Burgemeesters over hun gemeenten LII. De gemeente Muntendam Van oudsher het land van venters en scheepsjagers De heer R. Es. TORRINGA, Burgemeester der gemeente Muntendam. ontving ons in het mooie in ouden stijl opgetrokken Raadhuis, waarvan het interieur menig antiek meubelstuk of wandversiering bevat. R. Es. Torrtnga, --- BURGERLIJKE STAND. HAVELTE, maand Dec. Ondertrouwd: G. van Eeks 27 j en H EshUi» 23 j. Getrouwd: H. Hof en H. Meijer. Geboren: Roelofje d.v. J. Harms en G. Jona*- Jantje d.v. J. van Sleen en G. Trompetter; J&n z.v. A. Struik en K. Oosterveen; Hammeke zv'' H. de Vries en K. Mast; Klaas zv. A Pijper e» H, Oosterveld; Marinus Arend z.v. J. Koning & J. Koops; Stientje d.v. A. Dolfsma en H Baijle: Jurrien z.v. H. Oosterhof en J. Wobben; Beren» z.v. D. Jans en A. Tuin. Overleden: Hendrik je 21 j., Steenwijk, dv. G. d? Vries en F. Boonstra; Zwaantinus 9 j. z.v M. P 1 en R. Tap; Hendrik 29 j. z.v. J. Oort en M. WeS' terveen. ROLDE. I—s Jan. Geboren : Dirk, z. v. H. Takens en M. Stevens. Geertina. d.-v. H Wiechers en J. Kuik; Lukas, * v- L. Oostebring en G. Jansen. --- UIT HET VERLEDEN. Er bestaat geen historie van Muntendam in den zin van kronieken of dergelijke. De heer Torringa heeft zich evenwel de moeite getroost een reeks gegevens te verzamelen, waaruit wij een keuze konden doen. Uit deze gegevens blijkt, dat de streek Muntendam reeds vroeg bewoond was, al was er dan ook oorspronkelijk geen eigenlijk kerkdorp. Muntendam ligt aan de Munte, waarin oudtijds een dam of schutsluis gelegd was, waaraan het dorp zijn naam schijnt ontleend te hebben. In „de Tegenwoordige Staat der Vereenigde Nederlancen" deel 21, bl. 223 (1794) lezen wij: Onder Zuidbroek behoort kerkelijk een zeer groote buurt, de Muntendam, welke ten Zuiden over de trekvaart begint en eerst eindigt eindelijk tegen Veendam; ja zelfs dit laatste dorp is geboren uit de vergraving van de hooge Muntendamster veenen. A. J. van der Aa deelt mede in Deel IH bl. 1112: Bevat Muntendam en gehucht Duurkenakker, gedeeltelijk Trips- en Borgercompagnie, groot 2103 bunders 50 v.v. 74 vellen; 370 huizen, 470 huisgezinnen, 2000 inw. Landbouw, paarden tot het trekken der schepen en in het binden van bezems uit heide. Op 1 Januari 1845 waren er vijf zeeschepen. In 1841 was eerste predikant ds. Gerardus Bentheim Reddingius. Er waren toen twee scholen, n.l. te 1 Muntendam en 1 te Duurkenakker, met tezamen 200 leerlingen. De Kerk is gebouwd in 1840 uit Koninklijke, provinciale, synodale en particuliere bijdragen, daar de financieele krachten der gemeente te gering waren. Beroep was een koninklijke collatie. De toren heeft vroeger gestaan op het Burgerweeshuis te Groningen, evenals de klok, die tevens is gekocht en ten opschrift heeft: H. Maria blnic ghehete dat oled conve hef mi do get. anno domini MCCCLXX, benevens eenige ruwe niet-te ontcijferen beelden. Muntendam Boven is de naam welken men in 1655 gaf aan het oord, waar thans de dorpen Veendam en Wildervank gelegen zijn. In het oorkondenboek deel 11, no. 814 komt voor, dat in 1391 Notaris Bartoldus Baerlingius acte geeft eener overeenkomst van eenige Reiderlander en Oldambster Hoofdelingen nopens de grensscheidingen, wateren, zijlen en dijken van deze beide landschappen: 1. enz. 16. Item, dat revier of zypen, gelegen tusschen Meden en Muntendam, zal ook togeslagen wezen ende opgedan wezen geliek de anderen voors. 17. Ende de hoge dam ook aldaer in zyne vuile macht to hol buyten der landen schaden. 