HET SNOER DER DAGEN Paramaribo, 24 Jan. 194$ De opvattingen over annexatie van Duitsch gebied zijn reeds sterk verdeeld in pro en contra zooals bleek uit hetgeen wij daaromtrent enkele malen in Het Nieuws opnamen. Een zeer rustige beschouwing daarover, goed geargumenteerd, vonden wij nog in Vrij Nederland. Ter aanvulling van hetgeen hierover bereids verscheen, komt dit betoog alsnog in aanmerking. * Over de wenschelijkheid van de annexatie van Duitsch gebied hebben wij getracht een discussie uit te lokken. Wij zijn daar niet in geslaagd. Het bleef bij twee belangwekkende artikelen, een ervoor, een ertegen en beide van principieel karakter. Wel ontvingen wij nog eenige beschouwingen over het probleem; maar dit waren ontboezemingen, die ons practisch inzicht niet verder konden brengen. Uit dit en uit andere verschijnselen moeten wij opmaken, dat ons volk zich niet al te zeer in dit vraagstuk verdiept. Wij betreuren dat, ook al is, eenige jaren geleden, op deze plaats met klem tegen annexionisme gepleit. Sedertdien is veel veranderd, doordat Duitschland zich, in zelfs toen nog ongedroomde mate, aan menscliheid en menschelijkheid heeft vergrepen. Het heeft zoo volmaakte geringschatting getoond voor leven en bezit van andere volken, dat wij tot ander inzicht zijn genoopt. Duitschland heeft bewust, zonder nog eenige perken te erkennen, op alles of niets gespeeld. Het heeft verloren. Zou men daartegenover nu nog het standpunt handhaven, dat Duitschland onverminderd aanspraak behoudt op zijn ouden Lebensraum, dan stond dit gelijk met het verleenen van een vrijbrief aan de Duitschers, om steeds weer een gooi te doen naar de positie van onderdrukkers en uitbuiters van Europa, zonder dat hun eigen bodem en volksbestaan daarbij gevaar looven. Bij het voortzetten van het spel volgens dit principe moet Duitschland tenslotte zijn doel bereiken, omdat het, territoraal nooit iets riskeerend, en steeds weer ontsnappend aan volle vergelding, zijn pogingen kan herhalen tot het slaagt. Zegt men: „Het wordt hun in het Oosten anders geleerd," dan constateert men de toepassing van een recht dat principieel evenzeer ons recht is. Landgenooten, die eens meegeweend hebben met de Duitschers over het „onrecht van Versailles" kunnen nu weten wat krokodillentranen zijn. Zij hebben waarlijk geen reden tot trots op hun lichtgeloovigheid van toen. * Het Nederlandsche volk is lang onverschillig gebleven tegenover het denkbeeld annexatie. Volgens peilingen van de openbare meening is het dat nu niet meer. Het is de groote menigte onzer landgenooten niet anders gegaan dan het ons gegaan is. Talloozen voelen er niets meer voor, den Duitscher in eenig opzicht te ontzien. Hij is ons schadeloostelling schuldig, en wij hebben geen vooruitzicht die in noemenswaardige mate te krijgen, tenzij in grondgebied. Nu heeft men ons wel eens )' voorgerekend, dat zelfs belangrijke annexatie ons niet aan ons '. recht kan helpen. Maar die cijfers > zijn, zooals cijfers zoo vaak kuni nen wezen, misleidend. Zoo zou • men ook kunnen uitrekenen wati '■ ons land ons in geld waard moet zijn. Nationalen bodem, oud of ( ; nieuw, kan men als zoodanig niet schatten naar marktwaarde. De\ waarde van ons land wordt voor ons bepaald door zijn wezen als basis van ons nationaal bestaan in al zijn uitingen. Deze waarde kan niet in geld worden uitgedrukt, laat staan in het geld van een bepaald tijdstip. Over de '.waarde van nieuwen nationalen I bodem kunnen wij eerst spreken als die geheel in ons nationaal be■ stel is geabsorbeerd. Niet de verkoopswaarde bepaalt die, maar hetgeen wij er, als natie, mee J kunnen doen. Dat geldt b.v. ook voor de Zuiderzee. De Duitscher is ons ontzaggelijk veel schuldig, en hij is insolvent.