Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wordt nog driftiger (1) en ik vraag hem, of ik ook een woord mag spreken. Ik sprak den onderwijzer aan, en zeide: »Goeroe, als ik een babi heb, en 't loopt op het veld van een ander en benadeelt zijn gewas, en mijn babi wordt gewond, tengevolge waarvan ik 't moet opeten, dan ga ik naar den persoon, die mijn babi gewond heeft, en betuig hem mijn leedwezen, dat zijn land benadeeld is door mijn babi, en ik zeg 't hem tevens, dat het mij ook spijt, dat mijn babi dood is, en vraag hem of ik hem ook iets vergoeden mag voor het geleden verlies van zijn gewas. De Radja, als vorst en christen, en de Goeroe, als bedienaar des Evangelies, staan beiden te hoog, om ter zake van een babi 't volk ook maar den minsten schijn te geven, dat er verdeeldheid bestaat. Bovendien mogen wij ook wel bedenken, wat onze Heiland ons betreffende deze zaken geleerd heeft. De Goeroe weent, hij zegt verkeerd te hebben gedaan. En de Radja zegt: wik zal den Goeroe een andere babi geven." Dat deze vorst zich nu en dan te buiten gaat is niet goed, vooral te betreuren, daar hij het Christendom heeft aangenomen. Men bedenke, dat de Savoenees pas kortelings kennis heeft gemaakt met het Christendom. Dat het christengewaad, dat hij aan heeft, zoo dun, zoo doorzichtig is, dat op schier ieder punt van 't lichaam, de heiden zich vertoont. De vorst woonde deir dienst bij, en beloofde nieuwe banken in de kerk te doen maken.

(1) Dat de vorst van Timoe driftig kan worden, blijkt ook uit het volgende. Er was oorlog tusschen Seba en Timoe, welk rijk het tegen Seba verloor. En de radja van Timoe was buiten zich zelf van woede, stond op 't slagveld, trok zijn zwaard en nam uit zijn' gordel een vuist vol gouden Sovereigns, legde die op den grond voor zijn voeten en zeide: wie van u durft hier komen om het geld weg te nemen. Ik zal zijn' kop afslaan. En niemand kwam om dat geld te nemen; toen stak de vorst, het zwaard in de schede, zijn geld in den gordel en ging naar huis.