PLAATSELIJK NIEUWS HILVERSUM, 17 Januari 1929. De heer R. Veen lid van den Raad. Bij den Raad is ingekomen een schrijven van den voorzitter van het centraal stembureau voor de verkiezingen van de leden van den gemeenteraad, houdende de mededeeling, dat de heer R. Veen zijn benoeming tot lid van den Raad, in de vacature ontstaan door het bedanken van den heer B. Suermondt, aanneemt. --- Gemeenteraad. De Raad dezer gemeente houdt Dinsdagavond eene openbare vergadering ter behandeling van de volgende punten: 1. Vastelling van de notulen der vergadering van 20 November 1928. 2. Ingekomen stukken. 3. Aanbiediing door B. en VV. van den geloofsbrief van het nieuw-benoemde lid van den Raad, den hper R. Veen. 4. Voorstel van B. en W. tot verdeeling van de kieskringen, waarin de gemeente voor de verkiezing van de leden van den gemeenteraad is verdeeld, in steindistricten en tot aanwijzing van stemlokalen. 5. Voorstel van B. en W. tot het huren van lokalen ten dienste der verkiezingen. 6. Voorstel van B. en W. tot het uitbrengen van advies inzake de nadere vaststelling van de jaarwedden van den burgemeester, den secretaris en den ontvanger der gemeente Hilversum. 7. Voorstel van B. en W. le. tot samenvoegiing van de bureaux: a. secretarie-afdeeling, sociale aangelegenheden en volkshuisvesting; b. arbeidsbemiddeling en werkloosheidsverzekering (beroepskeuze inbegrepen); en c. burgerlijk armbestuur, tot één dienst, n.l. gemeentelijken dienst voor sociale aangelegenheden; en 2e. tot vaststelling van een verordening betreffende: a. den gemeentelijken dienst voor sociale aangelegenheden; b. den gemeentelijken dienst voor maatschappelijk hulpbetoon (tegenwoordig burgerlijk armbestuur) met nota van B. en w. betreffende dit voorstel. 8. Voorstel van B. en VV. om over te gaan tot de splitsing van school no. 14 en om in verband daarmede enkele voorzieningen te treffen. 9. Voorstel van B. en W. om over te gaan tot de benoemiing van een tijdelijk leeraar in de stenografie aan de hoogere burgerschool. 10. Voorstel van B. en W. tot overplaatsing van twee onderwijzeressen van school no. 10 naar school no. 15. - 11. Advies van B. en VV. op een aanvraag ingevolge art. 72 der „Lager-onderwijswet 1920" van het R.K. parochiaal kerkbestuur van den H. Clemens Maria Hofbauer. _ 12. Aanbieding door B. en W. van een overzicht van personeel en leerlingen van de openbare en gesubsidieerde bijzondere lagere scholen op 1 Januari 1929. 13. Aanbieding door B. en VV. van een ontwerp-besluit inzake schoolgelden. 14. Advies van B. en VV. op het voorstel van de leden van den Raad, den heer C. Vlaanderen KPzn., e.a., om aan den klokluider vanaf 1 Januari 1929 ƒ 0.50 per keer voor het klokluiden uit te keeren. 15. Voorstel van B. en W. om hun een crediet van ƒ 6000 te verleenen voor de rioleering van het wegenplan-Insulindelaan. 16. Voorstel van B. en VV. om aan de tegenwoordige Doelensteeg den naam Oude Doelen te geven. 17. Voorstel van B. en W. om hun voor de Uitbreiding van de gemeentewerf een crediet te verleenen van ƒ 41.000. 18. Voorstel van B. en W. tot wijziging van het loonreglement. 19. Voorstel van B. en W. tot ruiling van grond, gelegen aan de Jan van der Heijdenstraat. 20. Voorstel van B. en W. tot verkoop van gtond en tot uitgifte in erfpacht van grond. 21. Voorstel van B. en VV. om hun een crediet van ƒ 6000 te verleenen voor de rioleering van den Eikbosscherweg ten Zuiden van de Diependaalschelaan en van een gedeelte van de Eikenlaan. 22. Voorstel van B. en W. tot wijziging van een overeenkomst omtrent uitgifte van grond in erfpacht. 23. Voorstel van B. en W. tot aanvaarding van grond ter verbreeding van de Havenstraat. 24. Voorstel van B. en VV. om hun ten laste van het gemeentelijk electriciteitsbedrijf een aanvullingscrediet van ƒ 10.000 te verleenen voor den aanleg van huisaansluitingen en de aankoop van meters. 