dragen van een grooten hoed, een parasol of een zonneklep. Om uw gelaat thans weer normaal te krijgen, raden wij u aan het voorloopig niet met water en in geen geval met zeep in aanraking te brengen, maar het te reinigen met olijf- of amandelolie of met vloeibare vaseline, 's Nachts hierover talkpoeder strooien. 3e. Een bleeke gelaatsteint kan allerlei oorzaken hebben. De spijsvertering kan niet in orde zijn, oververmoeidheid, er is misschien een tekort aan slaap, zorgen.... het kan allemaal van invloed zijn. Wilt u geen rouge gebruiken, dan kunt u probeeren uw teint te verfrisschen door het gelaat nu en dan te betten met een kamillen-aftreksel. Een handvol kamillen op anderhalven liter water is voldoende. De kamillen moeten 5 minuten trekken en daarna wordt de vloeistof gezeefd. In deze heete vloeistof worden twee waschhandschoentjes gelegd. Een er van wordt tegen het gelaat gedrukt. Is het afgekoeld, dan het tweede doekje nemen en het eerste door en door warm laten worden. Na 5 minuten deze warme compressen staken en het gelaat afkloppen met een doek, die in ijskoud water is gedompeld. 4e. Een recept voor cream, geschikt voor een droge huid, is het volgende: Vermeng 50 deelen lanoline met 50 deelen vaseline, 50 deelen rozenwater en 3 deelen geraniumolie. --- Recepten Mevr. C. van L. te H. vraagt een recept voor Koninginnesoep. Benoodigd: 1 liter bouillon, gemaakt van bouillonblokjes of getrokken van kalfs- of runderpoulet, 50 gram gort, 1 ui, 1 kruidnagel, een laurierblad, een takje peterselie, een takje selderij, 6 afgestreken eetlepels bloem, 3 afgestreken eetlepels boter, 50 gram kalfsgehakt, 1 eierdooier. Laat in den bouillon de ui en de kruiden aftrekken, strooi er ook de gewasschen gort in en laat dit mengsel zachtjes koken. Zeef dan de vloeistof zorgvuldig. Verwarm roerende de boter met de bloem, maak er een glad papje van en verdun dit langzamerhand met de gezeefde vloeistof. Zet dit mengsel opnieuw op het vuur en maak intusschen het gehakt op de gewone wijze aan met zout en peper en misschien een scheutje melk. Draai er kleine balletjes van, wentel die door een weinig bloem en voeg ze bij de soep. Laat ze in een kwartier gaar worden. Klop in de soepterrine den eierdooier en giet er voorzichtig en onder flink roeren de heete soep bij. Blijf roeren tot het gevaar van schiften voorbij is. --- Vlekken en waschmiddelen Me}. M. N. te H. vraagt hoe een vette jaskraag kan worden schoongemaakt. Voeg aan wat lauw water zooveel zeepspiritus toe, dat het mengsel flink schuimt. Doop hierin een borsteltje, schuier er den kraag mee en spoel na niet schoon water. Plak den kraag in het goede model en pers hem met een heet ijzer onder een doek. MeJ. C. W. te H. wil een beige leeren jasje schoonmaken, maar benzine heeft niet geholpen. Hoe moet zij nu handelen? Ons lijkt benzine toch het eenige middel, waardoor het jasje schoon kan worden. U doet het beste het jasje in zijn geheel met benzine te overgieten als het bijvoorbeeld in een emmer of een teiltje ligt. Daarna den emmer of het teiltje afdekken, na een half uur het jasje er uit halen en met propjes katoen of linnen schoon en droog vegen. Denkt u er aan: benzine is gevaarlijk goedje! Niet gebruiken in een kamer, waar vuur aanwezig is! --- Diversen Mei. G. A. van L. Ie H. vraagt of wij eens eenige modellen van japonnen en complets willen geven voor dames boven 35 jaar. De modellen, die wij in onze moderubriek afbeelden. zijn bijna alle geschikt voor dames die de 35 al gepasseerd zijn. Tegen\v:ordig kunnen dames van 25 tot 50 jaar werkelijk wel dezelfde soort kleeding dragen. De patronen voor een gebreid zomerdirectoiretje en een gebreide onderjurk zullen we t.z.t. eens geven. Mevr. H. S.