Marine en Leger. Zr. Ms. transportschip met stoomvermogen Java, i in aanbouw op 's Rijks werf te Amsterdam, is heden, den 19 dezer, met goed gevolg te water gelaten. I Blijkens een bij het Ufpartement van Marine onti vangen berigt van den kapt. t./z. O. A. Uh'.enbeck, kommanderende Zr. Ms Iregat met stoomvermogen Adolf Hertog van Nassau, is die bodem den i 9 junij jl. aan de Kaap de Goede Hoop aangekomen: | 'aan boord was alles wel. De genoemde bevelhebber had het voornemen! den 20 daaraanvolgende de reis naar Nederland voort te zetten. — De onlangs van de Koninkl. Militaire Akademie te Breda benoemde 2de luitenants zullen den lsten 'der volgende maand bij hurne korpsen en wapens worden geïnstalleerd om daai na in functie te treden. — Bij het regem. rijdende artillerie te Arnhem zijn in rang overgeplaatst de 2de luits. S J. A. de Quartenmont en P. Haitsma Muiier, respectivelijk ' van het Iste en 2de regem. vesting-artillerie. --- Aanbestedingen. | De onlangs door de militaire genie te Amersfoort aanbesteede werken, als: het maken van een damsluis in de Moosterbeek door de Aschoter steunkade van de Grebbelinie is door het Departement van Oorlog toegewezen aan den heer C. Venecourt te Breukelen, als minste inschrijver, voor de som van f 10,850. --- Kerk- en Schoolnieuws. Ter vervulling der vacature bij de Hervormde ge' meente te Wolvega (Friesland) is het volgendtwaalf■'. tal van predikanten gevormd: dd. J. J. Gobius dn Sart, te Raamsdonk; D. Beeckman, te Joure; D. F. Thieme, te Zuidwolde; J, H. A. Offerhaus, te Scherpenzeel; A. F. Eilerts de Haan, te Noordwolde; B. C. Moerkerk Boot, te Bahr en Lathum; H. Blr,nk*tein, te Dragten; M. A. Adriani, te Oud- LoosJrecht; dr. J. van Locnen, te Weidurn , G. A \ Fijnvandrant, te Zwartsluis, en dr. M.N. Ringnalda, te Gorredijk. ,; Ds. C. J. Kraft, pred. te Op- en Neder-Andel, heeft voor het beroep naar Hierden bedankt. --- Gegelukken, Misdrijven enz. ,' Heden ncmiddag ongeveer ten half vijf ure werd * alhier brand ontdekt aan de noordzijde van den ' Haringvliet in een pakhuis, in gebruik tij den heer !R. Twiss Hf. Door spoedig aangebragte hulp mogt jmen er in slagen den brand in zijne beginselen te ; stuiten. ~. 'j — Een droevig ongeluk heeft zondag middag •plaats gehad te Streefkerk. Twee zoontjes van ■ P. van den Berg. de een 10, de ander 12 jaren, izich vermakende n>.et zwemmen inde Lek, vonden •beiden daar jammerlijk den dood: de vader sprong ij te water, maar mogt hen, elkander omarmd hou!.dende, slechts levenloos aan den wal brengen. Ook 11 te Schoonhoven is met zwemmen zondag een mili 1; tair verdronken. . — LI. zondag is L. F. Schutte, oud 21 jaren, zich in de volksschuit, die van Muiden naar Am-1 , sterdam vaart, bevindende, doordien hij in slaap [ gevallen was, in het water gevallen. Men deed te . vergeefs moeite den ongelukkige te redden; het • . lijk werd uit de diepte opgehaald. — Bij het onweder, dat jl. maandag boven Arnhem j , gewoed heeft, is de persoon van J. Kreule door den; bliksem getroffen en overleden. Hij laat eene vrouw na met vijf kinderen, waarvan het jongste acht dagen telt, , Ook in Noord - Brabant veroorzaakte het , onweder vele ongelukken. Te Empel werd Roelof . de Haas zoodanig door den bliksem getroffen, dat. , hij terstond een lijk was. — Bij een der dezer dagen gewoed hebbende ! onweders had op den Westervoortschen dijk bij . Arnhem een treurig ongeluk plaats. De bliksem j sloeg in eene kalkloods, waarin zich een tiental t werklieden bevond: vier hunner werden getrofïi-n, t één doodelijk , die eene weduwe met zes kinderen nalaat. ! —In het gehucht Leese (provincie Groningen) . is de boerenbehuizing van J. Roelofs door den bliksem getroffen en totaal afgebrand. Vier koeijen en 40 schapen kwamen daarbij om. — Door het zware onweder, dat gisteren ochtend j boven de stad Sneek losbrak, zijn op weinige uren! afstands 