Zuid-Afrika zet Londen klem Uit het wereldgebeuren (Van onze Londense correspondent) HET DREIGEMENT van de Zuidafrikaanse premier Vorster om de Britse aanwezigheid op de vlootbasis Simonsstad „opnieuw te bekijken" (diplomatieke vertaling van het begrip „overeenkomst op- , zeggen") komt voor de Britten op een uiterst ongelegen moment. De Zuidafrikaanse reactie was te verwachten na de weigering van de Britse regering om wapens aan de Unie van Zuid-Afrika te leveren. DEZE VOOR DE BRITSE REGERING reeds afgedane kwestie betreft de door Zuid-Afrika in Engeland bestelde marinewapens, uitsluitend bestemd voor territoriale verdediging. De Britse regering weigert echter haar goodwill in het gekleurde deel van het Gemenebest, reeds ernstig ' ge- slonken door haar zwakke positie tegenover Rhodesië, verder op het spel te zetten. Want dat zou men doen door dwars in te gaan tegen een door Engeland, onder een conservatieve regering, gesteunde VN-resolutie gericht tegen wapenleveranties aan Zuid-Afrika. Maar Simonsstad is belangrijk voor de Engelsen; de Britse marine heeft door de sluiting van het Suezkanaal het afgelopen half jaar een veelvuldig gebruik moeten maken van de stad, die een belangrijke schakel is in de lange verbindingsketen van de Britse marine, speciaal met het oog op de beveiliging in oorlogstijd van de vaart rond de Kaap en van de scheepvaartroutes over het zuidelijke deel van de Atlantische Oceaan. Mogelijk speculeert Vorster erop dat Frankrijk, dat met hooghartige minachting voor de VN-resolutie Zuid-Afrika van straaljagers, helikopters en onderzeeërs voorziet, Engelands traditionele rol zal overnemen. Het zou een nieuwe stoot van De Gaulle tegen de „Angelsaksen" zijn. De vraag is echter of Frankryk, dat geen militaire verbintenis in het Verre Oosten meer bezit, de Britse taken werkelijk zou willen en kunnen vervullen. Toen Wilson in 1964 premier werd kondigde hij het verbod van wapenuitvoer naar Zuid-Afrika af. Daardoor sneuvelde ojl een Zuidafrikaanse order voor 30 Buccaneer marinevliegtuigen, maar tenslotte waren de Engelsen bereid toch de helft te leveren. Toen legde thans wijlen dr. Verwoerd bijna letterlijk dezelfde verklaring af'als* Vorster thans. Officieel kan alleen met wederzijds ï goedvinden een- einde aan de overeenkomst worden gemaakt. Maar men gelooft in Londen dat Vorster de overeenkomst over de basis eenzijdig kan opheffen, indien hij dit beslist wil. Hij kan de Britten ook vlootfaciliteiten in Kaapstad en Durban ontzeggen. Mombasa (Kenia) wordt als alternatief genoemd, maar dat ligt 4000 mijl van de Kaap verwijderd en voor de aanleg van een nieuwe Britse marinebasis in de Indische Oceaan heeft Engeland geen geld. EEN OPGEVEN OF BEPERKING tot een minimum van de Britse militaire verantwoordelijkheden ten oosten van Suez zit vooral de Amerikanen dwars. Zy willen niet moederziel alleen in het gebied van de Indische Oceaan opereren. Anderzijds voelen de Engelsen en hun bondgenoten in het Verre Oosten, Australië, Nieuw-Zeeland er weinig voor voortaan geheel van Amerika afhankelijk te worden. En een stad als Singapore dreigt door een al te spoedige verdwijning van de Britse vlootbasis economisch in de knel te raken. --- Indiase vijfling leeft niet meer Alle kinderen van de vyfling, die in het afgelopen weekeinde in een dorp nabij Salem in Zuid-India werd geboren, zyn thans overleden. Een der kinderen stierf kort na de geboorte, en een tweede j.l. dinsdag. Gisteren overleden de overige drie. De 35-jarige moeder heeft in totaal aan veertien kinderen het leven geschonken, waarvan er nu nog maar vijf in leven zijn. --- Nieuwe stam Sinds gisteren schijnt Parijs in de Canadese provincie Nieuw Brunswyk een nieuwe Franse stam ontdekt te hebben, waarmee de banden eveneens hoognodig nauwer moeten worden aangehaald. Vier leidende autoriteiten van deze stamverwante bevolkingsgroep, die ruim 200.000 Frans-sprekende zielen telt, en die als Acadianen worden aangeduid, zyn vanaf volgende week door De Gaulle als zyn persoonlijke gasten naar Parys geïnviteerd. Ook deze Acadianen denkt Parijs zijn financiële