Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En wat ten slotte niet minder bijdroeg tot den haat tegen het Christendom, was de hoogmoed der geestelijken, die, als zij slechts eenigszins voet kregen, zich aanstelden als de gezaghebbenden, die op grond van de pauselijke oppermacht voor hunne bisschoppen dat gezag deden gelden, terwijl zij toch ook weder dat gezag ondermijnden door hunne verdeeldheden en veeten. (1) Zoo hebben de christenen . in Japan het woord van Jezus bevestigd, dat een koningrijk, dat tegen zich zelf verdeeld is, niet kan bestaan.

Intusschen gingen de Bonzen voort met tegen de christen zendelingen uit te varen. Zij stelden hen voor als menscheneters en voorspelden, dat de stad Amangoetsji, omdat velen aldaar het Christendom hadden aangenomen, te gronde zoude gaan. Het viel hun blijkbaar niet moeilijk deze voorspelling te vervullen; althans kort daarna werd die stad door een' hevigen brand verwoest.

En ook de vorsten begonnen de christenen te vervolgen. Keeds in het jaar 1597 begonnen de gruwelijke vervolgingen, die eindigden in de uitroeiing van het Christendom. Wat ooggetuigen daarvan mededeelen gaat alle beschrijving te boven. Daar de meeste christenen roet blijmoedigheid den dood te gemoet gingen, werd onthoofden en kruisigen weldra eene al te lichte straf geacht. Men rekte de martelingen dagen, weken, ja maanden. De gekruisigden werden aan het kruishout gebonden en in de zijden met lansen doorboord; brandstapels werden zoo ingericht, dat de martelaars niet dan na het lijden van langdurige smarten konden bezwijken.

(1) Hilüreth , in zijn aangehaald werk, geeft een zeer goed overzicht van deze gansche geschiedenis. Zie ook : o. lauts , Japan, blz. 97, e.v. en pompe van mebrdervoort , vijf jaren in Japan. Ook f. valentijn is te raadplegen.