Sean Kelly op jacht naar Tourzege 'Groene'wil geel ar .an Kelly, nummer één op de ir'ereldranglijst, vertelt honderm ut. De Tour staat centraal. Zel'l-) £n in zijn twaalfjarige profcar- P.,-re> waarin hij zich op de fiets w*t het kromme stuur opwerkte >m\n minimumloner tot miljoe- P nverdiener, maakten we zon irMfverzekerde en openhartige ehy mee. „Vind je me veran- haakt hij in op de eerste _ 'aag. „Dat komt wellicht door //fijn grijze haren," grapt hij verttolgens. „Sommige mensen achten mij als tweeëndertigjari- E al te kunnen afschrijven. Het 'gendeel heb ik bewezen. Pap-Nice, Gent-Wevelgem en de kmde van Spanje. Drie belang- Jke overwinningen op rij. Tot 1-isver zijn al mijn wensen dit ar in vervulling gegaan. Nu nog - Tour." [lare taal van de lerse volksheld. ;rrPomende drie weken zal op de i)/egen van 'ia Douce France' blij;e en of zijn metamorfose als grote lejpnderenner geen ijdele hoop ie'asne Je hebt inderdaad een mooi succes geboekt in de -* Ronde van Spanje. On. danks talrijke overwinnin-1 gen in klassiekers en etappewedstrijden, ontbrak een grote ronde op je erej lijst. De eindzege in de Vuelta heeft die leemte opgevuld. Maar Spanje is nog geen Tour? „Het heeft me wel de overtuiging gegeven, dat ik ook de y-lour kan winnen. Zeker deze, vant voor de andere kanshebbers hoef ik geen schrik te heb• fen." | Na Spanje verdween je uit de actualiteit. Dat zijn we r ( van Kelly, die voorheen alict les reed om te winnen, niet ie gewend? off— |I"Een verandering van instelling. 1 Mijn programma is anders dan andere jaren. Ik ben met opzet ginder gerodeerd naar Zwitserland gegaan. Na de Ronde van Spanje heb ik twee weken stilgelegen. Na een verblijf van drie dagen in lerland ben ik thuis in België gebleven. Op het gemak. Anderhalfuurtje trainen per dag. Vervolgens ben ik in de vijfdaag- Se Ronde van Asturië herbegon!!< nen. Ook was uitsluitend om aan » de vorm te schaven. Voor de start '. Van het seizoen had ik dat al zo \\ Met opzet startte ik in ,de Ronde van Zwitserland in mindere conditie. Elke dag ging ;' jk beter fietsen. In de laatste twee bergritten was ik weer heel goed. Ik ben tevreden met de . Vooral met het oog op de *, lour. De grote vorm komt precies op tijd. Ik ben klaar voor de Ronde van Frankrijk." ■V Je denkt dus de Tour te t kunnen winnen? - Ja. Deze keer geloof ik er echt ,f 'n. Ik ben zeker een van de favo- Jj rieten." Het is deze keer nu of nooit? V. nDat zeg ik niet. Na afloop van de j tour kan ik pas een conclusie p trekken. Als ik straks niet win, ijj maar wel bij de eerste drie einfl Qig, zal ik erin blijven geloven 4 voor de volgende keer." Wie zijn de belangrijkste kanshebbers? „Veel. Ik denk, van wat ik in de Giro gezien heb, dat Hampsten goede papieren heeft. Breukink zelfs ook. Jij hebt misschien een andere mening, omdat Breukink de Giro achter de rug heeft en nog jong is. Ik denk van niet. De Giro was dit jaar wellicht zwaarder dan andere jaren, maar niet te vergelijken met de Tour. De Ronde van Italië is veel minder slopend. In de vlakke ritten wordt alleen gedurende de laatste vijftig kilometer gevlamd. Volgens gaat Breukink een grote Tour rijden. Delgado wordt ook gevaarlijk. En Jeff Bernard natuurlijk. Mottet eveneens. Fignon, als hij in de vorm van het voorseizoen verkeert. De Columbianen? Herrera was in de Ronde van Spanje niet zo goed als vorig jaar. Maar de laatste weken was hij wel in grote doen. Hij wint niet voor niets achter elkaar de