(Per Telegraaf.) PARIJS den 13 junij. • ■"• ■■ • •_* l_» UCU ■_» |lllll|» Het Regeringsblad spreekt heden het gerucht tegen , dat eene nieuwe leening zal worden aangegaan om de door de overstroomingen aangerigte schade te herstellen. 'II -O) O tUM 1 ■■ ' --- Binnenland. ’s GRAVENHAGE den 13 junij. Z. M. de Koning is gisteren namiddag ten 7§ ure met een buitengewonen trein van het Loo in deze residentie teruggekeerd. De bijeenkomst der Tweede Kamer, laatstelijk bepaald op 17 dezer, is verschoven tot een nader te bepalen tijdstip. Dit uitstel staat in verband met het aangeboden ontslag yan den Minister van Buitenlandsche Zaken. Het eergisteren van verschillende zijden vernomen gerüght, alsof die' aftreding in verband zou staan met een gerezen verschil van gevoelen tusschen den Minister en zijnen Ambtgenoot voor Oorlog , ten aanzien van het volgend budget van oorlog, wordt door het Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage tegengesproken en daarentegen beweerd dat het ontslag gevraagd zou zijn op grond van gevorderden leeftijd en behoefte aan rusr. In het midden latende in hoever deze voorstelling geheel juist is , of waarin eigenlijk het punt in geschil bestond, zoo meent men niettemin in het zekere ondertigt te zijn , dat wel degelijk het gevraagde ontslag in veiband staat met en het gevolg is van verschil van meening tusschen den Minister van Buitenlandsche Zaken en dien voor Oorlog. Het spreekt overigens van zelve dat, bij de plotselinge bekendwording van het feit der aangeboden demissie, er dadelijk verschillende geruchten in omloop kwamen, over welker meerdere of mindere juistheid thans nog niets bepaalds valt te zeggen. Eindelijk is et tot hiertoe nog niets met zekerheid bekend hetzij omtrent de aanneming van het ontslag of wegens den vermoedelijken opvolger, evenmin als ten aanzien van meerdere ministeriële wijzigingen, ofschoon het dienaangaande mede niet aan verschillende lezingen ontbreekt. — Heden wordt in de residentie op gebruikelijke wijze de verjaardag van Z. K. H. prins Hendrik der Nederlanden herdacht zoo door het uitsteken der vlaggen van de openbare en vele particuliere gebouwen en het bespelen van het klokkenspel, als door het houden eenet groote parade in de Maliebaan. Op den middag was er aan het paleis van Z. K. H. receptie der Koninklijke Familie en hofhouding , terwijl des middags bij Z. M. den Koning groot diner en gala heeft plaats gehad. — Bij gunstige dispositie van Z. Exc. den Minister van Oorlog zal, onder goedkeuring van Z. M. den Koning , het muziekkorps van het tegement grenadiers en jagers, den 16 julij aanstaande te Haarlem dienst doen, om de festiviteiten bij gelegenheid van de onthulling van het standbeeld van Laurens Janszoon Coster, door zijne muzlehale uitvoetingen op te luisteren. — De beroemde taalkundige en dichter professor Hoffmann von Fallersleben is alhier aangekomen; hij zal zijn verblijf aan letterkundige nasporingen wijden. — In de heden alhier gehouden zitting van den Gemeenteraad heeft de Burgemeester de mededeeling gedaan dat er reeds heden nieuwe haring te Scheveningen was aangekomen. Er is dus al weder een nieuwe tak van nijverheid voor deze stad geopend en hij begreep dat het den Raad aangenaam zou zijn dit te vernemen — Er is ook ingekomen eene missive van de heeren mr»... Taber van Riemsdijk en Donker Curtius , waarbij deze, op grond van het verhandelde in den Raad betrekkelijk het regtsgeding over den Haasmolen, zich ongenegen verklaren langer voor de stad werkzaam te zijn. Aanvankelijk aangenomen voor kennisgeving, is later op voorstel van den heer Clant besloten dat Burgemeester en Wethouders nog eenige démarches bij die heeren zouden doen. — Achtervolgens zijn behandeld de aan de orde zijnde ontwerp-verordeningen en praeadviezen. — Bij arrest van het Provinciaal Geregtshof van Zuidholland van heden is de persoon van G. Vreedenburg schuldig verklaard aan moedwillige brandstichting in den avond van den 28 december 1855 in een gedeelte van het door hem bewoonde huis onder de gemeente Ditksland, welke brand van dien aard was, dat het te voorzien was dat daardoor menschenlevens konden worden in gevaar gebragt , en is hij dien ten gevolge veroordeeld tot de straffe des doods, uit te voeren binnen de gemeente Sommelsdijk. 