is toegevoegd aan uw favorieten.

Tooneel en bioscoop; inlichtingen voor Roomsch-katholieken-weekblad uitgegeven door het hoofdbestuur van "Voor Eer en Deugd" te Rolduc, 1917, no 8, 06-01-1917

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DIT BLAD IS BESTEMD ALLEEN VOOR VOLWASSENEN

TOONEEL‘"BIOSCQOPj

INÜCHTINCENyooRRQQMSCH'KfITHQÜEKEN WEEKBLAD Uitgegeven door het Hoofdbestuur „Voor Eer en Deugd” te Rolduc. Abonnementsprijs f 5.— per jaar. Men abonneert zich bij den Uitgever en bij den Boekhandel. Advertenties op te geven aan de Electrische Drukkerij 1 A. VAN STRAELEN, N. Z. Kolk 19, AMSTERDAM. – Telefoon Noord 4977.

Jaargang 1916-1917 DIT BLAD VERSCHIJNT MET BISSCHOPPELIJKE GOEDKEURING. 6 Januari No 8

Inhoud. La Fille de Mad. Angot. Clairville, Sirauchn et Koning. Ontrouwe Ekkie. Hans Sturm. 'Gijsbrecht van Aemstel. Joost van den Vondel. De Bruiloft van Kloris en Roosje. Teun de Nachtwacht. Justus van Maurik. De Landloopers (Die Landstreicher). L. Kren en C. Lindau. Bioscoop. TOONEEL. DEN HAAG. La Fille de Mad. Angot. (Afgekeurd.) Opera-comique en 3 actes de M.M. Clairville, Siraudin et Koning, musique de Ch. Lecocq. L’Opera Francais de La Have. Deze bekende opera is al bijna een halve eeuw oud en dankt haar reputatie aan haar geliefde wijsjes en aan het slagwoord, dat men nog dikwijls in politicis hoort citeeren: ce n’est pas la peine assurement de changer de gouvernement. Kon men er op aan, dat het libretto niets tot een opera doet en lier men het aanstootelijk ballet achterwege, dan was er niet heel veel op deze vertooning te zeggen. Men ziet oogenschijnlijk een eenvoudige intrige, een wat heen en weer gepraat overeen paar jonge dames. De tekst verduidelijkt echter, dat we hier te doen hebben met de chronique scandaleuse uit den tijd van het Directoire. La fille de madame Angot, Clairette, zal gaan trouwen met den pruikenmaker Pomponnet, maar vóór het zoover is, komt er heel wat kijken. Uit den ingewikkelden rompslomp van al de toevalligheden visschen we het volgende op. Het stadhuis maakt bezwaar, omdat blijkt, dat de opgegeven vader der bruid reeds drie jaar vóór haar geboorte stierf. Zij moet dan de dochter van den sultan van Turkije zijn. Heel wat gepraat daarover, maar Pomponnet vindt dat een eer. Dan wordt de liedjeszanger Pitou uit de gevangenis ontslagen en Clairette houdt eigenlijk van hem. Alleen terwille van de dames de la Halle, die haar moeders zijn, heeft zij den pruikenmaker willen nemen. Nu Pitou los is, neigt ze weer naar dezen. Inmiddels legt Mlle. Lange, die er niet tegen opziet, haar amants Barras en Larivaudière te bedriegen, beslag op Pitou. Als Clairette dit inde gaten krijgt, laat zij er beiden invliegen, dooreen

rendez-vous te beleggen op een bal, waar zij ook Larivaudière en haar pruikenmaker laat komen, benevens de Halledames. De twee werden ontmaskerd en Clairette neemt ten slotte toch haar Pomponnet. Pitou legt zich daar kalmpjes bij neer. Hij vergenoegt zich voorloopig met Mlle Lange, inde hoop, dat la fille de madame Angot wel zal handelen als haar moeder Met dat fraaie vooruitzicht worden we naar huis gestuurd. En de man zal wel gelijk krijgen, want deze fille is er eentje, van wie men eindeloos kweelt, dat zij zoo onschuldig is, maar die metterdaad wel wat anders blijkt. Als Pitou haar ineen tête-a-tête voor stelt, dat ze Pompennet wel zal trouwen, maar hem meteen zeggen zal, dat ze hem zal bedriegen, kweelt ze het ook min of meer bekende (of moeten we zeggen: het beruchte) woord: ga se fait, mais ga ne se dit pas. Ook babbelt de „onschuldige” met Mlle. Lange over de dagen, dat ze samen op kostschool waren en ze wederkeerig grapjes maakten op haar beider onbekende afkomst. Enfin, men verneemt uit dezen tekst heel wat, dat ons niet bekoren kan. Maar zelfs voor degenen, die den tekst zouden willen uitschakelen, is deze vertooning uit den booze. Want une partie du corps dg ballet is hier weer bezig op een manier, waarvan geen goeds te zeggen valt. ’t Is eigenlijk meer een „ballet d’une partie du corps”, beenen inde lucht. En met zulke dingen brengt men de Kerstdagen door 1

ROTTERDAM. Ontrouwe Ekkie. (Afgekeurd.) Kluchtspel in drie bedrijven door Hans Sturm. Opgevoerd in 'het Casino te Rotterdam. Het tooneelgezelschap, waarbij de heer Henri Poolman als gast optreedt, schijnt zich den roep te willen verwerven vaneen evenknie te wezen van den welbekenden, maar beter nooit te bezoeken „Frascati-Schouwburg” te Amsterdam. En ter bereiking van dit doel, waaien de daarin opgevoerde en bijna altijd een luchtje hebbende tooneelproducten naar hier over. Nu weer: Ontrouwe Ekkie ; in Frascati gedoopt „De ontrouwe Eckehard". We zijn hier ineen ver zich uitstrekkende buurt, waar het verkleinwoordje „je" bijna zonder uitzondering den meer zoetelijk klinkenden „zF’-toon gegeven wordt, en om nu die klankverbastering inden volksmond dezer gewesten eenigermate in het gevlei te komen, is „Eckehard' samengetrokken tot „Ekkie". Ook vaneen kleine naamsverandering kan soms een magnetische kracht uitgaan. Men moet toch maar op kleinigheden bedacht wezen 1 Maar we zijn nog niet ingedommeld en sluiten de oogen niet voor deze pogingen tot verblinding.