25. Voorstel van B. en W. tot wijziging van de begrooting voor het dienstjaar 1929 in verband met de genomen besluiten. --- De Rudelsheimstichting. De afdeeling Hilversum der Rudelsheimstiohting geeft Zondagavond in de zalen van het „Hof van Holland" een feestavond ten bate 'van het uitbreidingsfonds der Stichting. --- De Vrijheidsbond. In de Dinsdag gehouden afdeelingsvergadering van den Vrijheidsbond werden candidaat gesteld voor de a.s. 2e Kamerverkiezing de heeren dr. Vos, H. van Kempen, A. Staalman, mevr. Wynaends-Francken, de heeren C. H. Guépin, dr. Nierstrasz, E. Schürmann, Prof. Eerdmans, en B. H. Bakker. Verder werd besloten bij de verkiezing van 5 leden voor het Hoofdbestuur stem uit te brengen op de periodiek aftredende ■eden n.l. de heeren S. van den Bergh jr.. D. de Boer Dzn., mr. G. A. Boon, professor dr. Colenbrander en A. Staalman. --- Splitsing van school no. 14. B. en W. achten thans het oogenblik gekomen, om de splitsing van school 14 bij den Raad aanhangig te maken. In het belang van het onderwijs zou deze evenwel naar de meening van B. en W. eerst bij den aanvang van den nieuwen cursus op 1 Augustus 1929 moeten ingaan. De school telt, nu na de in-gebruikneming van de uitbreiding van bet schoolgebouw aan de Fabritiuslaan de eerste, tweede, derde en vierde klasse der school in parallel-afdeelingen zijn verdeeld, tien, klassen en het valt wel reeds met zekerheid te zeggen, dat bij den aanvang van den nieuwen cursus dit aantal elf zal bedragen. Een school van een zoodanigen omvang achten B. en W. voor de leiding door één hoofd te groot. Van deze elf klassen zouden B. en W. er vijf willen laten overgaan naar de nieuwe school, met dien verstande, dat aan de bestaande school één klasse voor elk leerjaar blijft en derhalve naar de nieuwe school een eerste, tweede, derde, vierde en vijfde leerjaar overgaan. Bij den aanvang van den cursus 1930/1931 kan dan een zesde leerjaar worden gevormd, waarna de school zijn vollen omvang 'heeft bereikt. Het personeel van school no. 14 bestaat thans uit tien leerkrachten. Wanneer tot splitsing der school wordt overgegaan, kan dit aantal worden teruggebracht tot zes (een hoofd, drie onderwijzers, en twee onderwijzeressen), terwijl de boven aangegeven verdeeling in klassen van de nieuwe school de aanstelling van een hoofd, twee onderwijzers en twee onderwijzeressen noodig maakt. --- Gooische Kaderlandstorm Vereeniging. Gisteravond hield in Maison Heken de heer F. H. van de Maarel, Geol. Drs., een populair wetenschappelijke lezing, aangekondigd als: Een greep uit de Geologie, en bedoeld als een proef, om de Kaderlandstormers, die alleen des Zaterdags militair zijn en de overige dagen burgers, in daartoe te organiseeren vergaderingen bijeen te brengen en verschillende onderwerpen door deskundige sprekers op die avonden te doen behandelen. Door den dood van sergeantmajoor Te Kolste, die tijdens een schermwedstrijd is overleden, en van wien het plan oorspronkelijk uitging, werd tot de uitvoering er van eerst een jaar later overgegaan. Spr. waardeert de groote opkomst en de aanwezigheid van den commandant der afdeeling Gooi. Spr.'s greep uit de geologie had betrekking op de jongste geologische geschiedenis van den Indischen Archipel in verband met de Zoögeografie. Terloops wees spr. op het groote practische nut van deze jonge wetenschap, die in de tegenwoordige maatschappij een enorme plaats inneemt, o.a. door het opsporen van petroleumbronnen en waarvoor thans in Amsterdam door benoeming van Prof. Brouwer, die zich een nieuw laboratorium, een buitengewoon hoogleeraar en een docent zag toegewezen, een volledige geologische leerstoel is ingericht. Nadat spr. had uiteengezet wat men onder geologie en zoö-geographie verstaat, wees spr. er op, hoe Prof. Molengraaf, een der meest bekende geologen, tot de conclusie is gekomen, dat Borneo, Java en Sumatra onderzeesch met Azië