Koloniën. Hetgeen de Javasche cdurant omtrent de expeditie naar Nihs mededeelt komt in hoofdzaak hierop neder : De nißgt, was zamengesteld uit: vier kompanjiën infanterie, een detachement artillerie, bestaande uiteen officier en twintig onderofficieren en manschappen, ter bediening van vier koehoornmortieren, een detachement sappeurs, bestaande uit een officier en veertig onderofficieren en manschappen, een officier der militaire administratie en een officier van de geneeskundige dienst, terwijl verder aan de expeditie nog het noodige administratie-en hospitaal-personeel werd toegevoegd, alles van de ter Sumatra'sWestkust garnizoen houdende troepen. Zr. Ms. stoomschip Reinier Claeszen en het goevernements-stoomvaartuig Hertog Bernard waren aangewezen om deel te nemen aan de bovenbedoelde expeditie. De leiding en het kommandement over deze expeditie was opgedragen aan den majoor der infanterie K. G. Fritzen. Het deburkement was in den voormiddag van 20 mei geregeld afgeloopen en dekommandantliet nudadelijk oprukken tegen de weêrspannnigen en de op cirka 10 minuten afstands van de landingsplaats gelegene kampong Hiltbobo, die na eenigen tegenstand zonder eenig verlies van onze zijde bemagtjgd werd. Daar de vijand, alvorens de kampong te verlaten, de huizen in brand had gestoken, was men verpligt een kampement op te slaan, hetwelk werd versterkt en tot verzamelplaats der vivres en van de ammunitie gebezigd werd. Tijdens deze verrigtingen die 4 dagen duurden maakte men eenige verkenningen waarbij een gevecht met de orahiliers plaats had, die z.ch in eene versterking schuil hielden, welke door de onzen met eenig verlies genomen werd. Nadat het kampement te Hdibobo genoegzaam versterkt was om door eene kleine magt te worden verdedigd, rukte de expeditionnaire magt naar de ons bevriende kampong Tadova op, waar men het bivou&k opsloeg. Van daar trok men langs een voetpad, dat sedert verscheidene jaren verlaten was en dat de orahiliers welligt om die reden nietnoodig hadden gevonden te versterken, naar Orahili op, dat na een hevig gevecht van 2jr uur en met een verlies aan onze zijde van 2 dooden en l'ó gekwetsten in onze handen viel. Ook dit verlies moet betrekkelijk als gering beschouwd worden, wanneer men in aanmerking neemt, dat de binnenste versterking van Orahili eerst bij den vierden storm bemagtigd werd en dat die kampong, zoo op Nias, als ter kuste van Sumatra algemeen berucht was wegens hare sterkte. Het verlies van den vijand wordt begroot op p. m. 100 man, waaronder een van de radja's. Nadat Orahili tot kampement was ingerigt, de regtstreeksche kommunikatie met het strand geopend was en eenige verkenningen waren gemaakt, liet de kommandant der expeditie den 6junij twee kompanjiën infanterie en 20 man der landings-divisie van de marine naar Botohosi oprukken. Deze versterkte kampong werd nog den zelfden dag zonder tegenstand genomen en den volgenden dag aan de vlammen prijsgegeven. Na vruchtelooze pogingen te hebben aangewend om den radja van Orahili te doen uitleveren en nadat de overige radja's van Zuid-Nias betuigingen van hunne gezindheid voor het goevernement waren komen afleggen, trokken de troepen den 12junïj naar het strand terug, na eerst, Orahili in brand te hebben gestoken. Den zelfden dag scheepten de troepen zich weder in en den volgenden dag werd bet anker geligt en kwam men te Seroemboe aan. Den 15 junij ontscheepten de troepen en trok men tegen Leulowaoe op. Toen men deze plaats den 17 bereikte, was zij lerlaten, zoo dat de sterkte zonder slag of stoot werd in bezit genomen en den volgenden dag vernield. De expeditie keerde daarop naar Seroemboe terug en embarkeerde den 20 om de