is toegevoegd aan je favorieten.

Vrij Nederland; je maintiendrai-onafhankelijk weekblad voor alle Nederlanders, jrg 4, 1944, no 45, 03-06-1944

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

CECIST BESTEK

■«■■nnin# lIBU ■unillllinnFnC' RUBRIEK VAN ENGELANDVAARDERS

Adres der Redactie : 23HydeParkPIace,London,W.2

* Godsvrede

TN HET VOORTREFFELIJKE hoofdi- artikel van Vrij Nederland van da vorige week komen enkele passages voof over de arbeiders, die nj.i. eenige toelichting behoeven. Daarin» wordt gezegd dat de arbeiders meer dan vroeger bereid zijn het particulier initiatief te aanvaarden en ook, meer verzoend zijn met de leiding van het groote bedrijf. _ |

I Het is duidelijk dat de schrijver hiermee de toestand van voor den oorlog bedoelt en ik moet zeggen, oogenschijnlijk -was het zoo. Maar in wezen lag de zaak anders. Het waren niet de arbeiders. zoozeer, die van een verzoenenden geest doortrokken waren en het particulier initiatief als een gevestigden vorm accepteerden. Dat was het streven van de leiders van hun vakvereenigingen en zij d,eden dat met een groote olganisatorische macht. |

Als typisch voorbeeld hiervan ik mij het geval van iemand die sollici•teerde voor een post als secretaris in een •vakvereeniging. Opgeroepen voor een onderhoud werden hem enkele vragen gesteld, "Waarvan er een luidde: “ Wat, denkt U, is "het hoofddoel van onze vertegenwoordigers in het georganiseerd overleg?” Hierop antwoordde de man: “ Verbetering te bereiken in de sociale positie van de arbei■ders.” Maar hij bleek het mis te hebben, althans volgens deze lieden, want het antwoord had volgens hen moeten luiden: “ Het georganiseerd overleg in stand te "houden en vooral door vergelijk de vrede te bewaren.” Daaraan was het,, in hoofdzaak te danken dat er in de laatste jaren •zoo weinig stakingen voorkwamen en die er waren, bleken dan nog veelal tegen ad■vies det vakvereenigingsleiders in te gaan.

Het was de bezetting die werkgever en werknemer naar elkaar toe bracht om de eenvoudige reden dat beide partijen elkaar maar al te zeer noodig hadden. In menig groot bedrijf kwam een “ bedrijfsraad ” tot stand waardoor een zeker begin werd gemaakt tot medezeggingschap in het bedrijf.

De werkgevers wilden hun bedrijven aan den gang houden, omdat sluiting het bedrijf zou berooven van zijn laatste voorraden en in vele gevallen zelfs de machines en gereedschappen. Zij wilden al te grove en in het oog loopende sabotagegeyallen vermijden en ook op andere wijze niet te zeer de aandacht op zich doen ve_stigen (door ongeregeldheden bijv.), aangezien dit het zelfde resultaat zou kunnen hebben.

De werknemers aan den_ anderen kant hadden er evenzeer belang bij, dat de poort openbleef, omdat sluiten daarvan onherroepelijk deportatie voor hen beteekende. Beide partijen hadden weer belang bij een goede of althans plausibele werkverdeeling die de menschen allen in het bedrijf werkzaam kon houden. Het afstaan van werklieden voor werk in Duitschland beroofde het bedrijf van zijn ervaren krachten en de werknemers van hun gezinnen.

De toenadering kwam dus tot stand uit de volgende oorzaken: de nood des lands hielp mede, de oude verschillen te doen vergeten; het landsbelang was identiek met het belang der arbeiders en werkgevers; door de limiteering van de dividenden tot 6% en de verdere zware belastingen was het hoofdoogm'erk van het bedrijfslevenhet behalen van zoo groot mogelijke wmst —'Wel haast verdwenen.

Niet overal waren de omstandigheden zoo gunstig en wanneer er een verscherpte scheiding tusschen werkgevers en werknemers bleek te bestaan—meestal middel-

,„,,.,, ■ ■ , , 1 bare of kleinere bedrijven dan lag de oorzaak veelal in politieke verschillen of waren er nog mogelijkheden tot winstvorming. De afstand tusschen bezittenden en bezitloozen werd trouwens voortdurend verscherpt door de stijgende prijzen op de zwarte markt

Hoe zal de toestand na den oorlog worden? Indien de vroegere toestand van het “ particulier initiatief term die vanwege zijn sympathieken klank danig misbruikt is—en het ongebreideld winstmotief weer zou optreden, dan zou de situatie direct zeer gespannen Worden. Men zal, naar ik geloof, niet meer zoo gemakkelijk berusten in de oude leiding der vakvereenigingen. Die vakvereenigingsleiding heeft ook voor het grootste deel gefaald, gezien het overnemen van het NVV met vele leiders, terwijl de leden—de arbeiders dus—ervoor bedankten en eruit liepen. De arbeiders zullen ook niet berusten in het afschaffen of beperken van hun invloed door middel van bedrijfsraden; eerder zullen zij uitbreiding van dien invloed verwachten, Groote offers zijn door de arbeidersklasse

gebracht in deze bezettingsjaren; en waar zij onder dwang voor de overmacht moesten bukken, daar hadden zij geen keus. Zij konden zicjj niet terugtrekken, onderduiken of concessies doen; zij moesten hun gezin te eten geven.

