Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een diep zonde-bewustzijn groote scharen plotseling' overviel ; of van den Sadhoe Sundar Singh, die, op een voor ons weinig aannemelijke maar voor den Aziaat eigenlijk alleen aanvaardbare wijze het heil des Heeren verkondigt, nadat hij door een gezicht, waaraan hij niet ongehoorzaam is geweest, werd geroepen tot discipel van Jezus. Aldus kan de zegen der zending tot ons zelf terugkeeren en ontvangen wij materiaal bij prediking en onderricht, dat ons persoonlijk voor de allereerste levensvragen stelt. Het zijn dan geen vragen van het verleden, geen historische vragen, maar vragen van het heden, en door de opvallende werkingen van Gods Geest in verre landen zullen wij de zooveel subtieler verhoudingen in eigen omgeving weer gemakkelijker herkennen. Want wat wij bespreken is niet iets van veraf, het is evenzeer van dichtbij; alleen, het innerlijk beleven van dezelfde werkingen Gods is onder ons veel meei^weggescholen en derft zoo dikwijls den kloeken moed van eerste getuigen. Is het daarom niet jammer dat de predikant en de zending en mitsdien ook de gemeente en de zending zoo ver van elkander staan? Het zendingswerk gaat uit van de Christelijke gemeente en vele gemeenten kennen het niet. Is het zendingswerk dan een liefhebberij, en de zendingsvereeniging een propagandaclub voor eigen standpunt? Neen, de zending is door God gewild of wij degradeeren haar enkel tot een cultuurmiddel en misschien wel tot een politiek orgaan. Het zal echter m.i. onmogelijk zijn om op den duur het Christelijk zendingsleven te wekken en te versterken, als het niet opwelt uit de bron van Gods ontfermende liefde. En dit is het ook, dat ons er toe drijft om hartelijk te begeeren, dat allerwege in de gemeenten aan het leven des geloofs een zendingsrichting wordt gegeven. Is dat nu reeds het geval? Is onze indruk verkeerd, als wij meenen te moeten constateeren, dat van de zending geldt: „muiier taceat in eclesia?" Heeft zij zich nog niet een eigen plaats kunnen venverven en recht van spreken verkregen? Hoe komt het toch, dat deze toestanden zoo zijn? En nu ben ik werkelijk blij, mijne collega's, dat ik het niet behoef te zeggen, want ik heb niet hei recht iemand te beschuldigen, maar de oude dr. Warneck heeft het indertijd tegen de Duit-

Sluiten