* Als hij niet meer insolvent is, zal hij intusschen onwillig geworden < zijn te betalen. Op grond van al I het bovenstaande redeneeren nu \ millioenen Nederlanders aldus :\ \ „Geen medelijden. De Duitsdier moet betalen in grond. En zond,er menschen erop. Geen Duitschers als gelijkgerechtigde medeburgers!'. En nog minder Duitschers als burgers van den tweeden rang. Want j dat ware vergiftiging van onze democratie. Geen Duitsche irredenta in ons land." Wij voegen eraan toe: Annexa, tic met Duitschers erbij ware in I hoofdzaak winst voor de, uit den iDuitschen baaijerd geredde, met .Nederlandschap begiftigde Duit-' ■ schers. Ook meene men niet \ 'Duitschers te kunnen verneder-l \landschen. De nationalisatie lukV nooit met een bevolking, die een cultuurlaal in den rug heeft. # I Niet teerhartigheid tegeiwer 'de Duitschers staat tegenover deze I redeeeringen, maar de vraag: „Is .de aanexatie voor ons practisch I gewenscht ? Kunnen wij die veriwerken ? Zullen Nederlanders in voldoenden getale het ontruimde gebied binnenstroomen ? Is er geen gevaar dat de exploitatie een* lijdensgeschiedenis wordt, die ons zelfrespect en ons aanzien naar buiten ernstig afbreuk zal doen ? Er is een sterke emigratiedravg in ons land. Daarvoor zal de wijde '.wereld gedurende jaren weinig] \uitweg bieden. Maar men wil weg tuit Eurpa. Onze oostgrens heeft .-weinig aantrekkingskracht. * Er moet over annexatie nog veel worden gezegd: over omvang en ligging van het begeerlijkste gebied. Wij zullen ons daarin niet verdiepen, omdat wij gelooven, ! dat het vraagstuk bezig is een . academisch vraagstuk te worden. ; Tijd zal het kosten voor Nederlandsche eischen kunnen worden j ingediend. Want onze Regeering, . wil, dat eerst het volk zich daar over uitspreke. Intusschen drijven Russen en ■ Polen, naar schatting acht millioen .\menschen, den zoo sterk besnoei■iden Duitschen Lebensraum binnen. De Tsjechen hebben het uit■' stooten der trouwelooze Sudeten\ Duitschers tijdelijk gestaakt om ! het barbaarsch effect. Maar Russen en Polen gaan door. Wat wij ervan hooren is een relaas van nameloos lijden, van honger, ziekte en sterven. In den winter zal het gruwelijk worden, omdat er geen onderkomen is voor de ballingen.\ Waar ia Duitschland niets is, is men machteloos hen te helpen; waar nog iets is, schuwt men hen. Koude en winterepidemieën zullen millioenen het leven kosten. De geesel, die in etappen over het Duitsche volk gebracht is door zijn succesievelijke afgoden, zal van ongekende, van verbijsterende, wreedheid zijn. Als het voorjaar^ aanbreekt zal de wereld door die afgrijselijkheden ten diepste zijn geschokt. Waarlijk, een Nederlandsche eisch, nog eens anderhalf millioen Duitschers in de kolk van hun zoo sterk ingekrompen Lebensraum te dringen, zal dan weinig kans hebben te worden erkend. Er is alle voorutzicht dat wij te laat komen --- Wetenschap. 50 DUITSCHERS IN DE V.S.A. WASHINGTON 23. 1 (AP) — I Thans is bekend geworden dat 50 Duitsche natuurvorschers verleiden herfst naar Amerika werden i gebracht om te vertellen wat zij I wisten van raketten en atomen. Zij werden ondervraagd door enkele der voornaamste Amerikaan- sche onderzoekcentra. De geleerden werden gegroepeerd in spe-] cialistische afdeelingen en wer-' , den o.a. gebracht naar het proefterrein voor raketten in het westen. | i ' In October verleden jaar had' ihet ministerie van oorlog reeds | bekend gemaakt: „Bepaalde yoor! aanstaande Duitsche natuurvor- Ischers en technici" werden naar i Amerika gebracht. Zij kwamen i vrijwillig. I --- Griekenland. REBELLEN GEVEN HET OP. KALAMAI 23. 