18. Item al dat moer om Muntendam en de alle watertochten tusschen Muntendam ende Broke die van older niet en plegen te wesen, zal men altzamen toeslaen, dat den landen gheen schade geschie. Van 1577 is bekend een „request van de samptelyke schippers en de armoes van Muntendam en de Meeden aan burgemeesteren en Raad van Groningen over den turftol in den Olddambt 21 Juni." — In 1591 requestreerden ingezetenen van Muntendam aan Groningen om verlichting der schattingen, In het tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis vertelt A. Engelsman te Leeuwarden in zrjn artikel over het „Ontstaan der gemeenteorganisatie in de Groninger Veenkoloniën" het volgende: Bij K. B. van 14 Oct. 1808 zijn bekend gemaakt de namen der benoemde leden van het Gemeentebestuur en deszelver secretarissen Gemeenten der 2e Klasse. Zuidbroek omvatte Zuidbroek. Muntendam, Meeden met Duurkenakker (aantal inwoners 950; Muntendam 1325; Zuidbroek 1294. samen 3569), Helenius Detmers. Voorzitter, woonde te Meeden. Popke Meints te Meeden en Eppo Edzes Tonkes te Zuidbroek, Adjuncten. Harm Lottering en S. T. Sypkens, te Zuidbroek, leden. Secretaris Mr. A. A. Ganderheyden te Zuidbroek. Bij decreet van 4 Juli 1811 is het Departement Wester Eems verdeeld in Mairies en behoorden onder het Canton Zuidbroek: de mairies Veendam en Zuidbroek; tot Zuidbroek behoorden: Meeden, Muntendam en Zuidbroek. Bij Keizerlijk Decreet van 21 October 1811 worden 7 nieuwe mairies gevormd in het arr. Winschoten t.w. sub 7 Meeden-Muntendam. Het Canton Zuidbroek wordt Veendam, Zonder nadere aanwijzing in de stukken zijn Meeden en Muntendam gescheiden en tot afzonderlijke gemeenten gevormd 1 Januari 1812. Bij besluit van den Prefect van 12 December 1811 is benoemd tot Maire van Muntendam Roelf Jans Giezen. In October 1813 worden gemeenteontvangers aangesteld onder verplichting van het «tellen van een borgtocht 1/12 der ontvangsten; voor Zuidbroek en Muntendam denzelfden persoon als ontvanger. De Gouverneur benoemde de assessoren, de Staten de leden van den Raad. De secretaris werd door den Koning benoemd, de ontvangers door de Staten. 11 November 1813 moest o.a. Muntendam 30 be-Spanningen, wagens met 2 paarden, ter beschikking stellen van den Directeur der Artillerie op 13 November 1813, 's morgens 6 uur, bij de Steentilpoort te Groningen, leveren. De Maire van Meeden zond bericht, dat hem zulks niet mogelijk is. Muntendam laat niets van zich hooren. Bij Kon. Besluit van 23 Juli 1825 no. 132 is vastgesteld het Reglement Besturen ten platte Lande in de Prov. Groningen. Er zouden voor iedere gemeente zijn: 1 Burgemeester; 2 Assessoren en de gemeenteraad. De Koning benoemde den Burgemeester, de Gouverneur de Assessoren; de Staten de leden van den Raad, De Secretaris werd eveneens door den Koning benoemd, de ontvanger door de Staten. Reeds vroeg wordt in officieele stukken het Grijzemonnikenklooster te Termunten genoemd, dat in Muntendam een voorwerk en meerdere bezittingen had. Zoo gebruikte Johan Remmers toe Muntendam dat opgemeld voorwerk aldaar tot Anno 1609 op Gregory aanvangende zes jaar lang gehuurd jaarlijks voor 30 daalders. Verschenen en betaald met quitantie. Rompke Bakker en Pieter Moller toe Muntendam gebruiken een huisstede en Bouwland Anno 1617 Gregory voor zes jaar voor 10 Car. guld. --- MIDDELEN VAN BESTAAN. — Vroeger, aldus antwoordde de Burgemeester in antwoord op onze vraag naar de middelen van bestaan, hadden wij hier twee speculatieve aardappelmeelfabrieken, n.l. de Hibernia ter plaatse van de Meedener haven en I'Espérance te Tripscompagnie, welke beiden verdwenen, waarschijnlijk tengevolge van de concurrentie der coöperatieve fabrieken. Nog altijd is er hier een