INGEBOEKT + GLOBE-REEKS — een oorspronkelijk Engelse serie kleine boekjes, bestemd voor kinderen tussen 12 en 14. Als regel tenminste, want een van de nieuwe deeltjes (Een bezoek aan Frankrijk) is zo infantiel van tekst dat men het geen enkel kind in handen moet) geven. De andere titels zijn gelukkig van betere kwaliteit zodat daarmee de jeugd wel een plezier kan worden gedaan. Het gaat om boekjes over De Verenigde Staten van Amerika; Beroemde kunstenaars, deeltje I: De Mens in Het Stenen Tijdperk; Het leven van de Grote Componisten, deeltje 2. Uitgave: Kok, Kampen en Helmond, Helmond; gecartonneerd, per deeltje 50 blz., de illustraties zijn in lelijke kleuren gedrukt, è ƒ2,95. * EDGAR RICE BURROUGHS — Tarzan. Ja, inderdaad, een herleving van een in de 20er en 30er jaren furore gemaakt hebbende boeken- en filmheld. Good old Tarzan is terug. Om nieuwe vrienden te maken naar valt aan te nemen, omdat de romantiek nog altijd niet dood is; gesteld dat ze ooit zal verdwijnen. Burroughs fenomale schrijverssucces, dat in 1912 begon, berustte uiteindelijk op 26 delen Tarzan. Ze worden naar het lijkt allemaal herdrukt. Het begin is er intussen: vier titels en wel Tarzan van de apen; De terugkeer van Tarzan; Tarzan en zijn dieren; De zoon van Tarzan. In dezelfde pocketuitvoering verscheen verder het eerste deel (Prinses van Mars) van Burroughs serie De avonturen van John Carter, wiens belevenissen nog minder met de aardse werkelijkheid te maken hebben dan die van Tarzan. Uitgave: Westfriesland, Hoorn; per titel ƒ 4.90. --- GOED GEBOEKT Maandelijks overzicht van de in aprilmei 1971 meest verkochte boeken, opgesteld op basis van gegevens van vijfenzestig boekverkopers. 1. Erik Hazelhoff Roelfzema, Soldaat van Oranje 40-45 (Zuid-Hollandsche Uitgevers Mij., f 17,90). 2. Jaap Kramer en Wim de Bruijn, Varend door Nederland (Uitgeverij Contact NV, f 11,50). 3. Erieh Segal, Love Story (Wereldbibliotheek, f 7,90). 4. Jan Mens, De kleine Waarheid (Kosmos, f 16,50). 5. Julius Fast, De taal van het lichaam (Wetenschappelijke Uitgeverij, f 12,50) 6. Marten Toonder, 'k Wist niet dat ik het in mij had (Bezige Bij, f 8,90). 7. J. L. Klink, Kind en Leven (Ambo, f 12,50). 8. Annie Romein-Verschoor, Omzien in verwondering (Arbeiderspers, f 16,50). 9. Alvin Toffler, Toekomstshock (Bussurn, Van Holkema en Warendorf, f 19.90). 10. A. A. A. Terruwe, Geloven zonder angst en vrees (Romen en Zonen, f 5,90. --- Op een kameel „Waarde collega", sprak zeer geel een duintop tot een schertskameel die juist bij Noordwijk was geland. En juichend aan het vlakke strand begroette hem de ruige bruine met „Waarde blanke top der duinen". TRIJNTJE FOP --- Betoverende aanblik Tegen de internationale regels in is de pilotencabine hermetisch gesloten. Gdansk ligt immers geen 200 kilometer van Zweeds grondgebied. Het kapen van vliegtuigen is ook in dit land, waar een reispas voor de meeste burgers een irreële wensdroom blijft, mode geworden. Toen het een keer mislukte, zijn de kapers door de politie op een beestachtige manier om het leven gebracht, aldus westerse passagiers, die het hebben meegemaakt. De betoverende aanblik uit vogelvlucht van de duizendjarige stad aan de blinkende baai is er niet minder om. Een blokkendoos vol puntige geveltjes en een hele serie machtige scheepswerven roepen onwillekeurig Amsterdamse associaties op. Eeuwenlang is deze stad een twistappel geweest tussen Polen en het Duitse rijk. Danzig was Hitlers grote troef voor het begin van de Tweede Wereldoorlog. Dat hier nog maar een half jaar geleden in naam van een arbeidersregering een arbeidersopstand in bloed is