Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

want de beloftenissen Gods zijn onberouwelijk. Ook aan ons en onze gemeenten wordt de troostvolle belofte des Heeren bewaarheid: „Ik ben met u alle de dagen, tot aan de voleinding der wereld." Eu de verzekering van onzen Heiland, dat de poorten der hel Zijne gemeeDte niet zullen verweldigen, behoudt ten volle bare beteekenis en kracht. De liefde leert dulden en verdragen, dringt en sterkt om op te zoeken ten einde te behouden, en ontfermt zich over allen.

Getrouw tot den einde moet ons streven zijn.

Wij planten en maken nat, God de Heer geeft wasdom.

Een zaaier ging uit om te zaaien. En als hij zaaide, viel een deel op den weg, een deel op de steenachtige plaatsen, een deel in de doornen, maar ook een deel in goede aarde. Niet anders is het met den Evangeliedienaar, ook in dit land en onder dit volk. Zoo behooren wij dan den landman gelijk te zijn, die de kostelijke vrucht des lands verwacht, langmoedig zijnde over dezelve, tot dat het den vroegen en spaden regen zal hebben ontvangen.

's Heeren genadigen zegen bidden wij ootmoedig af over alles wat in onzen arbeid naar Zijnen wil en Hem welgevallig was. Dien zegen mogen wij geloovig verbeiden. Hij doe genadige verzoening over alles wat niet was naar zijn heilig welbehagen. Op Hem zij ons vertrouwen voor de toekomst. Hij zal ons niet beschamen, Hij is met Zijne genade en Zijnen Geest onder dit volk komen wonen. Niemand zal uit de hand van Christus kunnen rukken degenen, die de Vader Hem gegeven heeft. De Minahassa-gemeente wordt steeds meer eene schitterende parel aan de kroon van Christus, onzen Heiland en Koning.