Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1220

DE REVUE DER SPORTEN.

ooöflcpoooocOOCaoeoooOooi

S EEN ATHLETISCH SPEL. 1

© s

| (HET K. N. G. V.) |

1 VIII. I

Terecht werd dikwijls betoogd, dat de lichte athletiek „de kern der sporten" is, omdat zij met haar vormen loopen, springen en werpen datgene aanleert of ontwikkelt, wat nuttig en noodig moet genoemd worden ten opziohte van de meeste andere sporten.

Omgekeerd kunnen wij ook zeggen, dat in elke sport athletische onderdeden schuilen. Absoluut zuiver athletisch zijn die onderdeden over het algemeen echter nooit. B.v. bij voetbal kan men nooit een voldoend langen run ontwikkelen; een regelmatig gebruik van verre worpen

Een athletisch spel — Foto II.

is bij korfbal een tactische fout; en een hooge rugby-sprong mag men al evenmin zuiver athletisch noemen.

Er bestaat echter een zomerspel, waarvan vele der voornaamste bewegingen vrijwel zuiver athletisch moeten worden uitgevoerd, wil men de beste resultaten behalen. Vooral de in bedoelde sport geëischte spring- en werpvormen geven ons recht, van een „athletisch spel" te spreken.

Wij hebben hier het minder bekende slingerbalspel op het oog. De hoofdzaak in deze is het werpen, waarom wij in de eerste plaats dit onderdeel gaan bespreken.

Vooraf ga, dat er geworpen wordt met een gevulden bal van 1*/* K.G. zwaarte, welke — met de hand aan de lederen lus — zoover mogelijk wordt weggeslingerd.

Als uitgangshouding voor het werpen wordt veelal die gebruikt, welke op foto 1 is gedemonstreerd. Om den bal een flinke snelheid te verkenen, wordt hij eenige malen in een verticaal vlak rondgeslingerd. Dan geve men hem geleidelijk een beweging in een horizontaal vlak (dikwijls neemt men deze ook als begin zie foto 2); men make één of meer draaien ongeveer als bij discuswerpen en men late den bal los, m.a.w. men slingere hem zoo ver mogelijk weg.

Eén der leden van de tegenpartij (elke partij bestaat uit 5 spelers, die steeds in dezelfde volgorde werpen; voor de opstelling zie men foto 4) beproeft den bal te vangen, althans hem tegen te houden. Is de bal door een speler gevangen (zie foto ?,). dan mag zijn partij-genoot, die aan de beurt van werpen is, vóór zijn worp terrein winnen door middel van een Duit-

schen of Engelschen driesprong (zie foto 4).

In het slingerbalspel zijn dus het werpen en het springen specifiek athletische onderdeden.

Alvorens in zeer algemeene trekken over te gaan tot een korte uiteenzetting van het spel, deden wij mede, dat het benoodigde terrein 50 bij 150 M. groot moet wezen. In het midden van elke korte zijde staat, analoog met voetbal, een deel, waarvan echter de bovenlat ontbreekt (zie foto 4).

De opstelling van

elk der beide vijftallen is als op foto 4. Er zijn van iederen ploeg 3 man vóór, terwijl, zooals men op de kiek ziet, de 2 andere spelers achterwaarts de openingen tusschen de voorspelers aanvullen. Evenmin als een doelwachter bestaat er een speciale voorof achterhoede; het vijftal gaat n.1. als één geheel voor- of achterwaarts.

De tegenpartij staat tegenover de eerste, in het begin van het spel op de andere speelhelft.

Wanneer de wedstrijd aanvangt, werpt n». 1 van partij A. Partij B. beproeft den bal zoo snel mogelijk te stoppen, waarna n°. 1 van partij B. werpt. Nu poogt partij A den bal tegen te houden; is dit ge-

Een athletisch spel — Foto I.

schied, dan slingert n». 2 van partij A, vervolgens n°. 2 van partij B., enz. Na n°. 5 van partij B gaat n°. 1 van A. weder werpen.

In 't kort: regelmatig suist de bal door de lucht van ploeg A naar ploeg B, dan van B naar A, vervolgens van A naar B, enz.

Zooals wij reeds opmerkten, vertoont de draai bij het slingerbalwerpen veel overeenkomst met dien bij het discus-

Een athletisch spel — Foto III.

Zijlstra&Rupp

ARNHEM

Sluiten