is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift voor Noordbrabantsche geschiedenis, taal- en letterkunde, jrg 1, 1883-1886, no 1, 15-10-1883

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

G ES CMIEDENIS

VAN HET GEMEENTEBESTUUR VAN HELMOND

IN VROEGERE EEUWEN. « +» ♦ - » .

Het wezenlijk belang van de geschiedenis onzer gemeenten is eigenlijk in hunner instelling te zoeken.

Frans de POTTER.

e in de Helmondsche archieven aanwezige oorkonden vermelden de samenstelling enden aard van de stadsregeering van Helmond, als reeds lang bestaande.

Trouwens dit is met oude instellingen meest het geval. Zij bestonden, voor zij beschreven werden.

Er zijn geene oudere stukken dan uit de tweede helft der veertiende eeuw voorhanden, waarin de schepenen als regeerders van Helmond optreden.

"Wel zijn er stukken van hoogeren ouderdom, waarin de schepenen als rechtsprekende of aktenverlijdende ambtenaren voorkomen. In deze laatste hoedanigheden zullen zij echter in dit opstel niet worden beschouwd, maar alleen als deel uitmakende van de bestuurlijke en staatkundige inrichtingder gemeente. Burgemeesters worden het eerst genoemd in charters van het begin der vijftiende eeuw, terwijl van dekenen voor de eerste maal sprake is in een stuk van St. Egidius 1389.

Dat in oudere tijden andere ambtenaren dan de drie genoemde soorten aan de regeering der stad zouden hebben deelgenomen, blijkt uit geen enkel stuk en is ook niet waarschijnlijk.

De burgemeesters waren twee in getal, de schepenen zeven en de dekenen veertien tot de zeventiende eeuw, daarna twaalf.

Een zevental schepenen treft men in het begin bijna overal en later zeer veelvuldig aan. Het was een overblijfsel uit vroegere tijden. De Salische wet schreef voor, dat er minstens

zeven Ratchimburgi moesten aanwezig zijn tot het wijzen van een vonnis. De Frankische wetten en de Capitulariën van Karel den G-rooten vorderden mede een zevental schepenen tot het houden van raadsvergaderingen.

De twee burgemeesters vormden het eerste-, de zeven schepenen vormden het tweede-, en de veertien (later twaalf) dekenen vormden het derde lid der regeering. Elk lid bracht in de vergadering ééne stem uit. Een voorstel kon alzoo worden aangenomen door de twee burgemeesters en de meerderheid der schepenen, of door de twee burgemeesters en de meerderheid der dekenen, of wel door de meerderheid der schepenen en de meerderheid der dekenen. Stemde de meerderheid der schepenen of wel de meerderheid der dekenen benevens één burgemeester tegen, dan was het voorstel afgestemd.

De regeering mocht voorts geene overeenkomst ten laste der gemeente aangaan dan na verhoor, met raad en verlof van „het meerendeel der goede knapen" van Helmond.

De schepenen werden benoemd door den Heer van Helmond voor den tijd van één jaar. Zij waren herbenoembaar.

Bij den aanvang hunner bediening werden zij door den Heer of zijnen officier beëedigd. Een oud formulier van dien eed is niet voorhanden. Na de politieke reformatie zwoeren zij op de hier volgende wijze:

Wij belooven ende sweren dat wij den Heeren StatenGeneraal vande geünieerde provinciën, sijnde ende blijvende bijde gereformeerde religie, houw ende getrouw sullen wesen; dat wij deselve Heeren Staten-Generael als onse souveraine overicheyt in hare bevelen sullen respecteren ende gehoirsaemen naer behoiren; dat wij den schoutet, gestelt over onse stadt off noch te stellen, voor soo veel hem in rechtmaticheyt soude moogen aengaen, behulpelijk sullen sijn; dat wij goede ende rechtverdige justitie sullen administeren ende helpen administeren sonder eenich faveur, dissimulatie off verdrach; dat wij alle saecken, dewelcke behooren secreet te blijven, bij ons sullen behouden ter tijde ende wijlen toe deselve naer rechten sullen moogen geopend wordden ; dat wij den armen soowel als den rijken sonder onderscheyt ofte respect, naar onse beste wetenschap in