—W. te E. schrijft dat haar poes aan den hals, de borst en den neus kale plekken heeft, die jeuken, echter niet afkomstig van ongedierte. Vanuit de verte kunnen wij niet bcoordeelen wat hieraan schort. Zelfs als we uw poes voor ons hadden zouden we dit nog niet kunnen omdat we nu eenmaal geen dierenarts zijn. Deze is de eenige, die u afdoende raad kan geven. --- Ontvangen lectuur Dr.J.G. Menken: Vitaminen een levensbelang? — Uitg. Bosch & Keuning, Baarn. ledereen praat tegenwoordig over vitaminen, maar dat wil nog niet zeggen dat iedereen precies weet wat vitaminen zijn, hoe men ze ontdekt heeft en welk nut zij hebben. Dr. J. G. Menken heeft hiervan op populaire wijze een duidelijke uiteenzetting gegeven in de bekende Libellenserie nr. 74. Geestige prentjes van Peter Lutz verlevendigen niet alleen den tekst, maar helpen mee de kwestie der „levensstoffen" te verklaren. --- P.J. Cromjongh en E. Noordtzij: Kook- en bakapparaten. — Uitg. Bosch & Keuning, Baarn. We leven snel tegenwoordig en uitvindingen, die op allerlei gebied gedaan worden, zijn niet altijd bij te houden. Maar wie zijn werk heeft op een bepaald terrein, moet toch zooveel mogelijk trachten op de hoogte te blijven van alles wat hierop betrekking heeft. De huisvrouw kan dan ook blij zijn met nr. 46 uit de Libellen-serie, dat alle kooken bakapparaten behandelt, waarover we tegenwoordig kunnen beschikken, van het ouderwetsche kolenfornuis en petroleumstel af tot de electrische fornuizen en ovens toe. Het boekje is op de bekende korte, zakelijke en overzichtelijke wijze geschreven. --- L.P.J. de Jager Meezenbroek — van Beverwijk: Modern kantklossen. — Uitg. Bosch & Keuning, Baarn. Mevrouw De Jager Meezenbroek is in kringen waarin men zich met handwerken, en in 't bijzonder met kantklossen bezig houdt, geen onbekende. In verband met tentoonstellingen, cursussen, herleving van de kant-industrie en allerlei handwerkboekjes, is haar naam al vele malen genoemd. Ditmaal heeft zij in de Libellen-serie als een dubbel nummer (129/130) een leergang geschreven voor beginners en gevorderden in modern kantklossen. Deze leergang gaat vergezeld van verschillende fraaie werkstukken, waarvan tevens een duidelijke beschrijving is gegeven. Zij zijn een aanmoediging om — eenmaal den techniek meester — zelf kantmotieven te ontwerpen. --- Hoe kunnen de Nederlandsche zuivelproducten aan ons dagelijksch menu ten goede komen? door MARTINE WITTOP KONING. Het Zuivelbureau heeft door zijn propaganda in schrift, woord en beeld de Nederlandsche huisvrouw reeds aardig wat recepten aangebracht, die haar in staat stellen niet alleen tot het klaarmaken van smakelijke schotels en het zorgen voor de noodige afwisseling in haar menu, maar vooral ook tot het verhoogen van de voedingswaarde der dagelijksche maaltijden. Ze heeft op de verschillende demonstraties gerechten geproefd en gewaardeerd, waarvan haar de bereiding duidelijk was verklaard en voorgedaan; ze heeft over kwesties, die haar nog niet geheel helder waren, vragen mogen stellen, die afdoend beantwoord werden; ze heeft in dag-, weekof maandblad allerlei wenken en uiteenzettingen kunnen lezen, die het door haar gehoorde en aanschouwde vastlegden, of die haar — wanneer ze niet in staat was een voordracht of een demonstratie bij te wonen — het gemis van deze hulpmiddelen kwamen vergoeden; ze heeft zelfs als blijvend bezit zich het aardige receptenboekje kunnen aanschaffen, dat met den titel „Van eigen land" en onder het motto „Voedt U goed" door het Zuivelbureau te 's-Gravenhage is samengesteld „ten gerieve van alle