en vooral politieke steun te verlenen om mettertijd hun eigen onafhankelijkheid uit te kunnen roepen. --- Discussie Op een voorstel van de voorzitter van de vergadering, prof. dr. J. C. Snijders is de bijeenkomst gisteren besloten met een onderlinge vergadering van de delegaties. Hierin werd gesproken over het rapport en een aantal aantekeningen die door de leiding van het concilie hierover werden verstrekt. Na hun vergadering hebben de delegaties elk een korte samenvatting gemaakt van hetgeen zij in het rapport wel en niet van belang vinden- In deze rapporten zal ook worden opgenomen wat de afgevaardigden van de bisdommen eventueel geschrapt willen zien en wat zh' zouden willen toevoegen. Vandaag heeft de publieke behandeling van deze rapporten plaats en de uiteindelijke bepaling van het standpunt van de gezamenlijke afgevaardigden ten aanzien van het eventueel gewijzigde rapport van de commissie- Loeff. --- Goed bestuderen In deze donkere periode heeft de girodienst twee bijzondere waardevolle ervaringen . opgedaan. In .de eerste plaats, dat adviezen van buitenstaanders, hoe waardevol ook, nooit zonder diepgaande toetsing aan de praktische mogelijkheden mogen worden aanvaard. Vervolgens dat ieder verstrekkende wijziging in de organisatie of de werkmethode stap voor stap moet worden uitgevoerd, waarby geen enkele stap wordt ondernomen, zonder de mogelijkheid tot terugkeer naar de uitgangspositie open te laten. --- Gunstige beoordeling Een bedrijf dat, in het algemeen, op • een of enkele punten een ongunstßf'beeld bij het publiek heeft, zal zyn verdere groei hierdoor belem--. merd i zien. Het was voor de- girodienst dus van belang een duidelijk en objectief vastgesteld inzicht te krygen van het beeld dat bij het publiek bestond. Hiertoe werd in 1966 een onderzoek ingesteld. Het resultaat was een „image", waar menig bedrijf jaloers op kan zijn. Van de rekeninghouders heeft § a f een zeer gunstig oordeel, bijna i a J deel een nogal gunstig oordeel en slechts enkele procenten een negatief of geen oordeel. Uit het onderzoek bleek, dat in 1967 vijftien procent van de gezinnen met een postrekening de blauwe girokaart als betaalmiddel aan de toonbank gebruikten. De plaats van de postcheque- en girodienst in ons maatschappelijk bestel blijkt niet alleen uit de waardering die deze instelling geniet, maar ook uit een aantal cijfers die meer vertellen dan duizend woorden. --- Miljoen transacties De postgiro voert veruit het grootste deel van alle girale betalingen, n.l. 74 % (particuliere banken 20 pet. en gemeentegiro Amsterdam 6 pet.). Kennelijk maken de banken ook veelvuldig gebruik van de PCGD voor het verrichten van betalingen. In 1966 werd 12.2 pet. van alle overschry vingsopdrachten gegeven door „banken en effectenhandel". Gemiddeld per dag werden in *66 ruim 730.000 overschrijvingen, 260.000 stortingen en 52.000 cheques behandeld, in totaal ruim 1.000.000 transacties. Het totale bedrag dat hiermee dagelijks gemoeid was beliep ruim f5OO miljoen, waarvan f 438 miljoen voor rekening van de overschrijvingen kwam. Deze transacties hebben de girodienst geen windeieren gelegd. De voorlopige exploitatie-rekening geeft voor 1967 een winst te zien van 24.3 miljoen gulden, terwijl de winst voor 1968 op 40 miljoen wordt begroot. Een aardig geschenk voor een dame wier „postsex" na vijftig jaar mechanisatie en computers nog onverminderd tot de verbeelding spreekt van hen die giraal betalen of ontvangen. --- Automatisering biedt postgiro straks enorme expansie en servicekans (Van onze correspondent in Den Haag) In tegenstelling tot de menselijke kringloop, blijkt dat de girodienst met de jaren veeleer verjongt dan veroudert. Maar daaraan is waarschijnlijk debet de onverzadigbare consumptiedrift van deze moloch: 265.miljoen overschryvingsopdrachten per jaar. De periode waarin dit resultaat bereikt is, wordt door de heer H. Reinoud, onder wiens ressort de postgirodienst opereert, getypeerd als „de incubatieperiode van nu nog onwaarschijnlijk lijkende vormen van betalingsverkeer en de daarmee samenhangende dienstverlening". De