Laat het zoover niet komen met Uw Rheumatiek Wacht tocb niet totdat Uw handen voor goed krom en misvormd zijn.Wacht toch niet totdat gealseen stumper, door de kamer strompelt. Rheumatiek wordt veroorzaakt door ziektestoffen, die zich op de pijnlijke plaatsen gaan vastzetten. Wrijven met Akkers Kloosterbalsem voorkomt dat gevaar. --- Brieven uit Amsterdam. AMSTERDAM, 21 Jan. De Nachtwaker. Op ééu der bouwterreinen van Plan-2uid, niet zoo heel ver van den Amstel, s'aat, dicht bij een pas aangelegde straat, t-en man in den nacht. Hij heeft een stok, daarvan het eind schuin de lucht iv steekt, onder den arm; zoo niet de schouders hoogcp getrokken, de kraag van *n donkere jas tot aan de ooren. lijkt bij in de verte iets op een vogelverschrikker. Hij begint te praten, met een'kalken Heüswarmerfje in zn eene hand. na mij f'P een wijze, zco vriendelijk, als men alleen maar in den nacht van iemand verwachten kan, „goeien avond" Ie hebhen gewenscht. Onder zn ruige snor J'andaan* borstelig als van een ouden kater, komen heesch de woorden; „ik heb het op mijn borst", zegt hij. „Het was gisternacht een „smerige wind". Vol vocht eu da'mpigheid. D i e heeft 't 'cm gedaan. Hij kan wel 'es effen iv gind•■che loeds kruipen, maar vooral niet te «ng. Er is altijd vau dat „gespuis", dat hij nacht en natijden tracht,te eindjes pijp, of hout, of een hamer oi 'n ander stuk gereedschap, dat. is blijven %gen". , Of hij den heelen nacht de wacht houdt-? vraag ik. -— „Als 't niks anders was", zegt hij. *>S an 's avonds vijf tot 's morgens zeven. Als '| maar niet van* dat verrotte weer Nvas. Dat slaat je op je keel." Een kachel? Nee, meneer. Die wil hij niet hebben, want dat is nou juist iets om £iek van te wordeu. Je hebt vau die wa*&rs', die liggen al< maar niet hun facie over de gloeiende kolen. Dan krijg je de stinklucht naar binnen eu dat is de voor je longen. ..Geef mijn maar zegt hij. met een slag op zn voet, i-en dit" —ep rijn jas dan ben je „heej'vnaal compleet. Warme schoenen eu 11 goeie jas. dat moet je lichaam in de fconde nachten bewaren. „Eu dan niet s,il blijven staan, maar gedurig heen en loepen. Heb je warme thee... óók B°ed, maar géén drank. Neen, geen borre'tje... went dat is juist verkeerd." Nou heeft-ie neg wel 'es. aanspraak, **> in den nacht, -want anders kruipen g? uren, of ze niet weg willen. Stond-ie sjsternach't ep wacht, laat 'es zien, 't mag *i,fj'n uur of vijf geweest zijn. Scharrelde ginds wat achter dat blok, zoo wat jonkers, niet te -eggen wat. Hij er heen. | tond-ie potdorie voor zn vrouw, die jjem wel 'es wat brengt. Ze had niet finnen slapen en was hef bed uitge- Jfapt. Hij had zn stok al in de hoogte. 'Ad-ie zn eigen vrouw best op dr bak- kenne geve... dat goeie menseb. Nee, '"aar gekheid is gekheid, nog nooit "eeft-ie geslagen, nou ja. wel 'es 'n woord «atuurlijk. •'a, gekke dingen kun je beleven. Zoo- xat 'n jaar terug wier-ie augesproken «oor 'n grossier. Of-ie niet 'r' week 's Jachts wou waken *n die zn pakhuis; werden telkens balen suiker «egapt Als 't. maar wat schooft, had-ie 6!:*-gd, den wou-ie wel. Ja... 't wier |°cd betaald. Hoorden-ie op 'n nacht ge- Tt'uis en hij dr heen... Ja... daar was *> rausjer bij 'n partijtje suiker. Hij naar *; telefoon om de politie, maar gceieu [jtorgen/hij had al 'n pit op zn test te Pakker, die 'm deed suizebollen. Dat was m'n een stinkerd! Hij viel zelf te»eu der> grond... Toen de politie kwam de ganser weg. Da's ééns maar nóóit vPe.j-, had zn vrouw gezegd... Jij de °cic nacht op wacht voor 'n knaak en s*ö nog de kans, dat ze je vcmóórde. ..