Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Volgnummer.

II.

ZIEKTEN en GEBREKEN, welke militairen ongeschikt maken voor den dienst bij zeeof landmacht, met inachtneming van het bepaalde bij het eerste lid van artikel 3.

§ 1. Ziekten en gebreken, welke niet altijd tot bijzondere lichaamsstreken beperkt zijn.

a. Afwijkingen in (Ie algemeene lichaamsgesteldheid.

1 Te groote omvang van het lichaam vooral van den buik door vetvorming.

| 2 Te groote gestalte met eene zwakke lichaamsgesteldheid (het zoogenaamd uit de kracht gegroeid zijn).

3 Te geringe algemeene lichaamsontwikkeling.

4 Algemeene vermagering.

5 Algemeene lichaamszwakte.

6 Vervroegde ouderdomsgebreken (versleten lichaamsgestel).

7 Werkelijke ouderdomsgebreken.

Ziekelijke gesteldheid van de huid, het onderlinidsbindweefsel en het spierstelsel.

Blijvende ziekelijke verkleuring der huid in belangrijken graad. 9 Hardnekkige huidziekten.

10 Hardnekkige droge kloven.

11 Hardnekkige zweren.

112 Uitgebreide versterving.

113 Diepe vastzittende litteekens.

114 Uitgebreide oppervlakkige litteekens met neiging tot weder

openbreken.

115 Uitgebreide verouderde verharding en verdikking van de huid

of van het onderhuidsbindweefsel.

Sluiten