Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3. Van eene regelmatige, vierzijdige piramide is het zij-oppervlak 15 M 2 . De oppervlakte van het grondvlak is 9 M 2 . Bereken de hoogte en den inhoud.

4. Een cilinder is 24 d.M. hoog. De beschrijvende rechthoek heeft een oppervlakte van 100,8 d.M. 2 . Bereken de geheele oppervlakte en den inhoud.

5. Hoeveel graden telt de hoek van den sectorvormig ontwikkelden kegelmantel, als de schuine zijde 48 c.M. en de straal van 't cirkelvormige grondvlak des kegels 12 c.M. is?

6. Midden op een kubus, van 8 c.M. elke zijde, staat een cirkelvormige cilinder met een middellijn van 5,6 c. M. en 6 c.M. hoog. Op dien cilinder staat een kegel met een even groot grondvlak en 2,1 c.M. hoog. Bereken den inhoud en de oppervlakte van het aldus samengestelde lichaam.

Zes van de negen kweekelingen hadden alle voorstellen uitgewerkt, twee maakten er vijf en één vier.

De cijfers hiervoor waren: 10, 8, 9f, 10, 7§, 6j, 7i, 3f en 2,

Hiermede was het schriftelijk examen afgeloopen.

Het mondeling examen begon den 12en Juni, 's morgens om half negen en het onderzoek had plaats volgens onderstaanden rooster:

12 Juni Van 8i — 9 uur Schrijven. » 9 — 10 Rekenen theorie. 10 — 11 Maleisch. » 11 — 12 » Bijbels. Geschiedenis O.T. » 12 — 12* Theorie zang, 4 — 5 Dogmatiek. 13 Juni » — 9è » Kerkgeschiedenis. » 9* — 10i > Rekenen uit het hoofd. 10 £ — 1 li Aardrijkskunde. * Ui - 12| Bijbels. Geschiedenis N.T.