is toegevoegd aan je favorieten.

Tijdschrift van den Nederlandschen Schaakbond, jrg 33, 1925, no 5, 01-05-1925

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Partij No 2995.

Wit: F. K. Overduyn.

1. e2—e4 f7—f5

2. d2—d4 f5 X e4 Het Stauntongainbiet. In plaats van

den tekstzet is ook wel 2. ... dó geprobeerd. Ook dan krijgt wit echter met 3. Pc3 een uitstekend spel.

3. f2—f3

Gewoonlijk speelt men hier 3. Pc3, Pf6 4. Lg5, có en eerst dan 5. f3. Mieses gaf evenwel in deze variant als verbetering aan 4... Pc6 en op 5. f3 dan d5. Men zie Erganzungsheft van den Bilguer bl. 46-47. De tekstzet heeft daarom onder meer het voordeel die nieuwigheden te vermijden.

3 e4 x f3

Al te hebzuchtig! Bilguer geeft aan eó doch ook d5 is niet slecht, zooals Mieses speelde tegen Tartakower in het meestertournooi te 'sGravenhage 1921.

4. Pgl x f3 d7—d5 Wellicht herinnerde zwart zich de

partij Blackburne-Bird, Londen 1899 : 1. d4, f5 2. e4, fe4: 3. Pc3, Pfó 4. f3, ef3: 5. Pf3:, d5. Hij vergat dan, dat daar d5 wel op zijne plaats was, omdat Pfó reeds was gespeeld en dat maakt een groot verschil. Hier is d5 slecht.

5. Pf3-e5

Uitstekend. De zet belet Lg4 en het paard beheerscht het geheele veld.

5 Pg8—fó

6. Lel—g5 Pb8—d7

7. Lg5 X fó Pd7 X fó

8. Lf 1 —d3 c7—c5

HOLLANDSOHE PARTIJ.

Gespeeld te Scheveningen, 19 Januari 1925.

Zwart: H. F. J. M. bteöelaar.

Het is vermoedelijk al te laat om den aanval te weerstaan, doch zulke zetten kunnen de partij zeker niet redden. 9. 0-0 c5—c4

Stelling na 9..J c5—c4.

10. Tflxfó

In zulk eene stelling moet een offer mogelijk zijn en wit laat de gelegenheid dan ook niet voorbijgaan.

10 c4 x d3

Dit is inderdaad de consequentie van 8... c5 en heeft het voordeel, dat het einde kort is. Na 10... efó: 11. Dh5t Ke7 duurt het langer, doch winnen doet wit toch.

11. Ddl— h5f g7—gó

12. TfóXgó Dd8—c7

13. Tgó—dój

Een aardig huzarenpartijtje.

W. F.

AANGENOMEN DAMEGAMBIET.

Partij N° 2996. Gespeeld in de 's Hertogenbossche schaakclub, 12 Februari 1925.

Wit : G. Hilarides

1. d2—d4 d7—d5

2. c2—c4 d5 X c4

3. e2—e3

Beter is Pf3, om e5 van Zwart te beletten.

3 e7—eó

Veel sterker is e5, doch ook de tekstzet is speelbaar, mits daarna zoo spoedig mogelijk c5 volge. Door dat achter¬

Zwart : L. Kruse.

wege te laten, krijgt zwart een gedrukt spel.

4. Lflxc4 Pg8—fó

5. Pgl—f3 Pb8—có? Nu is c5 voorgoed belet.

6. a2—a3 Pfó—e4? Dit nutteloos spelen met het reeds

ontwikkelde paard is zeer slecht.

7. Ddl—c2 Pe4—g5