samenhangen, evenals Nieuw-Guinea en de Key-en Aroe Archipel met het vasteland van Australië, terwijl Celebes en de Molukken liggen in een diepen trog — hier en daar bijna 10.000 M. — de oorspronkelijke scheiding dezer vastlanden. Prof. Weber, die door zijn leiding van de diepzee-peilingen zich een wereld beroemden naam als zoögeograaf verwierf, heeft aangetoond, dat ook de dierenwereld zich volkomen bij deze theorie aanpast; de Engelsche geologoog Willlam Early heeft reeds in 1845 het daadwerkelijk verband tusschen Azië en de groote Soenda-eilanden beschreven en het bestaan van een onderzeesch plateau werd in 1848 door den Duitschen geoloog Salomon Muller bevestigd. In den breede behandelde spr. het ontstaan van dit plateau, waarbij hij terugging tot het tertiaire tijdperk met zijn gebergtenvorming (Alpen, Himalaya enz.), om daarna het diluviale tijdperk te bespreken met zijn koude zoogegenaamde glaciale perioden en tengevolge daarvan de daling van den zeespiegel en de interglaciale periode, waarbij het landijs afsmolt, wat een automatische verhooging van den zeespiegel ten gevolge had. Aan het slot dankte een der Kaderlandstormers den heer van de Maarel voor het gesprokene. --- Wordt het woonwagenkamp verplaatst? Op een schrijven van mevrouw VV. Tollenaar-van de Werff, houdende verzoek om op kosten van de gemeente een steenen paardenstal te bouwen, bij het woonwagenkamp, stellen B. en W. den Raad voor, niet in te gaan, daar in verband met de bebouwing in de omgeving van het woonwagenkamp in de naaste toekomst zal moeten worden overwogen, of het woonwagenkamp ter plaatse zal kunnen blijven gevestigd of wel tot verplaatsing zal moeten worden besloten. --- Tijdelijk leeraar in de stenografie aan de H. R. S. Ter voorziening in de vacature, ontstaan doordat aan mej. P. Stap eervol ontslag werd verleend als tijdelijk leerares in de stenografie aan de H.8.5., stellen B. en W. voor, den heer E. Veldkamp, leeraar aan de handelsdagschool, met ingang van 1 Jan. 1929 te benoemen tot tijdelijk leeraar in dat vak. --- Het openbaar voorbereidend onderwijs. De afd. Hilversum van den bond van Ned. onderwijzers, heeft het verzoek tot den Raad gericht om de verordening, regelende de jaarwedden van het personeel, werkzaam bij het openbaar voorbereidend onderwijs, aldus te wijzigen, dat een jaarlijksche belooning wordt gegeven aan haar, die aangewezen is om het hoofd der school bij afwezigheid te vervangen. B. en W. achten geen termen aanwezig voor toekennen der gevraagde belooning en stellen derhalve voor op het verzoek afwijzend te beschikken. --- Overplaatsing van twee onderwijzeressen. Aan school no. 10 worden met ingang van den datum van opening van school no. 15 twee onderwijzeressen in vasten dienst, z.g. „overcompleet", terwijl aan school no. 15 twee vaste vrouwelijke leerkrachten moeten worden benoemd. Derhalve stellen B. en W. voor, de twee onderwijzeressen van school no. 10, de dames A. M. A. van Vuure en E. van Haselen, die het laatst als vaste leerkrachten aan de onder zijne leiding staande school werden verbonden, over te plaatsen naar school no. 15. --- SCHENDING VAN HET NATUURSCHOON TE BLARICUM? Burgemeester DE BORDES contra Burgemeester KLAARENBEEK over de afgravingen op de heide. Het Persbureau Vaz Dias meldt ons het volgende: De geruchtmakende zaak van de afgravingen van de heide bij Blaricum zal dezer dagen, ondanks vele protesten, haar beslag krijgen. De minister van Waterstaat heeft zich ook nog doen gelden, doch zijn bevoegdheid strekte zich niet verder dan het richten van een verzoek tot den voorzitter van Stad en Lande van Gooiland, om bij afgraving „zooveel mogelijk" het natuurschoon te sparen. De burgemeester van Blaricum, tevens secretaris van de Centrale Schoonheidscommissie, en vice-voorzitter van Stad en Lande, het college, dat deze zandverkoopen heeft tot stand gebracht, heeft zich tegen