terugreis over Siboga naar Padang aan te nemen, waar de schepeu in den namiddag van den 26 het anker lieten vallen. De val van het alom gevreesde Orahili, sa een zoo kort gevecht en met zoo weinig verlies aan onze zijde, heeft een diepen indruk op de bevolking van Nias te weeg gebragt. Het vertrouwen op de krachten van die kampong was zoo groot, dat de radja van Tadora nog den dag vóór de inneming onbewimpeld aan den kommandant der espeditie te kennen gaf, dat hij zich niet moest vleijen die plaats te bemagtigen, daar zij te sterk en te goed verdedigd was. Het nederlandsch gezag op Nias kan dus beschouwd worden als voldoende hersteld te zijn, en deafloop der expeditie heeft alzoo den gewenschten uitslag gehad ; terwijl wij in het geheel daarbij slechts een verlies van 3 dooden en 21 gekwetsten te betreuren hebben. --- Gemengde berigten. Kortelings werden, gelijk gemeld is, te Warschau alle blonde jongelingen -gearresteerd, omdat Murawieff geseind had dat een blond jongeling, die den aanslag op Domejko had gepleegd, derwaarts was gevlugt. Thans wordt er jagt gemaaktop personen, die Posner heeten, omdat er berigt is ontvangen, dat een man van dien naam aan de Polen wapens enz. geleverd heeft. Verschillende personen, die het geluk of ongeluk hebbe**'/dezen naam te dragen, zitten reeds in de gevangenis. — Te Weenen is een gezelschap gevormd, ten doel heb| bende in het volgende jaar van maart tot september eene 1 reis om de aarde te ondernemen. Deze expeditie zal 32,000 I zeemijlen moeten afleggen, 30 havens in alle werelddeelen | bezoeken, zijnde 5 meer dan in der tijd met de Navara werd 1 gedaan, ongeveer 150 dagen op zee en 50 dagen op land moeten vertoeven. De Triester Lloyd laat tot dit doel de ' ijzeren schroefstoomboot Fiume uitrusten. De voor wetenschappelijke navorschingen noodige apparaten, instrumeuj ten enz. worden door het gezelschap aangeschaft. — Er loopt een gerucht dat jl. dingsdag door een landbouwer, in de nabijheid van Haarlem, die bezig was een regenbak uit te graven, een kistje met gouden munten gevonden is, die bij nader onderzoek spaansche matten bleken te zijn. Door het breken van het kistje, dat bijna geheel verteerd was, vielen de goudstukken uit een en mogt hij de 1 voldoening smaken een halfmudsmaat bijna geheel daar- I mede vol te rapen. Ofschoon zeer welgesteld zijnde moet ;de man met blijdschap die milde gift, hem door vrouw Fortuna ter hand gesteld, tot zich hebben genomen. — Te Konstantinopel beeft zich het merkwaardig geval voorgedaan dat een blanke muzelman, die aan eene steenbakkerij werkte, binnen den tijd van anderhalfjaar geheel zwart geworden is. De geneeskundigen aldaar beijveren zich zeer om dit raadselachtig verschijnsel op te lossen. — Zekere Chambert, die de vorige week bij Nottingham in eene luchtballon was opgestegen, stortte, nadat hij eene aanzienijke hoogte had bereikt, met zijn ballon naar beneden en verloor daarbij bet leven. Vermoedelijk had hij, onbedreven in de behandeling, te veel gas uitgelaten. — Men berekent dat sedert het begin van den ainerikaanschen oorlog reeds 70,000 noordelijken gedood en 117,000 gewond werden; 72,000 werden gevangen genomen en 250,000 stierven aan de gevolgen van verwonding en ziekte; van de gekonfedereerden werden 50,000 gedood, 120,000 gewond, 52,000 gevangen genomen, terwijl eveneens 250,000 aan ziekten en wonden bezweken. — Een schrijver die een officieus dagblad in een der departementen van Frankrijk bestuurt, heeft het kruis van het Legioen van eer ontvangen voor het uitgeven van het boek, waarin hij getracht heeft te bewijzen dat keizerin Euge'nie van den heiligen koning Lodewijk afstamt. Die gewigtige en onverwachte