Droevig verkeersongeval te Nijehorne. Motorrijder gedood. - Wielrijder vrij ernstig gewond. Zaterdagmiddag tusschen 5 en 6 uur vond te Nijehorne bij de Houtlaan een ernstig verkeersongeval plaats. De "eer O. Siemons, geboren te Scheemda, UU voerder bij de N.V. „De Geruischlooze Weg" te Heemstede, was met zijn motor °P weg van Mildam, waar zijn woonwagen staat, naar dokter Pelikaan te Nijeo°rne, om een drankje te halen voor zijn vrouw, die vrij_ ernstig ziek te bed ligt. Op den hoek bij de Houtlaan kon hij door te groote snelheid de bocht niet krijgen reed tegen een zich aldaar op hetzelfde moment bevindenden wielrijder aan, pijnde den heer S. Hoekstra, onderwijzer te Nijehorne. Door den schok raakte de iifHorrijder nu het stuur over den motor Scheel kwijt en vloog pardoes tegen een houten kruispaal van de lichtleiding. Hij kwam met het hoofd tegen den paal terecht en werd hevig verminkt naast den van voren geheel ingedeukten motor gevonden. Het bloed liep hem mond en °oren uit en na ongeveer 20 minuten is jUi overleden. Per auto is het lijk naar "et Ziekenhuis te Heerenveen vervoerd. "£>e heer Hoekstra was door de aanrijding in een naast den weg loopende dro-8e sloot geworpen. Geheel versuft werd "ij daaruit gehaald en toen bleek, dat 2nn beenen waren verwond, terwijl een ?chouder was ontwricht. Per ziekenauto ls ook hij naar het Ziekenhuis te Heerenveen vervoerd. Nadat hij aldaar door dokter de Graaf was verbonden en een folo VaQ zijn schouder was gemaakt, kon hij Per auto des avonds naar zijn ouderlijke honing terugkeeren. Zondagmorgen hebben wij de plaats Vatt het ongeval in oogenschouw genoen en toen bleek ons, hetgeen later £°or ooggetuigen van het ongeval werd bevestigd, dat met zeer groote snelheid JNoet zijn gereden, omdat eigenlijk ge*egd niet van een bocht gesproken kan worden, maar dat ter plaatse de weg alteen maar een flauwe kromming vertoont. De heer H., een familielid van den heer hoekstra, vertelde ons, dat hij met zijn Personeel in het land zat te melken, toen v'en vóór het ongeval een motorrijder *ten met zoon groote snelheid passeerde, dat zij allen naar den weg waren geloopen en tegen elkander gezegd hadden: „als dat goed komt, komt er meer goed." De heer Hoekstra, dien wij Zondagmorgen een bezoek hebben gebracht, troffen wij te midden van familieleden en kennissen te bed aan. Hij vertelde ons als volgt: Ik was per rijwiel op weg naar de ouderlijke woning, toen nabij de Houtlaan een motorrijder in woeste vaart naderde. Ziende, dat deze de bocht niet kon krijgen, trachtte ik met een ruk nog de Houtlaan in te komen, hetgeen mij echter niet gelukte. Ik werd tegen het achterwiel aangereden, dat deerlijk gehavend werd. Wat er verder gebeurde, weet ik mij zoo niet te herinneren. Wel weet ik, zooals later bleek, dat de schoen van mijn linkervoet was gerukt en dat die tot nu toe niet teruggevonden is. Gelukkig echter ben ik er anders vrij goed afgekomen en zal met eenige weken rust de zaak wel weer in orde komen. Ware het ongeluk echter een seconde eerder gebeurd, zeer zeker zou ik er niet zoo goed zijn afgekomen en had ook ik met den paal kennis gemaakt. De moeder van den heer H., die den laatsten tijd meerdere ongevallen met hare kinderen had meegemaakt, was zeer onder den indruk van het gebeurde. De familie van den overledene werd des avonds telegrafisch met het ongeval in kennis gesteld. Hij werd n.l. Zondagmorgen bij zijn familie thuis verwacht. Ook zijn moeder is, naar wij aldaar vernamen, zeer ernstig ziek. De heer Siemons, die ongeveer 33 jaar was, laat een weduwe met één jongetje van 4 jaar achter. Het personeel, dat onder den heer Siemons werkte, was ten zeerste terneer geslagen door dit droevige ongeval, hun chef overkomen. Als bewijs hoe hevig de schok wa.;, diene, dat de paal geheel verzet is, terwijl eenige lichtdraden zijn afgeknapt, zocdat de daaraan aangesloten perceelen bijna den geheelen avond in het donker hebben gezeten. Het euvel is later dcor een monteur der P. E. 8., die inmiddels gewaarschuwd was, verholpen. --- Prov. Bond van Christelijke onderwijzers. #(Vervolg van Zaterdag j.1.) ~"- — De middagvergadering, die werd bijgewoond door den heer" v. d. Graaf, inspeceur van het 1. o. in de inspectie Dokkum, erd geopend met het zingen van Gez. 189, .S' 4, waarna de heer A. J. Drewes, van een inleiding hield oVer: --- „Over domheid.” Wanneer we willen nagaan, hoe domheid "fcrkt, worden we reeds onmiddellijk voor wee tegenovergestelde dingen geplaatst: omheid wekt ergernis en lachlust. Nergens ,er Wereld wordt domheid beschouwd als , normale. Het is dan ook moeilijk om et wezen der domheid te definieeren. Lettende op de woorden, waarmede in de erschillende talen de domheid wordt om. hreven, bemerkt men, dat dit begrip iets , Kaken heeft met grootte. Waarin bestaat /* beperktheid .van den domme? Daarin, a' het aantal zijner hem eigen begrippen 11 Jfeziohtspunten zoo gering is. Hoe meer hij krijgt, des te wijder worit L:ln gezichtsveld, des te verstandiger wordt . "omheid heeft met gebrek aan kennis ets uit te staan, behalve wanneer de ver, eerderde kennis het aantal gezirhtspun, n vermeerdert. Hoe enger de gezientsring ivr 't, des te grooter wordt de be®rKtheid, welke hare limiet vindt in het ?j*en Ik. Valt dit Ik samen met den ge- van den mensch, dan noemen 'jhem idioot. ej e domme is hij, die slechts door zijn gen jjej ieven beziet. Domheid is de ? e&testoestand, waarin de mensch zich zelf eenig betrekkingsmiddel beschouwt, m. zooals hij over één zaak oordeelt, oorde , n over abc- Hij formuleert zijn oor- Zij s.teeds in den eerslen persoon, omdat lij1, ki.ikgat op de wereld steeds zijn eigen va k ook geen wonder, dat de domme k veroordeelt, want hij is niet alleen Otn al,es"weter> maar ook een beter-weter. )H6 anderer doel te kunnen billijken, moet Vt,.11, z":h °P anderer gezichtspunt kunnen jWaatsen. o0® domheid openbaart zich niet alleen in dele '' maar ook in liandelen. Dom han- U 0 n noemen wij ruwheid, den bewerker Waa?6n wi' onbeschaafd. Wie ruw handelt, tst, zonder anderen te ontzien, zijn eigen Ven°P den- voorgrond. Als voorbeeld daari'M spr. het tegenspreken en in de t 6 e 5;en, ecu kind heeft het recht om alles het en af te meten voor zich zelf; nOR e£o-centrisch. Een vroegrijp V6rs^,^ordt beschouwd als een abnormaal tiatu* '.nsel; de domheid is in de jeugd de Baa Ur'i-i'