Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ik wel menigmaal een' diepen zucht slaken wegens zoo in het oogloopende verwaarloozing van hun heiligst voorrecht, zoowel als van hun' duursten plicht. Aan vermaning en bestraffing ontbreekt het ter zake wel niet. Van de medehelpers moet ik zelfs vreezen, dat zij over 't algemeen in dezen niet de noodige spaarzaamheid in acht nemen. Doch zij zien de nalatigen ook meer en beter dan ik. Voor mij zelf wordt deze nalatigheid wel menigmaal aanleiding tot ernstige zelfbeproeving, en ik besef dan ook zeer goed, wat er aan de inrichting onzer samenkomsten, met name ook aan mijn spreken nog ontbreekt, om de belangstelling bij voortduring niet alleen gaande - maar ook levendig te houden. Is dit besef echter aan de eene zijde voor mij wel geschikt om zelfs bij mijn beste pogen het gevoel van eigen zwakheid te bewaren, zoo moet ik toch aan den anderen kant ook opmerken, dat de trage kerkgangers ook in andere opzichten niet tot de beste gemeenteleden behooren; terwijl diegenen, over wier gedrag en wandel ik het meest tevreden mag zijn, juist onder de meest getrouwe bezoekers onzer onderlinge bijeenkomsten gevonden worden.Ook

in onze koempoelan op Woensdag-avond kon ik vrij geregeld zelf blijven voorgaan. Zooals Bestuurders bekend is, wordt deze koempoelan gehouden in de Maleische taal, terwijl des Zondags steeds Javaansch wordt gesproken. Dat deze avondbijeenkomsten niet zoo goed bezocht worden als de godsdienstoefeningen des Zondags, moet ik tot mijn leedwezen ook thans weder aanstippen. Trouwens de redenen daarvan bleven onverminderd bestaan, en behoeven hier niet te worden herhaald. Slechts zou ik daarbij kunnen voegen, dat juist het gebruik van het Maleisch voor dezen en genen minder uitlokkend schijnt, wijl zij met die taal niet genoeg vertrouwd zijn, om mij steeds