Geen aanwijzing voor misdaad Nog 222 (of 320) mensen zoek na warenhuisbrand Bergen van de doden vordert traag Het zoeken naar stoffelijke resten in de puinhopen van de „Innovation" in Brussel is gisteren tegen de avond stopgezet wegens het instortingsgevaar. De schattingen van het aantal slachtoffers blijven intussen nog uiteenlopen. De politie spreekt van 222 vermisten, de directie van „Innovation" van 320, onder wie 165 bezoekers. Een woordvoerder van de politie verklaarde gisteravond dat er 59 doden waren geborgen, waarvan er 26 geïdentificeerd konden worden. Op het Paleis van Justitie in Brussel hield men het echter op 38 doden, waarvan veertien geïdentificeerd. De lijken, die niet geïdentificeerd kunnen worden, zullen worden overgebracht naar de begraafplaats Fvere, waar de gemeente de begrafenis verzorgt. Een van de directeuren van de „Inovation", de heer Pierre Bolle, verklaarde dat het warenhuis niet was voorzien van een sprenkelinstallatie. Wel waren er rookdetectors, brandslangen en vele brandblusapparaten. De eigen brandwacht bestond uit vier man, waarvan er een op het ogenblik dat de brand werd ontdekt, de ronde deed- De vuurhaard in de opslagplaats op de eerste verdieping, bevond zich slechts op een zestigtal meters van de brandwachtpost, zodat binnen enkele ogenblikken na de eerste melding een brandwacht ter plaatse was. Deze heeft geprobeerd het vuur met een handblusser te doven, doch hij bemerkte spoedig dat dit geen resultaat had en de rookontwikkeling dreef hem terug. Desgevraagd zei hij ook, dat de nooduitgangen van het warenhuis kenbaar waren aan rode lampjes, doch de immense rookontwikkeling belemmerde binnen enkele minuten het zicht volledig. De Brusselse commissaris De Gryse, die de leiding heeft van het onderzoek van de ramp, heeft gisteren verklaard uiteraard ook kennis te hebben genomen van geruchten die de ronde doen, doch er waren ©p~dat ogenblik geen positieve aanwijzingen dat er misdaad in het spel kan zijn geweest. De commissaris deed wel een beroep op alle getuigen om bijzonderheden, hoe onbelangrijk ze ook mochten lijken, aan de politie mede te delen. KONINGIN FABIOLA bracht in een van de Brusselse ziekenhuizen een bezoek aan een Spaanse, die bij de warenhuisbrand ernstige brandwonden heeft opgelopen. --- Broek Een ongeluk blijft toch maar in een klein hoekje zitten. Hoe gaat dat? Je gaat een avondje «it en je denkt: nou wil ik vanavond eens niet op een paar gulden kijken. Je steekt dus een beetje (niet extra veel, want het moet ook weer niet te gek worden) geld in je zak en je gaat op stap. Je neemt een kop koffie en dan iets anders, maar je merkt het al; het valt vanavond niet lekker. Dus drink je mistroostig nog maar een kop koffie en gaat vroeg naar huis. Een verloren avond. De volgende morgen begint ook al even beroerd. Als je je broek wilt aantrekken, blijkt het 'vrouwvolk het nodig geoordeeld te hebben dat de stomerij zich duarover ontfermde- Mopperend trek je wat anders aan. En 's avonds lees je in de krant, dat er in een broek in een stomerij een bedrag van 30.000 gulden is gevonden- Natuurlijk weer een heel gedoe voor zon vent van de stomerij gelooft, dat het werkelijk jouw broek is. Geld kan soms heel ongelukkig maken. Maar icat zouden wij graag willen, dat het onze broek was, daar in die stomerij. --- Kansen Mansholt dalen Italiaan Catani voorzitter nieuwe EEG-commissie? (Van een speciale verslaggever) De kansen dat de voorzitter van de nieuwe Europese commissie uit een van de Beneluxlanden zal komen worden in Brussel zeer laag aangeslagen. Als kandidaten voor de opvolging van prof. Hallstein worden genoemd leden van de huidige EEG-Commissie, de Belg Jean Rey en onze landgenoot dr. S. L. Mansholt. Van Italiaanse zijde is men gekomen met de kandidatuur van de vroegere permanente vertegenwoordiger in Brussel, Gaetano Catani. --- Gedeputeerde J. Spiekhout: