Een deel van de Italiaanse Fiatfabriek te Mirafiori bij Turijn, met op de voorgrond de testbaan, waar tientallen auto's hun rondjes draaien. Fiatpresident Gianni Agnelli heeft bekendgemaakt dat Libië 10% van de aandelen van Fiat gekocht heeft. --- Stormen eisen mensenlevens in Frankrijk PARIJS - Bij een hevige storm zijn in Zuid-Frankrijk twee mensen omgekomen en tien gewond geraakt. Volgens een politieverklaring gisteren werden in Marseille drie mensen van een kade in zee geblazen toen zij uit een taxi stapten. Twee van de drie konden worden gered maar het derde slachtoffer verdween in de woeste golven. In Limoges kwam een vrouw om toen de schoorsteen van haar woning het begaf en door het dak sloeg. Even voor de kust van het gewest Landes verging de Griekse vrachtvaarder „Virgo". De 26 opvarenden werden gered. In de haven van Marseille knapten de kabels van een vrachtschip waardoor het vaartuig tegen een andere boot botste. Drie zeelieden sloegen overboord door de kracht van de aanvaring. Op sommige plaatsen bereikte de storm windsnelheden van 185 kilometer per uur. Ook in Zwitserland was het noodweer. Sneeuwstormen eisten het leven van een monteur, zijn vrouw en hun een-jarig zoontje, doordat de auto waarin zij zaten in een ravijn stortte bij de Simplon-pas. Een andere automobilist kwam om toen zijn auto onder een trein schoof in een dichte sneeuwstorm. ANKARA - Drie Westduitse journalisten moeten Turkije verlaten omdat zij slachtoffers van de aardbeving geïnterviewd en gefotografeerd hebben zonder daartoe door de autoriteiten gemachtigd te zijn. --- ND vandaag: • KERK EIM RELIGIE/ ONDERWIJS 2 LVGS en GVOLK achten concept wet op het basisonderwijs verwerpelijk • BUITENLAND 3 Lockheed in Italië Petitie van Russische joden • VARIA 4 Landbouwschap bezorgd over boeren en tuinders • BINNENLAND 5 CDA, VVD en GPV willen snel beslissing over uraniumfabriek • OPINIE/REPORTAGE 6 Sociale problematiek knelpunt in scheepsbouwbeleid vijfentwintig jaar KLM-luchtverbinding met Japan • ECONOMIE/ BUITENLAND 7 „Inflatie geen reden voor verhoging OPEC-prijzen" --- Kamer verontrust over premiebeleid kabinet (van onze sociaal-economische redacteur) nEN HAAG - De woordvoerders van de grote partijen in de Tweede Kamer, het CDA, PvdA en VVD, hebben gisteren tijdens de behandeling van de begroting van sociale zaken hun veronderstelling uitgesproken over hel regeringsbeleid ten aanzien van de sociale verzekeringspremies. Alle drie hebben zij de vrees uitgesproken voor een te grote intering op de reserves door een te lage vaststelling van de premies voor 1977. In dit verband werden met name genoemd de ziekenfondspremie, de aow-prernie en de werkloosheidspremie. De woordvoerders van CDA, PvdA en VVD spraken ook hun bevreemding uit over allerlei meevallers die bij tijd en wijle uit de lucht komen vallen. Ten aanzien van de ziekenfondspremie, die door de regering op 8,2 procent is vastgesteld (0,2 procent lager dan de Ziekenfondsraad had geadviseerd) merkte mevrouw Van Leeuwen (ARP) op, dat de regering óf weinig of geen waarde hecht aan de berekeningen van de Ziekenfondsraad en met name de waarschuwing dat de premie in 1978 zeer sterk zal moeten stijgen (tot boven de 9 procent), óf deze gegevens als juist erkent, maar bewust een politiek van lasten doorschuiven naar de toekomst voert. Volgens de CDA-woordvoerster is een nadere objectieve beschouwing noodzakelijk van de wijze waarop de vaststelling van de verschillende premies plaats vindt. Een intering op de reserves van meer dan 1 miljard gulden lijkt haar te gewaagd. Ook de woordvoerders van PvdA en VVD, respectievelijk Van der Doef en Rietkerk, vroegen zich af of de regering daarmee geen al te groot risico neemt. --- „Gefoezel" Over het „gefoezel" rond de meent tegenvallers in de sociale verzekeringssfeer zei mevrouw Van Leeuwen, dat bij de mensen het gevoel kan ontstaan, dat