heer Reinoud wil hiermee zeggen dat de girodienst maar pas aan het begin staat van zijn dienstverlening en de automatisering. De mechanisering en automatisering, die fundamenteel hebben bijgedragen tot groei en bloei van het girobedrijf, leidden in de eerste fase (1823—1924) tot een chaos, die uitmondde in tijdelijke sluiting van de dienst. Mr. W. Molenaar, chef afdeling juridische zaken, zegt hierover: „Het personeel, dat de ponsmachines moest bedienen, was onvoldoende geschoold. Te veel heeft men gelet op het werktempo, te weinig was de aandacht gericht op de kwaliteit van het werk........ het personeel was niet alleen onvoldoende geïnstrueerd, maar ook te gering in aantal om de verlangde prestatie te kunnen leveren...... de opeenstapeling van fouten en achterstanden heeft met het effect van een lawine tot een totale ineenstorting geleid. Het publiek ontving geen afrekeningen meer, de klachten vermenigvuldigen zich, de klagers stonden in de rij of verspreidden zich in de • gangen van het centrale kantoor, waar ook personeelsleden zaten om de fouten op te lossen. Kortom, de situatie was niet meer in de hand te houden en de regering besloot na advies van de Nederlandsche Bank tot sluiting van het bedrij f." --- Postgirodienst ziet Abraham in pocketvorm „Unmatched in the world", ongeëvenaard in de wereld. Zo - roemde enkele maanden geleden het gezaghebbende Amerikaanse tijdschrift „International Management", het geautomatiseerde postgirosysteem in Nederland. Deze ijzersterke reputatie heeft de girodienst opgebouwd in vijftig jaar moeizaam strijden waarbij een aantal fundamentele beleidsbeslissingen de koers van de „giro" hebben bepaald. Die koers is niet altijd rechtlijning voorwaarts geweest. In een aantal gevallen was de ingeslagen weg niet de juiste en was een omkeer noodzakelijk om de dienstverlening te vergroten. Deze dienstverlening bevindt zich echter pas in een beginfase. Volgens de heer H. Itemoud, hoofddirecteur financiële en economische zaken, zullen reeds in het jaar 2000 veel bedrijven via de „girofoon" (telefonisch gireren) hun betalingen verrichten. Automatische kassiers (stortings. en uitbetalingsautomaten) zullen voor een aanzienlijk deel het loketwerk overnemen. De moeilijkheden die de girodienst moest overwinnen, de successen die konden worden geboekt hebben er toe geleid dat de girodienst van 4000 rekeningshouders in 1918 groeide tot de instelling met meer dan anderhalf miljoen klanten in 1968. Niet minder dan 36 auteurs zijn nodig geweest om het levensverhaal van de onstuimige vijftigjarige te vertellen in het vandaag uitgekomen pocketboek „Een halve eeuw postchequeen girodienst". (Uitgeverij Het Spectrum, Utrecht.) --- Te weinig objectief Mgr. Moors zei waardering te hebben voor de grondgedachte van het rapport, maar het niet aanvaardbaar te achten als officieel conciliedocument. Als zrjn persoonlijke mening over het rapport deelde hij mee, dat hij het onduidelijk vond en eenzijdig, daar het alleen iets zou zeggen van de gezagsopvatting van gezagsdragers en niet over.de beleving van het gezag tot de gelovigen. Bovendien zou het te weinig objectief zijn, doordat het xich sterk afzet tegen de bestaande toestand. Het rapport zou niet voldoende pastoraal zijn, doordat er te weinig in werd gezegd over de praktijk in het dagelijks bestuur van de kerk. Tenslotte 'zou het te weinig evangelisch zijn en niet voldoende aansluiten op hetgeen er. in het concilie is gesteld, terwijl de Bijbels-theologische overwegingen die later aan het rapport zijn toegevoegd het gemis aan een theologische fundering niet zouden opheffen. --- De Gaulle mogelijk weer naar Canada (Van onze correspondent in Parys) IN PARIJS wordt vrij algemeen aangenomen, dat president De Gaulle in september van dit jaar opnieuw een bezoek zal brengen aan Frans Canada. Het Franse staatshoofd zou op dit bezoek gedoeld hebben, toen hij aan vertegenwoordigers van de pers tijdens de nieuwjaarsreceptie meedeelde, dat hij in 1968 behalve Roemenië ook nog een tweede buitenlandse mogendheid zal bezoeken. De openlyke bekendmaking van