huisvrouwen van de stad en het platteland". Maar nu volgt de practijk, het in toepassing brengen van al deze raadgevingen met het doel de nationale voeding te laten profiteeren van onze Nederlandsche zuivelproducten. We kunnen dat doen door zoo nu en dan het receptenboekje eens te raadplegen en er — hetzij voor onze huisgenooten, hetzij voor onze gasten — iets smakelijks uit klaar te maken. Maar we kunnen ons er óók stelselmatig toe zetten om dagelijks in onze maaltijden de voordeden te brengen, waarvan de goed begrepen raadgevingen ons hebben gesproken — met dien verstande dus, dat er geen dag omgaat, waarop niet de waarde van melk, van kaas en van boter door ons met vol begrip te hulp wordt geroepen ten bate van de gezinsvoeding. Dat systeem verdient de meeste aanbeveling, omdat er geen sporadische maar een doorloopende hulp van verwacht mag worden. Het zal er in hoofdzaak op neerkomen, dat we — b.v. aan het begin van elke week — een lijst opmaken van de maaltijden, die we voor de komende zeven dagen zullen kiezen.... in verband natuurlijk met de diverse levensmiddelen (groenten en vruchten speciaal) die juist in dien tijd voordeelig te krijgen zijn. Omslachtig? Niet zoo heel erg. We kunnen de opgave beschouwen als een interessante „puzzle" op huishoudelijk gebied. Daarbij komt nog iets. De eerste poging zal ons natuurlijk wel wat tijd kosten, maar het „aldoende leert" komt zelden sterker uit dan bij het logisch in elkaar zetten van menu's: de „kijk er op" wordt na eenige oefening blijvend verkregen en het opmaken van het week-menu gaat dan om zoo te zeggen vanzelf. Vergeet U daarbij ook niet, dat dit weekschema meteen een einde maakt aan de onzekerheid, waarin we ons anders iederen dag opnieuw bevinden, als het komt tot de steeds terugkeerende vraag: „Wat zullen we eten?" We hebben ons lijstje maar in te zien en — de keus is zonder hoofdbreken vastgesteld. --- De Vrouw en haar Huis. — Uitg. Van Holkema & Warendorf N.V., Amsterdam. De Vrouw en haar Huis, het bekende geïllustreerde maandschrift, dat onder leiding staat van Elis. M. Rogge, is een van die vrouwenbladen, die een eigen cachet bezitten en dit behouden, zonder dat hun het verwijt kan treffen niet „up to date" te zijn. Dit is waarschijnlijk het geheim, dat De Vrouw en haar Huis reeds dertig jaar bestaat. De 31e jaargang wordt met fraaie uitvoering en met belangrijke bijdragen ingezet. Jan Verheyen schrijft over Vlaamsche vrouwelijke auteurs en herinnert ons aan Virginie en Rosalie Loveling, Eline Mare en Marie Belpaire, wier zuivere, levende kunst onzen tijd en ons, menschen van dien tijd, zooveel goed zou kunnen doen. De inmiddels overleden publiciste Matty Vigelius schetst ons het leven van de moderne Italiaansche vrouw, terwijl M. Zwart-Siegers ons nog iets verder voert, namelijk naar Zuid-Afrika, waar de Hollandsche vrouw een tweede vaderland zou kunnen vinden, want mèt Keet zegt de schrijfster: Gee my 'n vlakte ruim en wyd, Gee my die veld se oneindigheid, En die lekker geur, wat die lug daar dra — Gee my Suid Afrika! Artikelen over land- en volkenkunde, vrouwenberoepen, opvoeding, kunst, huishouding, handwerken, mode, sieraden fraaie teekeningen en foto's maken dit Mei-nummer tot een boekwerk, waardoor men urenlang geboeid wordt. --- ABONNEERT U OP LA MODE ET LA MAISON het beste Fransche Damesblad „LA MODE ET LA MAISON" verschijnt alle Zaterdagen met 20 geïllustreerds pagina's in gekleurd omslag. In elk nummer: MODE, HANDWERKEN, BREIPATRONEN, HUISHOUDELIJKE WENKEN EN lETS OVER MEUBILEERING Maandelijks een patroon met garnituren, d.w.z. buiten hetaangekondigde patroon een bijbehoorend garnituur, zooals