Dauphiné Libéré en de Ronde van Columbia. Hij is dus in topvorm. Van de Spanjaarden alleen Delgado. Pino is gevallen in Asturië. Hij heeft te weinig tijd om voor de Tour weer in vorm te zijn. Fuerte kan misschien verrassen. Maar hij verliest te veel in de tijdritten." Waarop baseer jij je geloof in je kansen? „Dat heeft diverse oorzaken. In de eerste plaats mijn overwinning in de Ronde van Spanje. Waarom zou ik die lijn in de Tour niet kunnen voortzetten? Ik ben reeds als vierde, vijfde en zevende geëindigd. Ik verloor de tijd steeds in het hooggebergte. In Spanje klom strek en was heel regelmatig. Regelmaat is enorm belangrijk in het etappewerk. Als je een slechte dag hebt, verlies je vele minuten. Ik vrees maar één ding: het weer. Dat speelt ook een grote rol. Als het elke dag snikheet is, ben ik gezien. Voor mij mag het niet te warm te zijn." Je geniet eigenlijk een reputatie als topsprinter. Toch lijkt het alsof je niet meer zo snel bent? „Ik ben veranderd als renner. Inderdaad niet meer zo snel aan de meet. Maar ik klim gemakkelijker en presteer beter in de tijdritten. Ik heb mijn actieterrein verlegd. Dat gaat ten koste van mijn snelheid. Bovendien, als je voor het klassement wil rijden, kostje dat enorm veel krachten. Daardoor ben je in de eindspurten niet meer zo snel. Een sprinter spant zich alleen in de vlakke etappes in en doet het op zijn gemak in de bergritten om niet veel krachten te verspelen. Een klassementsrenner moet er elke dag staan." Je hebt derhalve gekozen voor het klassementswerk? „Inderdaad. Als je een compleet renner wil zijn, moetje ook grote etappekoersen winnen. Als sprinter kun je alleen ritten winnen. Dat is alles. Een groot verschil." Maar het leverde je toch ook al drie keer de groene trui op? „Die hoef ik dus niet meer te winnen. Niet dat ik het puntentricot niet pak, als ik hem voor het grijpen heb. Maar groen is geen doel. Ik wil nu geel zien." Waarom heb je zo lang gewacht met die keuze? „Dat is geen kwestie van kiezen. Het komt met de jaren. Als je ouder wordt en meer ervaring krijgt, word je sterker in het klimwerk, regelmatiger en ga je beter tijdrijden. Het is een rijpingsproces. In mijn geval is het zo gegaan. Tijdens mijn eerste profjaren wist ik nog niet, dat ik ook kwaliteiten als klassementsrenner had. Ik geloofde niet genoeg in mezelf. Met de jaren veranderde ook mijn mentaliteit. Ik ging steeds meer in mezelf geloven." Heeft wijlen Jean de Gribaldy belangrijke impulsen in die richting gegeven? „De ploegleiders vertellen veel. Het is gemakkelijk om te zeggen hoe en watje moet doen, maar de renner moet het uitvoeren. Dat is heel wat anders. De Gribaldy heeft veel invloed op mijn loopbaan gehad. Als hij me niet had ontdekt en me uit lerland had gehaald, was ik misschien wel nooit beroepsrenner geworden. Hij bezorgde me mijn eerste profcontract bij Flandria. We la- NANTES/PONTCHATEAU - Bretagne maakt zich op voor de start van de Tour de France. Hoewel de 'préface' morgen in La Baule officieel niets met de 75 ste editie van de Franse nationale ronde te maken heeft, bepaalt dit voorspelwedstrijdje wel wie maandag, wanneer het rondecircus echt begint te draaien, in Pontchateau in de gele trui van start mag gaan. Maar goed ook, want de laatste veroveraar van het door wielrenners meest begeerde shirt is niet van de partij. In de hoop op betere tijden likt Stephen Roche, de alleswinnaar van vorig jaar, nog steeds zijn (knie)wonden. Toch hoeven