zij door „de hoge heren" in de boot worden genomen of dat het allemaal zon vaart niet loopt. De CDA-woordvoerster verlangde een duidelijk gemotiveerde uiteenzetting over de prognose die vanaf heden moet worden aangehouden en een nadere toelichting over de uiteenzetting over de voordelen voor de rijksbegroting in het kader van de meevallende uitkomsten bij de aaw (algemene arbeidsongeschiktheidswet). De heer Van der Doef hield de regering voor, dat het voor die toch al niet meer ongewijzigd aanwezige waardering voor het sociale zekerheidsstelsel niet goed is of er te vaak meevallers zijn en te vaak met premies kan worden geschoven. Ten aanzien van het sociale stelsel in het algemeen merkte de VVDer Rietkerk op, dal het gevaar bestaat dat in de op /ich /elf nuttige discussies over de structuur van de sociale zekerheid teveel heil wordt verwacht van stelselveranderingen. Hij stelde in dit verband de vraag of niet in de eerste plaats de oorzaken van de te snel stijgende kosten van de sociale zekerheid moeten worden aangepakt (de te vergaande koppelingsmechanismen en het oneigenlijk gebruik). Ook vroeg hij /ich af of niet vooral de grootste groeiers, zoals ziektewet en de wao, moeten worden bijgesteld. --- Arbeidsmarktbeleid Tijdens de begrotingsbehandeling van sociale zaken werd ook uitvoerig ingegaan op het arbeidsmarktbeleid. De VVD-woordvoerder Rietkerk vroeg in dit verband onder meer naar de resultaten van het streven om het beleid van het ministerie van sociale zaken en onderwijs beter op elkaar af te stemmen. Het gebrek aan aansluiting van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt, doordat het onderwijs en de beroepen uit de praktijk onvoldoende op elkaar aansluiten, is een van de belangrijkste oorzaken van de jeugdwerkloosheid. De heer Rietkerk vroeg de bewindslieden van sociale zaken ook zich uit te spreken tegen de acties die worden ondernomen tegen werkgevers, die jongeren een leerovereenkomst aanbieden (o.a. Stork Heemaf en Lips). „Het afsluiten van leerovereenkomsten, waarbij men een vak leert en zakgeld ontvangt, kan een hele goede zaak zijn en het is heel wat beter dan met een uitkering thuis zitten", meende hij. ~En het biedt ook heel wat meer perspectief". De woordvoerder van PvdA en VVD zeiden pas aan ontkoppeling van sociale uitkering en het minimumloon te willen denken als alle andere maatregelen onvoldoende effect sorteren. Dr. Verbrugh (GPV) vroeg de minister wat hij dacht van een aanpak volgens de algemene richtlijn, waarbij er een stelsel van basisvoorzieningen zal zijn voor iedereen, en daarnaast een stelsel van aanvullende verzekeringen en regelingen op vrijwillige basis. „Men spreekt immers keer op keer over de persoonlijke verantwoordelijkheid van de mens, die als mondig mens overal zelf tot beslissen wordt geroepen. Maar op dit ogenblik wordt diezelfde mens bij de sociale voorzieningen als een volstrekt onmondige behandeld, die geen enkel initiatief kan nemen", aldus dr. Verbrugh. Rietkerk haalde in dit verband een uitspraak aan van directeur-generaal voor de arbeidsvoorziening van het ministerie van sociale zaken, dat „mensen met echte vakkennis en vakbekwaamheid bijna altijd plaatsbaar zijn". De KVP'er Van der Gun leverde kritiek op het feit dat de regering nu niet meer over een loonpolitiek instrumentarium beschikt waarmee eventueel kan worden ingegrepen wanneer dat in bepaalde situaties nodig mocht zijn. Hij voegde daaraan toe dat hij daarmee niet wilde zeggen dat er op dit moment ingegrepen moet worden, maar hij vond wel (.lat wanneer ingrijpen nodig is, de overheid daartoe de bevoegdheid moet hebben. Hij herinnerde minister Boersma aan zijn beloften op dit punt. Dr. Verbrugh (GPV) verklaarde dat de minister hem er nog niet van had kunnen overtuigen dat de hoogte van de jeugdlonen niet in elk geval één van de oorzaken van de jeugdwerkloosheid is. Een