de afgraving niet verzet omdat een tuinarchitect deze met beplantingen zal trachten ongedaan te maken. Deze aanslag op het natuurschoon heeft twee algemeene kanten; ten eerste is weer bewezen dat zelfs de hoogste autoriteiten machteloos staan zoolang geen Natuurmonumentenwet afdoende maatregelen voorschrijft, ten tweede komt er een nieuw element in de beschouwing van natuurschoon, indien tuinarchitectuur als vergoeding wordt aangeprezen. Teneinde een dergelijke meening — die gretig als verontschuldiging zal worden aangegrepen — reeds in den aanvang harer verbreiding te bestrijden, heeft de burgemeester van Bussum, de heer de Bordes (het eenige bestuurslid van Stad en Lande, dat zich tegen de afgraving heeft verzet) aan het Persbureau Vaz Dias het volgende verklaard: --- De meening van burgemeester de Bordes. Het doet mij leed, dat een dergelijke meening wordt verkondigd door den burgemeester van eene gemeente, welke wat landsschapsschoon betreft, tot eene der uitverkoren gemeenten van ons land behoort. De voorgenomen afgraving van enkele héctaren van eene van de schoonste heiden van het Gooi kan, dunkt mij, niet sterk genoeg worden afgekeurd. Volkomen begrijpelijk acht ik dan ook, dat zoovele natuurliefhebbers met groot leedwezen van het besluit van Stad en Lande van Gooiland hebben kennis genomen. Op overtuigende wijze is immers herhaaldelijk door deskundigen in woord en geschrift laatstelijk nog in het rapport van de Amsterdamsche Tuinstedencominissie uiteengezet, dat eene heide, wil ze bekoren, voor den toeschouwer tot den horizon moet reiken, dat uitgestrektheid het voornaamste element vormt in de schoonheid van heide en bosch, en dat juist de ongereptheid van hetgeen van de natuur in sommige streken van ons land nog over is, de groote aantrekkelijkheid van die streken uitmaakt. Ongerepte groote brokken natuur, als de Gooische heiden, welke door hunne ruimte de allergrootste bekoring bieden, kunnen, zijn ze eenmaal afgegraven of verbrokkeld, niet meer in den vorigen toestand worden teruggebracht. Juist de stadsbewoners en in het algemeen zij, die wonen in streken zonder eenig landschapsschoon, worden telkens opnieuw weer getroffen en geboeid door de ongereptheid in de natuur, welke eene schoonheid van geheel anderen aard biedt dan de stadsparken en plantsoenen, zelfs indien deze onder leiding van bekwame en kunstzinnige tuinarchitecten zijn aangelegd. De wonde, welke thans in de Gooische natuur zal worden geslagen zal straks, mogelijk na vele jaren, zijn gecamoufleerd doordat daarvoor in de plaats zal zijn gesteld een door menschenhanden gewrocht kunstwerk — en er zullen zeker wel menschen zijn, die dat kunstwerk dan mooier vinden dan de ongerepte, eenvoudige schoonheid van Gods vrije natuur — doch daartegenover mag worden gesteld, dat zeer velen in den lande, die juist in de vrije natuur zoo min mogelijk het werk van menschen wenschen te aanschouwen en die inzonderheid de heidevelden gaarne zouden willen zien gehandhaafd in den staat, waarin deze zich in den loop der tijden hebben ontwikkeld, het gehavende natuurschoon met onverzwakte ergernis zullen blijven aanschouwen. Zonder eenig voorbehoud sluit ik mij bij deze laatsten aan en het doet mij oprecht leed, dat tot deze zandafgraving is besloten. Ik meen dat dit besluit ingaat tegen de belangen van het Gooi en de keten zal verlengen van de aanslagen, welke in den loop der jaren tegen de karakteristieke schoonheid van deze landstreek zijn gepleegd. Die aanslagen, wellicht nog door andere gevolgd, wijzigen gaandeweg het karakter van het Gooi geheel, en het is dan ook zoo volkomen begrijpelijk, dat in steeds brecder kring en in steeds sterker mate de overtuiging veld wint, dat afdoende maatregelen thans toch eindelijk eens moeten worden getroffen teneinde het tot heden nog in Gooiland aanwezige natuurschoon voor het Nederlandsche volk, voor het