Friesland hoopt op groter deel van 100 min dan 14 van vorige keer wMoo! mee" luidde het commentaar van gedeputeerde J. Spiekhout op liet bericht, dat evenals in het begin van het jaar de rijksoverheid weer honderd miljoen gulden aan financieringsmiddelen beschikbaar zal stellen voor de provincies met een hoog werkloosheidspercentage. Uit dat commentaar blijkt duidelijk, dat de gedeputeerde zonder meer verwachtte, dat Friesland van die honderd miljoen ook zijn deel zou krijgen, al had het provinciaal bestuur hierover nog niets uit Den Haag vernomen. Op 30 april was In dit gewest Immers vier procent van de afhankelijke mannelijke beroepsbevolking werkloos tegen 2,8 procent in het gehele land. De gedeputeerde zeide verder te hopen, dst Friesland ditmaal meer zal ■worden toegewezen dan de veertien miljoen gulden van de vorige keer. De gemeenten hebben •op het ogenblik voor 35 miljoen gulden aan besteksklare plannen, die niet kunnen worden uitgevoerd wegens een tekort aan middelen Die achterstand aan middelen is nog nooit zo groot geweest. Na 26 april heeft Friesland niets ontvangen, nadat in de periode 14-26 apri! 2'^ miljoen gulden was toegewezen. Die ontwikkeling had Gedeputeerde Staten doen besluiten een lijst samen te stellen van werken, die de gemeenten niet kunnen uitvoeren. Deze lijst met een totaal van 35 miljoen Is of komt vandaag in Den Haag. Het rijk kan Friesland dus onmiddellijk helpen uit de beschikbaar gestelde honderd miljoen gulden. Gedeputeerde Spiekhout had nog liever gezien, dat de regering dat bedrag niet aan financieringsmiddelen, maar aan subsidie had beschikbaar gesteld, omdat de gemeenten daarmee nog meer zouden zijn geholpen. --- KVP-fractie achter concessievoorwaarden gas en olie Noordzee (Van onze parlementaire correspondent) De KVP-fractie in de Tweede Kamer gaat akkoord met de hoofdpunten van de algemene maatregelen van bestuur, waarin de voorwaarden voor verlening van concessies voor opsporing en winning van aardgas en olie op het Nederlandse deel van het continentaal plat van de Noordzee zijn vastgelegd. Mr. Nelissen verklaarde dit als eerste spreker In het vanmiddag begonnen debat In de Tweede Kamer over de concessievoorwaarden. Dat in het gekozen systeem de mogelijkheid van staatsdeelneming in de winning van olie niet is opgenomen, acht de KVP-fractie — gezien de daaraan verbonden verplichtingen en risico's voor de overheid — juist. Mr. Nelissen wil de maatregel in die zin wijzigen, dat de Nederlandse bedrijven dezelfde belastingdruk zullen ervaren als de buitenlandse. Ook de wijze waarop eventuele staatsdeelneming in de winning van aardgas is geregeld (de regering zal niet of voor 40 procent daarin deelnemen), leek hem onvoldoende afgerond. Deze zaak zou eveneens nader bekeken moeten worden. De heer Van der Peijl (CHU) ging eveneens akkoord met de concessievoorwaarden. De staatsopbrengst uit de oliewinning zal nu ten hoogste 58 procent zijn (zonder staatsdeelneming) en voor aardgas 71 procent (met 40 pet staatsdeelneming). In de voorstellen van de heer Den Uyl waren die percentages respectievelijk 64 pet en 75 è 76 procent, beide met 50 pet. staatsdeelneming. Het landsbelang is echter beter gediend, aldus de heer Van der Peijl, met een produktie op grote schaal dan door een geringe produktie door voorwaarden die onaantrekkelijk zijn vergeleken met die van omringende landen. --- Het tijdperk Kiesinger Buitenlands overzicht Kurt Georg Kiesinger, de Westduitse bondskanselier, staat nu helemaal aan de top van de politieke ladder. Hij leidt niet alleen de regering doch is ook de voorzitter van de sterkste regeringspartij. Met 423 van de 449 stemmen is hij gisteren gekozen tot opvolger van Ludwig Erhard als voorzitter van de C.D.U., de Christen-Democratische Unie. De pil werd voor de onfortuinlijke professor Erhard nog wat verguld met een ere-voorzitterschap. Kiesinger