ceintuur, knoopen, gesp, enz. JAAR-ABONNEMENT f 4.50 La Mode et la Maison I, RUE GAZAN, PARIS (XlVe) Abonnementen kunnen ook worden opgegeven aan het kantoor van DE GOOI- EN EEMLANDER --- Met Pinksteren naar buiten Bruin worden is nog iets anders dan zich laten roosteren. T T kent natuurlijk allemaal het Fransche gerecht J bij uitnemendheid, de „pommes frites", de in olie gebakken aardappelreepjes. ledere huisvrouw, die zich met de bereiding hiervan al eens heeft bezig gehouden, weet dat het vuur er voor niet zoodanig mag zijn, dat de aardappelen in een ommezien fel-bruin, bij zwart af, geroosterd worden, maar dat zij hun smakelijke, goudbruine teint verkrijgen doordat het vuur gelijkmatig de olie en de olie gelijkmatig de aardappelen verhit. Juist zoo moet gehandeld worden als u zich een bruin huidje wil bezorgen. Allemaal hopen we, dat de Pinksterdagen ons schoon, zonnig weer zullen geven en menig meisje, menige vrouw heeft zich voorgenomen zich dan eens „lekker te laten bruin bakken". Daar-kan niets van komen, dames! In één, twee dagen kunt u zich niet een mooie, bruine teint bezorgen, wèl een gezwollen, vuurroode, pijnlijke huid, die u wekenlang last kan veroorzaken en zelfs ziek maken. Een gelijkmatige bruine, matte teint verkrijgt u door een zonne-kuur, die hieruit bestaat, dat u zich weken achtereen aan de zon bloot stelt, den eersten dag vijf minuten, den tweeden dag tien minuten, den derden dag een kwartier, den vierden dag twintig minuten enz. enz., waarbij dan vooraf de huid zorgvuldig moet worden ingevet met een goede huidolie. Gaat u met Pinksteren uit, hetzij te voet, per fiets of per auto, blijft u maar één of twee dagen weg en wilt u niet thuis komen met een verbrand gelaat, een dito hals en een dito paar armen, vet uw gelaat dan toch wel in met een goede cream, maar zorg er voor het in de zon te beschermen met een breedgeranden hoed, een breeden zonneklep of een parasolletje. Als u zich na de feestdagen dan in den spiegel bekijkt, zult u ontdekken, dat u een frissche, gezonde teint hebt, die u heel wat beter aanstaat dan wanneer u zich had laten roosteren. Alles wat goed dienst te zijn, heeft zijn rustigen tijd van voorbereiding noodig, ook een zondoorstoofd uiterlijk. Nog één raad: Wasch 's avonds, na een volbrachten tocht, gelaat en hals terdege met warm water, zoodat alle stof, die bij zoo'n gelegenheid overvloedig wordt opgedaan, wordt verwijderd. Beter nog is een stoombad, waarna een afvvassching met koud water moet volgen om de poriën weer te sluiten. --- Mooie- schoentjes en sandaaltjes — maar dan ook mooie, verzorgde voeten. Misschien heeft u zich voor uw Pinkster-uitstapje een paar van die aardige, luchtige handschoentjes of sandaaltjes aangeschaft, die geschikt zijn om ze zonder kousen of sokjes te dragen. Maar denkt er aan: juist een mooi schoentje vraagt een goed verzorgden voet. Baad de voeten in warm water, waaraan wat goede badzout is toegevoegd. Eeltplekken kunnen voorzichtig met een stukje puimsteen worden weggeschuurd. Knip, vijl en polijst de nagels van de teenen. Waarom zullen we dat alleen die van de handen doen als we nu ook de voeten den volke vertoonen? Daarna opnieuw de voeten baden In warm water, vervolgens betten met koud water of een koele lotion en de voeten, de enkels en de beenen met een goede cream masseeren, vanaf de teenen naar den enkel en vanaf den enkel naar de knie. Nooit in omgekeerde richting! • U zult eens merken hoe u, als u een van de Pinksterdagen ergens aan 't strand ligt, met voldoening uw onderdanen zult bekijken. --- Mal Moertje Marijke is ja, wat is Marijke eigenlijk? Volgens haar eigen moeder een intelligent, pienter, voorspoedig kind. Volgens andere moeders een over 't paard getild kind. Volgens liet ietwat vereenzaamde en verwaarloosde buurmeisje vati Marijke een rijk en gelukkig kind omdat er zooveel notitie van haar wordt genomen. Volgens mij een allesbehalve te benijden kind. Volgens Marijke zelf..., maar dat kunnen we niet zeggen, want Marijke is riog maar een baby van anderhalf jaar. Hoewel, zoo haar gedrag gadeslaand..