verstikt, is niet te bevatten als men het kleurige gewoel daar beneden gadeslaat --- laurens ten cate dagelijks De rappe prater zweeg te veel HET optreden van de Noorse minister van buitenlandse zaken in Lissabon is ongehoord, schandelijk, schandalig en dom. Zeggen de diplomaten. „Bevriende mogendheden" vertellen elkaar niet waar het op staat. Het staat trouwens nooit er- gens op. „Bevriend" zijn met een land betekent: niet zeuren, ogen dicht houden, niet mee bemoeien, lief doen en hoogstens, als toppunt van pikante kritiek op de binnenlandse toestanden van een andere natie de vraag stellen die luidt: „wilt U mij misschien eens uitleggen waarom ik het niet goed begrijp als ik denk dat "De diplomaten zijn om nog een andere reden razend. Hier is weer zon voorbeeld van een politicus, die met grove bergschoenen door de porseleinkast waadt, een amateur, een niet-vakman, kortom een idioot, die de spelregels niet gehoorzaamt. Allemaal fout, helemaal fou* Wat doen de diplomaten in zon geval? Ze bevelen de woordvoerder over deze rel geen woorden te voeren. En de brave Arie de Vries, eerst bij buitenlandse zaken in Den Haag, daarna correspondent van Het Pairooi en laatstelijk hoofdredacteur van het Deventer Dagblad, de brave mr. A. de Vries doet nauwgezet wat hem gezegd wordt: hij zwijgt. In de diplomatieke zekerheid, dat dingen, waarover niet gepraat wordt, in de werkelijkheid ook helemaal niet zijm gebeurd. De Vries houdt zijn waardeloze persconferentie vol woorden zonder inhoud en het, nieuws houdt hij achter In opdracht van zijn principalen. Zo hoort het en de diplomaten ademen wat rustiger totdat zij in het nieuws horen, dat de Noorse delegatie ook dit spelletje niet meespeelt en zelf een persconferentie houdt. Weer fout, weer schandelijk, weer schadelijk en weer dom. In het huis van de beul spreekt men niet over de strop. Men spreekt over de Ueve kinderen van de beul, het weer en de prijs van de jenever. In Lissabon zegt geen enkele vrstandelijke westelijke minister, dat er daar een misdadig regiem heerst, dat het pure fascisten zijn, dat zij helaas nodig zijn voor de NAVO, omdat er anders in het westen van de bond een gat zit, dat ze de koloniën uitbuiten, dat ze moorden, roven en onschuldigen in de bak stoppen. Al die dingen zegt men niet. Men zegt iets aardigß over de Portugese cultuur, over de schitterende ontvangst, over het helaas afwezige zonnetje-van-het-zuiden. En verder doet men zaken op de orthodoxe manier van alledag: niet zeuren, verdienen, regelen, met schoften, schurken en lieve vrienden, het kan niet schelen als het allemaal maar goed afloopt. En wU? — De meerderheid van- het Nederlandse volk is tegen de manier, waarop de Portugese regering haar volkomen terreur onder de duim houdt. In elk geval is de meerderheid van de Tweede Kamer er tegen. In ieder geval moet men geloven, dat de meerderheid der Tweede Kamer er tegen is zolang men gelooft, dat woorden van politici en programma's van partijen nog enige betekenis hebben. Luns is God niet, de koningin niet en niets meer dan Luns, d.w.z. dienaar van de kroon, gekozen volksvertegenwoordiger en helaas benoemde minister van buitenlandse zaken. Hij is ons aller zetbaas in het buitenland. Hij kan niets anders doen dan wat wij willen, al denkt hij zelf van wel. Aangezien duidelijk is wat wij willen hoort Luns als de vertegenwoordiger van een fatsoenlijk land te klappen voor die Kappelen, zijn collega uit Noorwegen. Doet hij dat? Hij kijkt wel uit. Hij is daar niet in Lissabon als onze minister van buitenlandse zaken, maar als de secretaris-generaal van de NAVO in wording. Hij komt er