scheepstimmerwerf en het aantal zaken en winkels is de laatste jaren zeer toegenomen. Dit geldt speciaal bakkers en slagers, die vroeger een uitzondering waren en waarvan er nu heel wat zijn. U vindt hier verder een steenfabriek, pannenfabriek, kalkfabriek, electrische houtzagerij, cement-industrie en carrosserie-fabriek. — Van oorsprong zijn er in Muntendam altijd scheepsjagers en venters geweest en men vindt ze er nog. Wel bracht de tijd verandering, vooral van beteekenis ten opzichte van de laatste categorie. Voorheen hadden alle venters hondekarren'en 't was 's nachts in de heel vroege morgenuren een lawaai van jewelste, wanneer de venters het dorp ver-, lieten. Er waren n.l. een paar honderd van die karren en sommigen werden door 4 of 5 honden getrokken. De rest der familie ging uit met kruiwagen of mandje. En nu zijn er nog maar 20 hondekarren. Sommige venters hebben een auto of paard en wagen, anderen gaan per fiets. — Er zijn ook veel fabrieksarbeiders, die tot op verren afstand werk vinden, maar in Muntendam blijven wonen, omdat ze daar voor geen geld vandaan zouden willen. — Velen verdienen een flink stuk brood, doch het is een typisch verschijnsel, dat de echte Muntendammer een mentaliteit heeft, welke meer stedelijk dan dorpsch is. Men leeft namelijk bij den dag. — Het hoofdmiddel van bestaan voor de bevolking in haar geheel is de landbouw, welke hier in hoofdzaak kleinbedrijf is. Veeteelt komt heel weinig voor evenals tuinbouw, al begint de belangstelling hiervoor een beetje op te komen. Dit is begrijpelijk, waar de grond voor tuinbouw hier uitermate geschikt is. --- HET ZWARTE SCHAAP. Onze informatie naar den stand der financiën van Muntendam ontlokte den heer Torringa de volgende verzuchting: — Slecht. Muntendam is het zwarte schaap in de kudde en het zwarte schaap wordt niet altijd even vriendelijk behandeld door den herder. — De toestand is zoo, dat wij hier, zooals ik u reeds vertelde, bijna uitsluitend kleine landbouwbedrijven hebben. Een jaar of wat geleden konden de landbouwers zelfs geheel geen belasting betalen en ook wanneer de omstandigheden in het algemeen gunstig zijn, dan worden er op die kleine bedrijven toch nog geen belangrijke winsten gemaakt. De burgers en arbeiders moeten in hoofdzaak de belasting opbrengen. Kapitaalkrachtige menschen zijn hier niet en evenmin industrieën, zoodat er heel weinig spanning is. — 't Is slecht en het blijft slecht. Wij hebben veel werkloosheid gehad. De uitgaven zijn de laatste jaren zeer gestegen, vandaar dat ze altijd weer tekorten opleverden. De begrooting voor 1930—1931 is hierop een uitzondering, maar die voor '31/32 zal wel weer een tekort vertoonen. — De wet-De Geer beteekent een voordeel voor de ingezetenen van pl.m, 50 pet. In 1923 was Muntendam de gemeente met de hoogste heffing in het land. Het vermenigvuldigingsgetal was toen 5 en wij hoopten er op die manier door te komen. Dit was echter een ijdele hoop en thans blijven wij bij het vermenigvuldigingscijfer 3. — Ik kan niet nalaten in dit verband met veel waardeéring de Bank van Nederlandsche Gemeenten te noemen. Wij staan daarmee in doorloopende rekening-courant en — hebben altijd schuld. Een paar jaar geleden was deze f 80.000. De regeering heeft ons in dien tijd f 30.000 gegeven, waarvan we evenwel maar een paar duizend in handen kregen, omdat de rest bij de Provincie bleef als betaling voor de door haar uitgevoerde werken tot verbetering der kanaalboorden. De gemeente sloot toen ook een leening van f 50.000 onder garantie van het Rijk, met welk bedrag de schuld bij de Bank der Nederlandsche