Buitenlandsch Overzicht. De moord op den Britschen opperbevelhebber in Egypte. — Zagloel'i moreele verantwoordelijkheid. — Ontstemming te Londen. — Verscherping der Britsch-Egyptische geschillen verwacht. — Het nieuwe kabinet in Oostenrijk. — Rarnek's regeeringsverklaring. — Steun der coalitie-partijen. — Seipel's heengaan. — Zn verdien, sten geëetd. — Heer hooid dan hart? — Rechtsche vrees voor mogelijke geschillen in de coalitie. Generaal Lee Stack, de Britsche opperbevelhebber in Egypte, is aan de verwondingen, welke hij bij den aanslag van eergisteren bekwam, overleden. Hierdoor is de toch al te ingewikkelde en netelige Egyptische kwestie weer met een en moeilijkheid vermeerderd. Het slachtoffer treft, zooals in de meeste dergelijke gevallen, waarin personen voor ideeën geofferd worden, geen Moam. Sir Lee Siaek was een uiterst verdienstelijk militair, die als zoodanig, maar meer nog als gouverneur van den Soedan, veel goeds verricht heeft. In 1899 begon hij zn Egyptische carrière, in 1904 werd hij opgenomen in het bestuur van den Soedan, waarvan hij in 1916 gouverneurgeneraal werd. Sedert de verdrijving van den Mahdi, in 1898, is veel van het beschavingswerk, dat in den Soedan is verricht, aan sir Lee te danken, vooral voor de groote bevloeiïngsinrlchtingen met Nijlwater heeft hij zich sterk geïnteresseerd, evenals voor de ontwikkeling van de katoenteelt. Hij was dus een van die uitnemende mannen, welke Engeland het geluk heeft, er velen te bezitten en die het uitzendt naar zijn overzeesche gewesten, om daar den bloei van het wereldrijk te bevorderen. Als drager van Engelands macht is hij nu onder de revolverkogels van eenige fanatici gevallen. Men trof het rijk dubbel, in den gouverneur van den Soedan, die Egypte voor zich eischt en in den vertegenwoordiger van het Britsche militaire regime in Egypte, \ptenaren opgeheven wilden hebben. Over die beide eischen is, gelijk men weet, / pte's premier, in Londen n nald komen spreken, dit najaar. De Egyptenaar had geen succes; de tradities van het Britsche rijk veroorloofden den vooruitstrevenden Mac- Donald evenmin als ze het eenig Britsch staatsman gedaan zouden hebben, om het Suezkanaal niiten Britsche controle te stellen en het belang, rijke Soedan-gebied, dat nog niet voldoende ontwikkeld is om op eigen beenen te staan, aan den jongen en nog in zn „vlegeljaren" verkeerenden lischen staat over dragen. loei Pasja, die blijkbaar de onmogelijkheid inzag om goedschiks of kwaadschiks, meer van Engeland te verkrijgen dan reeds he^ geval was geweest bij de erkenning van Egyple's onafhankelijkheid sloeg, bij zn terugkeer te Cairo, een htel wat gematigder toon aan dan den nationalistischen drijvers in Egypte lief was. Deze lieden staan spoedig met een revolver klaar; de premier heeft dat zelf ondervonden, toen hem in het voorjaar een kogel ernstig verwondde. Thans hebben ze den sirdar, sir Lee Stack, als slachtoffer voor hun wijze van betoogen gekozen, met het noodlottig resultaat, dat deze Engelschman ook werkelijk doodelijk getroffen werd. Alle pogingen, om hem in leven te houden hebben, ofschoon ze zich een oogenblik gunstig lieten aanzien, gefaald. Zagloel Pasja heeft zich, onmiddellijk na hel bekend worden van de misdaad, naar het paleis van den Britschen commissaris, AUenby, begeven, waar hij zeer bewogen zijn leedwezen en afschuw over den aanslag uitsprak, le regeering heeft hooge