andere oorzaak kan zijn een te hoge en vaak verkeerd gerichte opleiding. Het GPV-kamerlid citeerde in dit verband De Volkskrant van 30 september waarin stond dat de jeugdwerkloosheid laag is in die landen waar opleidingen het meest specifiek gericht rijn. Hij vroeg de minister of hij dit kon beamen en zo ja of hij dan niet meer invloed zou kunnen uitoefenen op zijn collega van onderwijs om van zijn plan tot veralgemenisering van onderwijs af te zien. PvdA-woordvoerder Van der Doeff ging ook in op het feit dat de regering nu geen instrumenten heeft om in de loonontwikkeling in te grijpen. Hij stelde in dit verband dat het onverantwoord lijkt maar rustig af te wachten. Hij meende echter dat eerst maar eens gekeken moet worden naar de eisenpakketten van de partijen en vooral naar de mate waarin zij bijdragen aan de gewenste maatschappelijke eenstemmigheid. Hij leverde in dit verband scherpe kritiek op de houding van de werkgevers. De heer Van der Doeff beschuldigde de werkgeversorganisaties ervan de bestaande economische machtsposities veilig te willen stellen en allerlei maatschappelijke ontwikkelingen als democratisering en vermogensaanwasdeling tegen te houden. Volgens hem kan harde strijd nodig zijn om maatschappelijke ontwikkelingen toch doorgang te laten vinden. Volgens hem rechtvaardigt de inzet dergelijke strijd. Ook al hield hij zijn hart vast in verband met bepaalde risico's. GPV-woordvoerder Verbrugh zei over het mislukte loonoverleg dat minister Boersma met zijn stelling „de heren moeten het zelf maar uitzoeken" zich voor een deel had onttrokken aan de verantwoordelijkheid voor de vaststelling van het arbeidsvoorwaardenbeleid voor 1977. Volgens de heer Verbrugh zal de bewindsman van sociale zaken er met zijn collega's van financiën en economische zaken over moeten spreken hoe er door een strak monetair beleid voor kan worden gewaakt, dat bij zag hij de poging van de minister om den spelregels van het geldwezen worden gehandhaafd er. dat moeiten niet op de rest van onze samenleving worden afgewenteld. Hiermee in strijd zag hij de poging van de minister, 700 miljoen gulden op te zoeken voor aanvullende werkgelegenheidprojecten die nodig zullen zijn om afstoting van arbeidsplaatsen ten gevolge van de te verwachten hoge loonkosten over 1977 op te vangen --- De doodstraf *N EEN strafgevangenis in de Amerikaanse staat Utah wacht een 35-jarige man op de voltrekking van zijn doodvonnis. Deze hoogste straf werd in Oktober tegen hem uitgesproken we*ens het doodschieten van een hotelbediende. De wetten van de staat Utah dat het vonnis binnen 60 •«gen na de uitspraak voltrokken wordt. Aanvankelijk was de terechtstelling «paald op 15 november. Maar de "vocaat van de veroordeelde diende ?1 de gouverneur een gratieverzoek ■•Dit verzoek werd gedaan tegen de ■Wrukkelijke wil van de veroordeelde < die te kennen heeft gegeven liever "te willen sterven dan heel zijn ■"Oere leven in een gevangeniscel *jr te brengen. Het gratieverzoek is afgewezen en als nieuwe ecutiedatum is aanstaande maandag gesteld. Maar opnieuw zijn po!"8en aangekondigd om de voltrekj^S van het vonnis tegen te houden, nisav" dC kant van burgerrecht-orgadatu 3**8- "jst' of dit schuiven met alsgZ* niet moet worden aangemerkt tiCk extra foltering voor iemand die Het *°P Z'J" dood heeft voorbereid. deze fS overiBens te verwachten dat *eer re?htstelling de gemoederen doodstr f • Z°U vernitten> want de «ele __ ls nu ccnmaal een emotio- VereniKdnegeiegenheid' zeker in de tijd erß waar er de laatste 8 veel over te doen is geweest. HOEWEL dertig staten (van de vijftig) de doodstraf in hun strafwetgeving kennen, is er sinds 2 juli 1967 in de Verenigde Staten geen doodvonnis meer voltrokken. Wel zijn er vele doodstraffen uitgesproken, omstreeks zeshonderd. De tenuitvoerlegging daarvan is echter opgehouden doordat het Amerikaanse Hooggerechtshof de