ontdekking was gewis eene zoodanige belooning waardig, maar men vraagt hoe het komt dat keizerin Euge'nie van dezen haren doorluchtigen oorsprong onkundiggebleven was, tot dat een onbekend schrijver hare aanspraken op de legitimiteit uit het stof der bibliotheken opdelfde. Zou die schrijver misschien even beleefd zijn als eertijds die beuediktijner monniken, welke u voor 20 fransche kroonen een volledigen geslachtsboom leverden? — Te Parijs zal een proces worden gevoerd tusschen twee personen, waarvan de een zich had opgehangen en de ander den zelfmoordenaar nog tijdig genoeg heeft afgesneden. De zelfmoordenaar viel op den grond en brak zijn been; hij eischt schadevergoeding van hem die zijn leven heeft gered, omdat deze schuld heeft aan het breken van het been, ten gevolge waarvan de eischer gedurende eenige weken niet heeft kunnen werken. De gedaagde is tot schadevergoeding veroordeeld. — Volgens mededeelingen uit Eegsat in Noorwegen is op den 15 en 16 der vorige maand zulk eene groote hoeveelheid sneeuw gevallen, dat het gebergte in de nabijheid geheel met eene dikke sneeuwlaag was bedekt. Daar de voet der bergen met den schoonsten plantengroei prijkte, leverde dit een zeer zonderling eu zelfs voorde oudste bewoners vreemd schouwspel op. — De president Lincoln heeft, ten behoeve van de schatkist der Unie, afstand gedaan van het traktement, hetwelk hem van het afgeloopen jaar moest worden uitbetaald. Toen eenige zijner vrienden hem hierbij deden opmerken, welk een aanzienlijke jaarlijksche rente hij zou kunnen genieten, met zijn honorarium als kapitaal uit te zetten, gaf hij kortaf ten antwoord, dat de Unie, evenzeer als ieder partikulier, geld noodig heeft en dat hij daarom zijn aandeel ten behoeve des lands afstond. — Tegen het einde der volgende week wordt de nieuwe koning van Griekenland te Parijs verwacht. Hij zal drie dagen in de hoofdstad doorbrengen en in het";paviljoen van Marsan logeren. — Bij het groote sukces van den onderaardschen spoorweg te Londen, is men voornemens een tweeden aan te leggen. — Het Giornale di Verona meldt, dat Renans „Leven van Jezus" bij de boekverkoopers in de oostenrijksch-italiaansche provinciën in beslag genomen, doch op bevel der regering dadelijk aan de cirkulatie hergeven is. — The times trekt uit verscheidene omstandigheden, voornamelijk uit den gunstigen uitslag van den oogst van granen, het gevolg, dat op de britsche geldmarkt, gedurende ditjaargeeneschaarschteof rijzing van eenig gewikt is te wachten. ° — Te WÖbbelin nabij Schwerin isop26dezer de vijftig, jarige sterfdag gevierd van den held "en dichter Theodor KÖrner, wiens stoffelijk overschot in deonmiddellijkenabijheid der plek, waar hij al strijdende den geest gaf, ia ter aarde besteld. Ongeveer 6000 personen uit alle oorden van Duitschland hebben deze plegtigheid bijgewoond. — Dezer dagen kwam te Ter Aa een steenhouwersknecht, die wel honger en dorst, maar geen geld had, en zich op eene slimme wijze het noodige verschafte. Hij verhaalde dat hij metselaarsbaas te Amsterdam was, dat heeren kerkvoogden van Ter Aa een groote herstelling aan de kerk op de beurs te Amsterdam hadden aanbesteed, dat dit werk door hem aangenomen was en dat hij kwam om het werk op te nemen en een kosthuis voor zijn werkvolk te zoeken. Men wees hem zulk een huis aan, en spoedig was de huisheer met hem overeengekomen om aan eiken knecht voor f 5 in de week kost en inwoning te verschaffen. Dehuisbaas met zulke voordeelige voorwaarden ingenomen, bezorgde den gewaanden metselaarsbaas een goed onthaal. — Voor eenige dagen zijn te Reichenau verscheidene kinderen en kleinkinderen van wijlen koning Lodewijk Philips aangekomen, zij