voor zichzelf en hij zal zich wel 77 keer bedenken voor hij de codes van de diplomatie, waarmee hij morgen aan de slag moet gaan, zal overtreden. Hij doet geschokt, maar wel vriendelijk geschokt, hetgeen in die kringen tot uiting wordt gebracht door het licht optrekken van de wenkbrauwen. Luns verraadt ons verleden, hij heeft lak aan onze toekomst, het kan hem in het geheel niet schelen wat de Kamer denkt, hij denkt trouwens, dat de Kamer niet denkt, noch ook denken kan, want die Kamer zit vol met de amateurs, die van buitenlandse zaken geen verstand hebben. Zo zwijgt Nederland, als het hoort te spreken en het verraadt daarmee alle fraaie volzinnen, die voor en na de verkiezingen gesproken zijn en worden over het morele gehalte van de buitenlandse politiek. Het is grove handel, verder niets. Aangezien een land zich in deze woeste wereld alleen staande kan houden door minstens de vertoning van enig ethisch besef op te voeren, moet Luns nu tot de orde worden geroepen. Dat zal de politiek moeten doen: in de KVP moeten ze hem vragen waarom hij zwijgt als hij moet spreken en in de Kamer moet hij verantwoording komen afleggen over de serviliteit, waarmee hij namens Nederland is opgetreden. Hij mag dan zeggen wat hij wil, dat kan niet schelen, want ontslagen wordt hij niet omdat hij toch weggaat. Hij bomt alleen nog eens open en bloot te kijk te staan als dat wat hij werkelijk is: een handige diplomaat, een ervaren onderhandelaar, een vakman in alles en nog wat en de meest onaanvaardbare minister van buitenlandse zaken, die een werkelijke democratie het ongeluk kan hebben te moeten verduren. Gerust maar, zo gebeurt het niet. Hij wordt niet ter verantwoording geroepen, omdat zij, die het zouden moeten doen, zelf ook nog wel zoveel verstand van diplomatie hebben, dat zij de man, die Nederland voor een hoog ambt heeft aanbevolen, niet eerst even in datzelfde Nederland de benen breken. Er gebeurt niets. Hoogstens zal iemand later, bij de behandeling van de begroting voor 1972, met enige wrevel spreken over deze droeve toestand, maar dat kan geen kwaad, want voorbij is voorbij en Luns is dan weg. Het is niet zo erg nodig voortdurend getuigenissen af te leggen. Minister Kappelen deed dat ook niet, hij is daar veel te slim voor. Hij betoogde, dat Portugal de NAVO schade doet door zijn gedrag. De kracht en de macht van het bondgenootschap worden ondermijnd en verminderd, doordat Portugal zich gedraagt als een koloniale mogendheid. Dat is de juiste positie voor zon „interventie" op deze plaats. Wat verder iedereen van de dictatuur denkt moet hij zelf maar weten. Aan de orde is de waarde van het bondgenootschap, dat zijn mooie preambule over vrijheid en democratie ongeloofwaardig en daarmee onbruikbaar maakt door de gedragingen van minstens twee leden: Portugal en Griekenland. De heer Manlio Bro6io, ook een eersterangs diplomaat, kan dan wel ernstig verzoeken „deze zaken verder niet aan de orde te stellen", het neemt niet weg, dat zij toch aan de orde zijn en blijven, zolang de leden van het bondgenootschap niet openlijk erkennen, waar het eigenlijk om gaat. Kappelen forceert dat en het mislukt hem dus, want de andere vrienden van de vrijheid willen de vrijheid het liefst alleen in woorden dienen. Die vrijheid tenminste, die zij opvatten als gedeeld en versplinterd. Daarom heet het gebeurde: „incident"; daarom moet Arie de Vries er zijn mond over houden; daarom doet Luns er niets mee, aan, voor of over. En daarom moet Nederland zich schamen, want de waarheid is niet te vernielen door te zwijgen en daarmee te doen alsof zij niet gezegd is. ... .te