3 boeren plaatsen door den bliksem ge-, troffen en totaal verbrand. ' . urumn * ~ti — --- VARIA. ' Dat het niet is aan te raden, eene woning ' door den schoorsteen binnen te gaan, in stede van den I gebruikelijken weg door de voordeur t; nemen, bleek ' gepasseerden maandag voormiddag in den polder de Waard I! bii Eaamsdonk. De arbeider, die bewaker van dien >! polder is, gaf er de voorkeur aan, om welke reden is niet ■; bekend, zijne keet door den schoorsteen binnen te treden, -1 wat hem echter slecht had kunnen bekomen , daar hy ■ ! halverwege bleef hangen en geen kans zag om verder te 1 tomen of terug te gaan, ïoodat hij twee bange uren in r' aeien beuaauwdeu toestand moeit doorbrengen. Toen eerst werden zijne angstkreten gehoord en snelde men ter zijner hulpe, doch alras bleek , dat er geen ander middel overig bleef om hem uit zijn kerker te verlossen dan den schoorsteen af te breken Va man was zoo uitgeput, dat hij het waarschynlijk niet lang meer in die hagchehjke positie had kunnen uithouden. Gelukkig ' voor hem , dat geen vuur aan den haard lag, daar hij anders zeker zoude zijn gestikt. --- STATEN-GENERAAL. TWEEDE KAMER. Zitting van Woensdag 19 Julij. Aan de orde is het ontweip tot verhooging ' van Hoofdstuk VIIR (Fivantien) der Staats! begrooting voor 18Ó5 (zaak W'ijthoff). i De heer van Hierop is eenigzins betrokken in deze zaak, zoodat hij niet over de feiten zal spreken. Alleen wil hij zeggen dat hij liever gezien zou hebben dat de suiker afgegeven ware aan de Engelsche koopers, maar toch is er hier ook wel grond tot transactie. Intusschen heeft hij twee opmerkingen, en wel ééne in het belang van den handel. Z. i. is de schade, die de eigenaars hier Jijden, toe te schrijven aan onkunde van den handel en misschien ook aan verkeerde uitlegging der wet door de administratie. Zoo ver hij heeft kunnen nan-aan is in onze wetgeving nergens verboden ceelen van goederen in entrepot over te schrijven op anderen. De suikerwet van 1846 laat dit z. i. vrij, en als die ceelen overgeboekt zijn, dan is er geen sprake meer van vroegere eigenaars. Intusschen meent de handel dat dergelijke overboeking van accijnspligtige goederen niet kan plaats hebben. Maar wat hiervan zij in de vroegere wetgeving. de nieuwe wet op den suiker-accijns bevat een nieuw voorschrift, hetwelk z. i. volkomen vrij laat om suiker door raffinadeurs in entrepot opgeslagen te doen overschrijven en uitslaan, met bestemming naar den vreenr.de, mits onder voldoende borgstelling voor den accijns. Hij wenschto de meening des Ministers omtrent dit voorbehoud te kennen. Z. i. betreft die borgstelling den raffinadeur en niet den nieuwen kooper. Hij Vraagt dus of er nu niet in elk geval vrijheid bestaat om ceelen van opslag |in entrepot over te boeken, zonder dat daarop leenige last blijft kleven. Sprekers tweede aanmerking geldt het belang van de schatkist. Wij betreuren het verlies dat de | schatkist geleden heeft, en spreker gelooft ook dat het, naar de tegenwoordige wetgeving of opvattin?, niet was te ontgaan. Intusschen, het stelsel van crediet kan schade aan de schatkist, veroorzaken. De borgstelling is uit den aard der zaak eene formaliteit, waarmede men den fiscus in slaap wiegt, en waardoor deze zich in slaap laat wiegen. Het is zoo, de Burgemeester moet wel niet borg Spreken, maar de solvabiliteit der borgen constateren; doch in eene groote stad is dit eene zaak die meestal op het gezag van ambtenaren geschiedt, en niet van persoonlijk onderzoek afhankelijk wordt gemaakt Spreker n cent evenwel dat de zaak herstel eischt, en daarom vraagt hij of het niet meer dan tijd is de wet van 1822 te herzien. Die wet i-43 jaren oud. Inmiddels is de industrie veranderd en vooruitgegaan, doch de wet is gebleven. En nu bevat die wet een belangrijken waarborg, namelijk het legaal verband op de fabrieken, ook zonder