Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

meenten eveneens, — dus er bleef niet veel tijd voor hen over. Met de twee kweekelingen van het vorige jaar, zette ik de lessen voort; een daarvan, Si Mërpëh stond ik aan Br. van den Berg af al's lielper. In den loop van dit jaar nam ik er vijf nieuwe bij, waarvan een in November wegens ziekte ons verliet. Bij deze vijf waren er twee bij wijze van aspiranten; terwijl van de anderen er een was uit de pëngoeloekinderen en een uit de kampong Sibolangit (extern). Dit jaar sloot ik dus met 5 kweekelingen.

Met de kinderen der pëngoeloes ging ik op de gewone wijze voort. Einde van dit jaar waren er zeven. Teel last veroorzaken de ouders die om de nietigste reden dikwijls de kinderen komen halen en dan dagen lang (soms weken en maanden) thuis houden. In de twee jaren dat ik er nu mede bezig ben heb ik er reeds 17 opgenomen, maar slechts 9 van overgehouden. Wij hopen dat bij de komst van den nieuwen Br. zendeling alles wat het onderwijs betreft op solieder basis zal geregeld worden.

Hiermede hebben wij genoeg gezegd aangaande den algemeenen toestand, volge dus nog eenige korte mededeelingen aangaande de afzonderlijke posten.

Sibolangit.

Dit jaar werden hier weder twee gezinnen gedoopt. Door vertrek naar de Hoogvlakte verloren wij eenige gezinnen, maar dit verlies werd door die gedoopten weer eenigszins geneutraliseerd. De pëngoeloe vertoonde veel neiging om zich hij ons aan te sluiten, maar hem zit het opium in den weg. Overigens zijn wij hier op een punt gekomen, vanwaar weinig uitbreiding meer in het zicht is. De school werd nogal bezocht, maar het kon veel beter; dit geldt ook van de kerk. Door twee