is toegevoegd aan je favorieten.

Pharmaceutisch weekblad; voor Nederland, jrg 8, 1871-1872, no 31, 03-12-1871

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PHARMACEUTISCH WEEKBLAD

VOOR NEDERLAND. ONDER REDACTIE VAN R. J. OPWIJRDA, Apotheker te Nijmegen,

Dit Blad wordt eiken Zaterdag uitgegeven bij den Boekhandelaar D, B. CENTEN te Amsterdam. Prijs per Jaargang, franco per post, ƒ4.50.

Alle stukken, welke men in dit Blad wenscht opgenomen te zien, gelieve men franco in te renden aan den Redacteur te Nijmegen vóór Woensdag.

Prijs der Advertentiën: van 1 tot 6 regels / 1.—, elke regel meer 15 ets., en 10 ets. voor een N°. van het Blad. Brieven franco.

8e Jaargang'.

ZONDAG 3 December 1871.

-\°. 31.

iHededeelingen. Ingezonden stukken. De Minister van binnenlandsche zaken heeft bepaald, dat de pharmaceutische examens zullen plaats hebben te Utrecht, en aanvangen: het apothekers-examen Vrijdag 1 December, het hulp-apothekers-examen Maandag 4 December. Dij de commissie voor het apothekers-examen is nog als lid toegevoegd: Dr. W. F. E. Suringar, hoogleeraar te Leiden, en als plaatsvervangend lid: Dr. P. de Boer, hoogleeraar te Groningen. Wij deelden in N°. 20 den voorslag mede van dr. de Vrij) om de waarde der kinabasten volgens hun chininegehalte te bepalen door middel van den polarisatietoestel en maakten daarbij melding van hetgeen door den Duitschen scheikundige Hesse daartegen werd aangevoerd. Bij aandachtige vergelijking van het Pharmaceutical Journal (N°. 63) en van de Juni- en Julinommers van Haaxman s tijdschrift, waarin de \ rij dit onderwerp onder zijne //kinologische studiën” in bijzonderheden behandelt en zijn genomen proeven mededeelt, met de kritiek van Hesse, is ons gebleken, dat Hesse den arbeid van onzen kundigen nederlandschen kinoloog onjuist beoordeeld heeft. Wij wenschen daarom nog met enkele woorden op dit onderwerp terug te komen. De heer de Vrij heeft bij het mededeelen zijner waarnemingen opgemerkt, dat zij nog slechts gering in getal waren, maar toch voldoende om aan te toonen, welk nut men van deze toepassing van het polariseer-instrument op het onderzoek der kinabasten kan trekken. Gaat men op pag. 170, 171 en 172 van Haaxman’s tijdschrift de genomen proeven na, dan vindt men waarlijk treffende uitkomsten. De eerste schreden op dien weg beloven eene schoone toekomst, wanneer de nog bestaande leemten zijn aangevuld. Wij vernemen dat, zooals ook wel te verwachten was, onze onvermoeide de Vrij steeds daaiin voortgaat en reeds vele der vroegere bezwaren heeft overwonnen, alsmede dat de belangrijke diensten, die hij weder in dit opzicht aan de kinologie heeft bewezen, door den beroemden engelschen kinoloog en chininefabrikant, Howard, op hoogen prijs worden gesteld. De bewering van Hesse, dat de waarde der kinabasten niet enkel door het chininegehalte bedongen wordt, is reeds vroeger en ook in het Julinommer van Haaxman door dr. de Vrij als oud-pharmaceut volkomen erkend. Het is onbekendheid van Hesse met de alleen in onze taal geschreven kinologische studiën van de Vrij, die hem dit heeft over het hoofd doen zien.

//Houdt men echter in het oog/* zegt immers dr, Vrij (Haaxman pag. 201), //dat wel is waar de meeste kina//basten ter bereiding van kinine gebruikt, maar dat toch //bovendien nog eene belangrijke hoeveelheid kinabast in //de geneeskunde ter bereiding van afkooksel, extract enz. //gebezigd wordt enz.” en eenige regels lager: //Ofschoon ik als scheikundige groote waarde hecht //aan de kennis van het alcaloïdegehalte eener kinasoort, //zoo heb ik toch te lang in eene handelsstad geleefd //om niet te weten, dat inden handel uiterlijke hoedanig- », //heden op den marktprijs vaneen artikel vaak grooter //invloed uitoefenen dan scheikundige samenstelling.” ACONITINE, Omtrent de bereiding der gekristalliseerde aconitine door Duquesnel (zie N°. 23) vermelden wijde volgende nadere bijzonderheden. Tot poeder gebrachte aconietwortels (tubera aconiti) worden uitgetrokken met zeer sterken alcohol, waarbij 1 procent wijnsteenzuur is gevoegd. Onder afsluiting der lucht wordt de alcohol afgedistilleerd bij eene temperatuur, die 60° C. niet overschrijdt, het terugblijvende met water behandeld en de oplossing door middel van aether van kleurstof bevrijd, met dubbel-koolzuur alcali verzadigd en op nieuw met aether geschud. Bij deze aetheerische oplossingen wordt petroleum-aether gevoegd en hieruit kristalliseert bij verdamping de aconitine in kleurloozerhombische of hexagonale tafelen. Samenstelling: C27 H,„ NO10. Tussohen o—loo° O. verandert de aconitine, benevens hare zouten, inden drogen staat of in oplossing niet. Ineen aftreksel echter, hetwelk aconitine bevat, verdwijnt de aconitine bij 100° onder toetreding der lucht binnen korten tijd geheel of gedeeltelijk. De aconitine is bijna onoplosbaar in water, zelfs bij 100°, maar zeer gemakkelijk oplosbaar in zuren, al zijn zij verdund. Zij is niet vluchtig, zelfs niet boven 100°. Bij 130° wordt zij ontleed en schijnt daarbij gedeeltelijk te vervluchtigen. Uit de oplossingen harer zouten wordt zij door alcaliën als een amorph, wit, zeer licht poeder neergeslagen en bevat alsdan hydraatwater, hetwelk zij bij 100° verliest zonder in voorkomen te veranderen. De aconitine is oplosbaar in alcohol, aether, benzol en vooral in chloroform, daarentegen niet in glycerine of in de zware en lichte teeroliën. Zij draait de polarisatievlakte links. Zij reageert zwak aloalisch en vormt met zuren goed kristalliseerbare zouten, waaronder zich vooral het salpeterzure zout door zijne gemakkelijke bereiding en