Gemeenten werd verminderd, welke thans varieert van f 40.000—f 45.000. — De gemeentelijke schulden bedragen f 133.140. --- ELECTRICITEIT EN WATERLEIDING. Het electrisch net, zoo vernamen wij van den heer Torringa, is over de geheele gemeente verbreid. Het is bovengrondsch en de schuld ervoor bedraagt ruim f 100.000. Sprekende over de waterleidingkwestie bracht de Burgemeester naar voren hoe zijn gemeente reeds van den aanvang af aan het Veenkoloniale plan heeft meegedaan en thans aangesloten is bij de N.V. Provinciale Drinkwaterleidingmaatschappij. Een drinkwaterleiding is voor Muntendam geen luxe. Het water is er ontzettend slecht. Een glas met helder geel vocht, dat op het bureau van den heer Torringa stond, was volgens dezen van bijzonder goede kwaliteit in vergelijking met het water uit tal van andere putten, dat dikwijls een bruine kleur heeft. --- WERKLOOSHEID EN VOLKHUISVESTING. Toen wij naar den omvang der werkloosheid informeerden, kregen wij ten antwoord, dat er reeds 40 in Jipsinghuizen waren en dat stijging van dit aantal niet uit zou blijven. — Hoe staat het met de volkshuisvesting? informeerden wij verder. — Gunstig. Er is in Muntendam geen enkel krotje meer. De stichting heeft .16 huizen, waarin 31 woningen, met regeeringssteun gebouwd, waarvoor nog een schuld van f 154.000 rest. — Maar vooral is er hier veel van particuliere zijde op het gebied van den woningbouw gedaan, speciaal voor betere arbeidershuisjes. Ik zei u reeds, dat de Muntendammers hier, indien eenigszins mogelijk, blijven wonen en dus is het maar gelukkig, dat er behoorlijke huizen voor hen aanwezig zijn. --- ONDERWIJS EN GODSDIENST. — Op onderwijsgebied zijn wij niet zoo goed voorzien, ondanks het aantal inwoners. Dit komt door de nabijheid van Veendam, waar alle mogelijke onderwijsinrichtingen gevestigd zijn. — Muntendam telt alleen lagere scholen, n.l. 3 openbare en 1 bijzondere Hervormde school. — Het aantal kerkelijke gemeenten is vrij groot. Er is de Hervormde, die een kerk te Muntendam heeft, terwijl de Hervormde Evangelisatie ook een eigen gebouw heeft. De Baptistenkerk is ook een belangrijk gebouw. De Gereformeerden hebben wel een kerk, maar deze wordt niet gebruikt. Sabattisten vinden hier ook aanhangers, maar zij hebben niet de beschikking over een eigen gebouw. --- STICHTINGEN EN VEREENIGINGEN. Sprekende over dit onderwerp, wees de Burgemeester ons op den Keuringsdienst. — Hierdoor zijn enkele plaatselijke toestanden heel wat opgeknapt. Maar nu hebben wij moeilijkheden, doordat in de Vleeschkeuringswet visch niet is opgenomen, terwijl dit een artikel.is, dat hier heel veel verhandeld wordt. Er is maar één afdoend middel in dezen, n.l. een vischafslag, wat natuurlijk voor Muntendam te kostbaar is. — Wij hebben den Keuringsdienst samen met Meeden. De noodslachtplaats is vlak buiten het dorp Muntendam gebouwd. — Met de gemeenten Zuid- en Noordbroek hebben wij sinds 1 Januari j.l, een gemeentearchitect aangesteld. — Wat de vereenigingen betreft, wü ik mij alleen bepalen tot het noemen van enkele der voornaamste. Het Groene Kruis heeft met dat te Meeden samen een eigen wijkverpleegster. Bijna de geheele gemeente is aangesloten bij de Vereeniging voor Ziekenhuisverpleging en de Begrafenisvereeniging. — De landbouwers zijn in 3 óf 4 kleine vereenigingen georganiseerd, welke deel uitmaken van den Veenkolonialen Boerenbond. --- HAAGSCHE KIEKJES. TERUGBLIK EN VOORUITZICHT. — EEN FOUT. — VISCH. GROENTEN EN FRUIT. Onze nieuwe burgervader heeft niet gebroken met de traditie om de eerste raadsvergadering te openen met een rede, waarin