vraag kreeg voorgelegd, of de doodstraf wel verenigbaar is met de Amerikaanse grondwet, die wrede en ongebruikelijke straffen verbiedt. In 1972 sprak het Hooggerechtshof uit, dat er in verschillende staten veel mankeerde aan de rechtsgelijkheid bij de toepassing van de doodstraf. Men diende dan ook zijn wetgeving te herzien. Dat is inmiddels in verschillende staten gebeurd. Op 2 juli van dit jaar, precies negen jaar na de laatste executie, sprak het Hooggerechtshof uit, dat de wetten van Florida, Georgia en Texas aan de normen van de grondwet voldeden en die van Noord- Carolina en Louisiana niet. Het belangrijkste van deze uitspraak was het principe: op zichzelf behoeft van de doodstraf niet gezegd te worden dat ze „wreed en ongebruikelijk" is. De kritiek op de wetten van Noord- Carolina en Louisiana lag in het feit dat men daar de rechtsgelijkheid te ver had doorgevoerd, door voor bepaalde misdrijven de doodstraf verplicht voor te schrijven, zonder dat rekening gehouden kan worden met persoonlijke of verzachtende omstandigheden van de verdachte en zijn misdrijf. Noord-Carolina was op dat moment de staat van de meeste ter dood veroordeelden: 109 van de 592 die in heel Amerika op de doodstraf wachten. De uitspraak van het Hooggerechtshof betekende voor ruim 300 van de 592 de rechtvaardiging van het tegen hen uitgesproken vonnis, waarvan er tot dusver overigens nog niet één voltrokken is. TEGEN de doodstraf worden verschillende argumenten aangevoerd. Het belangrijkste daarvan is, dat de staat zich verlaagt tot hetzelfde niveau als de misdadiger als in zijn opdracht in koelen bloede iemands leven wordt beëindigd. Voorts wordt aangevoerd, dat het strafrecht niet mag dienen voor wraak, maar alleen voor bescherming en verbetering van de maatschappij; daartoe past wel een op resocialisatie afgestemde gevangenisstraf, maar geen doodstraf. Een derde argument is, dat een eventuele rechterlijke dwaling onherstelbaar is, en een vierde dat men iemand de kans beneemt om tegenover God en zijn naaste tot berouw over zijn misdaad te komen. Daartegenover wordt de doodstraf verdedigd vanuit de behoefte van de samenleving aan wraak voor afschuwelijke misdrijven, en met het oog op de afschrikkende werking. De laatste tijd is daar nog een argument bijgekomen, dat vooral voor terroristen geldt: het gevangenhouden van een terrorist lokt nieuwe terreurdaden uit, waarbij diens vrijlating wordt geëist; de doodstraf is hier de enige afdoende maatregel. Van de drie argumenten ten gunste van de doodstraf is de afschrikkende werking het meest aanvechtbaar. Men heeft wel eens gepoogd perioden met en zonder doodstraf te vergelijken, maar dat heeft nooit overtuigende cijfers aan het licht gebracht. Het is dan ook veiliger zich aan te sluiten bij het Amerikaanse Hooggerechtshof, die dit in het midden heeft gelaten bij gebrek aan gegevens. Het argument van voorkoming van terreuracties is min of meer oneigenlijk, omdat het niet gegrond is in de daden van de veroordeelde, maar in daden van anderen. Alleen wanneer de daden van de veroordeelde zelf de doodstraf rechtvaardigen, kan men stellen dat de overheid zelf nieuwe moeiten veroorzaakt door haar plicht niet na te komen. HET argument tégen de doodstraf, dat de overheid zichzelf zou verlagen, verraadt een humanistisch gedachtenklimaat, waarin geen plaats is voor de speciale verantwoordelijkheid die aan de overheid en aan haar alleen is toegekend, om als wreekster namens God rechtmatig het leven te benemen aan iemand die zich aan een ander, ook naar Gods beeld geschapen, vergrepen heeft. Hetzelfde humanisme gaat schuil achter de afkeer van wraak en vergelding. Men beroept zich daarvoor wel op de Bijbel, maar die heeft in Rom. 12 :19 het oog op mensen onderling, terwijl juist onmiddellijk daarop naar de overheid wordt verwezen, die wel het zwaard draagt. Als ieder zichzelf wreekt, heerst