een hernieuwd bezoek aan Canada zou zijn achterwege gebleven, omdat dit door de huidige Canadese regering stellig als een provocatie zou worden opgevat. De tegenwoordige Canadese ministerpresident, Pearson, zal echter begin april aftreden en vermoedelijk worden opgevolgd door diens minister van buitenlandse zaken, Martin, die in Parijs als een „vriend van Frankryk" staat aangeschreven. In Franse regeringskringen speelt men nu al met de gedachte dat met deze nieuwe premier voor de Franse „stamverwanten" in Quebec resultaten kunnen worden bereikt, die nu, met Pearson, uitgesloten zyn. Tydens De Gaulle's jongste bezoek aan Canada leidde zyn uitroep „Leve het vrije Quebec" tot een ernstig diplomatiek conflict. Men beschuldigde hem toen van een ontoelaatbare inmenging in binnenlandse aangelegenheden. --- Emotionaliteit Prof. Loeff en een van de andere leden van de commissie, die het rapport opstelde, verduidelijkte korte tijd later dat men de verschijnselen op zich — als de werkelijkheid — had willen laten spreken. Daarbij gaan vernieuwingen doorgaans 'gepaard met ressentiment jegens het oude en heeft men bij het opstellen van het rapport niet gepoogd de emotionaliteit met betrekking tot de gezagscrisis te onderdrukken. Het had niet in de bedoeling gelegen het rapport een theologische verdeling te geven. Dit zou immers het werk voor theologen zyn. Waar het om ging, zo zei een der leden van de commissie, was dat er een dialoog zou ontstaan en dat het volk zijn stem zou laten horen. \ Bij de meningen die de afgevaardigden van de bisdommen over het rapport gaven, noemde- de delegatie van het bisdom Groningen een vijftal resoluties. De eerste resolutie hield in dat men niet de gelijkstelling aanvaardde van het gezag van God over de mens, met dat van het feitelijk kerkelyke gezag. De laatste verantwoordelijkheid van ieder mens is hy niet verschuldigd aan welk gezag op aarde dan ook, maar aan zyn eigen geweten, omdat hij daar het duidelijkst de stem van God in herkent. Bij het zoeken naar de bron van het gezag kwam men duidelijk tot een uitspraak dat dit steunt op het in geweten gelovig aanvaarden van het Bybelse woord zoals het in de kerk wordt verkondigd, zo stond in de Groningse resolutie. De nieuwe visie op gezag en gezagsdragers in de Kerk zou inhouden, dat niet alleen nieuwe organen in het leven werden geroepen, maar ook dat de verhouding tot de oude gezagsinstituties kritisch werd onderzocht. Hierbij werd in de resolutie genoemd: de diocesane curie en de diocesane pastorale raad, capittel en priestersenaat, het kerkbestuur en de parochieraad. --- NIET IN DEZE VORM IN STEMMING OP HET PASTORAAL CONCILIE Rapport-Loeff over kerkelijk gezag stuit op zwaar verzet (Van onze correspondent in Haarlem) Het rapport „Gezagsopvattingen en gezagsbeleving", van de commisie- Loeff dat voor het pastoraal concilie van de Nederlandse R.K.-kerkprovincie is opgesteld, zal althans zeker niet in de oorspronkelijke formuleringen als conciliestuk in stemming worden gebracht. Dit is tijdens de plenaire vergadering van het pastoraal concilie gisteren in Noordwijkerhout besloten met ruime kritiek op het'rapport door ondermeer de bisschop van Roermond, mgr. P. J. A. Moors en een resolutie van de afgevaardigden van het bisdom Utrecht. Vele afgevaardigden, onder wie de delegatie van het bisdom Den Bosch, hebben echter adhesie betuigd met de mentaliteit van het te scheppen klimaat, waarvan het rapport getuigt. ....... In de ochtendbijeenkomst had prof. dr. J. Loeff een toelichting op het rapport gegeven, waarin hij onder meer betoogde dat het rapport enige mogelijkheden wilde aangeven om het vertrouwen in de kerkelijke leiding te versterken. Met opzet was in het rapport vermeden te manipuleren met systemen of theorieën en eveneens met opzet waren de termen democratie, monarchie en aristocratie niet genoemd. De commissie was namelijk van mening, aldus prof; Loeff, dat met een mentaliteitsverandering met meer communicatie en openheid en vopral met het tonen van eigen de Kerk'; de;; spanningen -~- grotendeels^v'zo niet geheel zou kunnen