prijzen op de hoofden der misdadigers gesteld en de Egyptische bladen keuren in verontwaardigde commentaren den aanslag af. Toch is dit alles voor de Engelschen niet voldoende. Er heerscht in Londen een zeer wrevelige stemming tegen Zagloel, wien men niet ten onrechte verwijt, dat hij zelf met zijn politiek dergelijke excessen als er nu weer een gebeurd is, in de hand werkt. Herhaaldelijk heeft hij de uiterste nationalistische gevoelens in het volk met zijn redevoeringen opgezweept, om ze dan later met zijn daden teleur te stellen. Dit verscherpt het gevaar voor stuurloosheid bij opgewonden gemoederen en de regeering doet te weinig, om de orde te verzekeren. Relletjes en opstootjes zijn in Cairo aan de orde van den dag. Het schijnt, dat het Britsche kabinet, dat gisteren over de zaak vergaderd heeft, besloten heeft om een krachtige nota tot de Egyptische regeering te richten, waarin gedreigd wordt met Engelsche interventie, wanneer zij de orde niet zelf kan handhaven. De geheele zaak wettigt de vrees voor een vering der Britsch-Egyptische geschillen, juist nadat Zagloel — te laat evenwel — besloten heeft om eieren voor zijn geld te kiezen en tegenover Engeland een „Realpolitik" te voeren. Oostenrijk heeft gisteren zijn nieuwe kabinet gekregen. Met 91 tegen 60 stemmen heeft de Nationale Raad Remek en de ministers die hij voorstelde gekozen; de burgerlijke coalitie, waarop ook Seipel gesteund heeft, stond tegenover de sociaal-democraten. Ramek is dadelijk van leer getrokken met een program-verklaring, die echter weinig van belang bevatte. De hoofdzaak bepaalde zich tot frazes over de voortzetting der saneeringspolitiek en van beteekenis was alleen de aankondiging dat de nestuurshervorm.ng — in de rchting van de central satie. waarvan Seipei niet weten wilde — binnen het kader der saneeringspolitiek zoo sp edig mogelijk zal worden uitgevoerd. Deze taak »• rmt de grootste opgaaf voor het kabinet en het moet nog blijken of het er in slagen -zal. zich er doorheen te slaan, zonder in conflict met een van beide coalitie-partijen te komen. Voorloopig zegden beiden steun toe. Seipel deed het namens de christelijk-sucialen; hij sprak vooral vertr uwen uit in de personen, waaruit het kab.net is samengesteld. Namens de groot-Duitschers — wier ideaal samenvoeging van Oostenrijk bij Duitschiand is; de verwezenlijking daarvan beletten voorijk de gea lieerden echter — zeide Dingtc Groot-Duitschers den kleinen Oosten, en staat zoolang zelfstandig willen handhaven, totdat de idee der nationale gerechtigheid en de nationale vrijheid de overwinning hebben behaald. Geen macht ter werelJ zal dezen natuurlijken ontwikkelingsgang duurzaam kunnen belemmeren. Verschillende plannen inzake een Donau-federatie verwierp hij om nationale en ook om sociale redenen. De saneering moet ten spoedigste tot een zoed einde gevoerd, de controle opgeheven, de vrijheid en onafhankelijkheid des land 11 worden. Medewerking aan de verwezenlijking dezer doeleinden achtte Dinghofer den plicht zijner partij. De sociaal-democraten kondigden aan, het kabinet-Ramek evenzeer te zulen bestrijden als ze dit het kabinet-Seipel gedaan hebben. Alles blijft f>nde voorloopig bij het oude, zoo lang de te verwachten moeilijkheden zich niet duidelijk afgeteekend hebben. Tot December heeft Ramek liet parlement pas in die Van den nieuwen premier verwachten zij. die den tot dusver . koers wat