* : (Vv»," v».», Eventjes maar, want de opruiming bij Schelling 2 \>>- :S\\\ ' [ Meubelen begint op 19 juli maar duurt nooit lang. .•.. 4 f^r>';:';" * j Schelling heeft namelijk geen overschotten en » ti 'a; /■-v. :t\ J/L-J verouderde modellen om op te ruimen, maar wel " 7 te showroom-modellen. Die moeten weg, want i\V \7 \p \ Schelling gaat die showroom opnieuw inrichten. A ', .Ja-I// V V--<}' Dat betekent weliswaar 4000 m 2 buiten- : W-' '•'■' ' -"*■"«■ kansjes en spotkoopjes, maar die zijn zó || „J we2*^'seentoc^a'voordelige' v^vif'^tNsl7 '.■■'iv\ groothandel gaat opruimen, blijft ■ tV ervan de prijzen namelijk niet ■« Wees er dus snel bij. Op is f l/l A y op, en wie het eerst komt... y_: • ——— - Schelling Meubelen 8.V.-Groothandels- ..'■■■«■ , —"""T.'.I'-'. gebouw Rotterdam -telefoon 010-119655. V>C ' Ingangß: klassieke en eiken meubelen Ingang C: moderne meubelen en^--— \ ,:, ktlA<-^y^^.:.ftl^.J^lg? W}*:*',ii2PMl . De,tweede reden waarom de naam Peking Opera misleidend is, is dat deze theatervorm niet beperkt is tot de stad Peking. De Peking Opera is een synthese van verschillende regionale dramastijlen, die zich in Peking in het midden van de negentiende eeuw tot een artistiek geheel hebben gevormd. . > De Peking Opera kan putten uit een lange reeks van zowel militaire stukken als liefdesverhalen, die zijn gebaseerd op romans, verhalen en legendes die iedereen in China kent. Na de culturele revolutie in 1966 mochten alleen revolutionaire opera's worden opgevoerd: de klassieke werken werden van het repertoire afgevoerd. -. Mevrouw Li Yuru vertelde: gisteren dat het publiek in China de revolutionaire opera's zo , langzamerhand niet meer kan zien. Tot de val van de Bende van Vier in 1976 zijn de Chinezen doodgegooid, met werk als „De verovering van de Tijgerberg door middel van strategie". --- Teveel „Er zijn gedurende deze periode van tien jaar teveel revolutionaire opera's geweest," zei mevrouw Li. Ook wat de bezetting van het orkest betreft is na het einde van de culturele revolutie weer. een stap .teruggedaan: de verschillende westerse instrumenten, die tussen 1966 en 1976 hun intrede deden in de Chinese opera's, zijn geleidelijk aan ..weer . verdwenen. Alleen voor de klarinet is nog een rol weggelegd.-, " ; ~.-■■ <<.• .*. vln Nederland zullen de op te voeren stukken worden ingeleid door een tolk, die in grote lijnen het verhaal vertelt dat zich in een tijdsbestek van tweeëneenhalf uur op het toneel zal ontrollen. ■ v;n.-.i ■':-'.- 1 Li Yuru, een actrice van de oude opera van Peking, die beroemd werd door haar acteertalent, stembeheersing en de perfecte uitvoering van de zogenaamde „dan"-rollen (vrouwelijke rollen, onder te verdelen in die van de respectabele vrouw, dé kokette vrouw en de militair re vrouw), is gedurende de tournee van de Peking Opera van Shanghai artistiek leider van het gezelschap.;,' De voorstellingen in Rotterdam vinden plaats op 13 (Hoogtepunten), 14 (Vrouwelijke generaals) en 15 augustus (Hoogtepunten. --- Citroen: 'Zelf boom en landschap' - Paul Citroen - hij wordt aan het eind van dit'jaar 83 - is nog steeds een bijzonder bezig kunstenaar. Sinds hij zich definitief in 1927 in ons land vestigde heeft hij actief aan het Nederlandse deelgenomen. Hij ontwierp postzegels, theaterdecors, boekomslagen en keramiek, fotografeerde en maakte collages, maar kreeg toch vooral bekendheid door zijn getekende en geschilderde portretten van min of meer in de publiciteit staande personages. Dit vrije werk heeft hem al- aan het hart' gelegen.' Hoewel hij jarenlang docent aairde Haagse academie is geweest, vond hij altijd weer de ,tijd"öm zich daarin uit te leven. In dé eerste plaats wel het por,tret, maar toch, eigenlijk in niet mindere mate: het landschap. ?