is indertijd als kandidaat voor het bondskanselierschap naar voren gekomen omdat de keuze van markante figuren tot ernstige onderlinge geschillen in de CDU zou hebben geleid. Kiesinger is in zijn politieke loopbaan nooit gehinderd door het hardnekkig vechten voor persoonlijke opvattingen. De elegante en innemende Kiesinger zoekt zijn kracht niet in het „rücksichtslos" opleggen van zijn wil, doch in het behendig zoeken en zo nodig banen van de weg, die hem op de meest winstgevende wijze tot zijn doel kan voeren. Tot dusver behoeft de CDU geen spijt te hebben van haar kanselierskeuze. Kiesinger heeft het als hoofd van de regering voortreffelijk gedaan. De Duitse politiek is beweeglijker en slagvaardiger dan in de laatste periode- Adenauer en tijdens Erhards kortstondig kanselierschap. Ook het buitenlands beleid is redelijk geslaagd. De Westduitse regering heeft de banden met Frankrijk weer nauwer kunnen aanhalen zonder op gespannen voet met Washington te raken. Het succes van het met Kiesingers naam verbonden beleid straalt ook af op diens partij. Terwijl opinie-ondirzoeken in het begin van dit jaar op een voorsprong van 48 tegen 41 procent voor de socialisten wezen, hebben volgens de laatste onderzoeken de christen-democraten weer de leiding in de strijd om de gunst van de kiezers. Er was dus alle aanleiding voor de CDU om de oude situatie te herstellen, waarin de kanselier tevens voorzitter is van de partij. Kiesingers machtspositie is nu stevig geconsolideerd, al moet hij uiteraard rekening houden met zijn socialistische coalitiegenoten in de regering. Hoe sterk hij in het kabinet staat, zal vermoedelijk in de komende weken blijken. Dan begint de kwestie van Engélands lidmaatschap van de EEG een belangrijke rol te spelen in Duitslands Europese beleid en op dit punt zijn er in de boezem van de regering tegenstellingen te verwachten. In de rede, die hij gisteren hield, verwelkomde Kiesinger de lidmaatschapsaanvragen van Engeland, Denemarken en lerland. Hij zei ook, dat Duitsland nauw met Frankrijk zal blijven samenwerken. In dit verband is het interessant te weten, dat volgens het Britse blad „The Guardian" de Duitse regering echter niet van plan is met andere EÈG-landen positie te kiezen tegenover de opvattingen van president de Gaulle. Is dit juist, dan zou de Engelse aanvraag wel eens op de lange baan kunnen worden geschoven. Men ma,-? aannemen, dat sommige ministers in het Duitse kabinet wel degelijk strijd willen leveren voor Engelands toetreding. De socialistische minister van buitenlandse zaken, Willy Brandt, heeft zich altijd zee positief uitgelaten over uitbreiding van de EEG met Engeland. Hij heeft bovendien nog oude en goede relaties met de Scandinavische landen. Uit de houding van Duitsland bij het komende EEG-overleg zal kunnen blijken of Kiesinger ook in staat is de socialisten in het kabinet volledig naar zijn hand te zetten Tot dusver heeft de bondskanselier de spanningen in de coalitie opvallend goed weten op te vangen. Doch hij komt nu voor een niet geringe krachtproef te staan. R. h. KURT GEOUG KIESINGER .... aan de top ... --- Weer honderd miljoen voor bestrijding van de werkloosheid H. Algra: sprake van gespleten situatie Minister-president De Jong heeft gisteravond in de Eerste Kamer medegedeeld, dat de regering weer honderd miljoen ter beschikknig zal stellen aan de provincies met een hoog werkloosheidspercentage. Deze honderd miljoen zullen geleidelijk worden afgezonderd uit de middelen, die bestemd zijn voor de centrale financiering van de investeringen van de lagere publiekrechtelijke lichamen. Gedeputeerde Staten zullen kunnen aangeven wellce werken voor steun in aanmerking komen. De Eerste Kamer begon gisteren aan de algemene beschouwingen. Ir. 11. Vos (PvdA) had het kabinet gevraagd ƒ5OO miljoen tot een miljard geulden voor de werkloosheidsbestrijding ter