al te straf vonden, verbetering. Of Ramek aan die verwachtingen tegemoet za] komen en cf dat dan in belang zal Mijken. zijn vragen, waarop nog geen antwoord mogelijk Inttisschen is men in rechtsche kringen niet zeer gerust op den gang van zaken. Nu Seipel lat. vindt men daa beid, zich eens te herinneren, wat men aan hem te danken heeft. Xeue Wiener Journal" herinnert aan het vertrouwen, dat Seipel in Vulkenbondskringen genoot. „Voor ren arm. weerloos, om zn bestaan worstelend land, dat vrij spel bood aan ongebonden partij-krachten, was deze, door een zeldzaam idealisme gedragen, van gloeienden werkijver en eerzucht in daden vervulde persoonlijkheid, bijna de ei al der hope", schrijft het bind. Zelfs in de oude monarchie, welke het aan talenten toch niet ontbrak, was een figuur van Seipels kracht in de laat nia vrijwel niet aan te wijzen. Ongetwijfeld, zoo schrijft het „N. W J.", de kanselier I, die nu zn onMag genomen heeft, is niet meer de sterke man. die eens den oppermachtigen prelaat Hauser ten val bracht en in de plaats van de zwart-roode1 coalitie het der christelijk-socialen en groot- Duitschers schiep. Hij was ook niet dezelfde, die overdag zich met den moeilijksten arbeid op zn departement en in de volksvcrtegenwoordigingbezig hield, om 's avonds van vergadering naar vergadering te trekken, ten einde de massa van zijn partijgenooten aan zijn persoon te binden Niet alleen de re. ten van Jaworek, maar meer nog de voortdurende steken uit het eigen kamp hebben zn zenuwen vermoeid, hebben den onvermoeibare het 1 ■ te zijn, bijgebracht en hem ten slotte l ien verleid, die den anders zoo bekwamen en concilianten leider van onderhandelineen vreemd waren. Dr. Seipel heeft in den laatsten tijd ongetwijfeld menige fuut begaan, menigmaal bleef hij zelfs zn trouwste aanhangers onbegrijpelijk. Maar een ding verheft hem boven alle politici van het tegenwoordige Oostenrijk, zn groote kracht, die hem zelfs de boosaardige definitie van den man met het groote hoofd, maar zonder hart bezorgde. Dr. Seipel verlaat de bondskanselarij. Wie voor hem in de plaats komt, zal in zijn geest moeten voort-arbeiden, daar het eenmaal begonnen werk zijn loop moet nemen, veranderd noch onderbroken kan worden, en dit te minder, waar het aftreden van Seipel den Volkenbond tot grooter strengheid bij het vasthouden aan de getroffen overeenkomst zal doen vasthouden. Het blad besluit zn artikel met zich af te vragen, of Seipels opvolger deze noodzakelijkheid zal erkennen, of een spel om Oostenrijks bestaan zal beginnen. Seipels aftreden heeft niet alleen een regeeringsmaar ook een staatscrisis veroorzaakt, een van de tegenwoordige meerderheidspartijen, want ook het voortbestaan der coalitie is in gevaar. Seipels regeerings-aanvaarding bracht het einde der zwar; ilitie. Zal zijn heengaan haar wederopstanding beteekenen"? --- BINNENLAND. Dure Panden. Gisteren zijn te Heerenveen, zoo schrijft men ons van daar, door den ontvanger der registratie twee huizen in die plaats verkocht, die voor enkele jareri door het rijk aangekocht zijn. Het eerste, pand werd toen betaald met ƒ14,000; het moest ingericht worden voor bureaux voor de inspectie lager onderwijs, wat pi. m. ƒ3OOO kostte; totaal ƒ 17,000. Nu is het verkocht voor ƒ7831. In 4 jaar een verlies van bijna f 10,000 of bijna 60 pet Het andere pand, gekocht voor woning van een ambtenaar bij 's rijksbelastingen, die thans