Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

priester zeide: „Wij verlaten onze gewoonte niet, al stierven wij allen van den honger, loewang is goed". L,uyke zeide hierop nog, dat de Hollanders vroeger ook heidenen geweest waren, maar hunne afgoden hadden weggeworpen en vroeg of zij nu niet gelukkiger waren. „Geen ander dan die God regeert en geeft regen, wind, zomer en regentijd".

Het eenige antwoord, dat hij kreeg, was echter: „Neem het mij niet kwalijk, mijn Heer, maar wij verlaten onze gewoonte niet of wij moeten sterven".

Bij een latere gelegenheid verhaalt Luyke van een pop, die een paard voorstelde, waarvoor geofferd werd om regen te verkrijgen.

Op een van Luyke's vele zeereizen bij onstuimige zee strekte een oude heiden bij elke hooge golf, die hij zag aankomen, zijne hand uit, zeggende: „Uwe plaats is naar beneden, mijnheer". De zendeling had een eigen prauw. Eens had hij de voldoening daarmede tien schipbreukelingen te redden, die nog dicht op de kust waren, maar gevaar liepen naar de open zee af te drijven. Ze verweten elkander, dat de goden, die zij bij zich hadden, geen kracht hadden.

Op Moa heeft Luyke eene overlevering opgeteekend, dat een of twee mannen uit den hemel tot de voorvaderen waren gekomen en toen zij die verworpen hadden, heeft God hen gestraft door een visch, die hen en hunne goederen verwoest heeft en later in een steen veranderd is.

Het moet voor den zendeling eene groote voldoening zijn geweest, dat hij i Aug. 1836 kon aanteekenen, dat de eenige lidmaat der gemeente te Leitoetoe op Moa zich aldaar zeer beijverde om de afgoderij onder de heidenen in verdenking te brengen. Om te bewijzen, dat zij geen kracht hebben, heeft hij, met toestemming van eenige heidenen, enkele hunner afgoden weggeworpen. „Ofschoon daardoor van andere heidéhen met bezweringen bij de goden bedreigd zijnde, hield hij niet op zulks te doen. Anderen,, ziende dat hem vloek noch bezwering raakten, leidden daaruit af, dat het Christendom iets goeds moest zijn". Sommigen beloofden hunne kinderen niet van het Christendom terug te zullen houden. • - (Slot volgt).

Sluiten