nageslacht, te behouden. Moge het straks blijken dat die maatregelen niet te laat zijn genomen! --- BUSSUM. Ned. Christ. Vrouwenbond. In het gebouw Parallelweg 13 alhier hield gisteravond dr. K. Dijk van 's Gravenhage voor de afdeeling Naarden-Bussum van den Ned. Chr. Vrouwenbond een lezing, niet als onderwerp „Vrouwenadel". Nadat de presidente mevr. Gordeau den avond niet gebed had geopend en daarna eenige mededeelingen had gedaan van huishoudelijken aard, gaf spr. het woord aan dr. Dijk. Deze begon met te zeggen, dat op den tweeden jaardag van den Meisjesbond op Christelijken grondslag mevr. Westenbrink-VVirtz heeft gezegd: „Laat de meisjes zich geven op den weg naar het altaar* 'en deze woorden neergelegd in een vers. In dit vers, zegt spr., vindt men de grondgedachte van zijn rede. Bij het Licht van Gods openbaring, wil spr. een antwoord geven op de vraag: „Wat is de adeldom van de vrouw?" De adeldom noemt spr. het innerlijk schoon, dat in ons wezen ligt besloten en zich van daaruit naar buiten ontwikkelt. De adeldom is iets, wat God zelf gegeven heeft. De vrouw is een bijzondere schepping naast den man, zegt spr. Het alleen zijn van den man is iets, wat niet goed is en daarom heeft God de vrouw geschapen. Men leest dit zoo mooi in den Bijbel en wel in Genesis 1 en 2. Óm het wezen van den mensch te kennen, dienen wij door te dringen tot de ziel. Wanneer men dat belijdt, dan stelt men zich tegenover den modernen tijd. Velen toch zoeken hun trots en lust in uiterlijk schoon. Wel is het lichaam den tempel Gods en mogen wij het niet verwaarloozen, doch er is meer nog dan het lichaam. Er is ook nog de ziel en zieleschade is de ergste schade, welke de menscti lijden kan; zieleschoonheid is de heerlijkste schoonheid welke God geven kan. Heeft een vrouwenziel andere krachten dan een mannenziel? Spr. ontkent zulks. Het eigene van de vrouw ligt ergens anders; de ziel is anders geïnstrumenteerd. Veel meer dan bij den man zit bij de vrouw het gevoel op den troon. Het gevoelsleven is rijk aan nuanceeringen. Juist omdat het gevoel voorgaat, is het gemoedsleven sterker bij de vrouw. De prioriteit van het gemoedsleven doet zich kennen gedurende het geheele leven. Daaruit wellen alle gemoedsuitingen op. Haar adeldom is samen te vatten in dat eene woord: „Overgave". Dat is dan de overgave des harten. En op alle mogelijke gebied kan zich de vrouw geven. Schrijnende behoefte bijv., is er aan priesters en priesteressen. Het is een schoone tijd voor de vrouw; zij dient ons te leeren het leven té verliezen om het te behouden! Dat is alleen mogelijk door waarachtig te gelooven aan God. De offers welke de vrouw brengt, zijn alleen de vruchten van het geloof. De adeldom der vrouw ligt dus in haar hart en in haar overgave. Zij moet zich geven in alle opzichten; in de liefde voor haar man, in haar moederschap, in haar opvoedingssysteem en ook indien God roept, in den strijd om het bestaan. Zulk een overgave kost zelfverloochening, doch God moet dit de vrouw leeren. Wij kunnen geven, omdat God begonnen is te geven, zegt spr. De adeldom der vrouw wordt geleerd achter Christus. Niet alleen mannen volgden den Heiland, doch ook vrouwen en het is eigenaardig dat deze vrouwen in den Bijbel bij name worden genoemd. Vrouwen om den meester was iets ongehoords; de inenschen zullen met verbazing en ook met ergernis dit hebben gadegeslagen. De vrouw was in Jezus' dagen zeer weinig in tel; zij werd zelfs nog minder erkend dan in het Oude Testament. Jezus kruiste de erkenning der vrouw met zijn Evangelie! Jezus heeft den adeldom der vrouw van het stof gereinigd en ze mag nu haar adeldom weer toonen. Tegen den verfoeilijken modernen tijd is de reactie reeds begonnen. Mevr. Ida Boudier-Bakker striemt en geeselt de tekorten van het vrouwenleven ; ze smeekt" de vrouwen haar te volgen. Heeft de vrouw deze stem gehoord en begrepen? Spr. ontkent