1 (AP) — De 2000 verschanste monarchistische rebellen hebben om wapenstilstand gevraagd en verklaarden zich bereid over de voorwaarden te onderhandelen nadat regeeringstroepen de verschansingen aan een beschieting van twee uur hadden onderworpen. De regeeringstroepen staakten de beschieting nadat een der monarchistische leiders verklaard had, dat hij met den Britschen kolonel Max Noble geconfereerd had ovor vredesvoorwaarden. Naar verluidt hebben de rebellen, die nog 21 gijzelaar;, in handen hebben, tijdens de aanvai geen verlies geleden. --- Nieuws van Overal. BETOOGING TEGEN DEVALUATIE. Naar wij vernemen, bestaat in de kringen van de Surinaamsche Arbeiders Centrale het plan om tijdens de aanwezigheid der valuta-commissie hier te lande een betooging met draagborden te houden tegen devaluatie van de : Surinaamschei gulden en onder meer op te trekken naar het hotel waar de commissie zal verblijven. I De beweging gaat uit van de heeren W. Bos Verschuur en J. Burne als voorzitter en secretaris 'der S.A.C. Voor deze betooging is vergunning gevraagd. Naar wij vernemen, wordt deze verleend. Het ligt in de bedoeling een stoet te formeeren met rijen van vier. Voorts om in Bellevue een vereadering te beleggen, waar het onderwerp zal worden besproken. Ter vergadering zal vermoedelijk ook een film worden vertoond. --- OM TE BLOZEN. Notarssen behooren tot de achtenswaardsten in elke geordende maatschappij en over hun kantoren hangt de waardigheid van hun ambt en hun minuten. Modcrnigheden vinden er doorgaans geen toegang omdat waardigheid en correctheid er boven alles gaan. Niet zonder blozen moest de redactie dan ook ontdekken dat door een wonderlijke samenloop een notarisveiling in Het Nieuws bij advertentie aanlokkelijk werd gemaakt door een soort suggestie dat er sardines als toegift te krijgen zouden zijn bij een pand dat in het openbaar zou worden verkocht op een onzer notariskantoren. Niet van humor ontbloot lachte de notaris die er het slachtoffer van werd,-een zijner smakelijkste lachen, de puzzle ontwarrend en de sardines verwijzend naar de advertentie waaruit zij waren weggedwaald. Het Nieuws lachte mee ... .en bloosde om deze confusio, die een' .record beteekent in krantenfou-] ten en niet gemakkelijk zal worden overtroefd. I Honiswakkimallypanse. --- DERDE NOTARIS. De geldende voorschriften op het notariaat maken mogelijk dat er meer dan twee notarissen voor Paramaribo worden benoemd, doch totdusverre zijn er nooit meer dan twee geweest. In verband met gewijzigde omstandigheden waaronder een voortschrijdende maatschappelijke ontwikkeling heeft de Hr. W. M. Cabell, candidaat notaris — thans referendaris van Financiën — die meermalen het notariaat bij vervanging heeft waargenomen, een nota gericht tot Z. Exc. den Gouverneur, waarop Z.Exc. thans heeft beschikt door het aantal notarissen voor Paramaribo uit te breiden en te stellen op drie. Naar wij vernemen, houdt dit verband met het volgende: Eenige tijd geleden gingen er geruchten, dat het aantal notarissen zou worden uitgebreid tot vier — het toegestane maximum — in dier voege dat de twee nieuwe zich zouden associeeren met de twee in functie zijnde notarissen. Hiertegen bleken echter bezwaren te zijn,' doch desondanks bleef in bepaalde kringen de meening dat er plaats moest zijn voor meer dan twee notarissen. Deze meening werd in de nota van den Hr. Cabell verdedigd met het gevolg hierboven genoemd De practische beteekenis deibeslissing van den Gouverneur^ is, dat gegadigden voor de derde notarisplaats ernaar kunnen dingen. Uit de sollicitanten zal dan wel een keuze volgen. Naar het zich laat aanzien, zal er dus eerlang een derde notariaat gevestigd worden te Paramaribo. » --- JHËÏ NIEÜWÏ ■ I -Al.fc[MttN U»OblAl>— J Redacteur-Uitgever A. J. Morpurg». Redactie en Administratie: Sar_maccastraat 50. Paramaxib» Suriname. Drukkerij en Uitgeverij „Het Nieuws", Saramaccastraat 50 Pojrtbu» 222 — Telefoon 367. bonnementsprijs bij vooruitbetaling : Suriname f 2.25 per maand, portvrij Curacao en Aruba: per Luchtpost f 3.50 per maand. Loae nummers: acht bladz. 