de chaos; daarom heeft God juist de overheden verordend. Wanneer God zelf verordent dat moord aldus vergolden wordt, mag de mens niet proberen wijzer en barmhartiger te zijn dan God en de dader toch nog een termijn voor bekering willen toekennen. Die termijn is er trouwens toch altijd tussen de daad en het moment van voltrekking van de straf. Alleen de mogelijkheid van rechterlijke dwaling is een ernstig te nemen argument. AHeen bij volstrekte zekerheid over het daderschap zal tot het opleggen van deze straf mogen worden overgegaan. Samenvattend concluderen we, dat de doodstraf op grond van de Bijbel tot de bevoegdheden en de opdrachten van de overheid gerekend moet worden. Alle andere Overwegingen, of ze nu vóór of tegen de doodstraf pleiten, /uilen daarvoor moeten wijken. Het gaat daarbij ook niet zozeer om de behoefte van de maatschappij aan wraak, want daarin kunnen heel ongezonde sentimenten een rol spelen. Het gaat om de schending van Gods orde, die om vergelding roept. DIE VERGELDING is lange tijd een verboden term geweest in de rechtzalen, maar wat is het gevangen houden van de „Drie van Breda" tot de dood erop volgt, anders dan vergelding? Zelfs komt ons voor dat de regering /.ich hier meer laat leiden door de wraakgevoelens bij delen van ons volk dan door haar roeping als wreekster namens God. Ook in de zaak tegen de ex-SS'er L. is duidelijk gesteld, dat vergelding de enige grond is om nu nog straf op te leggen. Dat daar niet de doodstraf is geëist - oorlogsmisdaden zijn in ons strafrecht het enige geval waar dit mogelijk is - kunnen we rechtvaardigen wanwege de zeer langer tijd die tussen misdaad en vergelding verstreken is. Wel vonden we dat de officier hiervoor een vreemd argument had. Hij vond eigenlijk de doodstraf niet zwaar genoeg. Hij vond levenslang een /waardere straf, omdat de veroordeelde dan hevig gekweld zou worden door zijn herinneringen die door het proces weer naar boven gekomen waren. Aan de/e redenering zitten twee kanten. De eerste is de vraag of levenslange gevangenisstraf inderdaad een begenadiging mag heten in vergelijking met de doodstraf. We zagen reeds dat de in Utah veroordeelde daar anders over denkt. Naar menselijke maatstavengerekend menen we inderdaad dat een werkelijk levenslange gevangenisstraf een vorm van barmhartigheid is, die onmenselijker en wreder is dan de vergelding met de doodstraf. Dat geldt ook voor de Drie in Breda. Alken wanneer men ervan uitgaat dat op deze eerste gratiëring een tweede zal volgen, zodat er uitzicht op vrijlating blijft, kan men een langdurige vrijheidsberoving lichter nomen. Er zit aan de doodstraf echter ook nog een andere dimensie, die deze officier kennelijk niet in rekening heeft gebracht. Wie geen leven na dit leven kent, kan inderdaad stellen dat een snelle dood te verkiezen valt boven langdurige kwelling door wroeging. Maar wie de Bijbel kent, weet dat het met de executie niet afgelopen is. De aardse rechter draagt daarmee iemand over aan de Hemelse rechter. De/e vonnist naar andere maatstaven dan de aardse rechter en het komt niemand op aarde toe in Zijn stoel te gaan zitten. Maar Zijn oordeel mag ook niet zo buiten beschouwing worden gelaten als de Roermondse officier in zijn redenering deed. AFGEZIEN van de oorlogsmisdrijven kent Nederland al sinds 1880 de doodstraf niet meer. Er is ook weinig aandrang om daarin verandering te brengen. Dat ligt elders anders. We noemden de Verenigde Staten al. In Engeland werd het laatste doodvonnis in 1964 voltrokken, en vond een jaar geleden nog een heftig Lagerhuisdebat plaats over herinvoering, vooral met het oog op het terrorisme in Noordlerland. In Frankrijk wordt de doodstraf nog steeds toegepast. Ondanks de duidelijke uitspraken van de Bijbel wijzen ook de christen-democraten in Nederland een doodstraf af. Twee jaar geleden antwoordde minister Van Agt op een vraag van