hij een terugblik werpt op het afgeloopen jaar en eenige bespiegelingen houdt over hetgeen nu misschien te wachten staat. Het was voor den man, die nauwelijks een maand de Haagsche ambtsketen draagt, niet gemakkelijk, althans voor de toekomst te spreken. Het verleden is uit cijfers en feiten wel eenigermate te omschrijven. Het is dus geen grief wanneer wij zeggen, dat de rede zich op de vlakte hield en in algemeenheden verliep. Zij was, wat bouw betreft, verdienstelijk; onze burgervader schijnt ietwat breedsprakig te zijn en oratorische effecten niet te versmaden, maara het zakelijke lijdt daaronder niet. Tot nog toe hebben wij nog niets van hem gehoord; geen belangrijke uitlatingen, geen persoonlijke daden of iets dergelijks. Hij schijnt bezig zich in rustige atmosfeer in de zaken in te werken. Trouwens het zal geen kleinigheid zijn om zich hier te oriënteeren en daar komt bij, dat hij thans in het Dagelijksch Bestuur zit met niet minder dan twee van de vijf leden, die straks bij de verkiezingen niet wenschen herkozen te worden als raadslid. Vooral in den wethouder de Wilde.,die de financiën beheerscht, zal de burgemeester een kracht en waarschijnlijk een steun verliezen. Het is niet onmogelijk, dat de plaats van den heer de Wilde door één van andere partij zal worden ingenomen, omdat men den burgem. wel bij de rechterzijde schijnt.in te deelen. Het Dagelijksch Bestuur bestaat thans uit den burgemeester, twee sociaal-democraten, één liberaal, één katholiek, en één anti-revolutionnair wethouder. Wanneer de burgemeester te veel rechts aanhoudt, zou hij den doorslag geven en dat zal men niet willen. Vóór dus de verkiezingen achter den rug zijn, zal de burgemeester ook nie tprecies weten, hoe de samenstelling van het college is, waarmede hij de eerste vier jaar moet werken, Tot zcolang heeft hij dus allen tijd, om zich in de zaken in te werken. 't Verleden jaar '30 was voor onze stad niet in alle opzichten gunstig, maar '31 ziet er nog minder gunstig uit. Aanstonds wordt die ongunstige toestand gevoeld in de financiën en meestal heel erg ook. Er zijn hier vele burgers, die leven van de opbrengst van hun kapitaal, en de groote slagen, die daarin zijn gevallen, zullen zich in de gemeente-financiën ernstig doen na-voelen. De belastingen reageeren altijd eerst één of twee jaar na de feitelijke verhoudingen in de maatschappij. Vandaar dan ook altijd die plotselinge tekorten, die men moet trachten weg te werken. Het zou bij de begrooting voor 1931 zaak zijn geweest onmiddellijk met een aanzienlijke daling der inkomsten te rekenen, zoodat het tekort al werd opgevangen. Het is best mogelijk, dat pas voor de begrooting voor 1933 de moeilijkheid acuut is geworden. Leelijk ziet het er in het bedrijfsleven uit met zijn tienduizend werkloozen. Normaal was al zoo zoetjes aan het cijfer van vierduizend, maar thans is het meer dan verdubbeld. In de rede van den burgemeester troffen wij geen passage aan, die eens duidde op het openbare leven buiten dat deel. dat van het gemeentebestuur zelf uitgaat. Men vindt nu eenmaal op ieder stadhuis, dat het gemeentebeheer het belangrijkste is, en men heeft er maar al te dikwijls geen oog voor andere zaken. Het maatschappelijke en geestelijke leven ontwikkelt zich en in de daden van de overheid komt geleidelijk die ontwikkeling tot uiting; vandaar, dat het overheidsbeheer dikwijls meer secundair dan primair is. Men heeft onze aandacht gevestigd op een gebeurtenis, die wij inderdaad niet onopgemerkt willen laten. Kort geleden is aan mr, Loder namens ons gemeentebestuur een plaquette aangeboden, als een bewijs van hooge waardeermg voor zrjn magistraien Een beau geste, die wij zeer weten te* deeren. Het is echter opgevallen, dat het . j werpen van deze Haagsche plaquette opgedragen aan een Haagschen beeld»0 . maar aan een Amsterdamschen architect J is te begrijpen, dat dit in kringen van V- A sche kunstenaars groote ontstemming a gewekt. u_ydW?