inschrijving. Dat kon volgens het Fransche regt geschieden, maar na 4836 gaat dit niet meer; onze wet kent alleen hypothecaire inschrijving. Als nu de. wet van 1822 op de hoogte onzer burgerlijke wetgeving wordt gebragt, dan ligt in de hypothecaire inschrijving de voornaamste waarborg voor de sein t kist» De heer lloffiiinn vraagt inlichting. Men wist hier dat de goederen verkocht waren, en dan vindt hij het billijk dat de Engelsche koopers volledip tem» krijgen wat zij betaald hebben. De heer van Eek zegt dat het hier geldt de afwiikin" van eene bestaande wet om redenen van billiikhefd. Het is hem onbekend hoe groot het verlies voor de schatkist is, maar zeker is het dat de Staat afstand doet van een belangrijk regt, bij art 29J der algemeene wet verleend, namelijk het regt van preferentie. Hij vraagt of daartoe noodzakelijkheid bestaat? Hij meent «lat voos al een koopman, die gewoon is te handelen, moet verondersteld worden onze wetgeving te kennen. Maar, aangenomen er bestaat reden tot afwijking van art. 290, is dit dan ook een rigt-noer voor t vervolg? Dat zou een gevaarlijk antecedent zijn, waarvan misbruik kon worden gemaakt door hen die op het punt staan van te faiJleren. De heer van IVlspen wenscht voor 't vervolg bepalingen die meerdere waarborgen geven nopens de borgstelling en de verantwoordelijkheid der ontvangers. De Minister van Flnantlën voert het woord naar aanleiding van het eindverslag en de 'discussie. Men merkt op dat het ontwerp zoo laat was ingediend , maar dit kon niet eerder. Nadat de overeenkomst had plaats gehad, moest de Raad 'van State zijn advies uitbrengen; toen dit ontvangen Iwas, heeft de Min. geen oogenblik verloren om het ontwerp bij de Kamer in te dienen. De Minister 'gaat thans de bezwaien en beschouwingen na die I hij in het verslag en in de discussie ontmoet. Ze zijn tweeledig en betreffen: I°, het faillissement van den lieer Wijthoff. 2°, de transactie met de Engelsche koopers. Wat het eerste punt betreft, km de Minister nieu bepaalds over den stand van het faillissement ! opgeven. De regthank heeft curators benoemd, die 'nog geene rekening gedaan hebben. De Mini-ter I kan dus niet opgeven wat het aandeel van den !fiscus zal zijn. Men heeft ook gesproken over den j toestand der borgen. De Regering kan verzekeren 'dat harentwege alles is in acht genomen wat art. |275 en volg. der algeioeene wet voorschreef.- Zij betreurt de ongunstige uitkomst en erkent dat die bepalingen niet voldoende zijn, zoodat de. Minister reeds bedacht is om te doen wat noodig is om de 'belangen der schatkist meer te verzekeren dan tot dusver het geval was. Nu het tweede punt: de transactie. Wat is Jbier het geval? Men meende steeds dat suiker, die ten name van een raffinadeur in entrepot ligt, niet 'kon worden overgeschreven ten name van een ander, |en zulks blijkens art. 23 der bestaande accijnswet :of de uitlegging daaraan gegeven. Intusschen is de Minister het eens met den heer van Nierop, dat de wet niet verbood overschrijving in entrepot van 'aldaar liggende suiker. Nu stond de suiker ten name van den heer Wijthoff en werd aan anderen verkocht; de ceel werd verkocht en circuleerde op de Engelsche beurs: de heer Wijthoff gaat failliet en volgens art. 290 der algemeene wet beett «ie administratie de preferentie boven alle crediteuren. , Wat moest de Minister doen? Hij ontving tweeërlei advies van regtsgeleerden in tegenovergestelden lm, doch in het belang van den Nederlandschon handel; in den vreemde heeft hij gemeend de transactie te moeten aangaan en art. 290 niet in volle gestrengheid toepassen. Nn vraagt de heer van Eek: hoe zal men in het vervolg'handelen ? Het antwoord is dat de nieuwe accijnsw.