de lerse supporters niet te treuren. Scan Kelly is er immers van overtuigd, dat hij een van de belangrijkste gegadigden is voor de opvolging van zijn vriend en landgenoot. Aan de vooravond van la Grande Boucle kondigt de in het Belgische Vilvoorde woonachtige Kelly zijn greep naar de eindzege aan. Niet met veel tromgeroffel, want dat is zijn stijl niet. Wel met een overtuigend pleidooi voor zijn kwaliteiten als allrounder, die hij vooral baseert op zijn eindzege in de afgelopen Ronde van Spanje. „Mijn eerste overwinning in een grote ronde. Ik weet nu, dat ik ook de Tour kan winnen," probeert de introverte ler zijn bescheiden imago van zich af te werpen. Tijdens de Ronde van Zwitserland waren we een avond te gast in zijn hotelkamer. gen mekaar goed. Daarom zijn we ook vele jaren samen blijven werken. Ik denk nog geregeld aan hem. Toch beschouwde ik De Gribaldy niet als een tweede vader of vriend, zoals wel eens geschreven wordt. Hij was mijn ploegleider en patron. En vaak keihard voor me. Dat heeft een renner ook nodig." Je ploeg wordt vaak bekritiseerd. In de klassiekers heb je steeds te weinig steun? „Men mag, vooral dit jaar, niet beweren dat mijn ploeg niet sterk genoeg is. In de klassiekers is dat wel het geval, maar de laatste jaren heeft het rondewerk prioriteit gekregen. Het is mooi om een klassieker te kunnen winnen, maar niet het grote doel van mijn sponsor Kas. Wel de Ronde van Spanje en de Tour. Van Calster, Da Silva, Caritoux, Early, Ruiz-Cabestany. Stuk voor stuk renners die in de grote etappekoersen hun mannetje kunnen staan. Het is het een of het ander. Ik heb voor Kas en de rondes gekozen." Je landgenoot Stephen Roche blijft sukkelen? „Het is een triest seizoen voor Stephen. Een zwart jaar. Hij heeft bijna niet kunnen koersen door zijn knieproblemen. Erg jammer. Ik heb met hem te doen, want Stephen is een echte vriend. Ik zie hem weinig. Niettemin hebben we geregeld contact met elkaar. Hij belt wel eens en is ook bij me thuis in Vilvoorde geweest. Na de Ronde van Spanje heb ik hem in lerland ontmoet. Hij vertelde me, dat hij in Duitsland zijn knie ging laten verzorgen. Voor de Ronde van Zwitserland had hij tien dagen getraind. Het ging iets beter met zijn blessure. Maar hij kon niet langer dan twee uur trainen. Hij was er al blij mee. Maar zijn seizoen is helemaal naar de vaantjes. Als de behandeling in Duitsland vruchten zou afwerpen, wil hij in het naseizoen nog iets proberen te redden." Wat is je persoonlijke mening? „Ik heb er een zwaar hoofd in. Hij heeft al twee operaties achter de rug. Als hij zich opnieuw moet laten opereren, wordt het toch bedenkelijk. Een knie is voor een renner heel delicaat. Ik hoop voor Stephen, dat hij eindelijk van zijn problemen verlost zal zijn. Een volgende operatie wordt een enorm risico. Na het wereldkampioenschap heeft hij zijn regenboogtrui bijna niet kunnen dragen. Roche maakt dus een bijzonder moeilijke periode door. Toch" geeft hij de moed niet op." Hij wilde jou eigenlijk aan de regenboogtrui helpen? „Inderdaad. Maar de koers liep anders en Stephen won in Villach. Fijn voor hem, jammer voor mij. Dat is verleden tijd. Ik krijg nog wel kansen. Dit jaar al. Het WK-parcours in Ronse is een kolfje naar mijn hand. Maar mijn gedachten zijn nu bij de Tour. Daarna ga ik me op het WK voorbereiden. Ik zal na de Tour niet te veel criteria rijden." lerland heeft twee wieierstars. Wie is het populairst, Roche of Kelly? „Dat is een