stil.... --- boeken Koken: in de kortste keren dan wel met kip MET: „A la Minuut"; GOESY DONSKOY: „100 x kip". Uitgave: Van Dishoeck, Bussurn; serie Van Dishoeckboekjes, geïllustreerd met kleurenfoto's en zwart-wit-tekeningetjes, f 4,90. Speciaal voor mensen, die maar weinig tijd willen of kunnen opbrengen voor het bereiden van een smakelijke dis stelde Gaston Gourmet zijn ,A la Minuut" samen. Voedzame gerechten, die niet zo moeilijk zijn klaar te maken; gerechten ook, die geen bezwaar opleveren voor de slanke lijn. Pluspunten, die men zeker niet mag verwaarlozen. Het is een prettig, overzichtelijk boekje geworden met heerlijk veel recepten van soepen (en dan niet allemaal die hele gewone), een gevarieerde serie kleine hapjes (vooral salades en die zijn juist in dit seizoen zeer geliefd), ei variaties, een uitgebreide serie sauzen, veel vlees-recepten (liefst vijf variaties op pikante gehaktballetjes en dertien karbonade variaties bijvoorbeeld), kiprecepten, visgerechten en nagerechten. De schrijver heeft rekening gehouden met de kokkin; men ziet links op de pagina de lijst van ingrediënten, rechts de methode van bereiding. Helaas lopen sommige beschrijvingen over van de ene op de andere pagina (omslaan!) en dat betekent, dat men eerst goed moet lezen wat men moet doen. Maar dat is een schoonheidsfoutje, waarover we de samensteller van al dit smakelijks maar niet te hard zullen vallen. In „100 x kip" beschrijft Toesy Donskoy eigenlijk alles wat er maar met kip (of deeltjes daarvan) is te doen. Men kan er soep van koken — dat is bekend, maar in dit kookboekje vindt men o.m. buitenlandse variaties die zo op papier zeker het proberen waard zijn en waar men niet zo gauw tegen aan loopt. De kippelevertjes bieden ook de mogelijkheid tot het maken van smakelijke hapjes. Ook kan men van kippedelen heerlijke salades maken (o.m. met toevoeging van ananas ofa ppel); kroketjes en pastei tj es zijn bekende, smakelijke mogelijkheden, op de barbecue kan men zich uitleven en wie dan nog de kip als hoofdschotel van de maaltijd wil serveren, vindt in dit kippeboekje tal van mogelijkheden naast die ene „gewone" manier. Of heerlijk kruidig, of zoetzuur, met vruchten, gebraden, gestoofd of gelaceerd, gevuld en met of zonder saus. Juist nu zo geadverteerd wordt men dit magere (!) vlees dat met duur is, is zon boekje erg handig en nuttig. De uitvoering wijkt nauwelijks af van die van het „minutenboekje." --- Sporen van geweld Als wij even later de stad binnenrijden, zijn de facades minder geloofwaardig. De grote vierkante partijcentrale aan de hoofdstraat is een beetje te smetteloos wit en de bovenste verdieping staat nog in de steigers. Een tot het uiterste getergde bevolking heeft dit gebouw in december tot en met de fundamenten plat gebrand. Er achter, aan een kleine „Amsterdamse" gracht en door bloeiende bomen aan het oog onttrokken, staat het holle staketsel van een ander officieel gebouw: het „Huis der Ingenieurs". Daarvoor heeft de partij blijkbaar nog geen tijd gehad. De zwart geblakerde muren spreken duidelijke taal. De taxichauffeur schudt smekend van nee als we willen fotograferen. Het kost een heel uur rondrijden voor zijn nationale trots het van de angst heeft gewonnen. „Alles, alles heeft gebrand en iedereen heeft meegedaan. Gelooft u maar geen woord van al die leuzen van „raddraaiers" en „werkschuwe parasieten". Nu is er bijna niets meer te zien, maar ik verzeker u, daarvoor zijn dan ook alle bouwvakkers uit de omgeving de hele winter bezig geweest. En grommend voegt hij er in het Pools aan toe: „In vlammen staat het luizennest, deze fabriek van