„,Er is nu een heel fraai boek verschenen met, zestig land„schappen in kleur en zwart en sepia, werkstukken, die in de loop der jaren zijn ontstaan, van.1921 af tot en met 1978. Het "Zijif fantastische reprodukties waarin alle ; details ■ tot hun recht zijn gekomen' en die ons bovendien inzicht verschaffen in de verschillende technieken •die Citroen bij het tekenen gebruikt. . ■' ■•::■: Zelf schreef hij de inleiding, een karwei dat hem wel is toevertrouwd, want. als auteur Jjeeft hij al verscheidene artikefèn en boeken over kunst en .kunstonderwijs op zijn naam staan. Vaak beleed hij daarin .fijn opvattingen over kunst en kunstonderwijs, daarbij bogend .og'zijn grote ervaring en zijn studiejaren aan' het beroemde .patihaus te Weimar, waar hij tussen 1922 en 1924 werkte. Juist in die tijd ontmoette hij kunstenaars die hun stempel den drukken op de ontwikkeling van de moderne kunst. Paul Citroen: Zugspitze (1957). --- Fiasco Ook in zijn boek Landschappen' komt hij om die jaren niet heen. Het moet, dacht ik, ook wel een diepingrijpende ervaring zijn geweest, die j leertijd aan het Bauhaus, in een periode toen de kunst volop in beweging was en er druk werd geèx- perirhenteerd mét allerhande technieken. Citroen was in Berlijn uit Nederlandse ; ouders geboren/ Op zijn veertiende verliet > hij de school om schilder,te worden. Eerst bezocht; hij de '• ateliers voor schilder-; en beeldhouwkunst ,: in Berlijn-Charlottenburg. Door zijn vriend Muche leerde hijjn de beweging De Sturm de nieuwe kunstrichtingen kennen. Toen hij ook probeerde modern schilderen, liep dit uit op een fiasco.* Hij werd: boekhandelaar. - Pas . het contact met de Dada-beweging in 1918 spoorde hem aan weer te gaan schilderen. Zelf bekent hij.dat vooral de Berlijnse meesters. Menzel en Liebermann zijn , grote f voorbeelden , waren. Van Liebermann,-leerde hij het snelle schetsen.. .• ■•JS^ftJB^K^ESBEBPBi Zijn grote bekendheid met dit werk was een goede voorberei-, ding geweest om de Franse impressionisten zonder moeite te kunnen navoelen. Ze gingen er bij hem, om zo te zeggen, in als koek. Een andere zeer vereerde leermeester was Van Gogh. Het was. :; vooral ■:-. de - onstuimige kracht van zijn lijnen die hij van hem leerde.'Aan het Bauhaus kwam hij onder de indruk van de'materiaalkant-van!de kunst. De leerlingen stimuleerden elkaar,-ze werkten regelrecht vanuit het materiaal. Citroen werkte in Florence,; in Parijs, aan het Stilsermeer in het Ober-Engadin en lange tijd in Bazel. En overal waren het in de eerste plaats boom- en bosthema's, cafétuinen, boomgaarden en plantsoenen. <■ \ ■ .Later, in het' Haagse Bos, vond hij met zijn leerlingen een overvloed aan .motieven.':. Hij maakte een reeks gecombineerde S houtskool-Oostindische inkttekeningen met suggestieve licht-donker effecten. Hier ontwikkelde zich, zoals hijzelf zegt, langzamerhand een eigen techniek. --- Interviews met W. F. Hermans gebundeld 'Ik ben Brigitte Bardot niet' Tussen '1950 en nu gaf de schrijver Willem Frederik Hermans vijfentachtig interviews, die voor radio en televisie meegerekend. Zesenzestig ! interviews verschenen in druk, en vijfentwintig daarvan; werden verzameld in de deze week op de markt gekomen bloemlezing Scheppend nihilisme, samengesteld door, Frans A. Janssen: Hermans zelf heeft zich met de : bundeling van de interviews intensief bemoeid: hier èn daar heeft hij noten aan de tekst toegevoegd. '■ -. • In het inleidende Interview over interviews vraagt Janssen aan Hermans of hij het niet beu is geinterviewd te worden. De schrijver antwoordt: „In het al-, gemeen niet.' Interviewers die me vervelen wijs ik het gat van de deur wel, natuurlijk. Zover is het zelden gekomen." zon interviewer was in 1967 Martin Ruyter van de Volkskrant, die naar Groningen was gekomen om Hermans te vragen waarom hij de Vijverbergprijs had afgewezen, i „U vond het in ieder geval niet de moeite voor vijfentwintighonderd gulden naar Den Haag te reizen," suggereert de journalist, en als even later ook nog een onaangekondigde fotograaf ten tonele verschijnt, raakt Hermans zeer ontstemd en zegt: „Gaat u maar naar huis. Het interview is afgelopen." 1;..:!;* Willem Frederik 1 Hermans: doorlopend commentaar op dertig jaar cultuurgeschiedenis. --- Curiosum Ruyter publiceerde het verslag van dit gesprek op 14 maart 1967 in de Volkskrant onder de kop. Bedrag doet niet terzake. Het is ook opgenomen in Schepr pënd nihilisme, waar het tussen de overige interviews de status van curiosum heeft aangenomen. ;■■.;.