-t overschrijving van suiker in entrepot toelaat (artt. 32 'en 33). De raffina-'eur die verkoopt zal ze dus laten overschrijven ti>n name van den kooper. Op Ide vraag wat in .art 32 zeggen wil: » mits onder j borgstelling voor den uccijns" u het antwoord dat i dit slant op het vervoer van entrepot naar de in- Iladingsplaats, hetgeen in ligters geschiedt, en dus kortstondig nog komt in het vrije verkeer. De Minister oeapreekt vervolgen; He zaak der borptogten. Tot een bedrag van een half' millioen wor len die nimmer verstrekt ; meestal van 20 t .t 50 duizend gulden, en hoogstens ton. Wat de wenschelijkhnd aangaat van nene herziening der algemeene wet, is de Minister overtuigd dat deze dringend vereisctit wordt; maar na het vele dat in den laatsten tijd bij Finantien verrigt is, is dit eene onderneming van belang. Hij belooft zoo spoedig mogelijk zijne zorg daaraan te zullen besteden , en daarbij zou dan het middel van hypothecaire inschrijving als borgtogt, gelijk de heer van Nierop zeide, kunnen overwogen worden. Op de vraa<* van den heer Hoffman: of de Engelschen de volledige koopsom terug krijgen, antwoordt de MinUter dat hij niet weet wat zij den heer Wijthofl betaald hebben. Zij krijgen wel de waarde van den vollen export-prijs, en waren daarmede volkomen tevreden. De heer van Ylspen komt nader op de borgstellingen terng. De heer Hoffman bedankt den Minister. De heer van Xlerop zegt den Minister insgelijks dank voor zijne voldoende inlichtingen. Hij geeft hem in overweging, of het bij de uitvaardiging onzer nieuwe suikerwet niet nuttig zou zijn, eene circulaire aan de ontvangers en aan den handel te rigien, nopens de opvatting der artt. 32 en 33, ten einde voor het vervolg misverstand te voorkomen. Wat de verantwoordelijkheid der ontvangers in algemeenen zin betreft, gelooft hij dat deze betwijfeld kan worden, want als de wet het hoofd van het gemeentebestuur aanwijst om getuigenis van de soliditoit der borgen af te leggen , dan kan de ontvanger zich daarbij nederleggcn. Maar hier zijn ook verschoonende omstandigheden voor het hoofd van het Gemeentebestuur. In eene groote stad is het niet zoo gemakkelijk te weten wie solvabel is of niet. Het vermogen bestaat daar niet in vaste goederen, maar en portefeuille. Men zal het stelsel van personelen borgtogt moeten verlaten, en komen tot dat van reëei onderpand. De Minister van Finantien is het niet eens met den heer van Nierop, dat de ontvangers zich kunnen nederleggen bij de getuigenis van het hoofd van het Gemeentebestuur over de solvabiliteit der borgen. Dat is alleen een waarborg te meer, maar ontslaat den ontvanger niet van een zelfstandig onderzoek naar de solvabiliteit dor borgen. Evenwel verklaart toch het hoofd van het Gemeentebestuur dat de borg niet alleen solvabel is, maar ook solvabel voor het uitgedrukte bedrag. Desniettemin moet de ontvanger toezien. Er is gevraagd of het niet. wrnschehjk is eene aanschrijving aan de ontvangers te ngten om goed toe te zien. Reeds onmiddellijk na deze zaak heeft de Min. strenge aanschrijvingen aan de ontvangers gezonden, gelijk ook de Min. van Binnen!. Zaken aan de Gemeentebesturen. Ten slotte zegt de Minister dat eene circulaire tot verduidelijking en uitlegging eener nieuwe wet steeds van het Departement van Finantien uitgaat, en zoo ook ia! dit hier geschieden en ia! men tevens letten op de punten heden ter sprake gebragt. De lieer Oecrtscma meent dat men de transactie moet toetsen aan de wet art. 290 en aan de feiten, en daaiuit vloeA z. i. voort dat hier noodzakelijkheid tot billijke transactie, ja tot volle betaling bestaat. Nu het echter blijkt dat de Engelscbe koopers tevreden zijn, ziet hij geen reden om verder te gaan. Voor het overige acht hij de verantwoordelijkheid van den ontvanger niet dubieus, en deelt hij niet het gevoelen van den heer van Nierop op dat punt. De heer (Sodefrol meqnt, ?oo hij zich niet vergist, dat deze discussie heelt geleerd: dat het stelsel van verkoop op eet len niet in harmonie is met art. 290 der algemeene wet van 