zulks. De moderne wereld dweept met romans als die van Julia Franck en Fena de Meijter. Een prachtige beschrijving van de moderne vrouw vindt men in het derde deel van „De Opstandelingen". Waarom volgen de vrouwen dan mevr. Boudier-Bakker niet? vraagt spr. Omdat er niets in haar boeken is, wat roept; omdat ze missen de stem van God. De Ned. Christ. Vrouwenbond kan er zeer veel toe bijdragen, de vrouw den goeden weg te wijzen; om haar Jezus te doen volgen. Werkende handen worden tot zaaiende handen, als ze eerst geweest zijn de vouwende handen van het gebed. Onze tijd heeft noodig vrouwen in wier hart het offervuur der liefde brandt, zegt spr. Wandel dus allen achter Jezus, laat zijn licht ons aller pad beschijnen, aldus eindigt dr. Dijk. Mevr. Gordeau dankte den spreker voor zijn interessante rede; zijn komst in Bussum was zeer gewaardeerd, te meer daar dr. Dijk in Den Haag een drukken werkkring heeft. --- De meening van burgemeester Klaarenbeek. Wij hebben den Burgemeester van Blaricum in kennis gesteld met den inhoud van bovenstaand perscommuniqué. Hij verzocht ons het zijnerzijds van het volgende onderschrift te voorzien, waaraan wij gaarne voldoen: Het is toch wel zeer merkwaardig, dat menschen, die geacht kunnen worden een zelfde zaak — in casu behoud van natuurschoon in het Gooi — te willen dienen, over een bepaalde aangelegenheid, die hiermede in verband wordt gebracht, zoo verschillende zienswijzen hebben. Het bericht van Vaz Dias lezende, komt bij mij de vraag op, of het verschil van inzicht ook niet voor een deel kan verklaard worden door de omstandigheid, dat men niet goed op de hoogte is van hetgeen gaat geschieden. De heer De Bordes toch schijnt te meenen, dat naar mijne meening de voor het anldschap nadeelige gevolgen van de afgraving van een gedeelte van de heide tegenover het kindersanatorium zullen worden opgevangen, door ter plaatse een parkje of iets dergelijks aan te leggen. Zoo onnoozel en begriploos ben ik intusschen niet. Dat ik mij niet tegen het denkbeeld van afgraving heb verzet, is in de eerste plaats gevolg van mijne overtuiging, dat van eenige schade aan natuurschoon, tengevolge van die afgraving, geen sprake zal zijn. Zooals men weet, loopt de heide, van het kindersanatorium af, op, in de richting van den Boissevainweg. Er is een belangrijk hoogteverschil. Dit heeft ertoe geleid, dat indertijd door de Gooische stoomtram in deze heide zand werd gegraven ten behoeve van haar baan. Dit gebeurde — men kan het ter plaatse nog zien — zonder veel ,systeem, en op een plek, die gunstig leek. jEn Wat is hiervan het gevolg geweest? Niets anders dan dit: dat de heide in die vallei tot een veel beteren groei is gekomen dan in andere, meer vlakke gedeelten, en dat ter plaatse een grillige vegetatie van vliegdennen, b#rken e.d. is ontstaan, veel schooner dan ergens anders. Dit zal nu ook 't geval zijn met de voorgenomen afgraving ten behoeve van den rijksweg. Het niveau daar is pl.m. 27 M. boven N. A. P. Dit niveau zal voor ongeveer een zevende gedeelte van het heidegebied worden verlaagd met ongeveer 5 M. De bovengrond zal worden bewaard en als deklaag worden gebruikt. Van de toevallige accidentaties in 't terrein zal worden partij getrokken om de begrenzingen der afgraving in landschappelijken zin op verrassende wijze te doen aansluiten bij die terreinverheffinkjes. Men krijgt dan zonder eenigen twijfel ter plaatse van de afgraving weder eene begroeiing met heide en opslag van allerlei gewas, schooner dan thans bestaat. Men zal vooral de natuur haar gang laten gaan en deze zal heusch niet ondankbaar zijn ten opzichte van het luwe, lagere heidegedeelte, dat men haar schenken zal. Wie lang in het Gooi woont, en het lief heeft zooals ik, die er van kindsbeen af in heb gezworven, zal weten, dat overal in ons hooge gebied afgravingen hebben plaats gehad, en wel de eeuwen door. Men heeft