Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

alle rangen ter aanvulling en bevruchting van de bij overheidsinstanties over dit onderwerp bestaande inzichten. Een studiecommissie van deskundigen uit verschillende gebieden der wetenschap zal, uitgaande van de vaststelling, dat Nederland inde toekomst een zo gröot mogelijke bijdrage zal moeten léveren aan de ontwikkeling der wetenschap, deze problemen bestuderen, om, op grond van de verkregen inzichten adviezen aan de overheid uitte brengen eri toe te lichten en acties voor te stellen aan het V.W,0.-bestuur. Voor het slagen van deze eerste actie is het echter noodzakelijk, dat het V.W.O. dat gedurende de laatste maanden sterk in omvang is toegenomen, spoedig de steun en medewerking verkrijgt van alle Nederlandse wetenschappelijke onderzoekers. Voor het V.W.Ö.: Hilversum, April 1947. Dr M. G. J. BEETS. Voordrachten-serie: De landbouwkundig ingenieur inde praktijk. Alle voordrachten der serie: De landbouwkundig ingenieur inde praktijk; genoemd op blz. 41 van het Januari—-Februari-nummer, werden _zij het met enkele verschuivingen gehouden voor een telkens aandac,htig gehoor van studerenden, die ook steeds door het stellen van vragen blijk gaven van grote belangstelling inde lusten en lasten, inde mogelijkheden en moeilijkheden, die hun als afgestudeerden te wachten staan. De opkomst was niet geheel zoals het Bestuur van het Instituut dat had verwacht op grond van dè in 1942 opgedane ervaring met de eerste serie voordrachten. Men kwam blijkbaar alleen naar de lezing op dat gebied, waarop de student al zijn keuze had bepaald, terwijl het Bestuur zo gaarne een algemeen studentenpubliek had gezien. Niet ónmogelijk lijkt, dat het grote aantal lezingen en voordrachten, die in dit winterseizoen te Wageningen werden gehouden, de toeloop naar deze serie heeft beperkt, wat jammer is. Ook in andere kringen wordt contact tussen academie (hogeschool) en afgestudeerden van groot belang geacht en als onderdeel daarvan het contact tussen afgestudeerden en studenten. De wenselijkheid van dit laatste wordt bijv. tot uitdrukking gebracht inde puntsgewijze samenvatting der door de afdelingen van de Vereniging van Vrouwen met Academische Opleiding ui tgebrachte rapporten over het Umvcrsiteitsvraagstuk. Zij dachten hierbij aan lezingen door afgestudeerdén voor studenten en afgestudeerden tezamen. Landbouwhogeschool, Personalia. Op zijn verzoek werd eervol ontslag verleend aan; Prof. Ir W. de Jong te ’s-Gravenhage, als lid van het College van Herstel der Landbouwhogeschool (1 Februari 1947). Prof. Ir A. M. Spr en g er, als hoogleraar inde tuinbouwplantenteelt (1 October 1947). Benóemd werden tot: hoogleraar: ' Prof. Dr Ir E. de Vries te Goes, om onderwijs te geven in landhuishoudkunde van de Overzeese Gebiedsdelen, het Nederlands-Indisch Agrarisch Recht en het Nederlands-Indisch Staats- en Strafrecht (1 Maart 1947). Dr E. C. Wass in k te Utrecht, in het plantenphysiologisch onderzoek, tevens belast met het geven van onderwijs inde physiolqgie der planten. Dr W. Rh ij n vis van Wijk, om onderwijs te geven inde natuurkunde, meteorologie en klimatologie, lector: Dr D. L. Bakker te Wageningen, voor het geven vaneen curs'us in anatomie der huisdieren, de gezondheids- en ziekteleer der huisdieren, de natuurlijke historie en de phylogenese der landbouwhuisdieren tot de nieuw te benoemen lector zijn functie zal aanvaarden, uiterlijk tot het einde van het studiejaar i94Ó/’47. Dr Th. de Groot, leraar aan de Middelbare Landbouwschool te Groningen, belast met het onderzoek en onderwijs in onderwerpen uit de veeteeltwetenschap, vast te stellen in overleg met en onder goedkeuring van de hoogleraar inde veeteeltwetenschap (1 April 1947). docent: S. G. A. Doorenbos te ’s-Gravenhage, cursus in boomteelt (17 September 1946—eind studiejaar 1946—'47).

272

Sluiten