is toegevoegd aan uw favorieten.

Goudland; tweewekelijks tijdschrift voor de katholieke welpen en verkenners van Nederland, jrg 6, 1939-1940, no 7, 02-03-1940

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Langzaam reed hij verder en kwam langs het veld, waar Fergund aan het ploegen was. Hevig verschrikt zag deze de jachtstoet naderen, graag had hij willen wegvluchten, want hij dacht dat men hem weg wilde voeren. Geen voet durfde hij echter verroeren en stil kroop hij achter de ploeg tot de jachtstoet voorbij was. Lang had hij zo gezeten, toen hij een schildknaap zag aankomen, die een paard aan de teugel leidde. Toen kwam hij overeind en liep zo vlug hij kon naar den jongen toe; „Vriend”, zei hij, „dat God u moge beschermen. Zeg mij, wie zijn die heren, die hier voorbij zijn getrokken”. „Dat is de koning met zijn vrienden en raadsheren”. „Hoe heten die vrienden?”

„Het zijnde ridders van de Tafelronde; ze hebben den Koning reeds veel diensten bewezen en staan nog steeds klaar hem te dienen”. Dit alles antwoordde de schildknaap, terwijl hij vol verwondering Fergund bekeek, die daar voor hem stond in zijn armoedige kleding. „Zo veel goeds heb ik van den Koning gehoord”,

hernam Fergund, „dat ik hem graag nog eens zou willen zien. Ook met zijn ridders zou ik willen kennis maken. Hun leven is zo wel besteed: den Koning te dienen! Ik wil ook naar het hof van den Koning gaan. Ik zal de weg wel vinden, al zou het nog zo ver zijn! Ik wil in zijn dienst komen en zal hem beschermen tegen allen, die hem kwaad willen doen”. Glimlachend luisterde de schildknaap. „Ge hebt gelijk”, zei hij, „ge zult aan het hof gauw beroemd zijn”. Toen zei hij Fergund vaarwel en leidde zijn paard verder. Maar Fergund merkte het niet. Ver over de bossen keek hij en in zijn hart hoorde hij een stem: den koning dienen. En reeds lang was de schild-

knaap bij de kromming van de vallei verdwenen, toen Fergund ontwaakte. Haastig liep hij naar zijn paard, maakte het los, slingerde zich op het oude beest en joeg het dwars over het land naar het huis van zijn vader. (Wordt vervolgd).

P. v.d. Br., Langeweg. Eindelijk krijg je antwoord op je vraag: Zijn aan de z.g., Verkennersrozenkrans dezelfde aflaten verbonden als aan de gewone rozenkrans? Ik antwoord daarop beslist ontkennend. M.i. is dit radje, ook al is het vaneen kruisje voorzien, geen rozenkrans. Ik beschouw het meer als een aardigheid van de Fransen, dat overigens helemaal niet overeenstemt met wat wij onder rozenkrans verstaan, zoals deze door de katholieke Kerk sinds eeuwen als vaststaand is aangenomen. Houd dus je „echte rozenkrans” maar in je zak en in je handen. E.v. R., Eindhoven. Sympathiek, zeg. Ja, dat vind ik sympathiek. De reden dat Goudland met een paar blanco bladzijden verschijnt is inderdaad, dat er geen advertenties meer zijn. Ze waren er al een tijdje niet meer, de laatste nummers waren het maar „stoppers”. Ik hoop, dat je erin slaagt er enkele op te duikelen; de tarieven zal de administrateur je wel toezenden. Je geeft de raad: Zegt U aan de verkenners: „Het gaat slecht met Goudland. Tot zolang krijgen jullie tijd, anders zetten wede zaak stop” is wel een radicaal middel. Maar zou het helpen? Ze weten het onderhand wel, ik heb er al zo dikwijls over geschreven; maar ik geloof, dat ze hun winterslaap doen en daarom dringt het niet tot hen door. Toch zou het er tenslotte van moeten komen. Jammer zou dat zijn, want wat de inhoud van het blad betreft mag ik niet

meer klagen over medewerking, hetgeen trouwens wel blijkt uit de inderdaad mooie bijdragen, die we reeds geplaatst hebben en die we nog voor volgende nummers hebben liggen. Er zijn verschillende medewerkers, die onder dienst zijn en die ’s nachts tijdens wachturen zitten te werken voor ons blad. Is dat niet schitterend? Zeg, als je er niet in slaagt, advertenties voor ons op te duikelen, probeer er dan een hoop abonné te maken. J. R. te Nijmegen. De zeerverkennersgroepen van de Kath. Verkenners zijnde volgenden: Groningen, St. Nicolaasgr,, leider Siersema, W. de Witstraat. Amsterdam, Driekoningengroep, leider P. Fontaine, Lauriergracht 93. Scheveningen, Driekoningengroep, leider C. Pauwels, Nw. Odijckstraat 41. Rotterdam, Christoforusgroep, leider M. Kavelaars, Matthenesserlaan 219. Haarlem, Christoforusgr., leider W. Pielage, J. v. Vlietstr. 76. Utrecht, Tetakwitastam, leider Oubaas Mulder, H. de Grootstraat 32. Arnhem, Mig. Progroep, leider J. Max, Steenstraat 83, Den Helder, St. Nicolaasgroep, leider H. Moested, Julianapark la. HET KAN VERKEREN. Bij een oefening voor E.H.8.0. had een Engelse yerkenner, die als gewonde dienst moest doen, het wat erg „echt” gemaakt. Met behulp van schapenbloed en grimeerstift had hij zich „zeer ernstig verwond”. Toen de Rode Kruishelpster, die haar examen moest afleggen, hem vond, schrok ze zo geweldig, dat ze van haar houtje ging. Waarna de verkenner opstond en haar E.H.8.0. toepaste.

158