• * °u-.. ge lij k had ze. „Ik wil,graag 'n 'achie snappen m'ncer, maar zóó iets Q°e ik niet meer." Nou ja... gelttlTüg heb je nog wel 'es ?rval. Of ik die. locds zag staan, 'n tandje verder? I- r- „N0u...", zegt ie..., „niet slecht eer 's nachts heb je hier nog wel 'es 5U die paartjes, die wel 'es effe droog Zullen zitten... Dan vragen ze: och baas, agge we dr reffen binnen gaan? Ik zeg geen ja, ik zegt geen neen, maar ik laat ze stikum naar binnen gaan. Zijn ze uitgsrust, dan leggen ze 'n paar heitjes, of óók wel 'es 'n gulden op de bank, dat is dan voor mij n. Och... wat zei je zeggen, je bent zeli óók jong geweest." Het ellendigste vaii alles, waar-ie wel om kan grienen, is; dat-ie 't vroeger zoo erg goed heelt gehad. Achttien en 'n half jaar bij één baas. Die had 'n groote tegelzaak in de .... straat, ik zou er wel 'es van gehoord hebben. Nou... dat is 'n beste man, 'n puike man,, maar (je meet me gced verstaan) voordebuitenwereld. Een groentevrouw, die daar vijf jaar lang bij 'm aan de deur kwam (en die goed, begrijpen, aan hem verdiend heeft) is, door haar slechten gang, met dr zaak uitgescheje. En die vrouw heeft nou vast vijf gulden in de week vau 'cm. Een halve blinde schillebcer (ook nog een zuiper) heeft vast twee gulde van 'cm. . Dan zou je toch zeggen, dat hij en zn kameraad, die allebei achttien jaar bij 'm gewerkt hadden, tenminste handgeld gekregen hadden, toen ze de laan uit mesten. Nog geen cent. Toch is hij 'n goeie man, een beste man, maar voor de buitenwereld... Maar zn ouwe arbeiders stuurt-ie zoo de straat op. Gelukkig heeft-ie nog lang 7 gulden in da week steun genoten. Maar verdienen je kinderen wat, dan wordt dat af: getrokken. Goddank... hij is dr neg gekommen. Maar wat komt daar aan? Een paartje'? Nee... geen paartje, 't Zou kenne were... de een vertelt 't aan den ander zie je... Nou... scha komt er niet van een meenemen uit de keet kunnen ze niks... Wat er aan komt is een donkere-gedaante op de fiets, een eemame politieman, die deze unheimische buitenwegen evenmin veronachtzaamt als de drukkere buurten. Allervriendelijkst wensebt de nachtwaker hem „goeien-avond", welke greet beantwoord wordt. „Ze moeten er zijn, maar ik ben nog liever dit!" zegt de nachtwaker met een slag van zn hand op den stok. „Gistermorgen in de vroegte staau ze daar op den hoek de arbeiders op te wachten, of 't lichie wel goed brandde... 'n Arme kerel lappen ze dr bij en 'n rijke vent met zn automobiel laten ze de voetgangers kapot rije...." Énkele lantaarns verlichten in de verte vaag de straten van de Ruysdaalkade. Er is wat autogetoeter in deze buurt, die ep het gebied van het Amsterdam sche nachtleven een niet al te goeden naam heeft. De maan, ginds aan den hemel, beschijnt met haar zilveren schemer de hösT'rüiinè;" velden, Waar' het lied vau heiblok én hamer dagelijks nog niet de een-aambeid verjaagt. Als ik mijns weegs ga, boor ik, wat verder ep, uit het halfgeopende raam van een boyenwoning van een der zijstraten zang en muziek, als werd daar feest gehouden. Maar doodsch en verlaten liggen de velden in het Oosten, een levenlooze, sombere vlakte, waaruit geen geluid tot u komt. Het is, of ze verstomd liggen te wachten ep de nooit verzadigde stad, die ze, tot zich zal nemen, om er de rust voorgoed uit te bannen en er de huizen te brengen en de straten, met haar leven en rumoer, de stad, die jaar op jaar verder haar grijparmen naar de stille velden uitstrekt. MAR HTS VAN DER STRAAT. --- VAM HEINDE EN VERRE Een-nieuwe vakvereeniging. De Chineesche monniken en priesters hebben een vakvereeniging gevormd; zij eischen de vakvereenigingstarieven voor het zeggen der gebeden. --- Een wolkenkrabber te Parijs? Parijs wordt bedreigd met de oprichting van een wolkenkrabber. Het gevaarte, naar New Yorksch model, zou verrijzen op den berg Ste. Genevière, die thuis bèheerscht wcrdt door t Pantheon. De contracten moeten al gesloten ziju. de grond gekocht, doch thans rijst, er verzet ouder de Parijzenaars, die in zoon opdringerig Amerikaanscn gebouween ontsiering zien van