^. Toen Marijke dertien maanden was, kon de nog een maand jongere Tommie, die naastaan woonde, al loopen. „Kijk eens! Kijk eens!" riep de moeder van Tommie verrukt, en sindsdien deed Marijke's moeder niets anders dan in elk vrij oogenblik Marijke aansporen haar beenspieren te gebruiken. Dat de natuur de beste opvoedster in deze is, waaraan we rustig alles kunnen overlaten, scheen Marijke's moeder te vergeten. Marijke moest en zou loopen, maar Marijke had daarin blijkbaar nog geen lust of ze was er nog niet sterk genoeg voor en als gevolg daarvan gingen de oefeningen strijk en zet met hevige gilpartijen gepaard. Evenwel: Marijke leerde loopen en geen mensch kon op .bezoek komen of Marijke moest haar nieuwe kunst vertoonen. Marijke kon ook „Da-da!" zeggen. Marijke deed „Mmmmm...." als men haar vroeg: „Hoe doet de stofzuiger?" en Marijke gooide haar stevig bovenlijfje naar voren en weer naar achteren en klakte daarbij met haar tongetje als men riep: „Marijke, hoe. doen de paardjes?" Maar niet altijd was Marijke zoo gewillig om tot moeder's glorie van haar leuke maniertjes te getuigen. „Marijke, hoe doen de paardjes?" Dan reageerde Marijke niet. „Marijke, schattekind, hoe doen de paardjes dan?" Nog geen antwoord, zelfs geen' opkijken. Als moeder Marijke dan oppakte, begon het lieve leven eerst goed. Marijke zette een keel op van belang, schopte met de voetjes, sloeg met de handjes. En moeder, spijtig, constateerde, dat het kleintje dan wel niet lekker zou zijn. „Mal moertje!" zou Justus van Effen gezegd hebben. --- Bij mooi weer en uitgaan heeft uw haar veel te lijden als u vooraf geen maatregelen neemt. Alle respect voor de keurig gekrulde en geonduleerde kapsels, dames! Maar zij mogen nooit een belemmering zijn om aan de zomergenocgens, die ons geboden worden en die wij noodig hebben, deel te nemen. Dan maar wat inindcr gegolfde en minder gekrulde haren! Als u zorgt, dat uw haar er gezond en glanzend uitziet, zal dat nimmer in uw nadeel kunnen zijn. Maar daarin zit juist „de kneep". Meer dan ooit moeten we ons haar in den zomer verzorgen, waarin het aan zon en zout water en niet te vergeten aan stof wordt bloot gesteld. Bescherm uw haar tegen al te feilen zonnegloed. Het wordt er anders droog, stug en bleek van. Blijft u langer dan enkele dagen buiten en is uw huid „gehard" na een zonne-kuur, dan behoeft ook het haar niet zoo angstvallig beschermd te worden. Geef het dan maar eens eveneens vacantie, maar wrijf de hoofdhuid vóór het wasschen van het haar met lauwe amandel- of olijfolie in. Na het wasschen opnieuw met olie inwrijven, maar onverwarmd. Ook de punten van het haar een weinig invetten. Verder eiken avond de hoofdhuid masseeren en de haren flink borstelen. --- De noodzakelijkheid te bezuinigen leert ons te roeien met alleen maar de riemen, die ter onzer beschikking staan. Hierboven doen we een idéé aan de hand om van één groot vertrek een werkhuiskamer en een salon-slaapkamer te maken door dwars, in het midden van de kamer, een boekenkast te plaatsen. De salon-slaapkamer heeft als bed een koffer-rustbank. Onder de opklapbare zitting bevindt zich het .beddengoed waarmee 's avonds de rustbank tot slaapplaats wordt omgetooverd. ---