Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stemming, wanneer zich slechts weinigen met hem in het bedehuis vereenigen. En waar de gemeente, gelijk hier, slechts ruim 100 leden mag tellen, kan het wel niet anders, of bij het bestaan van menigerlei verhindering kan de opkomst in den regel niet meer dan eenige tientallen bedragen. Men denke daarbij aan de omstandigheid, dat velen van de christenen alhier in dienst of werkzaam zijn bij Europeanen, en dus menigmaal van den Zondag geen' rustdag kunnen maken. En ook waar zij van hun' dagelijkschen arbeid één dag in de week mogen rusten, moet die dag al eens bestemd worden voor eigen werk, of bezoek aan familie, waartoe hun overigens geen tijd .is gegund. Alles samengenomen, mag ik aan mijn volkje het getuigenis eener goede opkomst niet onthouden. Daar zijn tragen in het benaarstigen, die zich maar zelden onder het gehoor des Woords begeven. Maar de meesten komen daar getrouw, en brengen als zoodanig voor den spreker eene eigenaardige bemoediging mede. Toch blijft het waar, dat mij wel eens een somber gevoel overvalt, wanneer, om welke redenen dan ook, de opkomst zelfs het gemiddeld getal niet bereiken kan. En mag ik mij ook al biddend daarboven verheffen, zoodat het op mijn spreken geen' merkbaren invloed heeft, zoo keer ik dan toch dikwijls met een neergebogen gemoed huiswaarts, al zuchtende onder de weinige belangstelling, die de prediking des Evangelies hier onder de menigte tot dusver nog ten deel valt.

In groote gemeenten behoeft het nooit aan animo te ontbreken, om behalve de bijeenkomsten op Zondag ook nog andere te houden, 't zij dan catechisaties of dergelijke, of wel samenkomsten van meer gezelligen aard. Ik herinner mij dit uit eigen ervaring tijdens

Sluiten