er, dikwijls ongewild, de prachtigste landschappelijke gevolgen van gezien. Ik ben er zeker van, dat die gevolgen ook in het geval, dat ons thans bezig houdt, zeker niet zullen uitblijven. Uit het bovenstaande volgt wel, dat ik absoluut afwijzend sta tegenover het inzicht, dat de voorgenomen afgraving in strijd zou zijn met de belangen van het Gooi, en dat hier van schending van natuurschoon sprake zou zijn. Niets is minder het geval. Evenmin als er m.i. ook maar eenigen grond zou zijn voor- de door den heer Burgemeester van Bussum uitgesproken stelling, dat de beschadiging van het landschap zou worden goedgemaakt door toepassing van tuinarchitectuur. Ook na de afgraving zal de gaafheid van het landschap, die men thans kan bewonderen, aanwezig zijn. Door een betere begroeiing, door verrassender verschil in terreinhoogte, zal zij toenemen! Indien het landschappelijk schoon van mijn mooie gemeente nimmer ernstiger bedreiging zal ondervinden dan in dit geval, dan kan men, naar mijne volle overtuiging, gegrond op een jarenlange en liefdevolle kennis van het Gooi, volkomen gerust zijn! --- NAARDEN. De ijsbaan van de N. IJ C. De ijsbaan van de Naardensche IJsclub op de vestinggracht is wederom voor het publiek opengesteld. Daar de banen verlicht zijn, wordt er ook 's-avonds druk gereden. Het ijs is in goede conditie. Als de natuur medewerkt, door ons de vorst nog een tijdje te laten behouden, dan zullen er weer verschillende wedstrijden georganiseerd worden. Voor Zaterdag 19 Januari a.a. zijn uitgeschreven: 11 uur. Hardrijden om den Gooische VVisselkrans, 500, 1500 en 3000 M. Zondagmiddag zal het Ned. Kampioenschap schoonrijden voor dames verreden worden, gevolgd door een wedstrijd voor paren. Verder bestaan er plannen om een gecostumeerd ijsfeest met vuurwerk te organiseeren. De datum hiervoor kan nog niet vastgesteld worden in verband met het weer. De banen zijn geopend van 's morgens 10 uur af. Daar het bij de Hollandsche ijspret behoort, zal er voor gezorgd worden, dat er muziek aanwezig is. --- Muziekvereeniging D. O. B. Gisteravond gaf de muziekvereeniging „Door Oefening Beter" haar winterconcert in het „Hof van Holland" alhier. Het openingswoord werd gesproken door den voor zitter, den heer K. Verhoef, die van de gelegenheid gebruik maakte om den donateurs dank te zeggen voor hun financiëelen steun. Ook bracht spr. dank aan de Tooneelvereeniging „Willem de Zwijger", welke evenals vorige jaren wederom haar steun verlecnen wilde bij deze uitvoering en wel door het opvoeren van een een-acter. , " 7 Het muziekprogramma werd op keurige wijze uitgevoerd. Daarna bracht de Toon. Ver. „W. d. Z." voor het voetlicht de klucht in één bedrijf „Oom Eprian". Er werd braaf om deze klucht gelachen. De voorzitter van D. O. B. huldigde na afloop de medespelende dames en heeren en bood allen een souvenir aan. De heer K. Maassen bood daarop namens het bestuur en leden van W. d. Z. de toegezegde zilveren Lauwerkrans aan voor het te houden concours van D. O. B. Spr. wees erop, dat het bestuur en de leden van VV. d. Z. er veel prijs op stelden dezen krans officieel aan te bieden; immers: „een goed voorbeeld doet goed volgen!" De voorzitter van D. O. B. dankte het bestuur en de leden van VV. d. Z. hartelijk en wees erop, dat voor het a.s. groot nationaal muziek concours van D. O. B. zeer veel belangstelling bestaat en dat het aantal ingeschreven muziekverenigingen buitengewoon groot is. Ook heeft spr. niets dan lof voor de Naardensche ingezetenen, die door het aanbieden van prijzen van hun belangstelling doen blijken. Ook van vele vereenigingen werden prijzen ontvangen. Na de pauze verastte de heer E. v. Clynk, lid van D. O. B. de aanwezigen op een tweetal soli's, welke zeer in den smaak van het publiek vielen. Een bijzonder woord van lof komt toe aan den bekenden pianist den heer A. de Gooijer uit Bussum, die den heer Clynk aan den vleugel begeleidde. Een zeer geanimeerd bal onder leiding van den heer Gos-Hooymayer, besloot den avond. --- HET NIEUWS VAN HEDEN BUITENLAND. — Borms in vrijheid gesteld. blz. 2 — Een aardbevingsramp in China. blz. 2 BINNENLAND. — Een Belgische nota aan de Nederlandsche regeering. blz. 2 — Zeven Marker-visschers op een ijsschots. blz. 2 — Nadere bijzonderheden omtrent de scheepsramp bij Hoek van Holland. blz. 2 en 4 — De P.H.