Op het oogenblik heerscht er godsvrede. Een -werkelijke vrede kan het worden indien wordt aangestuurd op een billijker verdeeling van de volkswelvaart. De middelen hiertoe staan de overheid zeker den eersten tijd ter beschikking, aangezien zij door centralisatie der materiaal- en personeelsvoorziening regelend kan optreden en bovendien door belasting en handhaving van een dividend-limiet groote winstuitkeeringen kan voorkomen.

En waar thans reeds practisch alle bedrijven door de overheid gecontroleerd, van materialen voorzien en van hun winst ontlast worden zou. het geen omwenteling beteekenen, indien de groote bedrijven, werkend voor de overheid of semi-overheid, gesocialiseerd zouden worden. Als eerste stap kan -veellicht het door den vijand geroofde kapitaal-bezit voor dit doel aangewend worden, door terugvordering door den Staat van deze aandeelen. Een nieuwe gedachte niet, daar bij de Franschen het streven bestaat het aandeelen-bezit nu in handen der Duitschers, te onteigenen en door den Franschen Staat te doen beheeren.

Het is een eenvoudige oplossing, die schadeloos-stelling door den Staat aan gedupeerden uit het verworven bezit geenszins uitsluit—zelfs mogelijkheden hiertoe opent. L.

Wat E.F.M.S. ons kans leren

VERLEDEN WEEK schreef E.F.K.M. in deze kolommen een bijdrage “Wat Tito ons kan leren.” Laat ik hier een enkel woord mogen zeggen ter rechtzetting van deze door E.F.K.M. scheefgetrokken figuur. Tito immers is een man uit één stuk; E.F.K.M. kurketrekkert echter' aan Tito zolang rond, tot de opperbevelhebber der Joegoslavische bevrijdingslegers van een kwart millioen man, de voorzitter van den anti-fascistischen nationalen Joegoslavischen Raad, een van vele krullen voorziene kapstok geworden is, die gelegenheid biedt voor E.F.K.M. om er zijn Oranje-fascistische theorieën aan op te hangen. “ Somber en verwarrend, haast onheilspellend is het beeld dat Joegoslavië ons biedt: een regeering bevangen door inactiviteit; een Koning, die niet weet waar hij staat;, nieuwe stroomingen, die zich op revolutionnaire wijze openbaren in zich toespitsende conflicten onder maarschalk Tito.” Zo schrijft E.F.K.M., waarop hij den saltomortale naar Nederland volvoert, en beweert, dat stroomingen, die in Joegoslavië zijn uitgelopen op een openlijk conflict tussen partisanen en Regeering, ook bij ons in principe aanwezig zijn.

"Jnderdaad; maar precies op de tegenovergestelde wijze, als E.F.K.M. bedoelt.

Maar laat ik eerst Tito een beetje in zijn door E.F.K.M. ontluisterd fatsoen brengen. Hartverheffend en overduidelijk, een nieuwe, vreedzame Balkan voorspellend is het beeld dat Joegoslavië ons biedt! Weliswaar is de uitgeweken regering bevangen, niet door inactiviteit, maar door de actieve dwaling, dat zij generaal Michailovitsj moet steunen, die langs de glibberige helling van het Servisch imperialisme tot halfhartige collaboratie met de Duitsers is omlaaggegleden. Weliswaar weet de Koning, zoon van een vader, die de Grondwet eigenmachtig ophief, maar al te goed waar hij staat: aan de door de meerderheid zijns volks verachte zijde van Michailovitsj. Maar het volk kende zijn plicht. Niet nieuwe, maar oude, democratische stroomingen namen de strijd over, toen de semi-

fascistische regeering verzaakte; honderdduizenden haveloze, hongerige, slechtgewapende, thans door de Britten naar vermogen gesteunde mannen en vrouwen strijden sinds jaren den strijd, niet alleen tegen de Duitsers, maar allereerst tegen het fascisme in al zijn vormen. Dit is de waarheid, en elke vergelijking met Nederland is een belediging; voor de Kroon, wier verheven draagster wel degelijk weet, waar Zij staat; voor onze gehele wettige regeering; voor het Nederlandse volk. Er is maar een manier, niet om eventuele Nederlandse Tito’s, waarvoor E.F.K.M. bevreesd is, maar om eventueele Nederlandse figuren, die in hun fascisterij op Michailovitsj lijken, “de wind uit de zeilen te nemen”; en dat gebeurt niet, zoals E.F.K.M. wil, door het aangeven, vanuit Londen, van een “vaste lijn,” welke wij volgens E.F.K.M. in Nederland “ voorlopig ” niet zouden vinden, maar door het vasthouden aan de bestaande lijn, die der Grondwet, bij ons nimmer door een Vorst buiten werking gesteld!

Het zijn niet de anti-fascistische democraten, maar het zijn de politieke onbekwame en onbekookte nieuwlichters, die door het knutselen aan “ vaste lijnen ” (vanuit den vreemde) conflicten na de bevrijding dreigen op te roepen, hetgeen spelen met de monarchie betekent. De keuze is niet aan ons, hier in Londen, zoals E.F.K.M. meent. De keuze is gedaan, door het Nederlandse volk, bijkans 400 jaar geleden, toen het, niet onder, maar rondom een Oranje opstond tegen gewet’ensdwang. Maar het zijn lieden gelijk E.F.K.M., die het waarachtige volk onderschatten. Hij en ik hoeven dit volk geen “ richtlijn te wijzen.” E.F.K.M. leert ons, hoe gevaarlijk deze vage nieuwlichters zijn, die, uit ziekelijke Titóvrees (lees: communistenvrees!) het plechtanker van onze volksvrijheden, de Grondwet, los zouden willen wrikken uit de vaste bodem van het rechtsbewustzijn, waarop Nederland als natie is gebouwd!

A. den Doolaard.