Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een nieuw Zendinglijdschrift.

Nederlandsch Zendingstijdschrift, uitgegeven door het Comité voor Nederlandsche Zendings-conferentiën, onder redactie van P. van Wijk Jr., Evang. Luth. Pred. te Rotterdam. - Utrecht , C. H. E. Bkeijer 1889.

Dezer dagen verscheen het eerste stuk van bovengenoemd tijdschrift. Het is bestemd tot behandeling van de Zendingwetenschap, meer bepaald voor Nederland en zijne Koloniën. Het zal dus een wetenschappelijk karakter dragen, en zich daarin onderscheiden van de Maandberichten, Organen, enz. der Genootschappen en Vereenigingen. Het opent de gelegenheid tot het bespreken van onderwerpen, die in de maandeljjksche berichten slechts aangeroerd kunnen worden. Reeds dit eerste stuk draagt er ruim de blijken van. Zoo worden daarin behandeld: »De bezwaren tegen de zending onder de Papoea's van de zjjde der natuurwetenschap", //de practijk van den zendeling", »de Roomsche zending in onze koloniën", terwijl ook aan //de zending in ons Parlement" eene ruime plaats is verleend.

Bedenkt men nu, dat vele artikelen, die in direct verband tot de zending in Indië staan, zelfs door zendelingen geleverd, in verschillende tijdschriften verspreid, bjjna ontoegankelijk zijn voor zendingvrienden , die niet over ruime middelen kunnen beschikken, dan rijst de wensch, dat het nieuwe tijdschrift meer en meer gebruikt worde als repositorium voor zulke artikelen. Ervaart men, na eenigen tijd, dat het tijdschrift strekt om zijne lezers op de hoogte te brengen en te houden van wat in de zending in onze Oost omgaat en van wat voor haar belangrijk is, dan zal men het leeren waardeeren, en helpen steunen.

Dit worde wel bedacht, dat het tijdschrift, uitgaat van het Comité voor Nederlandsche zendingsconferentiën, dat zich streng aan de voor die conferenties gelegde grondslagen weuscht te houden. Blijft de Redactie daaraan getrouw, dan behoeft men niet te vreezen, dat zij in eenig opzicht zal treden op het terrein en in de rechten van de bestaande Genootschappen en Vereenigingen, doch met allen ernst zal zoeken te behartigen de belangen van de Protestantsche zending in NederlandschIndiën. Voor de »Mededeelingen" van het Nederlandsche Zendelinggenootschap en voor de //Macedoniër" blijft het door hare Redacties ingenomen veld ten volle geopend.

Moge de Redacteur, Ds P. van Wijk Jr . de noodige ondersteuning vinden, om zjjne taak met blijdschap te vervullen!

Maart 1889. J. C. Neubdenbuhg.