15 cent vier bladz. 10 cent. Advertenties ƒ2.— per vierkant Voor contract-advertenties Inlichtingen aan ons Bureau. --- SUCCESJES Succesjes, ƒ 0.50 voor ten hoogste vijf regels. Elke regel meer ƒ 0.10 — ter vereenvoudiging der administratie vooruitbetaling. TE HUUR: Prachtig Heerenhuis, gelegen a/d Prins Hendrikstraat 15, met ingang van 1 Febr. 1946. Huurprijs ƒ 85. — 's maands. Te bevragen: Jodenbreestraat 18. - --- liiiiiii.ini;iii::Biinin-: De Heer en Mevrouw \ | SPOOK—van Beveren \ danken hierbij hartelijk j 1 voor de vele blijken van \ l belangstelling bij hun ! = huwelijk. =? i l*frllillllllli;illlimilimHililll||||||'""""'"™3 --- AVROS Bijzondere uitzending. Hedenavond om acht uur zal ,het hoofd van den G. P. D. voor ide microfoon van de Avros Mr. Dr. J. Buiskool een interview afnemen inzake de toekomstige staatkundige ontwikkeling van de gebiedsdeelen. Zooals bekend behandelde Mr. Dr. Buiskool onze Staatsregeling lm zijn dissertatie. --- SCHILDERIJEN VAN J. PANDELLIS. Oude bekende, thans op Curaçao. Velen hier te lande zullen zich nog den Griekschen schilder J. Pandellis herinneren, die hier indertijd de New Edison Salon decoreerde en daar eenige malen doeken van anderen, tentoonstelde. Jaren geleden vertrok hij naar Aruba en Curacao, waarna er weinig van hem werd gehoord. Uit de Amigoe van 14 Januari blijkt dat hij er nog is en voortgaat met schilderen. In het genoemde nummer troffen wij een verslag aan van een tentoonstelling die hij er heeft gehouden. Bij de opening, die door Dr. W. J. Goslinga, Inspecteur van het Onderwijs, werd gedaan, was de belangstelling bijzonder groot, zooals het verslag zegt. Uit hetgeen Dr. Goslinga zei, blijkt dat de Hr. Pandellis reeds meer tentoonstellingen heeft gehouden. Aan het verslag ontleenen wij de volgende passage. „De Heer Pandellis, die ook in Suriname en op Aruba gewerkt heeft, is nog een schilder van de oude richting, die baas blijft over eigen fantasieën. Hij weet dan ook het schoone, dat hij ziet, vast te leggen en uit te beelden op het doek, op een manier waarvoor niet een denkwijze vereischt wordt van den eenzamen enkeling om dat te kunnen verstaan. Wat vooral opvalt bij dezen schilder is de evenwichtige compositie, die hier en daar zelfs sterk overhelt naar de zoete zachtheid van te mooi voorgestelde, onreëele droombeelden. Het is ook het werk van iemand, die zich heeft aangepast aan het land en de omgeving en het mooie en het goede waar hij werkt en niet verloren loopt in herinneringen van lang geleden. Een uitzondering hierop maken de nummers 18, 19 en 20 in Suriname geschilderd, die niet te koop zijn en die de Heer Pandellis bewaart als aandenken aan prettige dagen en teere dingen. Het tentoongestelde werk van dezen schilder biedt veel afwisseling. Nog daargelaten de verschillende onderwerpen die worden uitgebeeld, komt dit wel erg sterk tot uitdrukking in het materiaal waarmede hij werkt. Hij exposeert n.l. olieverven, aquarellen en pastels. Van deze drie groepen bevielen ons de olieverven het beste, en dan wel biezonder de bloemstukken en stillevens." ---