1 — Heden morgen is te Scheveningen de eerste haring aangebragt door de pink de Jonge Immetje, stuurman C. Westerduin, toebehoorende aan de reeders A. Mos en J. Vrolijk. De lading bestaat uit 6 ton. De hating is uitmuntend. Z. M. den Koning en Z.K. H. prins Hendrik der Nederlanden is terstond de eerste haring als geschenk aangeboden. --- Buitenland. LONDEN den 12 junij. Denkelijk keert het Hof reeds morgen naar deze hoofdstad terug. — In het Lagerhuis bragt lord Russell eergisteren een verzoekschrift van ruim 400 c burgers der hoofdstad ter tafel , waatin deze hunne goedkeuting aan het ontwerp tot hervorming van den Gemeenteraad van Londen hechten , behalve aan dat artikel , hetwelk bepaalt dat de Lotd- Maire door dien Raad benoemd zal worden, welk regt zij voor de burgerij behouden willen zien. Daarentegen kwamen ook verscheiden verzoekschriften tegen het wetsontwetp in , waaronder er een was van de zoogenaamde liveri], aan welke tot hiertoe de verkiezing van den Lord- \ Maire verbleven is. — In die zelfde zitting verlangde de' heer Ewart de benoeming ëener commissie, die de werking dèr wet zou onderzoeken, volgens welke de doodstraf op groote misdadigers toegepast wordt. De geheele afschaffing dier straf was het blijkbaar doel van dit voorstel, tot ondersteuning waarvan hij de gewone beweegredenen, zoo als de onmogelijkheid om de onregtvaatdigheid van een doodvonnis later weder goed te maken, den geringen zedelijken indruk welken die straf doorgaans op het publiek maakte , en dergelijke aanvoerde. Nadat de minister sir G. Grey zich tegen het voorstel verklaard had , is het met 158 tegen 64 stemmen verworpen. — Tot de voorstellen welke dien dag gedaan werden was dat van den heer Heywood, die eene speciale commissie tot onderzoek benoemd wilde zien , wat tot bevordering der wetenschap en tot verbetering van den toestand harer beoefenaars zou kunnen gedaan worden. Wel erkende hij dat de Regering veel tot aanmoediging der wetenschap gedaan had , maar er bleef nog veel te doen over. Hij wilde eene orde van verdienste voor wetenschappelijke mannen ingesteld en het bedrag hunner patenten verminderd zien. Het Huis wijdde zoo geringe aandacht aan dit voorstel en aan de gedachtenwisseling daarover, dat zeer vele leden telkens de zaal verlieten , en eindelijk werd de motie , op raad van lord Palmerston , door den heer Heywood ingetrokken. — Aan de schepen Nile van 91 , Shannon van 51 , Pylades van 21 en Cossack van 21 stukken , is per telegraaf order geworden om zich met den meesten spoed voor buitenlandsche dienst gereed te houden. De Arrogant, die den Engelschen Ambassadeur en zijn gevolg naar Petersburg moest overbrengen , moet eene andere bestemming ontvangen hebben , en is eergisteren avond , van verzegelde orders voorzien, naar het Kanaal geste vend. Bovendien zijn al de gezagvoerders op de te Portsmouth liggende stoombooten bij den havenadmiraal ontboden , naar men zegt om bevel tot het in gereedheid brengen van hunne schepen te ontvangen. De bestemming dezer scheepstnagt zou, naar men gist, Hallifax wezen. Bij sommigen vetwekken al die toebereidselen groote vrees voor oorlog met de Vereenigde Staten, maar anderen zien daarin alleen een maatregel van voorzigtigheid en het aannemen van eene ontzag inboezemende houding. — De minister der Vereenigde Staten, de heet Dallas, had gisteren op het bureau van buitenlandsche zaken een onderhoud met den secretatis van Staat voor buiten landsche zaken , graaf Clarendon. — In de zaturdag geëindigde week was het aantal der in deze hoofdstad aangegeven sterfgevallen 1068, zijnde iets boven het gemiddeld getal in dezelfde week det tien votige jaren. Het aantal der inde afgeloopen week geborenen bedroeg 1747 , namelijk 866 jongens en 881 meisjes. — De beroemde reiziger dr. Barth houdt zich hiet met de bewetking van zijne reisbeschrijving in de Engelsche en Fransche taal bezig , welke eerlang bij Longman te Londen en bij Perthcs te Gotha het licht zal zien. Behalve