een ander huis betrokken heeft kostte aan het rijk ƒ 13,000. Het bracht nu f 8456 op; aldus ongeveer 35 pet verlies. --- De Sirene te Lemmer. Gisteren is. naar men ons schrijft, in tegenwoordigheid van eenige genoodigden, o. w. de heer S. W. de Jong. lid van het college van Gedeputeerde Staten; J. Slump, wethouder van de gemeente Lemsteriand; G. de Jong, secretaris van de vereeniging van gezagvoerders; J. Machwirth, ingenieur van het provinciaal ekctriciteitsbedrijf en J. Nieuwenhuis, commissaris van de Groningen— Lemmer-stoomboot-mij., door het bestuur en volmachten van het waterschap De Lemstersluis de electrische mistsirene officieel in bedrijf gesteld, waartoe een boottocht werd gedaan in de richting van Urk en Schokland, ten einde vast te stellen, op welken afstand het geluid waar te nemen is. Van Lemmer uit werd tegen den wind in gevaren in de richting van L'rk, waarbij men constateerde, dat het geluid, na 42 minuten varens bij een snelheid van 16 K.M. per uur, dus op een afstand van 11.2 kilometer uit Lemmer, op een varende boot nog zwak waar te nemen was, en op een stilliggende boot op een afstand van 14 K.M. nog te hooren was. Op den terugtocht werd het geluid weer, na 24 minuten varens van Urk, duidelijk waargenomen, en was de haven van Lemmer, niettegenstaande den dikken mist, gemakkelijk te vinden, zoodat voldoende is gebleken, dat door het plaatsen van de sirene een groote verbetering voor de scheepvaart is tot stand gebracht, waarvoor het bestuur van het waterschap De Lemstersluis dan ook door de aanwezigen hulde en dank werd toegebracht. De installatie bestaat uit een compressor of luchtpomp, welke door een electromotor van IIAllA PK. in werking wordt gebracht. Uit die luchtpomp wordt de lucht in een ketel geperst, vanwaar ze weer bij een spanning van 2—2 Vi atmosfeer door een ventiel naar het z.g.n. karaktertoestel wordt gedreven. Dit toestel, dat het aantal stoolen en rustpoozen regelt, door middel van een schijf met pal, wordt door een electromotor van A P.K. in werking gesteld, en laat 4 maal 2.5 seconde, met tusschenpoozen van 7 seconden, de lucht door naar de sirene, welke boven op het gebouwtje is geplaatst, terwijl na elke 4 stootrusttijd intreedt van 36 seconden. --- Eerste Kamer. De Eerste Kamer heeft het wetsontwerp tot wijziging van art. 26 der Arbeidswet met 23 tegen 14 stemmen aangenomen. Met 26 tegen 7 stemmen werd aangenomen de wijziging dezer wet in verband met de handhaving van het drie-pkoegenstelsel in het continubedrijf. --- Mond- en klauwzeer Gedurende het tijdvak van 9 tot en met 1b November j.l. zijn in de provincie 12 gevallen van mond- en klauwzeer geconstateerd in de gemeentui jVmeland, Barradèel, Haskérland, Öpsterland, Schoterland, Smallingerland en Tietjerksteradeel. --- De vliegtocht Nederland—Indië. De „E VII" zal met de bemanning te Medau Zaterdag overblijven, omdat dit noodzakelijk is in verband met de maritieme veiligheidsmaatregelen op' de nog af te leggen afstanden over zee, waarvoor verplaatsing, van enkele, op het traject tusschen de kusten van Malakka en Sumatra gestationneerde schepen noodig is. in verband met het feit. dat gedurende de I etappe Muntok—Batavia nagenoeg geheel boven de zee zal worden gevlogen Te -Medan meende men Woensdagochtend al. dat de vliegers in aantocht waren. Dien ochtend vroeg — zoo werd van daar geseind — heeft geloei van de brandweersirene de kom