beschikking te stellen. De heer M. van Pelt (PSP) was van oordeel, dat de regering bij de werkloosheidsbestrijding niet mag terugdeinzen voor inflatoire financiering. De heer H. Algra (AR) wilde graag weten wat er terecht is gekomen van de enkele honderden miljoenen, die door het kabinet-Zijlstra voor de werkloosheidsbestrijding waren bestemd. De AR-senator drong aan op een krachtig beleid inzake de ruimtelijke ordening. Hij stelde de vraag of het regeringsbeleid tot spreiding van de industrie niet gefrustreerd wordt door de agglomeratietendens. Er was volgens de heer Algra sprake van een gespleten situatie. In het Westen is er nauwelijks werkloosheid, terwijl deze in andere gebieden is toegenomen. --- „Moeilijke zaak" Premier De Jong antwoordde dat de werkloosheidsbestrijding een moeilijke zaak is. Zolang de werkloosheid nog een regionaal karakter draagt, acht de regering het ogenblik nog niet gekomen tot het nemen van algemene bestedingsverruimende maatregelen. Wel zal zij zorgen gereel te zijn met eventuele verdere maatregelen. Binnen enkele weken zullen, zo zei de premier in antwoord op vragen van senator Algra, alle projecten die zijn aangepakt met geld van het kabinet-Zijlstra zijn aanbesteed en gegund. Op de tekentafel ligt geen enkel project meer. Wat de feitelijke ontwikkeling van de werkloosheid betreft, deelde de premier mede, dat volgens het Centraal Plan Bureau de jaarraming van 85.000 werklozen zal worden overschreden. Veel zal afhangen van de economische ontwikkeling in Duitsland. Zou deze zich in gunstige zin ontwikkelen, dan zou bij ons het huidige stijgingspercentage belangrijk kunnen worden afgezwakt, zo stelde de minister-president. Hö was overigens van mening dat Nederland zich niet in een recessie bevindt. Wel is de economische groei afgezwakt, maar toch is er nog een stijging, die voor dit jaar is geraamd op vier procent. Het zwaartepunt van de moeilijkheden in de economie noemde de premier van structurele aard. Conjuncturele maatregelen alleen zijn dan ook niet voldoende. --- Opgenomen in ziekenhuizen Giftige dampen in Rotterdam: 20 mensen onwel Twintig mannen, vrouwen en kinderen zijn vanmorgen vroeg naar ziekenhuizen in Rotterdam overgebracht nadat ongeveer tien liter van het uiterst giftige en brandbare acrylonitriel was ontsnapt. Dit chemische produkt, dat vanwege zijn bijzonder kwaadaardige eigenschappen doorgaans nauwlettend in de gaten wordt gehouden, ontsnapte tijdens het onder hoge druk laden van het m.s. „Dutch Master". Door nog onopgehelderde oorzaak belandde tien liter acrylonitriel niet in de tanks van de „Dutch Master" maar in het water. Door de daarbij ontstane giftige dampen begonnen zich bij de twintig mannen, vrouwen en kinderen, allen opvarenden van lichters die dicht bij de tanker waren afgemeerd, vergiftigingsverschijnselen voor te doen, als tranende ogen en braakneigingen. Artsen vonden het nodig dat zij voor controle werden overgebracht naar een ziekenhuis. Later bleek dat geen van hen nadelige gevolgen had ondervonden. --- Affaire-Van Hall Ook de kwestie Amsterdam en de affaire-Van Hall kwamen uitvoerig ter sprake. Ir. Vos, wiens eerste kritiek uitging naar de schandelijk korte tijd die de heer Van Hall voor beraad was gelaten, zei: „De figuur Van Hall is voor ons niet kleiner maar groter geworden". Vreemd vond hij het dat aan het politiële beleid van de burgemeester zon overwegende plaats is toegekend naast de vele zeer goede activiteiten die hij in zijn loopbaan heeft ontwikkeld. De haastvan het ontslag noemde hij niet gemotiveerd. „Het advies van de comnüssie-Enschedé is in de wind geslagen". Mr. J. C. Bührmann (CHU) zei: „Wij zijn goed bezig Amsterdam ziek te praten. Dat is ook ondermijning". De heer Bührmann noemde de heer Van Hall een voortreffelijk Nederlander in dagen van verdrukking, als burgemeester een rusteloos zwoeger voor zijn