de doctorale waardigheid, hem onlangs te Oxford opgedragen , ondervond hij dezer dagen ook de voldoening dat de geografische maatschappij alhier, die vroeger met eenige ijvetzucht jegens den ondetnemenden en zoo wèl geslaagden Duitscher bezield was geweest, hem den door haren stichter ingestelden gouden eerepenning heeft toegewezen. — Bij Lloyds is van het bureau van koophandel tijding ontvangen dat het Engelsch barkschip Hymen, van 400 tonnen, den 14 mei, op de Aftikaansche kust, door zeeschuimers genomen en vernield is. --- PARIJS den 19 junij. De Keizer is gisteren in den laten avond van zijn bezoek aan de Westelijke departementen te Parijs teruggekeerd. Sedert zondag bevindt de groothertogin Stephanic van Baden , tante des Keizers, zich te Saint Cloud. De Keizer was haar tot aan het station van den Straas burger spoorweg te gemoet gegaan , waar ook de hertog en de hertogin van Hamiiton en de Badensche Minister hunne opwachting maakten. De Groothertogin heeft zich, in een hofrijtuig , door een detachement der guides begeleid , naar Saint Cloud begeven. — Prins Lucien Napoleon is heden morgen , van Douvres komende, aan boord van de stoomboot Vivid, te Calais gearriveerd en heeft met een extra spoortrein zijne reis naar Parijs voortgezet, waar hij de doopplegtigheid van den Keizerlijken Prins gaat bijwonen. Prins Oscar van Zweden , die zich naar Londen begeeft, wordt te Calais verwacht. — De lijst der uitnoodigingen, door de stad Parijs voor 'het feest bij gelegenheid van den doop den Keizer en de [Keizerin aangeboden, is onherroepelijk vastgesteld. Vele aanzienlijke vreemdelingen hadden verzocht tot dat feest toegelaten te worden; maar ofschoon de stad Parijs het zich altijd tot wet heeft gesteld de ruimst mogelijke gastvrijheid jegens vreemdelingen uit te oefenen , achtte zij het , uit aanmerking van het geheel bijzondet karakter van het ophanden zijnde feest, voegzamer in de eerste plaats Franschen uit te noodigen. En in weerwil van de uitgestrektheid der zalen van het stadhuis heeft zelfs het aantal der Patijsche familien welke men heeft kunnen toelaten zeet moeten worden beperkt. — De aankomst van den maarschalk Randon alhier heeft het gerucht verlevendigd dat hem de pottefeuille van oorlog opgedragen zal worden , maar dit gerucht is meer dan waarschijnlijk ongegrond. De Gouverneur- Generaal van Algerie komt de doopfeesten bijwonen, en denkelijk wil de Keizer zich zijne aanwezigheid ten nutte maken om zich met hem over de uitgebreide plannen ten opzigte dier volkplanting te onderhouden. — De Moniteur deelt de slotsom van het rapport mede, gisteren door de commissie die met het onderzoek van het vootstel van den heer Ch. Dupin belast was in den Senaat uitgebragt. Ten einde de algemeene erkentelijkheid van Frankrijk uit te drukken, en tor vereeuwiging der herinnering aan de door zijne legers behaalde overwinningen en aan den vrede , die door het beschermend genie van keizer Napoleon lllverworven is, uit de Senaat den wensch dat de oprigting van een gedenkzuil bij eene wet worde bekrachrigd. — Gisteren werd te Saint Philippe du Roule het stoffelijk overschot ter aarde besteld van den generaal Petit, die de laatste dergenen was welke Napoleon I bij zijn afscheid te Fontainebleau omarmde. Ondet de aanwezigen bevonden zich de maatschalken Vaillant, Magnan , Canrobert en Bosquet , nagenoeg de geheele staf der Invaliden, vele oude soldaten die het afscheid te Fontainebleau bijwoonden , eene groote deputatie uit den Senaat en een aantal officieren van alle rangen en wapenen. De Keizer had zich door een zijner kamerheeren , die in een hofrijtuig gezeten was , doen vertegenwoordigen. — De divisiegeneraal baron Petit was den 22 julij 177 a te Parijs geboren , trad in 1792 als vrijwilliger in dienst , werd in 1806 majoor, in 1808 kolonel , in 1813 brigade-generaal, in 1831 luitenant-generaal, in 1837 pair van Frankrijk, in 1840 bevelhebber der Invaliden , in 1849 grootkruis van het Eere Legioen en in 1852 senateur. — Uit den officiëlen staat van de belooningen aan de Nederlandsche inzenders, op de algemeene landbouwtentoonstelling te Parijs, blijkt dat