beekman, dr. J.C. Breman, dr. C. van Dijk. dr. Go Gien Tjwan. dr. J. van Goor, dr. B. Gunawan, dr. E.W. Hommes, dr. G. Huizer, dr. S. de Jong, dr. H. Maier, dr. O.D. van den Muijzenberg, dr. J.M. Pluvier, dr. E. Postel-Coster, dr. N.G. Schulte Nordholt, drs. B. Simatupang, Sitor Situmorang, dr. H. Sutherland, dr. I. B. White, dr. W.G. Wolters. --- Tweedaags FNV-congres over 'Werken in 2000' Liever een actieprogramma, doelstellingen hebben we genoeg Van onze sociale redactie De vraag op welke wijze de FNV haar doelstellingen kan realiseren zal de discussies binnen de vakcentrale de komende tijd gaan beheersen. Dat werd duidelijk op de eerste dag van het FNC-congres dat maandag en dinsdag in Amsterdam wordt gehouden. „Door de jaren heen heeft de vakbeweging gewerkt aan doelstellingen. Maar we zijn veel minder helder als het gaat om het aangeven van mogelijkheden om ze te realiseren", aldus Dick Visser, voorzitter van de Industriebond FNV. In de congresstukken staat de vraag centraal aan welke eisen de toekomstige werkgelegenheid moet voldoen. Naast volledige werkgelegenheid door economische groei en herverdeling van arbeid worden ook eisen aan de kwaliteit gesteld. En er moet gezorgd worden dat de banen niet voorbij gaan aan degenen die een slechte positie op de arbeidsmarkt hebben, zoals langdurig werklozen, vrouwen en migranten. Ook worden eisen gesteld aan de flexibj' lisering en de zeggenschap. Uit <* congresstukken en de eerste red^ voeringen valt op te maken dat oVe die doelstellingen weinig verscl^ van mening bestaat. , Anders lijkt dat als het gaat om °_ vraag hoe die doelstellingen te reag seren, een onderwerp dat in de etf1' gresstukken vrijwel onbesproken ' blijven liggen. Van de kant van g Bouw- en Houtbond en de Vervoeg bond is dan ook als amendern01. voorgesteld dat de FNV komt ma een actieprogramma, waarin „&er concrete instrumenten wordt aanlÊ' geven hoe die doelen bereikt kunne worden". In zijn bijdrage sloot Viss0 zich bij dat amendement aan. \f Uit de diverse speeches valt op maken dat over de vraag van strategie nauwelijks sprake is eenduidigheid. Zo legde Ac oorzitter Pont een sterk accent op rol van de overheid. Nu de werké . vers het laten afweten als het êsg om de werkgelegenheid ligt ege_t, belangrijke taak voor het kabi^,e aldus Pont. In dat verband hekel^ hij de opstelling van premier Lüle bers. „In plaats van zich tot ons richten had de minister-presidem beter aan gedaan zijn eigen PaPPÊw heimers tot meer verantwoorde!1) heid op te wekken." j( Pont realiseert zich natuurlijk ° wel dat het met de huidige regering coalitie moeilijk garen spinnen Hij nam dan ook alvast een v° $ schot op de mogelijkheden van e^ nieuwe regeringscoalitie aan j hand van een redenering over de . van de overheid. Die moet vO^t:0- Pont zowel als marktpartij func neren als ook borg staan voor funng' mentele rechten. „Schuivende p^ . len van de PvdA gaat in die richgg. Ik ben benieuwd wat premier ky, bers (die dinsdag op het F^ congres spreekt - red.) laat wevS- Zoals ik het bekijk vullen de disc sies in PvdA en CDA elkaar ben" lijk aan." jjjj Visser legde het accent anders- ,p ziet als grootste probleem h°e ttjbedrijven herkenbare vakbondsa p viteiten ontwikkeld kunnen w°rkg' „Dat is ons nooit echt goed ge'uel,e Niet in het geven van „algel^ollollbeschouwingen" maar in het creet 'aansluiten bij de belangenziet opvattingen van de werknemef s 0p hij de sleutel om de vakbewegin» pc het bedrijfsniveau te versterken- » mate waarin we daarin slagen qpaalt de kracht in de komende a