Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door bijzondere aanleiding er toe zouden overgaan om die te verlaten, ten einde weer in 't vaderland te gaan werken. En al ware dat niet zóó, welnu, ook als zij slechts een korten tijd in de zending zijn werkzaam geweest, zullen zij meer nut hebbeu gesticht, dan als zij hier ledig aan de markt blijven staan.

Zal men dan misschien de zendinghuizen niet spoedig kunnen sluiten? Och neen, de opleiding voor het zendingwerk zal nooit haar eigenaardigheid verliezen, 't Is zelfs te hopen, dat er altijd zullen blijven, die zonder bepaalde theologische opleiding zich voor het zendingwerk willen bekwaam maken. Maar de zending zou haar plicht verzaken, als zij geen gebruik maakte van de krachten, die de tegenwoordige overvloed van theologen haar aanbiedt. En wij zouden toonen op de teekenen der tijden geen acht te geven, als wij deze hoogst belangrijke vraag niet ernstig met elkander bespraken.

Aan dit referaat knoopte zich terstond een warme discussie vast. De Bremer Inspector Zahn begon al dadelijk te wijzen op het eigenaardig verschijnsel, waarin hij een treffende Nemesis der geschiedenis zag, dat juist de verdienstelijke Inspector der Gossnersche missie hier thans optrad om de hulp van theologen voor de zending in te roepen. Toch moet hij waarschuwen, al is hij het in theorie met den referent eens, dat men met de toepassing voorzichtig zij. Men mag niet vergeten, dat de tegenwoordige overvloed van theologen voor een deel het gevolg is van eigenaardige maatschappelijke toestanden, en dus niet een zuiveren maatstaf biedt voor het peil van het godsdienstig leven. De zending eischt bijzonderen aanleg, bijzondere gaven, iets geniaals, dat men nog niet altijd noodig heeft om een goed predikant te zijn. En wil men theologen in een zendelinghuis opnemen, dan zie men wel