nog, behalve de reeds vermelde, prijzen zijn toegekend _ran: koeijen van J. van der Wel, benevens den 7den prijs eene eervolle vermelding, van G. Groot, eervolle vermelding; ooijen van C. de Goede, ïste prijs, J. Noome, 2de prijs, en J. Herrewijn, 3de prijs. Pluimgedierte: J. Herrewijn, 3de prijs, en J. Noome, 4de prijs. Voortbrengselen: B. W. Wttcwaai, zilveren medaille voor granen en gewassen uit den Haarlemmermeer; A. J. van Hoytema, idem, voor gedroogde groenten; P. H. Six, idem, voor boekweit; J. Noome, bronzen medaille, voor kaas. Aan C. de Goede is voor zijnen stier niet de ïste, maar de 4de prijs toegekend. --- KEULEN den 19 junij. Te Emden is men reeds druk bezig met het maken van toebereidselen voor de feestelijke inwijding van den spoorweg aldaar, die den 20 dezer zal plaats hebben. Er hebben zich verschillende feestcommissien gevormd; eene collecte langs de huizen , voor het versieren der straten , heeft ongeveer 400 Rth, opgebragt. Bij den grooten toevloed van vreemden, dien men te gemoet ziet, hebben veischeiden burgers vrijwillig aangeboden, van 2 tot 6 personen kosteloos huisvesting te verleenen. Er zullen gemaskerde optogten, illuminatien , enz. plaats hebben. — De Prins van Pruissen begeeft zich heden tot het maken van eene inspectie-reis naar den Rijn, vervolgens haar Frankfort, later naar Baden-Baden en vervolgens naar Aken, van waar hij, met zijne Gemalin en Dochter, over Ostende naar Londen reizen zal, om een bezoek van verscheiden dagen aan het Engelsche Hof af te leggen. — Hoe ongunstig en grootendeels onbillijk het oordeel over groote geniën somtijds bij de eerste ontmoeting uitvalt blijkt op nieuw uit een onlangs gevonden, tot hiertoe onuitgegeven brief van den voornamen Berlijnschen boekhandelaar Sanders, den 2 augustus 1797 uit Weimar aan zijne vrouw geschreven. Na een uitvoerig verhaal Zijner ontmoeting van beroemde mannen in die zetelstad der Duitsche Muzen , en na over Göthe, Herder, Wteland en anderen in hoogen lof te hebben uitgewijd, laat hij dit volgen : „ Bijna had ik nog vergeten te zeggen dat ik ook Schiller gesproken heb en dat wij het aan het einde van ons gesprek zoo ver bragten om elkander de hand te schudden. Maar Schiller is toch mijn man niet Een zeer gemeen gezigt en daarbij iets terugstootends. Stel u diep ingevallen wangen voor, een zeer spitsen neus en vosrood haar op het hoofd en over de oogen. En nu bev.ond hij zich in zijnen tuin , op neérgetrapte gele pantoffels , en met een rok aan die veel op een nachtjapon geleek. Had ik hem zoo hier of daar op eene eenzame plaats aangetroffen , ik zou voor mijn leven of minstens voor mijne beurs gevreesd hebben." — Vorst Gortschakoff is den 8 dezer te Weenen aangekomen , om zy'ne brieven van terugroeping over te reiken. De heer von Budberg zal hem niet komen vervangen alvorens de heer vonßrunnow, die hem te Berlijn opvolgt, .icli op zijnen post zal kunnen begeven. — De baron de Bourqueney, ambassadeur van Frankrijk te Weenen , en de grootvizier /_W/-pacha, zijn heden te Dresden aangekomen. Laatstgenoemde heeft zijne reis naar Weenen terstond voortgezet, terwijl de eerstgenoemde een dag in de Saksische hoofdstad zou blijven, alvorens zich op zijnen post te begeven. Naar gezegd wordt heeft het Weener Kabinet de antwoorden der Regeringen van Florence , Rome , Napels en Modena op de circulaire-depêche ontvangen , welke den 18 mei door graaf Buol afgezonden is, en vereenigen zich , zoo als te voorzien was, al die Hoven met Oostenrijks zienswijze ten opzigte der Sardinische nota's, terwijl zij de aanmatigingen van het Turijnsche Hof, hetwelk in naam van geheel Italië zegt te spreken , veroordeelen. De conferentien der Bisschoppen te Weenen spoeden ten einde. Reeds in de laatste dagen dezer maand heeft Je laatste zitting plaats, waarna de Prins Aartsbisschop van Weenen zich naar Rome begeeft, om de genomen besluiten aan de Pauselijke goedkeuring te onderwerpen. — De Koning van Griekenland heeft den 1 dezer, aan boord van de Hydra, den Pireus verlaten en is den 6 dezer te Trieste gearriveerd. Hij zal ongeveer eene maand in de badplaats Carlsbad doorbrengen. ---