leugens, zie ze vluchten." Het is een regel uit een van de ondergrondse gedichten, die deze winter na het oproer onder de bevolking hebben gecirculeerd. Het eindigt als volgt: „Dat is niet Polen dat ondergaat, maar alleen de partij, want die is verrot tot op het merg." Maar we hebben geen kans meer voor een litterair onderonsje, want de jonge Pool krijgt kippevel en zet ons overhaast af. Zelfs het eeuwige wondermiddel in de vorm van een westers bankbiljet kan hem niet meer op temperatuur brengen. Gdansk is een prachtige stad. Lange rüen koopmanshuizen uit de reniassance, gothische kerken en een dito stadhuis, alles na 1945 uit het puin weer opgebouwd. Weliswaar geen enkel restaurant of café, alleen een smerige bar met zelfbediening. In het toerisme heeft het regime tot nu toe geen geld gestoken onder het motto dat de baat voor de kost dient uit te gaan. Eerst moet het westerse reisverkeer voldoende hebben opgebracht, dan zullen we daarvan de accomodatie betalen, is de redenering. Om behoorlijk te eten wordt men verwezen naar het Grand Hotel in de nabij gelegen badplaats Sopot. Als men geluk heeft valt dat op één van de twee dagen per maand dat er kalfsvlees wordt geserveerd. Het prachtige strand en de zee zouden alles vergoeden, als niet de fabrieken uit de omgeving met een walgelijke zwarte rook de atmosfeer zouden verpesten. De luchtvervuiling is één van Polens grote problemen en de kust is nog niets vergeleken met de echte industriegebieden in Silezië en Lodz. Toch ziet men In Gdansk de enorme inspanning. Moderne woonwijken, schouwburgen, een universiteit en diverse hogescholen. De Lenin-werven namen al in 1963 de achtste plaats in op de wereldmarkt wat betreft het te water gelaten tonnage. Maar een „lachende stad" zoals men haar vroeger noemde, is Gdansk niet meer. De mensen zijn er stroef en somber. Voor hen schijnen de rellen in december alleen een eerste begin te zijn geweest. De bruisende vitaliteit van Warschau, het temperament en een vrolijk uitgaansleven ontbreken. In de winkels zijn alle eerste levensbehoeften te koop, maar meer ook niet • --- Indrukken van een verblijf in Polen (slot) Gdansk, een prachtige stad, die het lachen heeft verleerd Polen moet groot deel van eigen produkten exporteren om te leven OVER DE GRENS (Van onze correspondent voor Oost-Europa) De Antopov, die vijf maal per dag van Warschau naar Gdansk vliegt, is afgeladen vol: zakenlieden, partijfunctionarissen, familiebezoek. Geen toeristen maken de trip naar deze havenstad aan de Baltische Zee, die een van de oudste en zeker een van de mooiste cultuurmonumenten van Polen is. En op Westerse toeristen is de service van het vliegveldpersoneel dan ook duidelijk niet in gesteld, behalve misschien dat de visitatie bij hen niét helemaal tot op het blote lijf gaat. Maar toch ontkomen ook zij er niet aan zelfs de kleinste persoonlijke bagage inclusief handtasje, af te leveren. Alleen dank zij de ingeboren Poolse hoffelijkheid, die bij een enkele medepassagier nog door de botte onverschilligheid van 26 jaar communistische indoctrinatie heenschemert, vindt men door het labyrinth van monosyllabische bevelen, nie niemand vertaalt, zijn weg naar het toestel. Het in december uitgebrande „Huis der Ingenieurs" in Gdansk met daarachter het partijgebouw, dat gedeeltelijk nog in de steigers «tcutf. --- Export Dat er in Polen wel degelijk meer is en waar dat blijft — het is het geheim van deze stad en de oorzaak van zijn haat. Dat „meer" wordt hier door de havenarbeiders in de schepen naar het buitenland geladen. Van de export van vlees en landbouwprodukten hangt het economische