Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar Meoe antwoordt hem hier niet op, kijkt hem boos aan en zegt: „Vijftig jaar ben je geworden, dertig jaar •hebben we samen geleefd, en dertig keer hebben we samen mais geplant, en nu wil je hier een jonge meid van twintig jaar brengen? Schaam je wat!"

Keloe staat op, kijkt rond, plotseling zegt hij : „Meoe, daar komt de pendeta aan, zeg hem er niets van".

„Ik zal hem alles vertellen".

„Neen, doe het niet, Meoe".

„Ik zeg het hem toch!"

„Nu, dan loop ik weg", en Keloe beweegt zich reeds om weg te hollen.

„Als je wegloopt, zeg ik dat je wegloopt, en dan komt de goeroe je weer ophalen, kijk, daar is de goeroe ook".

„Meoe, ik geef je een karbouw als je 't niet zegt".

„En ik zeg het toch! Hou nu je mond! Ik zal je wel leeren hier een tweede vrouw te brengen".

Keloe trok het onnoozelste gezicht van de wereld, toen de pendeta en goeroe het erf opkwamen; Meoe's oogen tintelden van drift, haar wangen waren door jagend bloed rood gekleurd.

De pendeta dacht: „Arme Keloe, hij heeft er van langs gekregen".

Als trouwe hondenoogen, vol deemoed, keken de oogen van Keloe, alsof zij van onschuld en van vriendschap wilden vertellen, en vriendelijk was zijn welkomstgroet.

Maar toen Meoe ineens begon te schreien, en aan den pendeta en goeroe al de booze plannen van dien „onnoozelen" Keloe vertelde, en haar verdriet uit haar hart goot, zei de pendeta: „Jij, oude Keloe,wat ga je nu dwaas doen. Dat jonge meisje houdt niet van jou, zij houdt van je karbouwen. Meoe houdt van je. Wat ben je dom om je door dat jonge meisje beet te laten nemen".

Keloe stotterde wat onverstaanbare woorden, keek naar den grond, waar niets te zien was. •

„Kijk, Keloe, als je hier een jonge vrouw in huis neemt, dan zul je drie dagen goed door haar verzorgd worden, den vierden dag verveelt het haar bij je, zal zij naar de jonge mannen gluren, en den vijfden dag vergeet zij eten voor je te

Sluiten