hun schoone stad. Er is een commissie in wording om alle tegenstanders van bet plan te vereenigen en met alle macht te trachten het plan te verijdelen. --- Terug tot de korte broek? De Parij sche modekoningen, die al lang zinnen op plannen om de mannenkleeding te verfraaien, willen trachten, naar we in de N.R L Cr t. lézen, de korte broek weer ingevoerd te krijgen, zoowel voor dag- als avondkleeding. Zwarte zijden kniekousen en zijden broeken.zouden onder de avondkleedij gedragen worden. Londen zou de nieuwe mode moeten invoeren, omdat het op het gebied van heereukleeding den toon aangeeft en Parijs zou dan volgen. Er zöu natuurlijk verzet rijzen onder de mannen met spillebeenen, maar men hoopt, dat zij, die welgevormde kuiten bezitten wel zullen willen meewerken. --- Het Paleis voor Volksvlijt volksgebouw. Naar Het Volk meldt, beeft een kapitaalkrachtige combinatie zich gewend tot de commissie uit de federatie S.D.AP., N. V.V. en A.8.8., die de mogelijkheid van de stichting van een volksgebouw onderzocht, met het aanbod, het Paleis voor Volksvlijt, dat voor 2A millioen te koop is, tot volksgebouw in te richten en te exploiteeren. De commissie beeft dit aanbod ecÜter afgeslagen, wijl uit de voorloopige onderzoekingen van de commissie is gebleken, dat de stichting van een volksgebouw op deze kostbare basis stellig niet te verwezenlijken valt. --- Een waarnemend ambtenaar van het O.M. voer de Rechtbank. Voor de Rechtbank te Breda is tegen een advocaat en procureur, waarnemend ambte naar van het O.M. bij liet Kantongerecht daar ter plaatse, een geldboete van f5O subs. 50 dagen hechtenis geëischt, wegens beleediging van een inspecteur van politie. Toen de inspecteur in den nacht van 8 op 0 Sept. 1.1. de zalen van de sociëteit „Conconlia" lic: ontruimen, had de advocaat, die volgens verklaring van den inspecteur onder den invloed van sterken drank verkeerde, hem toegevoegd: „Voor jou ga ik niet uit den weg, kwajongen", en gezegd, dat al? de inspecteur proces-verbaai zou opmaken, hij hem voor den officier van Justitie wei zou weten to vinden. De inspecteur van politie verklaarde er van overtuigd f e zijn, dat de betrokkene heel goed wist, wat hij deed. Getuige waa aanvankelijk niet van plan proces-verbaal op ie maken. Toen echter van andere zijde, een rapport was ingediend, is hij daartoe wel overgegaan. ' De verdediger meende, dat deze zaak onnoodig was opgeblazen. Uit het getuigenverhoor was volgens hem komen vast te staan, dat de inspecteur zenuwachtig was en geagiteerd is opgetreden. Pleiter vroeg ten slotte clementie. --- Londensche mist. De Londeuscbe misten zijn niet, wat ze geweest zijn; menschelijke voorzorg en vooruitgang hebben bewerkt, dat de echte vuilbruine „Londen Particular", zooals de zwaarste en kwalijkste mist wordt genoemd, tot de geschiedenis behoort. Niet de dichtheid is verminderd, ir aar wel de groezeligheid van samenstelling eu zeker ook de veelvuldigheid. De Londensche mist is blank geworden Een ondraaglijke belenïmering beteekent de mist in de levensfunctie van de metropolis. De motor-voertuigen zijn tot de langzaamste gang gedwongen, ondanks de sterkste schijnwerpers is het den bestuurders niet mogelijk, verder dan twee meter voor zich uit te zien. De chauffeurs hebben thans echter een hulpmiddel gevonden, dat hun althans eenigen dienst bewijst. Zij spannen schoone poetslappen, van de bekende oranjekleur, over de glazen van bun voorlampen, met het gevolg, dat de lichtstralen worden gebroken en daardoor de eigenschap krijgen, dieper in den mist te kunnen dringen. Het hulpmiddel is indertijd gevonden uit de ervaring der chauffeurs; en al spoedig greep een fabrikant, die er van hoorde, de gelegenheid aan mistmutsen te gaan vervaardigen en in den handel te brengen. De mistmutsen, van oranjekleurig neteldoek