Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

met een' zijweg naar Landoe; voorts naar: Ringgou, Oëpao, Bilba, Dioe, Lelenoek, Bokai, Talae, Keka, Loleh, Thi, Dela, Oënale, Dengka, Lelain tot Baa, en is ± 135 paal van 1507 Meter lang. Hierbij is de zijweg naar Landoe niet opgenomen.

Over 't geheel in de weg goed te berijden, en heeft men bij den aanleg wel acht gegeven op 't terrein. Den tegenovergestelden weg volgende van Baa naar Lelain, is het terrein heuvelachtig en al stijgende. Van Lelain naar Dengka volgt de weg eerst een helder watertje, vreemd genoeg niet daar naast, inaar er door. In dat water vertoonen zich soms kaailui (krokodillen) en rooven dieren en soms menschen. Verder wordt de weg meer effen, en slechts nu en dan stijgende en dalende. Langs den weg vertoont zich al meer plantengroei en geboomte. Na Dengka heeft men eerst vlak terrein, met geboomte hier en daar, en later, van paal 121-119, daalt de weg, en treft men meer geboomte aan, met sporen van vroeger bosch. Hier trekken wij een tamelijk groote kampong door en komen te Oënale. De weg van Oënale naar Dela is minder goed, en loopt tusschen paal 112 tot 110 langs het strand, door 't mulle zand. In het gebied van Thi is de weg goed, en zoo ook tot Loleh, waar heen de weg het zwaarste werk heeft gekost, door het uithakken van een deel daarvan langs den rotswand. Van Loleh naar Keka, Talae, Bokai, Lëlënoek en Dioe is het terrein zeer afwisselend. Men vindt aan deze zijde nog bosch en veel hout, maar de weg is zeer geaccidenteerd en soms door scherpe steenen lastig voor de paarden. Ook gaat het laatste gedeelte weder langs het strand. Van Dioe gaat men eerst stijgen, en komt verder over tamelijk vlak terrein met goeden weg naar Bilba, Ringgou, Oëpao en Korbaffo, terwijl men hier weder minder bosch en