moeilijke vraag. Vorig jaar won Roche Giro, Tour en WK. Een superseizoen. Zijn populariteit in lerland steeg daardoor enorm. Dat is normaal. Maar van de andere kant heb ik voorheen jaren achter elkaar gepresteerd. Dit seizoen kon Roche niet fietsen en ik won Parij s-Nice voor de zevende keer, Gent-Wevelgem en de Ronde van Spanje. Ik was dus weer de gevierde held. Maar ik zou echt niet weten wie het populairst is." Je voert het wereldklassement aan. Je bent derhalve de nummer één in de wereld. Toch heb ik wel eens de indruk, dat je door de massa niet als een echte star wordt beschouwd? „Vind ik niet. Overal waar ik kom, word ik herkend en door handtekeningenjagers belaagd. Dat bewijst toch wel mijn populariteit. Maar je moet je niet blindstaren op de taferelen die zich in het verleden in de Tour rond Hinault afspeelden. Toen Hinault drie of vier jaar geleden de Ronde van Zwitserland reed, was het volk ook niet gek met hem. In Frankrijk, ja, maar dat is normaal. Hinault is een Fransman. Een nationale held. In de Ronde van lerland komt iedereen op mij af. In andere landen waar ik fiets, ben ik een buitenlander. Minder enthousiasme is dan ook een normaal gegeven." Houd je van populariteit? „Zeker. Als je populair bent, is het een teken dat de mensen je prestaties waarderen. Maar het is niet altijd even plezierig. Je wordt vaak lastig gevallen. ledereen wil je aanraken of een handtekening hebben. Petjes en drinkbussen zijn geliefd. Toch word ik van al die drukte nooit nerveus of lastig. Ik blijf onder alle omstandigheden mezelf. Bij mij kan iedereen steeds terecht. Als jonge coureur keek ik ook tegen de vedetten op." Hoe reageerde men in lerland op je eindzege in de Vuelta? „Geweldig. Ik moest meteen naar lerland doorreizen. In Dublin werden twee grote recepties gehouden. Er was verschrikkelijk veel volk op de been. Ja, de wielersport is dank zij Roche en mij in mijn vaderland ontzettend populair geworden. Televisie en kranten doen heel veel aan het cyclisme. De klassiekers worden zelfs al uitgezonden. Enkele jaren geleden wist men in lerland nog niet dat die wedstrijden bestonden. De Tour wordt ook elke dag uitgezonden. Toen ik pas als beroepsrenner koerste, was in de * Tour geen enkele lerse journalist te bespeuren. Nu zijn ze met meerderen van de partij." 1988 is al een geslaagd jaar voor Scan Kelly. Maar 1987 was een andere verhaal? „Een rampjaar. Het ongelukkigste van mijn carrière. Tegenslagen bleven me achtervolgen. Vooral mijn noodgedwongen opgave als gevolg van een zitvlakblessure in de Ronde van Spanje deed pijn. Weetje wat het is als je met de gele trui om de schouders moet afstappen, terwijl je vrijwel zeker van de eindzege bent? Ik had het er heel moeilijk mee. Na de Vuelta kon ik drie weken niet fietsen. Ik had weinig tijd om me op de Tour voor te bereiden. Toch draaide ik lekker. Totdat een val me na tien dagen weer uit de strijd wierp. Die nieuwe tegenslag was heel slecht voor de moraal. Vooral omdat ik in 1986 door een val in Zwitserland de Tour niet kon doen. Vorig jaar zat ik na mijn opgave echt diep in de put. Ik kon het niet opbrengen om thuis elke dag naar de Tourreportages te kijken. Dat was te pijnlijk. In zon periode leer je wel de keerzijde van de medaille kennen. Velen begonnen me meteen af te schrijven. Toch kon die achterklap me niet uit het lood slaan. Ik bleef in mezelf geloven en wist dat er betere tijden zouden volgen. Ik nam me voor dit seizoen de