Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

T>e gemeenten tot die afdeeling behoorende worden tijdelijk bediend door de inlandsche leeraars van Maoemby en Pandoe, elk voor een deel.

Voorts zijn aan het werk der evangelisatie verbonden een aantal onderwijzers. Men weet, dat de onderwijzers aan de genootschapsscholen, krachtens hun ambt, tevens voorgangers in de gemeenten zijn. Verscheidene onderwijzers en hulponderwijzers van de gouvernementsscholen, vooral zij, die in 1883 met hunne scholen door het Gouvernement werden overgenomen, bieden eveneens gewaardeerde hulp bij het werk in de gemeenten. Daardoor is het mogelijk, dat overal en ten allen tijde, behoudens enkele uitzonderingen wellicht, de openbare godsdienstoefeningen, het catechetisch onderwijs, de herderlijke zorg voor de gemeenten, geregeld kunnen plaats hebben, terwijl vele kerkeraadsleden zich in dit alles ook niet onbetuigd laten, maar zich inderdaad medearbeiders betoonen.

Waar wij ons die menigte van onderscheidene arbeiders en werkkrachten voor den geest stellen, en ons daarbij vertegenwoordigen het groot aantal zielen, dat als arbeidsveld aangewezen en ten deele reeds bearbeid is, en ten deele op bearbeiding wacht, dan moet de betuiging van het hart: »ons is eene groote en krachtige deur geopend." Maar hoe? mag ook hier gezegd worden: »en er zijn vele tegenstanders?" Ons dunkt, met volle recht, als wij bij het woord ,/tegenstanders" denken aan gezindheden, trouw, geschiktheid, en velerlei omstandigheden.

Allereerst betaamt het ons, Hulppredikers, het hoofd in den schoot te leggen, en in diepen ootmoed onze tekortkomingen te belijden. Wie onzer zal de vrijmoedigheid hebben om van zichzelven te getuigen: »ik heb genoeg gedaan!?" Geloofsmoed, liefde-ijver, zelfverloochening, hoeveel kwamen sve daarin te kort! Ons werk is