hebben de kamer bezocht, waar hun vader en grootvader heeft gewoond tijdens zijn verblijf aldaar, toen hij gedurende achtmaanden in 1793—1794 de betrekking van onderwijzer vervulde, onder den aangenomen naam van Chabot. — Een ingezeten van Amsterdam heeft eene weldadige stichting opgerigt, onder den naam: Stichting voor den ambachtstand. Constantia-woningen. Het doel is om eenige ondersteuning te verschaffen aan ambachtslieden die den ouderdom van 60 jaren hebben bereikt en gedurende twaalf jaren bij den zelfden patroon werkzaam zijn geweest. — Te Keppel, arrondissement Zutphen, heeft een hond 17levende jongen geworpen. Volgens Buffon wisselthet getal jongen bij de honden van 4 tot 9 af, terwijl iv enkele gevallen dit getal tot 12 stijgt. — Uit de diskussiën in de jongste zitting van de akademie van geneeskunde te Parijsgehouden, zou blijken dat de gele koorts eene ziekte is, die hare besmetting aan Jevenlooze voorwerpen mededeelt (huizen, schepen enz.)' en dat de besmetting van blij venden aard is, althans hoogst moeijelijk kan verdreven worden. Men heeft dienstvolgens in vollen ernst voorgesteld om de brandpunten dier ziekte te vernietigen en Vera-Cruz met eenige andere steden aan de roexikaansche kust tot den grond toe af te breken of te verbranden. — De groote prijs van 100,000 franks in de laatste „loterie desorphelines" te Parijs is niet opgevraagd. Na eenige maanden te hebben gewacht, heeft de direktenr de som van 106,900 franks, zijnde het bedrag van 31 niet ingewisselde loten, in de konsignatiekas gedeponeerd. Er zijn wel verschillende aanvragen gedaan, o. a. door iemand, die beweert zijnepijpmet het lot, waarop de hooge prijs is gevallen, te hebben aangestoken, doch aangezien dit niet met genoegzame bewijzen was gestaafd, heeft men den prijs niet uitgekeerd. De „loterie des artistes" had lot hoogsten prijs een prachtig zilveren servies, ter waarde van 60,000 franks; ook die prijs is niet opgevraagd, en men onderstelt dat dit met opzet is geschied, ten einde aan de vereenigingvoor kunstenaars eene gift voor de kas vau weldadigheid te schenken en tevens onbekend te blijven. — De handel in telegraafdraden is in Engeland gedurende de laatste jaren zeer belangrijk geworden. De uitvoer in 1853, eene waarde bedragende van 73,534 p. st., is langzamerhand aanmerkelijk toegenomen, zoo dat hij in 1862 eene waarde beliep van 321,044 p. st. --- Meteorologische waarnemingen, gedaan op's rijks werf te Vlissingen, des middags 12 ure. Augustus 1863. "~ï Wind. " fe i~~: ë~ 5 ~~ g « j 1. §.*il a 5 .5 "3 BO §ü -".ï" -S"3 "" Aanmerkingen, <* i -ë is- l 11 |S I _J e-1 ,a »■ cq p-j 23W.NW 3 762.7 19.4 0.77 112-77 0.0 ligtbew.betr.heij. 24Nw.t"W 4 761.2 19.2 0.84 11.92 0.0 ligtbew.heij.reg. 25 W.NW 4 758.1 17.8 0.77 11.66 0.5 bew. buijig regen. 26 ZWest. 13 753.1 18.4 0.82 11.48 5.9 bew.baij.betr.reg. 27 Zuid. 6 750.6 19.2 0.79 13,06 1.8 bew.buij.onw.w.r. 28 Zw.t.Z 3 755.9 20.0 0.77 13.10 0.6 bew. weerl. reg. 29 ZWest. 11 758.2 18.9 0.69 11.18 2.6 ligt bewolkt. --- Burgerlijke stand. Middelburg. Eerste huwelijksafkondigingden 30 dezer: W. van den Dobbelsteen, jm. 24 j. met I. L. de Groot, jd. 17 j. A.J. Knuppel, jm. 48 j. met C. S. H. van Hoek, jd. 33 j. M. Vader. jm.3Bj. met C.J. Riksen, jd. 22 j. (Van 24 tot 29 augustus.) Vmssingbn. Gehuwd: F. H. Schiffer, wedn. van J. M. Franselta, met C. A. van Simmeren, jd. 37 j. G. Jokker, jm. 25 j.met C. van de Voorde, jd. 20 j. Bevallen*. E. de Ruisseaux, geb. van Dierendonck, z. M. Smit, geb. Nobels, z. H. van der Weijde, geb. Brandenburg, d. H. Vreijke, geb. Mouthaan.d. M. Beukert, geb. Bardolf, z. S. G. H. de Wolff, geb. Haman, d. M. B. Maquelin, geb. Pichal, z. ---