1822. En nu is de herziening dier wet een kolossaal werk. Daarom vraagt hij; ot het niet zaak is op dat punt te doen plaats hebben. Immers, radicale her. ieningen van grcote wetten — de ondervinding heeft het meermalen g> leerd — lijden dikwerf schipbreuk. De Minister van Finantlen zou nog nut 'iunnen toestemmen dat art. 290 den verkoop op ceelen verbiedt, want de moeijelijkheid was dat men art. 290 in verband bragt met eene onjuiste interpretatie van art. 23 der accijnswet. Intusschen wil hij gaarne overwegen of er voorloopig eene partiële wijziging tot stand kon worden gebragt. De lieer Itocliiissch acht de transactie billijk en in 't bolanu vim den handel. Hij is het volkomen met den Minister eens, doch gelooft ook dat de verantwoordelijkheid der ontvangers niet in den algemeenen zin kan- opgaan, anders moesten zij wel Croesussen zijn om alle risico te dragen. De heer Poortman is voor liet ontwerp, omdat deze transactie meer voordeelig is voor het Rijk. Hierop zijn de beraadslagingen gesloten, de artt. aangenomen en daal na de geheel e transactie met 38 tegen 4 stemmen. Tegen; de hoeren Gulji, van Bok, Mensonides ei Wybenga. Do Voorzitter deelt mede dat is ingekomen: I°, een ontwerp tot onteigening vin perceelen voor den spoorweg van Zalt-Boinmel naar 's Hertogenbosch; 2°, tot onteigening van perceelen voor den spoorweg van Haarlem naar Uitgeest. Hj stelt voor verzending naar de afdeelingen. De heer van Bflcrop stelt voor deze ontwerpen nog heden af te doen , op grond van art. 23 van het Reglement van Orde, dat dit toelaat voor de eenvoudige en spoed vereischende zaken, en dit is hier het geval. De Voorzitter zegt, dat de stukken bijna zijn afgedrukt en over een halt uur zullen rondgedeeld worden. Het voorstel van den hwr van Nierop wordt hierop aangenomen, waarna op voorstel van den Voorzitter bepaald wordt: I°, om de beide ontwerpen ten 2 ure in de afdeelingen te onderzoeken; 2°, de Vergadering te schorsen tot 3 ure. Ten drie ure wordt de zitting heropend. De Voorzitter geeft kennis, dat de Commissien van Rapporteurs gereed zijn met hare eindverslagen over de wetsontwerpen 1", tot onteigening van perceelen voor den spoorweg van Zait-Boaunel naar ■ft BPoorwp„ ' onteigening van perceelen voor Li °P Toorstói Va" ilaarlem "aar Uitgeest. 3'ngen ov va,n den Voorzitter worden de bsraad**°P*ai mft°r ' teide ontwerpen achtervolgens de heiH gCen der ,eden vraaKl het woord, u'x en mpt i ontwerpen in omvraag worden ge- L e commit • geineene stemmen aangenomen. L ?nde van i . tot de verzoekschriften doet, bij f in ln '' van B*«ni, verslag op verl Daa,na l,a.nden gesteld,- stukken, f" n»derP w ■ d" verga lering door den Voorzitter i H'ermJ.DJ.eenroeping gescheiden. 'Urende dit 7-' i? werkzaamheden der Kamer ge'"!!eni af„ai ttln?Jaar>ponder bijzondere omstandig- Bij deal£el°open. *(!,*ont»eraraer Z'jn aanDar>gig gebleven de volgende les'°ten vpen'„die' wanneer het Zittinajaar wordt l,niw aort a n fin in hlt volB«ni1 ziuingjaarop r Schutt " Worden voorgedragen: I°, regeling *»MiPrin*riJen; 2°, bepalingen betrekkelijk de in- Ui,; g,, Ren en het onderhoud van het krijgsvolk '°°rdin' *etboek van strafvordering; 4U, verant*■> liet u?er o,ltvangsten en uitgaven tot regeling 6' BebrniLmtw,>zen van Ned- Indië; s°' toezigt op ,ncessie-, Van stoomtoestellen; 6°, regeling van Me oprer'eening; 7°, regeling van het toezigt van fabrieken, trafieken en andere * conce '• 6n B°' bekrachtiging van een artikel '"er haï'sie voor den aanleg en de exploitatie lndiag_ in te Scheveningen, met spoorwegver- vao'*')l ook aanhangig is gebleven het h'ng van°i n neer van Bosse c. s., tot her.v EersJ'ettReg'eraent van orde'"Jkw-ii Jl Kanaer der Staten-Generaal komt, ** behandHinrenme,d,,en' maandag 31 dezer bijeen, » TepßchillénH V3n het tractaat met Frankrijk en r*«ede k wetsontwerpen, dezer dagen door ,1 aangenomen. ---