oplossen," indien daarnaar ook langs institutionele weg ernstóg werd gestreefd. Het min of meer vrijblijvende en vreugdevolle verkondigen dreigde in het verleden onder te gaan in een krampachtig besturen, hetgeen uiteraard de behoefte aan machts- en machtmiddelen en apparatuur insluit, aldus prof. Loeff. De Kerk kreeg de allure van een schaduwmaatschappij naarmate de kerkelijke ambtsdragers zich steeds meer rechtstreeks verantwoordelijk gingen voelen voor het doen en laten van de gelovigen. Aangezien gezag op de eerste plaats iets te zeggen moet hebben, releveerde prof. Loeff, dat in het rapport zo veel mogelijk de nadruk was gelegd op het verkondigen. De bekende zanger Jules de Corte werd gisteren gekozen tot lid van het pastoraal concilie, dat in Noordwijkerhout wordt gehouden. Hier Jules temidden van de geestelijken. --- MENING „OFFICIEEL" Z.-AFRIKA: „Zwart" hart in blanke is geen bezwaar (Van onze correspondent in Kaapstad) In Zuid-Afrika zijn de meningen over het feit, dat het hart van een kleurling is overgeplaatst in het lichaam van een blanke zeer verdeeld. Er zijn veel mensen principieel tegen, maar van officiële zijde worden met grote spoed verklaringen afgelegd, dat er geen'bezwaar bestaat, tegen de operatie. Extremisten- in de Nationale i Partij van Zuid-Afrika menen, dat dit het begin van het einde is en ze laten dit ook duidelijk merken. Kort na de transplantatie hebben kerkelijke woordvoerders zich positief uitgesproken over dit opmerkelijke feit voor Zuid-Afrika, hoewel in alle andere gevallen de apartheid ook door de Kerk tot in de uiterste consequentie wordt doorgevoerd. Deze operatie bewijst, dat de christelijke verantwoordelijkheid niet gebonden is aan iemands eigen ras zei de actuaris van de Hervormde Kerk van Zuid-Afrika. Een opmerkelijke uitspraak voor een land, dat deze dingen op politiek gebied anders ziet. Om snel te zorgen, dat over deze transplantatie geen binnenlandse moeilijkheden komen, hebben vrijwel alle Zuidafrikaanse kerken laten weten, dat ze vóór de operatie zijn. Ziekenhuis-autoriteiten hebben meegedeeld, dat in de provincie Transvaal ook organen van niet-blanken op blanken overgeplant mogen worden mits de patiënt geen bezwaren heeft. —In de Berghaven te Hoek van Holland is gistermiddag het stoffelijk overschot gevonden van de 63-jarige schipper P. Bakker. Hij werd sinds woensdagmiddag vermist, nadat hij zijn scheepje, de werkschuit „Anna Lena" had verlaten. --- Dat Amerikaanse bommen ook nog wel een nuttig doel kunnen dienen in Noord-Vietnam bewijst dit plaatje: het omhulsel van zon bom wordt ergens in Noord-Vietnam gebruikt als gong om te waarschuwen voor een luchtaanval. --- VS nog onzeker over vredeswil van Hanoi De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Dean Rusk, heeft gisteren verklaard, dat de Ver. Staten nog steeds opheldering trachten te krijgen over de jongste verklaring van de Noordvietnamese minister van Buitenlandse Zaken Nguyen Duy Trinh, om vast te kunnen stellen of die verklaring werkelijk neerkomt op een wijziging van het standpunt van Hanoi met betrekking tot het vredesoverleg. Rusk liet weten dat hij nu nog niet kon zeggen of de verklaring van de Noordvietnamese minister ernstig gemeend is of alleen maar een propagandamanoeuvre is. Hij herhaalde het bekende Amerikaanse standpunt, dat de bombardementen op Noord-Vietnam onmiddellijk gestaakt kunnen .worden als vaststaat dat het staken gevolgd zal worden door vruchtbaar overleg. De minister zei voorts dat de Ver. Staten het streven steunen van het staatshoofd van Cambodja, prins Norodom Sihanoek, om de vrede in Cambodja en de neutraliteit van zijn land te bewaren. President Thieu van Zuid-Vietnam heeft vandaag opnieuw onderhandelingen met het Nationale Bevrydingsfront afgewezen. „Ik ga alleen met een vertegenwoordiger van het front aan één tafel zitten als deze deel uitmaakt van de delegatie van Hanoi", verklaarde hy in antwoord op vragen. Ook voor een coalitieregering met het Bevrydingsfront voelde hu" niets. Thieu zei daarentegen wel bereid te zyn „elk moment" met Hanoi te gaan praten. ---