—A.E.N. is te Constantinopel aangekomen. blz. 3 — Liebermann's terugkeer in Nederland. blz. 2 GOOI- EN EEMLAND. — De burgemeesters van Bussum en Blaricum over de zandafgravingen te Blaricum. blz. I — De Raad van Hilversum vergadert a.s. Dinsdagavond. blz. I --- N.S.F. RADIO Hoofdagentschap voor 't üooi: RIEMERSMA-HILVERSUM Wgv ]T LEEUWENSTR. 50 - TEL. 2180 en 128 \§ o. Luistert heden mat N.S.F. 4 cp: '■ " Zeesen: 8.50. PIANO-CONCERT BOEKJAAR 1928. Wenscht U controle op Uw boekhouding? Wenscht U de balans te doen vaststellen? Wenscht U voortaan Uw boeken te doen bijhouden ? dan gelieve U inlichtingen te vragen Bil f* A Langestraat 83, Hilversum, .U U,H., ___Telef< 2183-282 ==== --- LAREN. Gemeenteavond. Vrijdagavond a.s. houdt de afdeeling Laren—Blaricum van de Ned. Herv. Gem. een gemeenteavond in het kerk-gebouw te Blaricum. De agenda luidt: Locale kerkelijke toestanden. Het classicaal bestuur van Amsterdam zal tegenwoordig zijn. De samenkomst zal een besloten karakter dragen. --- „Warta Sari". Gistermiddag en -avond ondervond de zendingsfilm „Warta Sari", welke in de Concordiazaal van hotel Hamdorff vertoond werd, veel belangstelling. In het geheel werden 430 kaarten verkocht. In de pauzen beval de heer Westhoff de collecte voor de zending in warme bewoordingen aan, met het resultaat, dat ƒ43.03 aan giften bijeen werd gebracht, 's Middags speelde de heer Visser uit Huizen tijdens het vertoonen der film toepasselijke muziek op de piano, terwijl 's avonds een uitstekend damesstrijkje voor de goede stemming zorgde. --- LOOSDRECHT. — Gisteravond trad in de Ned. Herv. Kerk te Nieuws-Loosdrecht voor een talrijk publiek op de heer A. Speelman van Zeist, die aan de hand van buitengewoon mooie films een beeld gaf van Palestina. Na opening met gebed riep Ds. van der Waal het welkom toe aan den spreker en de talrijke aanwezigen, die bijzonder genotenvan het vele mooie dat Z.Ed. te zien gaf. De beelden werden op zeer bevattelijke wijze toegelicht en waren rijk aan afwisseling. Aan het einde van den welgeslaagden avond bracht Ds. van der Waal dank aan den heer Speelman voor alles wat hij geheel belangeloos ten beste gaf; aan heeren kerkvoogden voor de beschikbaarstelling van het gebouw, aan den heer van Reenen, die den zang met keurig orgelspel begeleidde en aan den koster voor zijne goede zorgen. De heer Speelman sloot de bijeenkomst met dankzeggiitig. Ds. van der Waal kan met dc meeste voldoening terugzien op het door hem genomen initiatief ten deze, dat tot een pracht succes geleid heeft. — Gisteravond zijn de electrisch verlichte banen der» IJsclub Loosdrecht in den Boomhoek weder druk bereden. --- BLARICUM. — Tijdens den storm in den nacht van Dinsdag op Woensdag waaide in het rietendak vait de boerderij van H. M. de Jong aan de Kerklaan een groot gat. --- MUIDERBERG. Het ijs in de zee. Waar Zondag een kleine honderd menschen en Maandag nog enkelen schaatsen reden, zag men Dinsdagmorgen niets dan water; het ijs in zee was weggedreven. Toen de wind naar 't Noordwesten draaide, kwam het terug en Dinsdagnacht, tijdens den sneeuwstorm, begon het zich op te stapelen. Gisteren leverde het tot heuvels opgekruide ijs een mooi gezicht op. in de verte zag men verscheidene ijsheuvels, die meters hoog moeten zijn. --- KORTENHOEF. Benoemd. Tot onderwijzeres aan de R. K. School alhier is benoemd mej. G. A. Windt te 's-Graveland, thans tijdelijk onderwijzeres te Nederhorst den Berg. ---