overleven af, heeft Gierek de arbeiders in urenlange discussies deze winter uitgelegd. Men gelooft in zijn goede wil, maar de wrok blijft. De kust is en blijft het meest riskante stuk van Polen. Tijdens de gebeurtenissen in december moest niet alleen de marine, maar ook de handelsvloot de zee worden opgestuurd. Bij een algemene staking of een militaire interventie zouden ze zeker niet aan de kant van de machthebbers hebben gevochten. De Oostzee — dat is voor de Polen het enige directe contact met wat zij vanuit hun armoe als het vrije en welvarende Westen zien. Als de Antopov naar Warschau van het vliegveld opstijgt, worden de passagiers vanachter het spiekgaatje in de gesloten deur naar de pilotencabine onophoudelijk bewaakt... --- ONTWIKKELINGSPLAN IN EEG Ruim f 1500 miljoen voor achterblijvend platteland Voor gebieden waar ontvolking dreigt De Europese Commissie in Brussel wil in de komende vijf jaar rond 765 miljoen gulden gaan uitgeven voor regionale ontwikkelingsmaatregelen en eenzelfde bedrag in twaalf jaar gaan uitbetalen aan rentesubsidies ten behoeve van leningen veor de financiering van produktieve investeringen en infrastructuren in bepaalde landbouwgebieden. Het eerste bedrag zal, ingevolge de Europese voorstellen, ten laste komen van het Europese Landbouwfonds. Het tweede bedrag zal moeten komen uit een speciaal op te richten rentesubsidiefonds dat gedurende twaalf jaar moet functioneren. Dit is meegedeeld door de Luxemburger Borchette, lid van de Europese Commissie, die onder meer belast is met het regionaal beleid. De uit te geven bedragen zullen voornamelijk ten goede komen aan de zeshonderdduizend landbouwers die, naar verwachting, in de jaren tussen 1972 en 1976 hun beroep eraan zullen geven. De uitgedachte initiatieven, die vastgelegd zijn in twee ontwerpverordeningen heten officieel „een communautaire actie, te voeren in agrarische gebieden die in bijzondere mate de gevolgen van de veranderingen in de landbouw ondergaan". Deze gemeenschappelijke actie sluit aan op de besluiten die de Europese ministerraad eind april heeft genomen ten aanzien van de herstructurering in de landbouw. In de praktijk zal ze voornamelijk van toepassing zijn op de Mezzo Giorno in Italië en het zuidwestelijk deel van Frankrijk, maar ze kan uiteraard ook voor andere moeilijke gebieden in het Europa van de zes gelden. Het actieprogramma, dat de Europese Commissie aan de raad gaat voorleggen, houdt in grote trekken in het verzorgen van produktieve investeringen, het op gang brengen of verbeteren van de infracstructuur en het zorgen voor herscholing van die mensen die de landbouw gaan verlaten. Borchette legde vooral de nadruk op de sociale gedachte die achter de commissieplannen staat. We moeten voorkomen, zo zei hij, dat bepaalde ongunstig gelegen gebieden ontvolkt raken en dat er dode steden en dorpen ontstaan. De gebieden waarvoor de nieuwe actieplannen gaan gelden zullen door de Europese Commissie worden aangewezen. Voor de gebieden waarop ze van toepassing worden zullen criteria worden aangelegd. Zo zal nodig zijn dat in die gebieden het percentage van de in de landbouw werkzame beroepsbevolking boven het gemiddelde in de gemeenschap ligt. Verder moet de brutoopbrengst per inwoner in die streek lager ziin dan het EEG-gemiddelde, terwijl bovendien het percentage van de in de industrie werkzame beroepsbevolking er lager moet liggen dan het gemiddelde van de EEG. De nieuwe plannen van de commissie voorzien onder meer in een subsidie van circa ƒ 5250 per gecreëerde arbeidsplaats die door een landbouwer of een van zijn kinderen wordt bezet ---