is toegevoegd aan uw favorieten.

Pharmaceutisch weekblad; voor Nederland, jrg 5, 1868-1869, no 26, 25-10-1868

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

B IJ B L A D ✓ TOT HET PÏÏARMACEUTISCH WEEKBLAD van 25 October 1868, 10. 26.

VERSLAG aan Zijne Excellentie den Minister van Binnenlandsche Zaken, van de Commissie, in 18ö8 belast met het afnemen der examens van apotheker en Imlp-apotheker. Aan Zijne "Excellentie den Minister van Binnenlandsche Zaken. De Commissie, in 1868 belast met het afnemen der examens van hulp-apotheker en apotheker, heeft de eer, als vervolg op baar verslag van den löden Junij jl. , aan Uwe Excellentie aan te bieden het rapport harer werkzaamheden gedurende hare tweede zitting voor het examen van hulp-apotheker. De Commissie was, even als tijdens hare zitting inde maand April jl., zamengesteld uit de heeren ; prof. A. H. van der Boon Mesch, C. H. van Ankum, dr. D. J. Coster , dr. J. E. de Vrij en dr. J. C. E. Brutel de la Rivière. Het plaatsvervangend lid dr. J. E. de Vrij verving ook thans den heer F. J. Swartwout, die door ambtsbezigheden wederom verhinderd was, om aan de werkzaamheden der Commissie deel te nemen. Daar de Commissie zich in elk opzigt gehouden heeft aan hetgeen door haar met betrekking tot het examen van hulp-apotheker vroeger was vastgesteld, en hiervan in haar vorig verslag uitvoerig sprake is geweest, zoude zij in herhaling moeten vervallen , indien zij de aandacht van Uwe Excellentie weder op dit punt vestigde; met het oog hierop heeft de Commissie gemeend, dat zij zich de vrijheid mogt veroorloven, aan Uwe Excellentie thans alleenlijk dat vorig verslag in herinnering te brengen. Overeenkomstig den wensch van Uwe Excellentie heeft het examen, tot het afnemen waarvan eender localen van het akademisch scheikundig laboratorium was beschikbaar gesteld, den 7den September jl. een aanvang genomen. Het getal der candidaten die zich tot het afleggen van het examen hadden aangemeld, bedroeg 26 ; daar echter twee candidaten zich voor en drie anderen zich tijdens het examen hebben teruggetrokken, zoo zijn slechts 21 candidaten geëxamineerd geworden. De uitslag van het onderzoek, door de Commissie ingesteld , is hoogst ongunstig geweest; slechts aan twee candidaten , en wel met name aan Leonardus Beker, van

Rotterdam, en Sebastiaan Hoola van Nooten , vanEdam, heeft zij de acte van bevoegdheid als hulp-apotheker kunnen uitreiken ; deze candidaten legden thans voor de eerste maal het examen af. Onder de 19 candidaten, welke zijn afgewezen, waren er 8 , die het examen voor de eerste maal, 5, die het voor de tweede maal, 4, die het voor de derde maal en 2 , die het voor de vierde maal ondergingen ; de meesten hunner zijn alleen aan een onderzoek naar hunne kennis inde natuurkunde onderworpen geworden ; slechts bij één candidaat, welke in het voorjaar een voldoend examen daarin had afgelegd , is de Commissie van den regel, om een candidaat eerst inde natuurkunde te examineren , afgeweken ; genoemde candidaat is terstond aan het examen inde plantkunde onderworpen geworden, doch bleek ook thans daarin niet genoegzaam ervaren te zijn. Yan slechts één der overige afgewezen candidaten was het examen inde natuurkunde van dien aard, dat de Commissie vóór de vestiging van haar oordeel een onderzoek in andere vakken wensohelijk achtte. Aan het mondeling examen is meestal, wanneer de omstandigheden het slechts eenigzins toelieten, de schriftelijke beantwoording vaneen tweetal vragen voorafgegaan. Voor zoover de natuurkunde betreft, hadden deze vragen betrekking op de bepaling van het soortelijk gewigt vaneen ligohaam en op het mikroskoop. Het mondeling onderzoek inde natuurkunde, dat bij de twee bovengenoemde candidaten met een goeden uitslag werd bekroond, was zoodanig ingerigt dat daarbij kon blijken dat de candidaat eene oppervlakkige kennis had van de vereischten eener deugdelijke balans; dat hij een duidelijk begrip had van de methode der dubbele weging; dat hij in staat was de een of andere methode (waarvan de keus aan den candidaat werd overgelaten) voor de bepaling van het soortelijk gewigt vaneen ligchaam, in een bepaald geval toe te passen en dat hij overigens met dit onderwerp grondig bekend was; dat hij de inrigting en werking vaneen luchtpomp , een zuigpomp , een hevel enz. goed begreep. Verder werden behandeld de osmose, de diffusie, de absorptie; de wijziging welke een gasvolumen ondergaat, bij verandering in temperatuur en drukking; de thermometer, de verandering van aggregatie-toestand der ligchamen en de verschijnselen, welke daarmede zamenhangen en de geleiding der warmte.