| Zoo heel zelden heeft het gemeentewei de gelegenheid deze bizondere kunst WA vorderen. Het is altijd maar weer voor muziekuitvoeringen, voor tooneel, de mooie kunst van den beeldhouwer »", geen of weinig kans. Kort geleden is er voor het weer eens iets gedaan, n.l. door wat gelde», J te trekkken voor beeldhouw-versiering a*Ls| nieuwe brug bij de Heerengracht. Thans J er weer eens iets, deze plaquette, 't Is niet alleen een kwestie van fnian?JS**l steun, maar ook van eer. 't Is best te pen, dat de Haagsche beeldhouwers griefd gevoelen, dat een daad van de te, waartoe zij ook behooren, hen zoo lijk passeert Later ligt deze plaquette *j licht op een eereplaats in ons museuiö j daarbij ligt de vermelding, dat zij is on;. pel pen door een Amsterdamsch architect. conclusie ligt voor de hand, dat er in niet één beeldhouwer in Den Haag in iW werd geacht dit werk te verrichten. m\ Wij betreuren deze vergissing, die schijnlijk wel een gevolg van onnadenke»J heid zal zijn. zeer, en we hopen, dat ze v niet zal herhalen. De dagbladen hebben uitvoerig mededeel gedaan van het geval in de nieuwe Sc»* ningsche haven, waar ten tweede male scheidmgsdam is doorgebroken. Daardoo* de aandacht nog eens gevestigd op deze j ven en op het gansche visscherijbedrijf. hebben van dit bedrijf nooit groote verw*: tingen gekoesterd en wij zouden het niet' treurd hebben, wanneer dat geleidelijk ' verdwenen. De ontzaglijk hooge kosten, de gemeente zich in den loop der jaren n« getroost, door den aanleg van twee hav' die uiterst kostbare terreinen aah onze s onttrekken, worden stellig niet goed gein* door het voordeel, dat onze stad van dit drijf heeft. Men becijfert deze zaken al» onjuist, omdat de gemeente nu eenmaal met haar cijfers goochelt, dat men er ! achter kan komen wat de eigenlijke kos zijn. Vast staat, dat dit bedrijf, behalve riskant, ook als regel weinig loonend is. Visscherij beteekent alleen dan iets als op groote schaal wordt uitgeoefend, waai vooral de outilleering aan den wal voor snf expeditie zich moet aanpassen. Uniui' heeft Scheveningen verre overvleugeld, * geen een gevolg is geweest van de achten! heid van het bedrijf in Scheveningen. Zo< het nu is, wordt het nooit iets belangn Bovendien trekt de visscherij op scheve!»* gen-zelf de bevolking allerminst in die i»*£ waarin" het vroeger het geval was. Die |J volking wordt hoe langer hoe meer Haagsj en van een echte visschersbevolking kan sprake meer zijn. j Scheveningen als dorp is altijd geweest en heeft altijd aan Den Haag B*J gekost. Het kunstmatig in stand houden **j een niet-rendeerend bedrijf is een S 10:» maatschappelijke fout. Het is dezelfde fojj! die, gelijk wij vroeger reeds betoogden, JJ onze tram in Den Haag bestaat. Wanne*) die concurrentie kreeg van het moderne j>*j drijf van de autobus, was zij in minder of geen tijd ten onder. In het jaar '31 is misschien de verwezenWj king te verwachten van de nieuwe groente- de andere niet. Hopen wij, dat de groentenmarkt en <** rhershaven hierin verbetering brengen. W. N. VAN DER HOUT. --- PLACE DE LA CONCORDE TE PARIJS, het grootste plein der hoofdstad. In het verlengde van den obelisk en de beide fonteinen ziet men, door de Rue Royale, op fle Madeleine, een bekend kerkgebouw. ---