doen haar werk uiteraard nog wat beter dan de geïmproviseerde schermen van poetslappen. die bovendien niet altijd schoon zijn. Die mutsen behooren tegenwoordig in Londen tot de uilrusting van eiken automobiel of bedrijfswagen, die een zorgzamen eigenaar of bestuurder beeft Veel helpt bet echter niet, zeker niet indien de mist zoo dicht is als de vorige week, toen men op sommige oogenblikken slechts een schim zag van de baud, die langs het lichaam bengelde. Wanneer het zoo erg is wordt de trottoirband de eenige toeverlaat en trouwe baken. Men beeft daarom al eens hooren voorstellen dat de trottoirbanden in de voornaamste verkeers-„aderen" over hun geheele lengte zullen worden verlicht, opdat de voertuigen — hoe zwaar de mist ook zij — altijd duidelijke richting-aanwijzers hebben voor de navigatie over het asphalt. Maar van toepassing van dezen aard, of zelfs van plannen daartoe, is nog niets te bespeuren. De eenige lichtbakens in mist ziju de sterke acetyleen-toortsen, die op drukke kruispunten, als Trafalgar Square, Aldwyeh e.d. worden opgezet. Maar met al haar gebrul en gespuit neemt de automobilist ze vaak pas waar wanneer hij er bijna op zit. --- Moldrainage. De heer Mulder te Garreweer (bij Appingedam) vertelt in het „Gron. Landbouwblad" eeti en ander over zijn ervaringen met dea moldraineerploeg (systeem-prof. M. F. Visser). Wij ontleenen daaraan het volgende: „Op 30 Jan. 1926 begonnen we 's morgens om haifacht op een stuk bouwland. De bovengrond was een dunne laag zware klei en daarna de ondergrond roode knik. Daar hier absoluut geen water door wil, stond er ten gevolge van het vete water, dat er verleden winter is gevallen, veel water op dit land. Maar omdat dit bouwland was, konden we hier niets uitrichten, daar de ploeg weldra niet meer fe herkennen was Van de klei, die er zich aan Vast hechtte. ' Toen hebben we onze toevlucht genomen tot een stuk klaverland. We hebben in de lengte gedraineerd. De onderlinge afstand bedroeg pl.m. 5 a 6 M. De diepte was bij het begin •80 c.M. en op het einde ongeveer 60 c.M. De lengte van een straal pl.m. 100 M. Ook dit stuk was geheel met plassen bedekt. De grondsoort was gelijk aan het stuk bouwland. Het zal ongeveer 10 uur geweest zijn, toen we op dit stuk begonnen en om 4 uur hadden we 14 stralen door het stuk getrokken. Het werk werd uitgevoerd met 4 paarden voor den ploeg en 1 paard om den ploeg weer terug te trekken. De 4 paarden konden hef werk gemakkelijk doen. Omdat hier enkele dwarsgoten gegravea waren over het land, waren hier 7 personen noodig ter verdere bediening. Maar op land zouder goten zou djt getal tot 5 teruggebracht kunnen worden. Aan het einde van iederen straal hebben we een buis aangebracht, om te voorkomen, da-t de gaten weer dicht zouden vallen. ledere landbouwer kan nu zelf het best berekenen hoeveel het hem kosten zou, daar het land verschillend is en ieder ook niet altijd de noodige paarden ter beschikking heeft, zoodat deze er soms bij gehuurd moeten worden. En nu hot resultaat. Toen we een paar uur aan het drameeren waren, konden we zien, dat het w-ater in de sloot hooger werd. Dit water in die sloot kon er toen niet uil, vanwege de slechte afwatering. Don geheelen zomer heeft er geen water op het land gestaan, ook niet wanneer we een paar uur na de geweldige piasregens kwamen kijken, die in de Meimaand geval3en zijn. Met de vorst, die we omstreeks" de Kerstdagen gehad hebhen, is er onder geen enkele der 14 stralen, ijs ontstaan. Thans staat soms hier en daar weer een plasje water, maar niet noemenswaard. ledere straal loopt nog goed. ïk zou ieder willen aanraden: „Laat U niet afschrikken, een boom valt niet bij den eersten slag!'' --- Looping the loop in de sneeuw. Een nieuwe sport, die op 't oogenblik in Amerika druk beoefend wordf, .Groote handigheid