stad, maar helaas is een juiste handhaving van het gezag hem noodlottig geworden. Mr. H. van Riel, fractievoorzitter van de WD, merkte op dat de heer Van Hall in ethische zin niet rechtvaardig is behandeld. „Maar dat worden wij geen van allen, die op geëxposeerde plaatsen staan". De gebeurtenissen bij het Centraal Station noemde mr. Van Riel veel erger dan het gebeuren op 13 en 14 juni van het vorige jaar. „Men heeft daar een rotte plek rot laten worden". De heer Van Hall is volgens hem het slachtoffer geworden van een algemene besluiteloosheid en departementaal touwtrekken. Senator Algra zei dat sommige personen in leidinggevende functies bij publiciteitsmedia hun best hebben gedaan het gezag in de hoofdstad te ondermijnen. „De Vara mag hier wel genoemd worden, alsook de wijze waarop de oud-staatssecretaris van cultuur, recreatie en maatschappelijk werk zich over de burgemeester uitliet. Hier wordt op de man gespeeld, niet op de bal", aldus de heer Algra. --- Nieuwe directeur van waterstaat Groningen De Provinciale Staten van Groningen hebben ir. H. van Wijngaarden uit Dordrecht benoemd tot directeurhoofdingenieur van de provinciale waterstaat. Hij zal ir. P. Stelling opvolgen, die op 1 augustus 65 jaar wordt. De heer Van Wijngaarden, die hoofdingenieur is van het arrondissement Beneden Rivieren van rijkswaterstaat, stond op nummer één van de voordracht. Tweede was ir. G. Bijleveld, directeur openbare werken in Dordrecht, terwijl ir. H. J. Formsma te Leeuwarden, hoofdingenieur bij de provinciale waterstaat van Friesland, op de derde plaats stond. --- Peppillen onvoldoende Het gaat niet goed met de werkgelegenheid in Nederland. De werkloosheidscijfers over april toonden aan, dat het aantal werklozen over het geheel weliswaar iets waren gezakt, maar dat de werkloosheid in het noorden, oosten en zuiden nog was toegenomen. De vrees bestaat, dat de werkloosheid de komende herfst en winter weer boven de 85.000 en zelfs boven de 100.000 zal stijgen. Nadat eerst de mijnbouw een grote slag had gekregen, valt nu de ene klap na de andere in de textielindustrie. De voorzitter van de bedrrjfsbond voor textiel en kleding, de heer Th. de Jong, heeft onlangs gewaarschuwd, dat als de regering niet op korte termijn maatregelen neemt, da kans groot is, dat over enkele maanden het aantal werklozen in de textiel twee of drie maal zo groot is als thans. In Tilburg zouden vijfduizend man in de textielindustrie met ontslag worden bedreigd. Er dreigen ook gevaren in andere bedrijfstakken. Gisteren is bekend geworden, dat General Banden in Amsterdam gaat sluiten, waardoor zeshonderd man op straat komt te staan. Eén van de ellendigste en benauwendste kanten aan de huidige werkloosheid is het grote aantal werklozen in de bouwnijverheid. Het aantal werkloze bouwvakarbeiders is momenteel 22.000, dat is zes maal zo veel als in 1966. Bij dit alles komt nog, dat de cijfers de situatie gunstiger voorstellen dan ze in werklijkheid is. Vele bedrijven hebben namelijk een ingrijpende werktijdsverkorting ingevoerd — óók een vorm van werkloosheid. De toestand zal er niet beter op worden, wanneer straks na de vacanties een nieuwe jaargang jonge mensen op de arbeidsmarkt komt. Een uiterst pijnlijk verschijnsel is, dat er zoveel jongeren onder de werklozen zijn. Het betrekkelijke optimisme, dat er eind vorig jaar nog heerste ten aanzien van de economische ontwikkeling in het algemeen en de werkgelegenheid in het bijzonder, heeft thans plaats gemaakt voor toenemende verontrusting, zowel in kringen van de vakverenigingen als van de overheid. Men gaat steeds meer rekening houden met een depressie van langere duur. Men moet ook erkennen, dat de huidige moeilijkheden niet alleen van conjuncturele aard zijn, maar ook van structurele aard: dat hier mede de structuur van de bedrijven en bedrijfstakken in het geding is en de economische structuur