Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het gesprek loopt o.a. ook over 't doel van mijne komst op Savoe. Eenige vrouwen brengen ons wat water van de kokosnoot, dat zich in die schromelijke warmte der gloeiende zonnestralen goed laat smaken, en onderwijl is al het goed geborgen. De vorst begeeft zich naar zijn verblijf, en ik mag aanvankelijk een hartelijk onderkomen vinden bij den Heer Frans , posthouder van Savoe.

De Pastorie.

De schoolkinderen onder leiding van hun' onderwijzer, Lékahéna, hebben mij een blij welkom toegezongen. Ik breng de groeten van de BB. en ZZ. in Nederland aan die van Savoe over, en spreek den wensch uit, dat wij één van zin en bedoelen onzen Heiland zullen navolgen.

Een bezoek aan 't huis van Br. teffer stelt mij wel wat teleur. Ik had gedacht, dat het nog eenigszins bewoonbaar zou zijn, maar dat is ten eenenmale onmogelijk. De Goeroe woont nog in 't achterhuis en houdt daar school, maar vreest, dat het huis weldra in zal storten, wijl de witte mieren tot in 't bovenste gedeelte zijn doorgedrongen en al het houtwerk hebben doorknaagd. Na gedaan onderzoek, ook met den Radja, wordt besloten, het geheele huis af te breken. De vorst belooft hulp, en zal zijn' invloed aanwenden, dat alle christenen een handje meehelpen. Daar er evenwel geen hout op Savoe is, komen wij overeen om onder nadere goedkeuring van de HH. Bestuurderen in Nederland, voor een f 250 aan planken voor omwanding van Makassar of Singapore te doen komen.

Alvorens u mededeeling te doen over mijn bezoek aan ieder der gemeenten op Savoe, wensch ik mijne gedachten neder te schrijven over het standpunt, dat de zendeling of hulpprediker tegenover de inlandsche vorsten van 't eiland Savoe (om nu liever niet van andere eilanden