is een eerste vereischte bij dit speL --- Een nieuw wapen voor de politie. De politie te Chicago heeft een hand-machine-geweer-afdeeling ter sterkte van 30 man gekregen. Met elk geweer kunnen 50 schoten achter elkaar gelost worden. Het nieuwe wapen moet vooral diensten bewijzen bij de achtervolging van auto-bandieten, struikroovers, enz. --- Een nieuwe aardeppelvarietelt. Door een kweeker te Sappemeer wordt een nieuwe aardappelvariëteit in den bandel gebracht, de „Robijn" geheeten, een zaailing van 1917 en gekweekt van ,Jtoode Star" en „Preferent". De Robijn, die weinig vatbaar is voor ziekte, is een late soort aardappel, donker van kleur, die per stam niet zelden vier pond opbrengt, 't Is een duurzame eetaardappel, geschikt voor winteropslag. --- Wat zijn die Mullers eigenlijk voor mensehen? — O, die vervallen altijd in uitersten. D« zoon is duiker, en de doohter is getrouwd met een vliegenier. --- Na het vloest-k het spek? Een Engelsche fab.riek waar „bacon" werd bereid is gesloten. „The Grocer" van 22 Jan. vertelt het en verhaalt er bij dat het fiasco dezer fabriek is veroorzaakt door de lage prijzen van het buitenlandsch spek. Dat dit zoo laag in prijs is, is evenwel een gevolg van een maatregel der Britsche regeering, die den vleeschinvoer vert>ood Daarom heeft men zich hier en in Denemarken toegelegd op de bereiding van „bacon". Zoo kon een deel van het afzetgebied voor de Nederlandsche (Deensche en andere) varkensfokkers wordeu gered, dat liet Britsche invoerverbod verloren deed gaan. De vraag is nu evenwel, zegt 't H b 1., of de Engelsche protectionisten niet een — hygiënisch of ander — voorwendsel zullen gaan zoeken om ook den invoer van spek te verhinderen.. De leider der fabriek, die de mislukking te boeken had, spreekt reeds van „dumping" van continentaal spek op de Engelsche markt, omdat zijn fabriek niet in 6taat is „bacon"' tot een concurreerenden prij<> op de markt te brengen. Hij heeft geen bezwaar tegen het invoerverbod van vleesch maar het had ook tot spek moeten ziju uitt gebreid zoo betoogt hij. want in de fabrieken I' waar „bacon" wordt bereid knn zeer wel sinetstof van mond- en klauwzeer doordringen en aldus, met het spek naar Engeland worden overgebracht. „The Grocer" brengt deze opmerking van den man, wiens bedrijf een mislukking werd, onder de oogen. van een wijderen kring. Is dat, vraagt het blad, de inzet van een campagne tegen den invoer van o.a. Nederlandsch spek? Dat zou de gevolgen van het Vleeschinvoerverbod nog verergeren. In 1926 toch werd voor f 39.245.000 aan gezouten varkensvleesch en spek naar Gróot-Britannië uitgevoerd tegen voor f 32.824.000 in 1925. Hier is althans een kleine compensatie voor den belangrijken achteruitgang van den Nederlandschen uitvoer van versch varkensvleesch, die (naar alle landen) in 1925 een waarde van f 62.738.000 vertegenwoordigde en in 1926 slechts een waarde van f 29.788.000. --- KLEUREN EN KNIPPEN Zooals Jullie weten, was Marietje'a lammetje zoo blank als sneeuw en zoo zacht als zijde. Daarom hield Marietje er ook zoo van zijn haar te kammen en mooi glad te strijken. Als zij samen waren en Marietje had een witte jurk aan. kon niemand zien wie het meisje was en wie het lammetje! En zij wareu héél dikwijls samen, want het lammetje liet zijn kleine meesteres nooit alleen. Overal waar Marietje in huis liep, kwam het lammetje haar acbterua, en als Marietje naar scboo! moest, zat haar lievelingsdiertje treurig in een hoek. omdat het niet mee mocht I Maar op zekeren dag kreeg het lammetje ecu kans om naar buiten to wippen en toen.... ging het Marietje achterna naar school! Kleur het hekje donkerbruin. Hoi gras groen en het paadje geel. Het huisje en het lammetje blijven wit, doch de boomen op den achtergrond worden donkergroen gekleurd. MARIETJE'S LAMMETJE. ---