SGP-senator Meuleman, of de minister de overtuiging deelde, „dat heropneming van de doodstraf in het civiele strafrecht voor moord met voorbedachten rade geboden is, niet allereerst vanwege haar mogelijke preventieve werking, maar op grond van het gebod Gods", met slechts één woord: „Neen". Het zou interessant zijn nu van de minister te vernemen, of hij het met de Roermondse officier van justitie eens is, dat levenslang een zwaardere straf kan zijn dan de doodstraf. Misschien wil hij zich dan ook nog eens verwaardigen zijn antwoord op de vraag van de heer Meuleman van enige argumentatie te voorzien. --- Israëlische minister Peres in Nederland SCHIPHOL - Met een lijntoestel van El Al is gisteren de Israëlische minister van defensie, Sjimon Peres op Schiphol aangekomen. Op doorreis naar Amerika, waar hij de situatie in het Midden-Oosten met regeringsleiders gaat bespreken, blijft hij twintig uur in ons land. Vandaag zal hij weer vertrekken. Van die tussenstop heeft hij gebruikt gemaakt om op een bijeenkomst, die gisteravond in Amsterdam belegd was door de „collectieve Israël actie", leidende figuren van Joodse verenigingen en kerkelijke gemeenschappen nogmaals op het hart te drukken Israël niet alleen morele, doch ook financiële steun te verlenen in de strijd voor het bestaansrecht van Israël als onafhankelijke staat. De aankomst van minister Peres was op Schiphol uit veiligheidsoverwegingen strikt geheim gehouden op verzoek van de Israëlische ambassade. De Schiphol-directie en de dienst luchtvaart van de rijkspolitie hadden het hele perscentrum hermetisch afgegrendeld. Een kordon van politiemensen was ter bescherming aanwezig. Ook de deuren naar het complex van conferentie-kamers en de grote ontvangsthal waren op slot gedaan. Een toevallig aanwezige persfotograaf kreeg geen toestemming om een foto van de Israëlische gast te maken. De minister zelf echter gaf voor zijn vertrek uit Tel Aviv een openhartig interview aan de correspondent van een Nederlandse krant. --- Van moord op grenswachten Oostduitser in Bondsrepubliek vrijgesproken ESSEN - Een rechtbank in Essen heeft gisteren een uitgeweken Oostduitse grenswacht vrijgesproken, die er van was beschuldigd dat hij bij zijn vlucht naar het Westen twee collega's had doodgeschoten. Weinhold kwam in de nacht van 19 december van het vorig jaar bij Hildburghausenoverdegrens. Volgens de tenlastelegging had hij voor zijn vlucht drie auto's gestolen. Voor deze diefstal en voor het doodschieten van twee van zijn collega's had de openbare aanklager tien en een half jaar gevangenisstraf geëist. Van zelfverdediging, zoals de verdediging aanvoerde, was volgens hem geen sprake. Van Oostduitse zijde was een 109 bladzijden omvattend proces-verbaal gestuurd met tien patroonhulzen en vier projectielen uit het wapen van Weinhold. Ondanks verzoeken van de rechtbank in Essen was uit de DDR geen verder bewijsmateriaal ontvangen, terwijl ook de opgeroepen getuigen bij gebrek aan een uitreisvisum niet waren komen opdagen. In zijn laatste woord had Weinhold zijn spijt betuigd over de dood van zijn collega's. Hij sprak de wens uit dat de Oostduitse autoriteiten de mensen die de DDR willen verlaten, daarvoor toestemming geven. --- De Bilt meldt... Vrij koud Wisselend bewolkt met voornamelijk in de kustgebieden een lokale bui, mogelijk met natte sneeuw. Zwakke tot matige wind uit westelijke richtingen. Maximumtemperaturen omstreeks 4 graden. --- Ouders onderhandelen alleen met ontvoerders BRUSSEL - Het Nederlandse echtpaar Berbes onderhandelt sinds gisteren zelfstandig met de ontvoerder[s] van hun 13-jarige dochter Johanna die dinsdag in Brussel werd gekidnapt. De vader van het ontvoerde meisje liet weten, dat de Belgische politie zich op zijn uitdrukkelijk verzoek heeft teruggetrokken uit de onderhandelingen over een losgeld en de plaats waar dat zou moeten worden gedeponeerd. ---