van de provincies buiten de randstad Holland. Het is duidelijk, dat de huidige situatie schreeuwt om ingrijpende maatregelen van de overheid. En wat doet het kabinet-De Jong, dat zich tot dusver het meest heeft onderscheiden door haar onopvallendheid? Premier de Jong heeft gisteren eindelijk aangekondigd, dat de rijksoverheid deze zomer na de tweemaal honderd miljoen, die in het begin van dit jaar beschikbaar zijn gesteld voor de bestrijding van de werkloosheid, nog eens honderd miljoen voor dat doel zal uittrekken. Dit bedrag zal dan „gericht" besteed worden ten behoeve van de provincies, waar de grootste werkloosheid heerst. Want de overheid meent, dat de werkloosheid vooralsnog van regionale aard is. Er moet nu al worden vastgesteld, dat deze „pep-pil" van honderd miljoen ten enenmale onvoldoende is. Het is een lapmiddel, dat niet geneest; daarvoor zouden honderden miljoenen nodig zijn. De rijksoverheid zou allereerst maatregelen moeten nemen ten behoeve van de bouwsector. Zij zou met structuurplannen moeten komen en eindelijk eens moeten beginnen met de spreiding van overheidsdiensten. Ten aanzien van de werkgelegenheid mag met name van de CHU een duidelijk geluid worden verwacht. Mr. Beernink heeft vóór de verkiezingen het Nederlandse volk bezworen, dat de CHU niet deel zou nemen aan een regering, die de werkloosheid niet krachtig zou aanpakken. Met honderd miljoen is deze belofte nog niet ingelost Waar er zoveel mensen op straat worden gezet, kan men het de vakbonden moeilijk kwalijk nemen, dat zij dreigen de straat op te zullen gaan. Niet alleen de economische situatie en de ruimte van het budget mogen norm zijn in de kwestie van de werkgelegenheid, ook de menselijke situatie moet dat zijn. Het gaat niet alleen om dode cijfers, maar vooral ook om levende mensen. N. --- Gereformeerde frustratie, zei officier Wegens poging tot moord op echtgenote acht jaar geëist „Deze man heeft last gehad van een typisch gereformeerde frustratie", aldus beschreef de officier van justitie hij de Utrechtse rechtbank, mr. von Meijenfeldt, gistermiddag de 33-jarige chauffeur G. van de B. uit Linscnoten, die wegens poging tot moord op zijn vrouw acht jaar gevangenisstraf met aftrek van voorarrest, voorwaardelijke terbeschikkingstelling van de regering en ondertoezichtstelling gedurende drie jaar tegen zich hoorde eisen. In de periode van maart tot en met juli 1965 liet de chauffeur zijn vrouw enkele malen drinken uit een fles wijn, waaraan hij twee kopjes tallium en formaline had toegevoegd. De vrouw lag ongeveer negen weken levensgevaarlijk ziek. „Een zeer ernstig misdrijf", noemde de officier van justite deze zaak. Hij meende, dat de verdachte zijn poging heeft voltooid, want hij is niet vrijwillig teruggetreden (zoals dat heet) door de fles weg te nemen of 't ziekenhuis te waarschuwen. Alleen uit vrees gooide bij de fles weg. De officier, die de primair ten laste gelegde poging tot moord bewezen achtte, plaatste het misdrijf tegen de achtergrond van de zeden en gewoonten in Linscnoten. In dit dorp krijgt de gereformeerde zede naar zijn oordeel de kans een zaak op zichzelf te worden. Van den B. beleefde het huwelijk, maar vermengde het met zijn opvattingen over de zeden. Hij wenste daarom niet te voldoen aan het Verlangen van zijn vriendin, die graag een kind wilde hebben. Zoiets paste niet in de zeden van de Gereformeerde Kerk. Dat zeden en seksualiteit zter nauw met elkaar zijn verweven, is in deze affaire wel gebleken, zo oordeelde mr. von Meijenfeldt. De tyrannieke zeden, waaronder deze man leefde, bracht hem tot de fatale daad. Ondanks het feit, dat de huwelijksbrokken weer zijn gelijmd (de herstelde vrouw wil het huwelijk voortzetten en de kern van de dorpsgemeenschap is bereid de chauffeur weer te accepteren), achtte de officier een zwara straf gerechtvaardigd. Verdachte werd snikkend weggeleid. ---