betweters de mond te snoeren. Ik dacht er al in geslaagd te zijn. Want de wedstrijden die ik dit seizoen won, waren toch geen kenniskoer- Isen?" Sinds Hinault het peloton vaarwel heeft gezegd, moet je sport het zonder patron stellen. Die rol was eigenlijk voor jou weggelegd. „Voor mij? Nee. Ik heb het recht niet om te denken, dat ik de plaats van Hinault kan innemen. Hij heeft vijf keer de Tour gewonnen. Ik nog geen enkele maal. In de tijd van Bernard stond vooraf vrijwel vast, dat de concurrentie voor de tweede plaats kon fietsen. Dat was ook met Merckx het geval. Hij stak er bovenuit. Dat is het verschil met mij. In het huidige peloton fietst geen enkele renner van Hinaults niveau. Zo eerlijk moeten we zijn. Als je het deelnemersveld van de komende Tour bekijkt, moet je tot de simpele vaststelling komen, dat er geen uitgesproken favoriet bij is. De Tour is helemaal open. Het wordt een heel nerveuze ronde. En verschrikkelijk interessant. Vanaf de eerste dag." Zit het peloton wel te wachten op een leider? „Misschien. Het zou de wedstrijden minder lastig maken. Een leider kan de koers blokkeren. Toen Hinault in de Tour meereed en het zinde hem niet, dat in vlakke ritten te veel gevlamd werd, greep hij in. Voor Hinault had iedereen schrik, omdat hij. respect afdwong. Nu is dat niet meer het geval, want er is geen patron. En voor mij is die rol al helemaal niet weggelegd. Ik ben daar het type niet voor. Ik ben geen man van bevelen. Persoonlijk ben ik van mening, dat zonder patron de wedstrijd veel interessanter kan zijn. Dat moeten de mensen toch hebben?" De vernieuwing van de ■ wielersport is ingeluid. Nieuwe reglementen, een gespreide wieier kalender, kortere etappekoersen, minder kilometers, een selectiever deelnemersveld. Ben je het eens met de lijn Verbruggen? „Het heeft voor- en nadelen. Wat de Tour betreft is de nieuwe reglementering een goede zaak. Eenentwintig dagen in plaats van vierentwintig is meer dan zat. Kortere afstanden en een kleiner deelnemersveld is ook een verbetering." Je bent tweeëndertig jaar. Hoe lang wil je dit zware beroep nog volhouden? „Nog driejaar. Maar ik fixeer me niet op een datum. Ik wil fietsen tot mijn vijfendertigste. Hooguit zesendertig. Zelfs als ik dan nog aan de top sta, kap ik er mee. Ik wil geen tweede Zoetemelk worden. Wat ik daarna ga doen, weet ik nog niet. Dat zien we dan weL Misschien wel iets voor de lerse wielerbond. Ik kan ook nog altijd boer worden, zoals mijn ouders. Ik houd van dat beroep. Het zal me niet verwonderen als ik me. over enkele jaren op een boerderij zou terugtrekken. Maar voorlopig heb ik nog zeker drie seizoenen als renner voor de boeg." Heb je het EK voetbal gevolgd? „Niet helemaal. Als renner krijg je daar niet altijd de gelegenheid voor. Toen Nederland tegen lerland speelde, was er geen tv i» het hotel. Ik volg het voetbal weL maar ben er niet echt kapot van. Rugby is in lerland veel populairder. Bovendien ben ik de afgelopen weken steeds met mijn gedachten bij de Tour de France geweest. Ik geloof echt in mijn kansen op de eindzege. Ik heb er nog nooit zo goed voorgestaan..." [C ;p' door rj % hennie geulen • Scan Kelly: 'Voor de andere kanshebbers hoef ik geen schrik te hebben. Ik vrees slechts een ding: het weer' • Scan Kelly luistert aandachtig naar het advies van zijn echtgenote LAnda. 'Ik heb er nog nooit zo goed voorgestaan', zegt de lerse star aan de vooravond van de Tourstart. Foto's: 3-POOT/DRIES LINSSEN ---