■;:,--■■;: :-:'-;::f>ry^ ; Hermans heeft de gewoonte zijn interviews goed voor te bereiden. In het boek zegt hij: „Ik leg me erop toe in een interview dingen te zeggen die ik nog niet in een boek heb verteld." te'! • , ■ In de meeste gevallen lukt dat wel, maar wie op de hoogte is met het werk van de sinds 1973 -in Parijs wonende Hermans komt in deze bloemlezing ook bekende thema's tegen. , • Hermans' allesoverheersende pessimisme komt bij voorbeeld regelmatig aan bod/ Het contrasteert scherp met het optimisme van Mulisch, die in het beroemde HP-twistgesprek met Hermans (1969) zegt dat het zingen van een revolutionair lied zou kunnen leiden tot de afschaf f ing van de moord op de Braziliaanse Indianen. ' Hermans: „ledereen weet dat hét daar niet toe leidt." ■ Brugsma, toen nog hoofdredacteur van de Haagse Post, stelt in het twistgesprek de vraag: „Hermans ; gee,ft het mensdom op?" i Hermans: „Welnee, Waarom? Kijk eens, leeuwen houden ook niet van mekaar. Als de mensen niet uitgeroeid worden, blijven ze wel voortleven' 'zonder van elkaar te houden." , \ In dit twistgesprek, dat te-, recht is opgenomen in Scheppend nihilisme, is Willem Frederik Hermans duidelijk Ide sterkere. Mulisch zegt: „Wie vermoord wordt, wordt altijd vermoord . door iemand die rechtser is dan hijzelf. Kennedy is vermoord door iemand die nog rechtser was dan hijzelf." . Hermans daarop: „Neem even nota, Harry weet precies door wie Kennedy, is vermoord." --- Afkeer Ruim aandacht is er in de interviews met Hermans ' voor 'zijn afkeer van ons land. Op de vraag: „Wat ergert u momenteel, het meest in Nederland?" (1962) zegt hij: „Eigenlijk alles, maar ik laat het maar niet meer tot ontwikkeling komen." Goed beschouwd heeft het nóg lang geduurd voordat hij zijn biezen pakte om naar Frankrijk te verhuizen. .ü>.4v-j Succes?" (...) ik zie dat succes niet zo geweldig. Ik ben echt Brigitte Bardot niet. Als Harry Mulisch over j het Leidseplen loopt zegt iedereen: héé, daar gaat Harry Mulisch. En die komt uit Haarlem. Ik ben geboren in Amsterdam. Maar als ik over het Leidseplein loop zegt niemand: 'Kijk'" (1970). 1 ;y In scheppend nihilisme spreekt Hermans ook over film, literatuur en filosofie. Men kan het boek beschouwen als een doorlopend commentaar op dertig jaar (cultuurgeschiedenis. Hermans is er nooit de man naar geweest om zijn mening onder stoelen of banken te steken. Dat levert ook jaren na dato boeiende leesstof op. De verzamelde interviews vormen een onmiskenbaar onderdeel van het oeuvre van W. F. Hermans. (Scheppend nihilisme: interviews met Willem Frederik Hermans; Loeb & Van der Velden, Amsterdam 1979; 28.50). . FRANK VAN DIJL --- Ontzag Een koploper in de moderne kunst is Citroen nooit geweest, ook al heeft hij met. fotografie merkwaardige dingen gedaan.' Het was zijn aard niet. Hij-wist bovendien . precies, waar,' zijn kwaliteiten lagen en hij maakte daar gebruik van zonder zich te vertillen aan doelen die boven zijn macht lagen. • Gestaag werkend, zijn talent verkennend, steeds • opnieuw beginnend is ten slotte een oeuvre tot stand gekomen dat ontzag afdwingt. Het blijkt ten overvloede uit het boek Landschappen' waarin wij de mens en de kunstenaar met al zijsn gevoeligheden leren kennen.: Hij schrijft: Mijn verbonden-' heid met de natuur is nog toegenomen. Ik voel me niet meer haar beschouwer, maar ik bén zelf boom en landschap. ..." ~' En tot 510 t:...' gelukkig raakt een mens nooit uitgeleerd en zo kan | het gebeuren | dat ook de oude schilder nog steeds doorgaat en zijn ontdekkingen doet. Hij;houdt zich aan de natuur, die de bron van zijn inspiratie blijft; |in |de hoop ook Inu | nog zijn ontroering |om te. kunnen zetten in zijn werk, zodat misschien ook de toeschouwer geT' grepen:wordt door de tastbare betovering van de bossen.' . j.'