Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

soms zoo vreemd over de Javanen denken en spreken; men wil hen zelfs wel eens het vermogen om te weenen en tranen van aandoening te storten , ontzeggen. Maar komt, en herinnert u nu eens, welke zielsuitingen men onder de Inlanders kan waarnemen, en door ieder van ons zoo vaak beschreven werden; hebt nu eens het geluk eenen dag te beleven, als wij eenmaal te Modjö-Warnö en nu weêr te Wönö-Hasri, mochten beleven; en gij zult wel gedrongen worden, met ons God te danken, dat Hij ook Javanen weet te brengen tot geloof en geloofsleven en geloofsuitingen, die het hart des zendelings goed doen, en met moed en hope vervullen; om dan te leeren zeggen: weg met al dat ongeloof, dat twijfelen, dat vertsagen, dat gebrekkig ethnologisch onderscheiden, waardoor men den dag der kleine dingen leert verachten; waardoor men geestelijk-blind wordt om niet te kunnen zien wat de Heilige Geest ook op Java wil tot stand brengen. God zij geloofd! Ook op Java wordt niet alleen het Evangelie verkondigd; maar ook verkondigd met vrucht. Ook op Java kan de christelijke gemeente in Nederland door hare zendelingen, haar gebed, hare liefde, haar geld, meê arbeiden aan het werk Gods, die ook Javanen het geloof in Christus wil schenken tot zaligheid hunner zielen.

Hoe wordt het mij vreemd te moede, als ik nu aan dit alles denk! Wat banden, vooral dezulken, die mij aan zoo menigen geloovigen Javaanschen christen verbonden, moest ik los maken! Hoe werd mijne ziel als verpletterd in dien vroegen morgen van den 12den Januari dezes jaars, toen ik bij het verlaten mijner woning eene schare van bedroefde JaVaansche christenen zag, en vaarwel moest zeggen, ter nauwernood in staat allen voor de laatste maal de hand te drukken. Die ure is, Goddank! voorbij.