. "•" . - :BERTUS SCHMIDT Paul Citroen: Xandschappen'. i Uitgeverij Terra. Zutphen < Prijs/84,-. , --- Boymans toont aanwinsten (Van onze kunstredactie) 'Er valt veel nieuws te bekijken.'op de zomertentoonstel. ling' van.; het Museum Boymans-van Beuningen. Daarbij komen nagenoeg alle facetten van oude -en • nieuwe kunst, waarover * het V museum beschikt, maar ook serieproduk. ten en industrial design 20ste eeuw: aan bod,; alle gerangschikt in formaties. Zo kan de belangstellende bezoeker een rondgang maken door voor dit doel vrijgemaakte zalen [ van het' oude en' het nieuwe gebouw, kennis nemen 7* van schenkingen en legaten en een indruk krijgen van de nieuwe tendenzen in het aankoopbeleid. . ■ Volgens directeur Wini Beeren komt deze zomeropstelling nog niet verder dan een zekere' ordening. Maar de tendens om die ordening te verduidelijken, tekent zich al af.'' \ • ■>:';> . Het belangrijkste bruikleen dat het museum werd toevertrouwd is het bloemstilleven van Jan Brueghel, ter beschikking - gesteld door mevrouw Thurkow. Het is, met 130 soorten en variëteiten van j bloemen, vrijwel alle goed herkenbaar en door deskundigen gedetermineerd, waarschijnlijk het meest uitvoerige bloemstilleven uit de eerste helft van de 17de eeuw. Het moet omstreeks 1610 zijn geschilderd, ongeveer tien of vijftien jaren nadat het bloemstuk als een apart genre- in de>schilderkunst ontstond. Een stralend kunstwerk dat; vrij redelijk geconserveerd is -gebleven. Hollandse en' Vlaamse stillevens uit dezelfde periode houden het gezelschap. De heer en mevrouw Maaskant schonken een vroeg schilderij van Karel Appel. Het dadeert uit 1952 en heet Boer met ezel en emmer. Voor dit schildenj gebruikte Appel een soort houten deur in de afmetingen 138,5 x 102 cm. In de. moderne afdeling wordt nu in het bijzonder aandacht gevraagd voor de recente aankopen- van vertegenwoordigers ', van de nieuwe Duitse schilderkunst Het zijn in het algemeen reusachtige doeken die opvallen door algemeen expressionistische opvattingen zonder dat er overigens sprake is van enige overeenkomst met het expressionisme van na de eerste we- reldoorlog. Voordracht. •en handschrift zijn uitermate emotioneel en direct. Wars van techniek of mooidoenerij schilderen zij onbekommerd wat hen bezighoudt en voor de een is dit een pogen om aan de schilderkunst een nieuwe inhoud te geven, voor de ander een sterke binding met het verleden en een kritisch volgen van ide huidige toestand in de beide Duitslanden. , .' '" . .. :'ïr.;,ltti! ■ De laatste aankoop is een schilderij van Jörg Immendorf dat tot titel draagt 'De tachtigste verjaardag van Bertold Brecht',. een nogal - dreigend doek in de' afmetingen 295 x 285 cm van een café-achtige situatie vol brandhaarden. / De tachtigste verjaardag van Bertolt Brecht, olteuer/ op doek door Jörg Immendorff, nu in de collectie van Boymans-Van Beuningen. .nïj ï-ï-'S'''. --- Pop art Ook op het gebied van de pop art zijn er enkele recente aanwinsten te zien. Van Claes Oldenburg, soft sculptures en van Wandy Warhol de grote zeefdruk jop linnen van The Kiss. Warhol maakte hierbij gebruik van een foto uit de in 1931 door Tod Browning gemaakte film Dracula, met Bela Lugosi en Helen Chandler in de hoofdrollen. - Het tegelijkertijd met dreiging en erotiek doortrokken filmfragment is uit de verhalende context gelicht en als op zichzelf staand beeld gepresenteerd. Door de zevenmalige herhaling is dit beeld zeer nadrukkelijk geworden. De verschillende formaties hebben, dank zij een verantwoorde keuze, een.vrij breed kader gekregen. De nco-klassicistische tekeningen bij voorbeeld uit de periode 1780-1840 met o.a. enkele prachtige werken van Ingres of de veelal romantische schilderijen uit de 19de eeuw met twee zojuist gerestaureerde schilderijen van Ary Scheffer. Surrealisme en minimal art komen eveneens aan hun trekken.,:">-'■':•'■«.: ' ' ;*IV: i) Voor het najaar worden exposities voorbereid van de Oostduitser A. R. Penck, tin uit drie havensteden, documenten over beeldende kunst uit de jaren zestig in Nederland, Willem van de Velde, tekeningen van Joseph Beuijs en potterie vanßuth Duckworth. | De zomertentoonstelling zelf duurt 9 september. <:! s**iy:ï&' ---